Adriaen Willaert - schilderij door Titiaan

Contact | Nieuwsbrief | Sitemap

Nieuwsbrief

Schrijf u in voor de Adriaen Willaert foundation nieuwsbrief op dit contactformulier. Zo blijft u op de hoogte van wijzigingen op de site en nieuwe activiteiten.

We brengen u op de hoogte van nieuwe cd's, boeken, partituren, concerten en zelfs radioprogramma's die met de muziek van Adriaen Willaert te maken hebben.

Onze nieuwsbrief verschijnt om de maand en wordt momenteel verstuurd naar meer dan 600 adressen.

Nieuwsbrieven die vóór aug. 2016 zijn verschenen, werden hier verwijderd.
Maar ze kunnen nog altijd opgevraagd worden.

Vanaf maart 2017 kregen onze nieuwsbrieven een nieuwe hoofding:

Maestro Willaert - Divino Cipriano


om de samenwerking met de Werkgroep De Rore uit Ronse te benadrukken.


ONZE LAATSTE NIEUWSBRIEVEN (ingekort)

                                                                                  

NIEUWSBRIEF   - 14de jg. nr.8 – 21 sept. 2018


Jacob Arcadelt

geboren in Namen, en daar gedoopt op 10 aug. 1507
overleden in Parijs op 14 oktober 1568 (exact 450 jaar geleden)

Op het einde van de jaren 1520, dus nog heel jong, trekt Jacob Arcadelt naar Florence, waar hij Philippe Verdelot, de toenmalige grootmeester van het madrigaal, ontmoet.
In 1538, of er rond, gaat hij naar Rome en zingt er in het koor van de Sint Pietersbasiliek, in 1539 in de
Sint Juliakapel en nog in hetzelfde jaar wordt hij magister puerorum in de Sixtijnse Kapel.
Heel vroeg (1539) publiceert hij vier bundels vierstemmige madrigalen. Reeds zijn eerste bundel heeft een overweldigend succes en kent 45 uitgaven!
In 1551 verhuist hij naar Frankrijk, wordt eerst kapelmeester van de kardinaal van Lotharingen Charles de Guise en treedt later in dienst van de Franse koningen Hendrik II en Karel IX. De grote drukker Le Roy en Ballard in Parijs publiceert van hem een overgrote  productie van chansons, madrigalen en missen.
Hoewel hij genoemd wordt in elke muziekgeschiedenis als een belangrijk componist en als een van de makers van het Italiaans madrigaal, voornamelijk bekend om zijn Il bianco e dolce cigno en nog meer door een verkeerd toegeschreven Ave Maria, heeft Jacques Arcadelt toch niet de positie bereikt die hij verdient in de muzikale wereld van vandaag. Hij was in dienst van de Medici, het pausdom en de koningen van Frankrijk. Hij had nauwelijks een meer indrukwekkende carrière kunnen hebben. De opnamesessies voor deze set creëerden een echte emotionele schok bij verschillende gelegenheden: we waren ervan overtuigd dat Jacques Arcadelt een echt genie was en het was gemakkelijk te begrijpen waarom zijn tijdgenoten hem als echt uitzonderlijk beschouwden. (Prestoclassical)
De nieuwe cd van Ricercar (zie boven) zal zeker de huidige muziekliefhebber verrassen:
RICERCAR RIC392
te beluisteren op SPOTIFY
Zie ook de video van prestoclassical (fragmenten van de opname, getuigenissen van de dirigenten)
https://www.prestoclassical.co.uk/classical/products/8461614--jacques-arcadelt-madrigali-chansons-motetti#videos
Meer uitleg (leven en werk) in wikipedia:
https://en.wikipedia.org/wiki/Jacques_Arcadelt

Een eerste belangrijk concert met religieuze muziek van  Jacob Arcadelt:

Zaterdag 22 september te 19.30u in de Norbertijnenabdij van Tongerlo
in het kader van MUSICA DIVINA.
ARCADELT. SUPERSTAR. MUZIEK VOOR PAUSEN EN KONINGEN.
Choeur de Chambre de Namur o.l.v. Leonardo Garciá Alarcón.



nog een concert:
Zat. 13 okt. 2018 te 19.00u. Cheapside. Londen. Concert onder het thema: EUROPA IN HARMONIE met werken van o.m. Josquin des Prez, Adriaen Willaert, Roland De Lassus en Jacob Arcadelt.
https://www.brandenburg.org.uk/bcf-concerts/2018/10/13/europe-in-harmony

Een vroeger, maar nog te beluisteren radioprogramma:
De Nederlandse Concertzender : Zo. 10 juni 2018. Te 16.00u. De tuin van Oud.
https://www.concertzender.nl/programma/lesprit_baroque_447787/

Een andere, ook aanbevolen cd:
CHANDOS. CHAN0779. 2011

 

ADRIAEN WILLAERT AWARD

Eerstvolgende activiteiten:

Deze avond, vr. 21 sept. 2018. Graindelavoix
te 19.30u in de O.-L.-Vrouwkerk te Roeselare

Vocaal ensemble Graindelavoix o.l.v. Björn Schmelzer met muziek uit het ETON CHOIRBOOK, een prachtig manuscript van rond 1500 met Engelse religieuze polyfonie.
info: toonvzw.be; - tickets: info@toonvzw.be

Zo.  23 sept. 2018. Bart Naessens. Utopia.
te 11.00u in De Spil te Roeselare


Italiaanse madrigalen van Adriaen Willaert, Giaches De Wert en Claudio Monteverdi door het Utopia Ensemble dat bestaat uit de zangers Griet De Geyter, Bart Uvyn, Adriaan De Koster, Lieven Termont en Bart Vandewege. Klavecimbelbegeleiding: Bart Naessens.
Info en tickets: www.despil.be. Tel:  051/26.57.00

Zo. 30 sept. 2018. Uitreiking AWARD aan Xavier Vandamme, directeur Oude Muziek Utrecht en aan componist Raymond Decancq.
te 11.00u in De Spil te Roeselare


Vr. 12 okt. 2018. Bart Naessens en Willaert
te 20.00u in de O.-L.-Vrouwekerk te Roeselare

Het Willaert Wind Ensemble en het Roeselaars Kamerkoor o.l.v. Bart Naessens brengen een concert onder de titel “Musica sacra nel silenzio
Info en tickets: www.despil.be. Tel:  051/26.57.00

INFELIX EGO

meditaties op psalm 50 door Savonarola.


De Dominicaanse monnik en prediker Girolamo Savonarola werd geboren in Ferrara op 22 sept. (!!!)  1452. Reeds als jonge man was hij heel kritisch: streng voor zichzelf en evenzeer voor anderen. Hij las en bestudeerde Plato, Aristoteles, de Bijbel en Thomas van Aquino. Als twintigjarige schreef hij de Canzona de ruina mundi, waarin hij de rijken “rovers” noemde. Twee jaar later, in 1474, bekritiseerde hij de corrupte clerus in de Canzona de ruina Ecclesiae.
Hij was er van overtuigd dat hij als voorname taak had mensen te mobiliseren tegen de invloed van de Renaissance. Zo wilde hij terug naar 'de leer en levenswijze van de apostelen' en zou hij 'de stad Gods op aarde' stichten.
In 1475 trad hij in bij de Dominicanen en in 1482 werd hij als predikant naar Florence gestuurd. Hij maakte er faam met o.m. zijn preken over het laatste oordeel.
In 1494 werd hij er zelfs tot hun politieke leider verkozen, toen de Franse koning Karel VIII de stad belegerde en de Medici er niet in slaagden aan de Franse koning het hoofd te bieden.
Op handen gedragen door de bevolking, had hij echter veel machtige tegenstanders: Paus Alexander VI, de Compagnaci en de Pallesci, twee benden die hem probeerden te vermoorden. Tot overmaat van ramp brak in Florence de pest uit.
Uiteindelijk werd Savonarola gearresteerd op 8 april 1498. Paus Alexander VI wilde zijn veroordeling uitspreken in Rome, maar de Florentijnse leiders eisten dat hij als misdadiger zou worden terechtgesteld voor de ogen van de bevolking. Op 23 mei 1498 werd Savonarola aan de galg opgehangen.
Savonarola had tijdens heel zijn leven en ook na zijn dood, een belangrijke aanhang in zijn geboortestad Ferrara. De prachtige meditaties op psalm 30 en psalm 50, die hij schreef tijdens de laatste dagen van zijn verblijf in zijn cel te Florence, werden bijzonder populair, niet alleen in Italië, maar ook elders in Europa, o.m. door uitgaven te Leuven en te Antwerpen.
Hertog Ercole I verzocht Josquin des Prez, toen die van 1503 tot 1504 te Ferrara verbleef, om psalm 50,  Miserere mei Deus, voor hem op muziek te zetten. In die compositie verwijst Josquin duidelijk naar de meditatie van Savonarola door een eenvoudig motief op de woorden “miserere mei Deus” na ieder vers in de verschillende stemmen te laten herhalen, zoals ook Savonarola had gedaan bij het schrijven van de tekst .
Adriaen Willaert heeft in zijn motet Infelix ego, waarin ook de woorden van psalm 50 voorkomen, hetzelfde motief van Josquin als ostinato verwerkt. Dit deed ook Cipriano De Rore.  Katelijne Schiltz wijst er op dat onder de vele andere componisten die op een vergelijkbare wijze Josquin hebben geïmiteerd, ook Gioseffo Zarlino in twee van zijn motetten, nl. Miserere mei Deus en Misereris omnium, met zijn tekst en muzikale schrijfwijze aan de soggetto ostinato van Josquin schatplichtig is. Al deze componisten hebben trouwens te maken met het huis van d’Este in Ferrara.
Bronnen:
-https://www.kro.nl/katholiek/abc/savonarola-girolamo
-Ignace Bossuyt. Adriaan Willaert (ca. 1490-1562). Leven en werk. Stijl en genres. Leuven 1985.
-Katelijne Schiltz. Art. Gioseffo Zarlino and the "Miserere" Tradition: A Ferrarese Connection? in Early Music History, Vol. 27 (2008), pp. 181-215

Ook nog een tweede afdruk bij dezelfde IMSLP van INFELIX EGO van Maestro Willaert: http://ks.imslp.net/files/imglnks/usimg/0/0d/IMSLP423779-PMLP687866-33-infelix_ego---0-score.pdf


cd-opnamen:

Zarlino:
https://www.prestomusic.com/classical/products/8032023--zarlino-modulations-sex-vocum

Josquin des Prez
: https://www.prestomusic.com/classical/products/7991135--vivat-leo-music-for-a-medici-pope
of: https://www.prestomusic.com/classical/products/8080956--scattered-ashes
of: De Labyrintho (2009) (zie infra bij Spotify)
of: Dufay Ensemble (2011) (zie infra bij Spotify)
Adriaen Willaert:  Bonfire songs. Savonarola’s musical legacy. Eastman Capella Antiqua o.l.v. Patrick Marcey. OXFORD CLARENDON PRESS

Cipriano De Rore :
' Cipriano de Rore : Missa Praeter Rerum Seriem (The Tallis Scholars, 2001)
of :  Cipriano de Rore : Missa Doulce mémoire (Laudantes Consort) Guy Janssens. SONAMUSICA

bij SPOTIFY :
Josquin Des Prez. Miserere mei Deus. Missa Hercules Dux Ferrariae. De Labyrintho. Walter Testolin. STRADIVARIUS 2009

Philippus De Monte. Miserere mei Deus. Collegium Vocale. Philippe Herreweghe. OUTHERE. 2014.

op YouTube :
Josquin Des Prez: https://www.youtube.com/watch?v=p6pBEHBXmKk (Dufay Ensemble 2011?)

Nieuwe publicaties

Songs of Love and Death: I madrigali a cinque voci (Venice, 1542) by Cipriano de Rore (1515/16–1565)
Jessie Ann Owens; Introduction by Jane A. Bernstein. American Academy of Arts and Sciences. 2018.


A Companion to Music in Sixteenth-Century Venice.
Ed. Katelijne Schiltz.
Series: Brill's Companions to the Musical Culture of Medieval and Early Modern Europe, Volume: 2
Uitgeverij: Koninklijke BRILL nv. Leiden (NL)
https://brill.com/view/title/25222?rskey=ax9Ezi&result=1
hetzelfde in pdf
https://brill.com/flyer/title/25222?print=pdf





NIEUWSBRIEF   - 14de jg. nr.7 – 22 aug. 2018 +

ADRIAEN WILLAERT AWARD+


De Adriaen Willaert Award is een nieuw initiatief van de stad Roeselare. Hiermee wil het stadsbestuur bepaalde musici eren die op een buitengewone wijze zorgen voor een blijvende aandacht voor het werk van Adriaen Willaert, één van Roeselaars beroemdste zonen!
Plechtige uitreiking: zondag 30 september te 11.00u in De Spil, opgeluisterd door het Willaert Wind Ensemble en solisten van het Roeselaars Kamerkoor.
Nadien receptie in de tuin van het kasteel van Rumbeke.
Festival
In dat kader wordt in de maanden september, oktober en november ook een festival met concerten van vooral oude muziek opgezet.

Donderdag 13 september te 20.30u  in de St.-Martinuskerk. Oekene.
Huldeconcert Adriaen Willaert met Amaryllis Dieltiens sopraan, Ruth van Killegem en Thomas Deprez blokfluiten en het Roeselaars Kamerkoor. Algemene leiding: Bart Naessens.
Naast muziek van Adriaen Willaert, werk van Heinrich Isaac, Josquin Des Prez, Cipriano De Rore en Claudio Monteverdi. Ook van de hedendaagse componist Kurt Bikkembergs.
tickets: oekeneNV@live.be
info: oekenenv.wordpress.com

Vrijdag 21 september te 19.30u in de O.-L.-Vrouwekerk. Roeselare

Vocaal ensemble Graindelavoix o.l.v. Björn Schmelzer met muziek uit het ETON CHOIRBOOK, een prachtig manuscript van rond 1500 met Engelse religieuze polyfonie.

tickets: info@toonvzw.be
info: toonvzw.be

Zondag 23 september te 11.00u in de Schouwburg van De Spil. Roeselare
Italiaanse madrigalen van Adriaen Willaert, Giaches De Wert en Claudio Monteverdi door het Utopia Ensemble dat bestaat uit de zangers Griet De Geyter, Bart Uvyn, Adriaan De Koster, Lieven Termont en Bart Vandewege. Klavecimbelbegeleiding: Bart Naessens.
Info en tickets: www.despil.be. Tel:  051/26.57.00

Vrijdag 12 oktober te 20.00u in de O.-L.-Vrouwekerk. Roeselare

Het Willaert Wind Ensemble en het Roeselaars Kamerkoor o.l.v. Bart Naessens brengen een concert onder de titel “Musica sacra nel silenzio. Naast werken van Adriaen Willaert, ook van Thomas Tallis, Henry Purcell en Heinrich Schütz. Daarenboven ook muziek van de hedendaagse meesters Morten Lauridsen en Ola Gjeilo.
Info en tickets: www.despil.be. Tel:  051/26.57.00

Zaterdag 24 november te 20.00u in de Schouwburg van De Spil. Roeselare
Het kamerorkest B’Rock o.l.v. de Duitse blokfluitiste Dorothee Oberlinger speelt concerti uit de barok van Antonio Vivaldi, Georg Friedrich Händel en Francesco Geminiani. Daarnaast ook hedendaagse muziek van John Cage en Terry Riley.
Info en tickets: www.despil.be. Tel:  051/26.57.00

Woensdag 28 november te 20.00u in de Schouwburg van De Spil. Roeselare
(inleiding te 19.15)

Het vocaal Ensemble VOX LUMINIS o.l.v. Lionel Meunier met werken van Johann Sebastian  Bach, maar eveneens van zijn voorouders en zijn kinderen.
Info en tickets: www.despil.be. Tel:  051/26.57.00

                                     

FESTIVAL OUDE MUZIEK UTRECHT
vrijdag 24 aug. tem. zondag 2 september 2018


met o.m. Franco-Vlaamse renaissancepolyfonie door: het HUELGAS ENSEMBLE o.l.v. PAUL VAN NEVEL, VOX LUMINIS o.l.v. LIONEL MEUNIER, GRAINDELAVOIX o.l.v. BJÖRN SCHMELZER, Cantica Symphonia o.l.v. Giuseppe Maletto, Música temprana o.l.v. Adrián Rodríguez Van Der Spoel, Pluto-ensemble o.l.v. MARNIX DE CAT, het Officium Ensemble o.l.v. Pedro Teixeira, Cantar Lontano o.l.v. Marco Mencoboni, CAPELLA DE LA TORRE o.l.v. Katharina Bäuml, Dr DAVID BURN (The Leuven Chansonnier), Rachel Farr & Consort Aubaine (workshop renaissancedans), blokfluitenensemble Daniel Scott e.a., Picchi and the Semi-Crotchets, het Sollazzo Ensemble o.l.v. Anna Danilevskaia, THE TALLIS SCHOLARS o.l.v. PETER PHILLIPS, het ORLANDO CONSORT, Diabolus in Musica o.l.v. Antoine Guerber, Servir Antico o.l.v. Catalina Vicens, Dr. Petra Van Langen, Weser-Renaissance Bremen o.l.v. Manfred Cordes, KVNM-symposium i.s.m. Stimu, PETER VAN HEYGHEN, Marnix van Berchum, CAPPELLA PRATENSIS o.l.v. STRATTON BULL, Internationaal Van Wassenaer Concours, DOULCE MÉMOIRE, Invocare (met o.m. Cipriano De Rore), Tasto Solo o.l.v. Guillermo Pérez, Gli Angeli Genève o.l.v. Stephan Macleod, Cicchetti Musicali, STILE ANTICO, Ryosuke Sakamoto, de Nederlandse luitvereniging, Ensemble Leones o.l.v. Marc Lewon, de CAPPELLA AMSTERDAM o.l.v. DANIEL REUSS, het Ensemble Lucidarium o.l.v. Avery Gosfield, Cappella Mariana o.l.v.  Vojtěch Semerád, Christoph Sommer, Dr. Rosi Braidotti, Claudia Caffagni & Paola Erdas, Hieronymus, Siglo de Oro, Marc Lewon, Paul Kieffer & Grace Newcombe, Les Haulz et les Bas en Companyia Musical o.l.v. Jozep Cabré.

Voor het volledig programma, tik: https://oudemuziek.nl

 

Een eerste activiteit:
Vrijdag 24 augustus te 13.00u, te 15.00u en te 17.00u in de Sint-Jacobikerk te Utrecht.
Vrij
Als prelude op het Festival: een polyfone marathon.
Tijdens drie opeenvolgende concerten zingt het Huelgas Ensemble een heel alfabet aan Bourgondische componisten bij elkaar. Voor elke letter één.

 Het gaat om componisten uit onze streken, die in dienst waren van het Bourgondische hof, met een speciale uitzondering voor de prins van de polyfonie, Josquin des Prez (geb. in St. Sauveur). De zangers gaan arm in arm met Paul Van Nevel langs misdelen, motetten en chansons van bekende en te ontdekken meesters als Champion (geb. in Luik), Divitis (geb. in Leuven), Binchois (geb. in Bergen), De Orto (geb. in Doornik), Van Weerbeke (geb. in Oudenaarde) en vele anderen. Met Anoniem en Incertus wordt een ode gebracht aan de vele polyfonisten-zonder-naam en hun adembenemende bijdragen aan het meerstemmige repertoire van de 15de eeuw.

volledig programma-info: https://oudemuziek.nl/agenda/alle-concerten-20182019/fom18-01-huelgas-ensemble-passepartout/fom18-01-huelgas-ensemble-passepartout/


DE MEDICI CODEX
500 jaar geleden

 

In de Biblioteca Medicea Laurenziana in Florence bevindt zich een waardevol handgeschreven motettenboek uit 1518 onder het nummer “Acquisti e doni 666.”
Er staan 53 motetten in, van de hand van 21 componisten. Twee blijven anoniem.
De polyfonie is duidelijk in Vlaamse stijl, een stijl die toen de voorkeur had aan het Frans en  het Pauselijk Hof.
Ontstaan
Edward E. Lowinsky, die de muziek publiceerde in 1968, verdedigt de stelling dat het manuscript een van de vele kostbare huwelijksgeschenken zou geweest zijn bij het huwelijk van de 26-jarige Lorenzo de Medici met de 17-jarige Madeleine de la Tour te Amboise, een kasteel aan de Loire in mei 1518. Vandaar de naam MEDICI CODEX. Het zou gemaakt zijn in Parijs in opdracht van de Franse koning Frans I, al is een van de kopiisten zeker een Italiaan.
Jean Mouton, hofcomponist te Parijs, kreeg de opdracht tot het samenstellen van de bundel en daardoor is de keuze van de componisten, zoals Josquin des Prez en Adriaen Willaert, duidelijk gericht naar de Franse smaak.
info: Edward E. Lowinsky. The Medici Codex of 1518. A Choirbook of Motets Dedicated to Lorenzo de’ Medici, Duke of Urbino. Monuments of Renaissance Music, III-V. Chicago, 1968.

Joshua Rifkin trekt die theorie in twijfel,  na een quasi microscopisch ontleden van de muziektekst. Het manuscript is volgens hem vervaardigd lang vóór 1518, in de eerste plaats voor privé gebruik van paus Leo, en het werd pas later, door een lastminuut beslissing, aangeboden aan Lorenzo de Medici. Echter dan niet voor de huwelijksceremonie in Frankrijk, maar bij het bezoek van het koppel vier maanden later, op het einde van de zomer van 1518, in Florence. Het zou dus zeker niet aan het Franse, maar aan het Pauselijk Hof zijn gemaakt. Hij baseert zich hierbij op de samenstelling en de tekenkarakters van het manuscript, waarbij duidelijk onregelmatigheden voorkomen: twee belangrijke scriptoren, beide werkzaam aan het Pauselijk Hof, een opeenvolging van de motetten die niet volledig het acrostichon volgt, sterke stijlverschillen in de lay-out, de initialen enz.
info: Joshua Rifkin. Art. The Creation of the Medici Codex in Journal of the American Musicological Society, Vol. 62, No. 3 (Fall 2009), pp. 517-570.
https://www.jstor.org/stable/pdf/10.1525/jams.2009.62.3.517.pdf
Lees ook van dezelfde musicoloog de bijsluiter van de cd: VIVAT LEO! MUSIC FOR A MEDICI POPE.

Tim Shephard volgt die stelling: het zou inderdaad afkomstig zijn van het Pauselijk Hof te Rome onder Leo X, die het als geschenk zou gegeven hebben aan Lorenzo. Lorenzo, de neef van Paus Leo X en Madeleine een nicht van de Franse koning Frans I. Naast dit motettenboek zouden nog veel andere uiterst kostbare geschenken aangeboden zijn, o.m. een reeks portretten geschilderd door Raphael. Tim Shephard wijst daarbij op de politieke betekenis van dit huwelijk, dat moet gezien worden als een verzoeningspoging tussen de paus en de Franse koning.

info: Tim Shephard. Art. Constructing Identities in a Music Manuscript: The Medici Codex as a Gift
In: Renaissance Quarterly, Vol. 63, No. 1 (Spring 2010), pp. 84-127 https://www.jstor.org/stable/pdf/10.1086/652534.pdf?refreqid=excelsior%3A10d5bfc32e953db53dee8463ae1c806a
ook: https://www.academia.edu/11972528/Constructing_Identities_in_a_Music_Manuscript_The_Medici_Codex_as_a_Gift
Nog een andere mening is die van DIAMM.
DIAMM (https://www.diamm.ac.uk/sources/1399/#/) verdedigt zonder enig argument de stelling : On peut penser aussi qu'il aurait été constitué tout simplement à Florence chez Lorenzo lui-même dont la mort inopinée aurait interrompu le travail, ce qui expliquerait que les derniers ff. soient restés blancs.

Lorenzo de Medici
Geschilderd door Raphael in 1518, waarschijnlijk in opdracht van paus Leo X om cadeau te doen aan de Franse koning Frans I. Vandaar: duidelijk in een stijl die verwijst naar de typische portretkunst van  het Franse Hof:  de persoon in drie-kwart van de lengte,  gekleed in een schitterend gewaad.

Samenstelling van de MEDICI CODEX


Jean Mouton, een belangrijke componist aan het Franse Hof, had de opdracht gekregen de bundel samen te stellen. Tien of elf motetten zijn van zijn hand. Zes werken zijn van Adriaen Willaert, vriend van Jean Mouton.

Van de Frans-Vlaamse school zijn, naast werken van Jean Mouton en Adriaen Willaert, werken ook van  Divitis (1), Josquin des Prez (5), Erasmus Lapicida (1),  Jean L’héritier (1), Lupus (1), Moulu (3), Jean Richafort (2) en Thérache (1). Andere componisten zijn: Boyleau, Bruhier, Brunet, Elimon, Constant Festa, Jacotin, Mr. Jam, Lafage, Le Santier en Silva. Deze laatste reeks namen telkens met 1 motet, behalve Festa met 4 en Da Silva met 5. De toewijzingen zijn soms onzeker.
Op de titelpagina staat een acrostichon: “Vivat Semper Invictus Laurentius Medices Dux Urbinus”. Maar opvallend is dat er meer motetten in de bundel staan, dan vermeld in het acrostichon, motetten die dan veelal tussen de andere staan. Vandaar de visie van Rifkin dat de bundel niet “in één optie” is ontstaan.
V irgo gloriosa
I
m pricipio erat
V
erbum bonum
A lma Redemptoris
T
ua est potentia
S icut lilium
E
mendemus
M
iserere meus Deus
P
eccata mea Domine
E
lisabeth Zacharie
R
egina celi
I ntonuit de celo
N
esciens mater
V
irgo Dei genitrix
I
n illo tempore
C
onfundantur
T
e matrem
U
idens Dominus
S
alva nos Domine
L auda Hierusalem
A ngelus ad pastores
U
irgo salutifera
R
egina coeli
E
cce panis angelorum
N
imphes des toys
T
ota pulchra es
I
n omni tribulatione
U
eni Sponsa Christi
S
aluto te V. M.
M issus est angelus
E
xaltate regia
D
educ me Domine
I
n violata
C
orde et animo
E
sto nobis
S
uper flumina
D omine salvum fac Regem
V
ulnerasti cor meum
X
i virgo
U eni sancte Spiritus
R
ogamus te
B
eatus Johannes
I
ntercessio quaesumus
N
uptie facte sunt
I
te in orbem


De 6 motetten van Adriaen Willaert zijn alle vierstemmig en komen niet voor in vroegere handschriften of boeken. Ze zijn dus bijna zeker gecomponeerd op vraag van Jean Mouton, speciaal voor deze codex.
-Virgo gloriosa Christi Margareta preciosa
-Saluto te sancta virgo Maria domina
-Regina coeli laetare alleluya
(versie 2)
-Christi virgo dilectissima virtutum
-Veni sancte spiritus et emitte celitus
(versie 2)
-Beatus Johannes apostolus et evangelista



Willaert’s Virgo gloriosa is het allereerste nummer van de bundel enis een gebed tot de H. Margareta, volgens de traditie aanroepen voor een goede huwelijksvruchtbaarheid.

Musicoloog Joshua Rifkin typeert dit motet: De oorsprong van de muziek, op ongebruikelijke wijze genoteerd voor vier lage stemmen, toont het meesterschap (van maestro Adriano) waardoor hij klaarblijkelijk zo snel zoveel bijval verwierf. Willaert verpakt technische hoogstandjes, zoals een voorliefde voor het omkeren van zijn imiterende motieven, discreet in een rijke sonoriteit, die opvalt door zijn verschuivingen van het harmonische accent. Luister bijvoorbeeld hoe de muziek zich vrijwel onmerkbaar ontwikkelt van de mineur-sonoriteit waarmee ze begint, tot wat wij horen als een stralend F-grootakkoord bij het gebed ‘Audi preces nostras’.

Over het tweede motet van Willaert schrijft Rifkin:
Met Saluto te, sancta Virgo Maria, geheel geschreven in een lucide F-modus, toont Willaert meer evident zijn schatplichtigheid aan Mouton, wiens voorbeeld duidelijk schuilgaat achter de lange, golvende en in complementaire paren geordende duo’s. Maar Willaert ontdoet zich subtiel van de overwegend symmetrische indeling van Mouton’s muziek: waar de oudere meester de duo’s elkaar normaliter regelmatig laat afwisselen, schudt Willaert thema en antwoord onvoorspelbaar door elkaar. Evenzo introduceert de herhaling van de muziek waarmee het tweede deel begint, op de tekst ‘in illa hora’, kleine veranderingen in de imiterende ordening, waardoor de harmonie in nieuwe richtingen wordt verschoven. Maar ondanks alle geraffineerde virtuositeit straalt Willaert’s vroege muziek een hartstocht uit die opvallend contrasteert met de beroemde houtsnede van de uitgedroogde meester van drie jaar voor zijn dood – een beeld dat onze opvatting van de componist al te eenzijdig heeft bepaald.
tekst van de bijsluiter van de cd, p. 42 en 43.


Cd-opnamen

1. The Medici Wedding. Ring Ensemble.
Label ALBA. ABCD 154. 2000, 13 motetten.
cd-bijlage: Antti Häyrynen


2. Vivat Leo! Music for a Medici Pope
Cappella Pratensis o.l.v. Joshua Rifkin
Challenge Classics CC72366
2010
cd-bijlage: Joshua Rifkin en Stratton Bull
DIAPASON D’OR 2010
3. Nuptiae factae sunt
Musica ad Urbino al temp di Raffaello
Ensemble Bella Gerit
Label: BELLA GERIT
2007



Concert op zat. 1 sept. 2018. te 21.15. Firenze. Auditorium di S. Apollonia.

Een selectie uit de MEDICI CODEX,
uitgevoerd door het Ensemble L’Homme Armé o.l.v . Fabio Lombardo.
https://hommearme.it/eventi/floremus-concerto-inaugurale/
Il programma, che ovviamente si basa su una calibrata selezione dei mottetti più belli tratti dal codice, presenta i brani con accostamenti che li legano alle tre figure principali di questo evento: il papa (il committente), gli sposi (destinatari/intermediari), il re di Francia (il destinatario finale), creando un inedito polittico musicale.

Koninklijke Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis
viert 150 jaar bestaan

De KVNM is de nationale beroepsvereniging voor muziekwetenschappers.
Ze is de oudste musicologische vereniging ter wereld en nog steeds springlevend.
Ze werd opgericht te Amsterdam in 1868. Het predicaat “Koninklijk” ontving zij in 1994.

Op 19 november 2018 viert de Koninklijke Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis (KVNM), haar 150ste verjaardag.

De KVNM grijpt haar jubileum aan om het Nederlandse muzikale erfgoed en de bijdrage van de vereniging aan de geschiedenis van de muziekwetenschap, nationaal en internationaal, onder de aandacht te brengen.
 
Nu reeds starten de eerste jubileum-activiteiten:
Eerste internationaal symposium: Editing the past (30 -  31 aug. 2018)
Tentoonstelling in de Universiteitsbibliotheek Binnenstad te Utrecht (24 aug. tem 24 nov. 2018)

https://www.kvnm.nl/nl/Over-KVNM
Meer informatie is te vinden via de jubileumwebsite.


In samenwerking met de Stichting voor Muziekhistorische Uitvoeringspraktijk vindt op 30 en 31 augustus in het Festival Oude Muziek Utrecht een internationaal symposium plaats over de interactie tussen editors en uitvoerenden in een wereld met nieuwe, digitale mogelijkheden.
Een van de onderwerpen tijdens het symposium is Josquin Desprez. De KVNM heeft zijn complete oeuvre tweemaal uitgegeven. Het laatste deel van de New Josquin Edition is vorig jaar verschenen.
Het Festival Oude Muziek viert het jubileum van de KVNM mee met een concertreeks gewijd aan Josquin, met dagelijks concerten om 17.00 uur en een aantal avondconcerten.

 

Tijdschrift van het KVNM
Verschijnt eenmaal per jaar.
https://www.kvnm.nl/nl/TVNM/Over-TVNM
Over de inhoud:
https://www.kvnm.nl/nl/TVNM/Overzicht-inhoud-vanaf-1997

 




 

Radio
Deze avond – woe. 22 aug. 2018 - van 20.00u tot 22.00u op KLARA
Paul Van Nevel en het Huelgas Ensemble in een concert met o.m. Jacob Clemens non Papa en Cipriano De Rore.

Herbeluister op KLARA:

POLYFONIE VOOR BEGINNERS
Espresso geeft in de aanloop naar het festival een stoomcursus ‘polyfonie voor beginners’. Elke dag stipt een muzikant die meewerkt aan het festival een muziekstuk aan dat ideaal is voor al wie een ingang zoekt in die honderden jaren prachtige muziek.
met vooral:
1. Peter Van Heyghen bespreekt: Giachus De Wert. Giunto a la tomba
2. Jurgen De Bruyn bespreekt: Roland De Lassus. Veni dilecti me
3. Pieter De Moor bespreekt: Antoine de Févin. Requiem (introitus) https://klara.be/polyfonievoorbeginners

Herbeluister op BBC
THE GLORY OF THE POLYPHONY
een reeks van 6 uitzendingen op BBC door Peter Phillips
https://www.bbc.co.uk/programmes/b0b527p4

1. Palestrina en Gesualdo
2. Josquin en Isaac
3. Lassus en De Victoria
4. Tallis en Gombert
5. Byrd, Cornish en het Eton Choirbook
6. Tomkins, Cardoso and the New World.

Concerten, liturgische vieringen en koorcursussen in september 2018
Do. 23 aug. te 21.30u. HR-Krk, Crkva Sveti Kvirina. Kroatië.

Concert door Singer Pur met hun programma “In the shadow of death” waarin o.m. Adriaen Willaert en Roland De Lassus
Do. 23,  vr. 24 en zat. 25 aug. 2018. Antwerpen. Kapel Campus Carolus

Driedaagse conferentie over het Leuven Chansonnier
http://www.alamirefoundation.org/nl/activiteiten/conference-leuven-chansonnier-context-antwerp-23-25-august-2018-registration-open
Zat. 1 tem zo. 9 sept. Firenze. Scuola di Musica di Fiesole.

Workshop rond renaissancemuziek met muziek van o.m. Adriaen Willaert, Cipriaen De Rore, Josquin des Prez, Jacob Arcadelt en Giaches De Wert.
https://hommearme.it/news/floremus-2018-corso-internazionale-di-musica-rinascimentale/
Zat. 1 sept. 2018. 21.15. Firenze. Auditorium di S. Apollonia.

Openingsconcert met nummers uit de MEDICI CODEX (cfr. supra)
https://hommearme.it/eventi/floremus-concerto-inaugurale/
Ma. 3 sept. 2018. Firenze. Basilica della SS. Annunziata.

Concert door Andrea Inghisciano, cornetto en Andrea Perugi, orgel
met muziek van o.m. Adriaen Willaert en Cipriano De Rore.
https://hommearme.it/eventi/floremus-monumenti-musicali/
Di. 4 sept. 2018 te 21.15. Firenze. Museo di San Marco.

Cinquecento zingt werken van Jacobus Vaet en Jacob Regnart
https://hommearme.it/eventi/floremus-concerto-ensemble-cinquecento/
Zat. 22 sept. 2018 te 20.00u. Maastricht. O.-L.-Vrouwbasiliek

in het kader van MUSICA SACRA MAASTRICHT
New York Polyphony met o.m. Jacob Clemens non Papa en Antoine Brumel.
http://www.musicasacramaastricht.nl/voorstellingen/2018/09/new-york-polyphony-muziek-uit-de-renaissance/
Vr. 28 sept. 2018 te 20.30u. Miry Concertzaal, Biezekapelstraat 9, Gent.
Het Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel met “Het Landschap van de polyfonisten” waarin werken van Johannes Ockeghem, Josquin des Prez, Nicolas Gombert, Jean Mouton, Thomas Crecquillon e.a.
In het kader van het Festival van Vlaanderen.
http://www.gentfestival.be/nl/programma/het-landschap-van-de-polyfonisten/167/
Nieuwe publicaties

Journal of the Alamire Foundation

Vol. 9 / Issue 1 / 2017 / p. 135 - 158
The Leuven Chansonnier: A new source for Mid Fifteenth-Century Franco-Flemish Polyphonic Song. David J. Burn.
Inhoud en abstracties online: https://www.brepolsonline.net/toc/jaf/2017/9/1

 


Vol. 9 / Issue 2 / 2017 / p. 187 - 362
themanummer CIPRIANO DE RORE
o.l.v. Jessie Ann Owens, David J. Burn en Sarah Ann Long.
Inhoud en abstracties online: https://www.brepolsonline.net/toc/jaf/2017/9/2
Paul Van Nevel. Het Landschap van de Polyfonisten. Lannoo.





De zoektocht van topdirigent Paul Van Nevel naar de leefwereld van de polyfonisten
Josquin Desprez, Guillaume Dufay, Orlandus Lassus, enz. Het zijn maar enkelen van de wereldberoemde Polyfonisten of 'Franco-Flamands' die een onuitwisbare stempel hebben gedrukt op de evolutie van de meerstemmige muziek in Europa. Met zijn Huelgas Ensemble brengt Paul Van Nevel sinds tientallen jaren over de hele wereld hun muziek.
Gaandeweg werd hij steeds meer gefascineerd door de vaststelling dat al deze componisten en zangers uit één en hetzelfde gebied kwamen (het zuiden van Vlaanderen, Henegouwen en Noord-Frankrijk). Dit boek probeert een antwoord te geven op de vraag welke invloed de landschappelijke omgeving en het culturele decor hebben gehad op de persoonlijke en muzikale evolutie van die polyfonisten. En hoe uiteindelijk het landschap met zijn melancholie en zijn ritme bepalend is geweest voor de esthetiek van hun muziek.

 meer info: https://www.lannoo.be/nl/het-landschap-van-de-polyfonisten

 

 

Le maître de San Marco

Roman van de Waalse schrijver Claude Raucy
Uitgegeven door Éditions M.E.0., Brussel, 2018.
http://www.meo-edition.eu

 

Fictief verhaal, gebaseerd op het personage Adriaen Willaert.

« Il voulut crier mais plus aucun son ne sortait. Il chercha en vain de l’air, vacilla et s’écroula sur le pavé grenat. »

Venise. 1530. Qui est le vrai maître de San Marco? Le doge Andrea Gritti ? Ou plutôt le compositeur flamand Adriaen Willaert, dont les chanteurs meurent mystérieusement assassinés ?
Par qui et pourquoi ?
C’est ce que le Vénitien Lorenzo et cet autre Flamand Bernardo, dont l’amitié s’est forgée aux temps florentins du Magnifique et de Savonarole, s’efforceront de découvrir à travers ce court récit baigné des mystères de la lagune.

 ----------
Claude Raucy, né à Vieux-Virton en Lorraine belge, a abandonné avant la retraite son métier d’enseignant pour se consacrer exclusivement à l’écriture. Forte de plus de cent titres, son œuvre comprend des poèmes, des romans, des nouvelles, du théâtre…

----------

Pouvait-on trouver meilleur romancier que Claude Raucy pour redonner vie littéraire au compositeur flamand Adriaan Willaert ? Le récit qu’il nous en donne avec Le maître de San Marco s’inscrit dans la lignée des romans qui, sans crier gare, nous enseignent en nous divertissant. Au gré des péripéties d’une enquête  permettant de tirer au clair des morts suspectes parmi le chœur dont il est le chef à San Marco, nous apprendrons du musicien flamand la place privilégiée qu’il occupe dans la Sérénissime, mais aussi dans l’histoire de la musique de la Renaissance. Le roman commence tambour battant au Palais du Doge, Andrea Gritti. Ce dernier a convoqué le Flamand. Il s’inquiète de ces meurtres en série – les musiciens sont étranglés à l’aide d’une écharpe blanche, abandonnée sur les lieux du crime. Il s’indigne aussi que les enquêtes n’aboutissent pas avec assez de célérité à l’arrestation des coupables.
Sur cette trame, Raucy entrecroise les destins de différents protagonistes, tissant en dentelle serrée l’évocation des liens existant entre Flandre et Italie à l’époque, et cette concurrence entre les villes comme Bruges, Gand, Florence, Rome, Trieste, produisant une incessante émulation des arts. Se mêlent les personnages appartenant à l’Histoire et ceux issus de l’imagination du romancier. Apparaissent les noms de Savonarole, Maître du Monastère San Marco à Florence, « l’autre San Marco », et d’un de ses musiciens (fictifs), Giorgio Cecchi que le romancier dispose sur l’échiquier de son récit face à Bernardo Quintin et Leonardo Simoni, ou le chanteur Pietro Capon et la belle Marika de Haute Croix.

Le Carnet et les Instants . Revue des Lettres belges francophones
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

                                           TOEGANKELIJK VIA INTERNET

Adriaen Willaert. Musica Nova.
W1126 (1559)
volledig gedigitaliseerd in kleur
Bibliothèque Sainte-Geneviève
cantus: https://archive.org/details/VM25_1RES
altus: https://archive.org/details/VM25_2RES
tenor: https://archive.org/details/VM25_3RES
bassus: https://archive.org/details/VM25_4RES
quinta pars
: https://archive.org/details/VM25_5RES
sexta pars : https://archive.org/details/VM25_6RES
septima pars : https://archive.org/details/VM25_7RES

Grove Music online

                                               

http://www.oxfordmusiconline.com/page/about-omo/about-oxford-music-online
Oxford Music Online is a gateway offering users the ability to search multiple music reference resources in one location. With Grove® Music Online as its cornerstone, Oxford Music Online also provides search of The Oxford Companion to Music (revised 2011), which offers more than 8,000 articles on composers, performers, conductors, instruments and notation, forms and genres, and individual works; and the Oxford Dictionary of Music 2nd edition (revised 2006), which supplements Grove's more extensive articles with content geared toward undergraduates and general users. Both of these sources are included in subscriptions to Grove Music Online. Clicking search results in Grove Music Online leads to the Grove website; search results in the Companion and the Dictionary lead to full text articles on Oxford Reference

                                

https://www.mgg-online.com/

Die Musik in Geschichte und Gegenwart

Die Musik in Geschichte und Gegenwart (MGG) is a general encyclopedia of music. MGG is encyclopedic in the true sense of that term: it offers in-depth articles on every aspect of music as well as many related areas such as literature, philosophy, and visual arts. MGG Online contains the second print edition of MGG, published from 1994 to 2008, as well as current, continuous online updates and additions.
Die Musik in Geschichte und Gegenwart, kurz MGG, ist eine »Allgemeine Enzyklopädie der Musik«. Ihr enzyklopädischer Anspruch unterscheidet sie grundlegend von anderen Nachschlagewerken: MGG bietet tiefgehende Artikel zu jedem Bereich der Musik sowie zu vielen mit ihr verbundenen Gebieten wie Literatur, Philosophie und Bildende Kunst. MGG Online umfasst die zweite Druckausgabe der MGG (MGG2, erschienen 1994 bis 2008), deren Inhalt kontinuierlich aktualisiert, erweitert und zeitgemäß als Online-Datenbank erschlossen wird.
Citaat
Het woord ‘vedel’ roept in onze oren de zeurklank op van een tondeuse waarvan de batterijen bijna leeglopen. Prettig dus om te horen dat Baptiste Romain op deze plaat totaal andere dan grienende geluiden aan zijn instrument ontlokt.(…)

tjb in DE STANDAARD van 13 juni 2018 p. D7 bij de bespreking van IN SECULUM VIELLATORIS. Baptiste Romain vedel. Le Miroir de Musique. Ricercar.

Ingekomen correspondentie

17 aug. 2018
vanwege Jessie Ann Owens

A conference at Colgate University and a concert of madrigals from the first book (1542). Blue Heron will issue their 2-CD set in Fall 2019. And here is a talk I gave about the 1542 book for a general audience at the American Academy of Arts and Sciences.
 Warm greetings to all the CIprianisti in Belgium,
Jessie
 Jessie Ann Owens
Distinguished Professor Emeritus
Music Department
University of California, Davis
Mobile and text: 530 902-5330
Email: jaowens@ucdavis.edu


17 aug. 2018
antwoord van Wim Daeleman
Dear Jessie,
This is absolutely wonderful news! The first madrigalbook of De Rore on CD!  It will be difficult for me to wait until Fall 2019 :-)  !!
Thanks also to let us read your text "Songs of Love and Death …" It is interesting to read about the sequence of modi "Dark … Light" in this book. 
I appreciate also that you, in a few words, explain some concepts that for sure scholars know but maybe not other people (e.g. the comparison with score reading by a quartet these days). This makes your text also more  readable for a wider public, I think.

I love very much your detailed description of the FrontPage of this madrigalbook. And the research about the links between the different poets must have been hard work I think. How did you discover also the coat of arms of Brevio ?!


About the Symposium: Cipriano is on the front page! That's the place where he belongs! Great! I think that this symposium has several very interesting papers. Probably it will be published some day? May I ask you to keep us informed? 
Many thanks!
Warm greetings too!
Wim

17 aug. 2018
antwoord van Jessie Owen
Dear Wim,
Thank you for sharing your reactions. I’m glad you enjoyed the article.
The coat of arms is a fun story. There is an illuminated page with the coat of arms in a book Brevio owned, and then I realized that his uncle, Bishop Francesco Brevio, used a version of it. And finally I visited the church in the small town in Italy, Arqua Petrarca, where Brevio placed a plaque in 1524. Next to the plaque was the same coat of arms as in the book he owned. Now to find a portrait! 
All best,
Jessie



14de jg. nr 6 - 31 mei 2018


Caravaggio. De luitspeler (1596)
 Hermitage. Sint-Petersburg
Dit meesterwerk van Michelangelo Merisi da Caravaggio werd jarenlang aanzien als  niet van de meester zelf maar “uit de school van”. Pas recent werd vastgesteld dat het wel degelijk origineel van Caravaggio was. Zijn bekende karakteristieken zijn heel duidelijk aanwezig: gezochte lichtinval vanuit een zijdelingse lichtbron (meestal een venster) en het detail van een lichtweerspiegeling op de vaas links.
Bij nauwkeurige studie kan men zien dat hij een compositie speelt en zingt van Jacob Arcadelt  (geboren te Luik tussen 1504 en 1506 en gestorven in Parijs op 4 oktober 1568 of 1572 ), nl. het chanson "Vous savez que je vous aime et vous adore... Je fus vôtre."
Van dit chanson bestaat jammer genoeg geen opname. Bij het bewonderen van het schilderij kan men zijn wereldberoemd madrigaal er bij beluisteren: Il bianco e dolce cigno.
Van dit madrigaal bestaan er tientallen opnamen.
U mag kiezen:
Valeria Mignaco alt & Alfonso Marin luit
https://www.youtube.com/watch?v=tgT2LJEhTuk
Hilliard Ensemble
https://www.youtube.com/watch?v=5JLdtBoAba4
The King’s Singers:
http://www.interlude.hk/front/jacques-arcadelt-composer/

Il bianco e dolce cigno
Cantando more
ed io Piangendo
giung’al fin del viver mio,
Stran’e diversa sorte!
Ch’ei more sconsolato,
Ed io moro beato,
Morte che gioia tutto e di desire.
Se nel morir, altro dolor non sento,
Di mille mort’il di sarei contento.

De mooie witte zwaan sterft al zingend
Maar ik kom aan het einde van mijn leven wenend.
Oh! Wat een vreemd en contrasterend noodlot.
Want de zwaan sterft troosteloos
maar mijn sterven is een zegen, want, terwijl ik sterf,
word ik volledig vervuld met vreugde en verlangen.
Ware het niet dat ik bij het sterven een ander verdriet voel,
ik zou blij zijn duizend maal per dag te sterven.

(eigen vertaling)


De laatste zin van dit gedicht doet denken aan “Ancor che col partire” van Cipriano De Rore:

Ancor che col partire                                                Telkens als ik afscheid van je neem,
io mi sento morire,                                                   voel ik me sterven.

partir vorrei ogn’ hor, ogni momento:                     En toch zou ik blij zijn je elk uur te kunnen
tant’ il piacer ch’io sento                                        verlaten, elk moment zelfs, want telkens is  
de la vita ch’acquisto nel ritorno:                             bij mijn terugkeer het genot zo groot,
et cosi mill’ e mille volt’ il giorno                             telkens ga ik herleven. En dus zou ik willen
partir da voi vorrei:                                                   duizend en duizend keer per dag van jou afscheid nemen
tanto son dolci gli ritorni miei

want dan jubelt mijn hart als we terug                                         

                                                           bij elkaar komen.

tekst: Alfonso d’Avalos                                                  (eigen vertaling)

 
Van dit madrigaal bestaan er honderden uitvoeringen: 254 op de website van Wim Daeleman: http://www.cypriaanderore.be/NL/index.htm
We stellen voor:
in een bewerking van Dalla Casa, gezongen door de alt Yulia Mikkonen.
https://www.youtube.com/watch?v=R5f-Uqe7_BU

 Cantare et sonare nel lauto

Dit soort liederen, waarbij de melodie gezongen wordt door één stem onder begeleiding van een luit, de zg. luitliederen, brengt ons ook bij Adriaen Willaert. In 1536 drukt Ottaviano Scotto een bewerking voor zang en luitbegeleiding door maestro Adriano van 22 vierstemmige madrigalen van Philippe Verdelot onder de titel Intavolatura de li madrigali di Verdelotto di cantare et sonare nel lauto, intavolati per Messer Adriano. Ongetwijfeld een uiting van zijn bewondering voor de madrigalen van Verdelot, maar evenzeer een bewijs van de grote vraag naar dit genre muziek: het luitlied. In 1540 volgde een tweede druk. Duidelijk betekende het luitlied een stap in de richting van de monodie, die in de barok een doorbraak zal kennen.
Prof. Ignace Bossuyt (Adriaan Willaert. Leven en werk. Stijl en genres. Leuven. 1985. p. 39-40) neemt aan “dat deze bewerkingen bedoeld waren voor Willaerts uitverkoren zangeres Polissena Pecorina”.

Philippe Verdelot was een Franse componist, geboren tussen 1740 en 1480 in Noord-Frankrijk (Departement Seine-et-Marne) en vooral werkzaam in Florence. De eerste madrigalen die Adriaen Willaert liet drukken, verschenen in madrigaalbundels met vooral madrigalen van Verdelot (1534 en 1536)
De ganse reeks van 22 nummers: op cd door Il Desiderio. Intavolatura dei Madrigali di Verdelot (1536).
Label : STRADIVARIUS 33325. 1995. Ook op SPOTIFY.
Luisteren we naar het meest uitgevoerd nummer op cd: Madonna, qual certezza op tekst van Dragonetto.
Op SPOTIFY maar ook op Youtube: https://www.youtube.com/watch?v=45lD_XFYRD0

Madonna, qual certezza                        Ach meisje. Hoe zou ik meer zekerheid kunnen hebben
Haver' si può maggior' del mia gran foco    over het grote vuur dat in mij brandt
Che veder' consumarmi a poco a poco?       nu ik me beetje bij beetje voel opbranden?
Oimè, non conoscete                                               
Ach, weet je dan niet
Che per mirarvi fiso                                      dat ik zo intens naar je staarde
Sono col pensiero da me tanto diviso          
dat ik van mezelf ben vervreemd geraakt
Che transformarmi sento in quel' che se
en dat ik mezelf getransformeerd voel in wat jij bent?
Lasso, non v'accorgete                                 
Ach, weet je dan niet
Che poscia che io fu preso al vostro laccio  
dat sinds ik in je valstrik ben gevallen,
Arrosso, impalledisco, ardo, et aghiaccio?  
ik bloos, ik verbleek, ik verbrand en ik bevries?
Dunque, se ciò vedete                                  
En als je dit ziet, meisje.
Madonna, qual certezza                               
Hoe zou ik meer zekerheid kunnen hebben
Haver' si può maggior' del mia gran foco   
over het grote vuur dat in mij brandt
Che veder' consumarmi a poco a poco?      
nu ik me beetje bij beetje voel opbranden?

tekst: Dragonetto Bonifazio                          (eigen vertaling)

Wie enigszins thuis is in de Franse poëzie zal bij het lezen van bovenstaande Italiaanse  teksten spontaan denken aan:
Partir, c’est mourir un peu,
C’est mourir à ce qu’on aime :
On laisse un peu de soi-même
En toute heure et dans tout lieu…

Deze zinnen, geschreven 400 jaar later, zijn van Edmond Haraucourt (1856 - 1941).
Een opvallende gelijkenis. Toevallig? Lees verder een reactie van Joost Vanbrussel.

Hieronder de oorspronkelijke druk van Madonna qual certezza. Verdelot, bew. Adriaen Willaert (1536)
(Österreichische Nationalbibliothek)
Bemerk hoe de muziek voor de luit niet met de noten is aangeduid maar met de vingergrepen op de zes snaren.

Moderne partituur: Bernard Thomas, ed. Intavolatura de li madrigali di Verdelotto: de cantare et sonare nel lauto, 1536. Renaissance Music Prints iii, Londen, 1980 (bron: 1540)

Het Adriaen Willaert Trio uit Roeselare en Tielt

Nieuw blokfluitenensemble, nieuwe uitvoering, nieuwe opname
Het Adriaen Willaert Trio, dat bestaat uit Astrid Casteels, Beatrijs Deboutte en Werner Mareels, speelt ricercar primo (onze nummering C1)
Te beluisteren op Youtube:
https://www.youtube.com/watch?v=Whg-Zgc4HQU&feature=share







     Iets over de vader en grootvader van Josquin Des Prez en over zijn kinderjaren.
In een recent artikel over de biografie van Josquin des Prez (Dad and Granddad were Cops. Josquin’s Ancestry )(*) vertelt prof. Herbert Kellman interessante dingen over de vader en grootvader van Josquin, die, zoals de titel luidt, politie-agenten waren. Ze zouden beide “Gossart Des Prez” geheten hebben en de jongste van de twee, de vader dus van Josquin, (Hij noemt hem Gossart II) zou volgens de gevonden documenten ooit acht maand in Doornik in de gevangenis hebben gezeten omwille van een ongeoorloofde handeling bij het arresteren van een persoon. Hij had een vrouw aangehouden in Doornik, waar hij niet bevoegd was. Blijkbaar een groot vergrijp! (d’avoir pris a cause de sen offisce une femme sur le pooir et banlieuwe de tournay). Ook nog andere misstappen over Josquin’s vader staan vermeld in die archieven. Daarom is Kellman ongenadig en typeert hem als: a heedless, headstrong person, belligerent and abusive in his police service, and, not least, a blunderer.
Voor de grootvader, Gossart I, heeft hij meer eerbied: I believe these disparate glimpses do allow us to sketch a likely, if incomplete outline of Gossart I’s character: a conscientious and reliable man, competent in his duties whether in police or quasi-military service, prudent enough to be his superior’s close aide in difficult missions, temperate enough to be mayor of his town for two years.
Over Gossart I valt inderdaad veel te vertellen: de vele opdrachten als hoofd van het politiecorps en dat hij van 1432 tot 1433  burgemeester was van Saint-Sauveur. Of Saint-Sauveur de geboorteplaats is van Josquin Des Prez laat hij in het midden. Toch is hij er van overtuigd dat die in de omtrek van Ath moet gezocht worden.

Prof. Kellman bespreekt ook de verschillende schrijfwijzen van de naam, o.m. de opvallende naam “Lebloitte dit Desprez” en stelt verder dat de Schelde de grens vormde van het Bourgondische Henegouwen, waardoor Condé-sur-L’Escaut wel degelijk tot die provincie behoorde en niet tot Doornik, dat toen behoorde tot de Franse Kroon. Gossart Des Prez, vader en zoon, waren in dienst te Ath, een van de belangrijkste steden in dit gebied en hoofdstad van een zg. Kanselarij (in het Engels: Castellany).

De stemverandering

In datzelfde artikel gaat prof Kellman ook dieper in op de vraag naar de juiste geboortedatum van Josquin des Prez. Hij argumenteert voor het jaar 1450. Een datum die trouwens algemeen aanvaard is. Zowel MGG, als Grove als Thierry Levaux vermelden: ca. 1450-1455. David Fallows echter stelt voor: 1455.
Een van de argumenten die prof. Kellman gebruikt om die datum te verrechtvaardigen is het feit dat er een document is bewaard waarin vermeld staat dat Josquin in 1466 het koor van Saint-Quentin, waarin hij vanaf zijn 7de jaar zou gezongen hebben, verlaat. Hij voegt er aan toe: “op de leeftijd van zestien, in de algemeen aanvaardde veronderstelling dat de jongensstemmen muteerden rond die leeftijd.”
Graag een paar bedenkingen rond die laatste bewering, dus omtrent de stemwisseling bij jongens.
Eerst en vooral is de mutatie geen “breuk” zoals het in het Engels genoemd wordt:  a broken voice.
De verandering is niet meer dan een groeiproces van de stembanden, samen met de algemene groei van het ganse lichaam. De stembanden worden langer en iets dikker. Bij meisjes daarentegen worden ze slechts weinig langer maar wel dikker en krachtiger.
Wat is de gemiddelde leeftijd waarop dat gebeurt?
Vandaag is dat rond 12 jaar.
Vroeger was het later. Ikzelf ben nu ca. 60 jaar geleden veranderd toen ik bijna 13 werd. Ik herinner me dat tamelijk precies en ik weet ook dat ik de eerste was van mijn klasgenoten.
Van waar dat verschil vroeger en nu? Gewoon omdat de kinderen nu groter groeien en dus iets vroeger die verandering ondergaan. Het zou interessant zijn te vernemen of men in een streek, waar de kinderen niet zo groot groeien als in onze streken,  bijv. in Japan, op welke leeftijd daar de mutatie gewoonlijk plaats vindt bij de jongens. Wellicht is dat niet zo vroeg.
Ik ben dan later gedurende 30 jaar dirigent geweest van een jongenskoor. De stemverandering vond in die periode gewoonlijk plaats rond 12 jaar, maar er zijn natuurlijk verschillen, zoals men ziet dat er ook duidelijke verschillen zijn in de manier waarop kinderen groeien.
Het verschil in de stemmutatie kan liggen in “vroeg of laat”, maar ook in “snel of geleidelijk”.
Iets vroeger dan 12 jaar komt voor. Maar later dan 12 gebeurt ook. Ik heb een jongen gekend in mijn koor die aan 17 jaar nog zong en zelfs nog sprak met zijn kinderstem. Nochtans was hij qua lichaamsbouw normaal groot geworden. Een psychiater zei me: Het zou kunnen liggen aan een te sterke “moederbinding”. Toch is die jongen op een bepaald moment, een beetje later dus dan de anderen, met een mannenstem gaan spreken en zingen. Hij werd later zelfs logopedist. Blijkbaar  heeft hij er geen trauma aan overgehouden!
Een verschil in leeftijd dus, maar een verschil in “snelheid” is even vanzelfsprekend. Doorgaans verloopt de mutatie heel geleidelijk. De jongen bij wie het gebeurt, is het nauwelijks gewaar. De evolutie verloopt gewoonlijk als volgt: Een zanger stelt bij het zingen vast dat die hoge noten meer moeite kosten en hij komt vragen om over te schakelen van sopraan naar alt en nog later naar tenor. Dat wil zeggen: hij blijft zingen, maar nu wat lager dan vroeger. Dit gaat wel gepaard met een verandering van de kleur van de stem. Er is een verlies aan lenigheid, aan kracht en aan helderheid. Het kan jaren duren eer het zingen weer optimaal is. En meer nog, operazangers stellen vast dat hun stem pas aan de leeftijd van 30 jaar zijn maximum bereikt.
Maar het kan evengoed voorvallen dat de stemmutatie heel plots en heel snel gebeurt. Ik heb jongens gekend die in twee weken tijd hun “nieuwe” stem kregen. In dit geval, wanneer het zo snel gaat, verliezen ze gemakkelijk de controle over hun stem. Ze kunnen niet meer zingen en soms zelfs niet meer normaal spreken. Ik hoor zo’n jongen nog komen: “Ik ga uit het koor.” En in die korte zin slaat zijn stem tweemaal over!
Op zichzelf is dat geen ramp. Alles valt wel weer “op zijn plooi”.
De vraag die we hier stellen is: hoe was het in vroegere tijden: in de kapittelkerken in de renaissance, waar ze die moeilijke polyfonie moesten aankunnen? Bij Bach, met die “lastige” aria’s in zijn passies en cantates?
Prof. Kellman verwijst naar twee auteurs in dat verband:
Richard Rastall (**) spreekt van tussen 14 en 20 jaar met een gemiddelde van 17 en een half.
Jane Flynn (**) vermoedt rond 14 en 15 jaar.
Voor Prof. Kellman stelt 16 jaar en berekent zo bij Josquin zijn geboortejaar in 1450 en niet later, omdat een vroegere stemwisseling heel onwaarschijnlijk is. 
Een laatste ervaring. Prof Kellman maakt er ook allusie op: de opvoeding thuis en op school kan ook invloed hebben.
Ik heb me lang als dirigent van het jongenskoor de vraag gesteld: Hoe komt het dat er in Oost-Vlaanderen meer en betere jongenskoren zijn dan in West-Vlaanderen?  Dit heb ik duidelijk kunnen vaststellen toen we met onze jongens uit Roeselare samen zongen met de koren uit Gent, Sint-Niklaas en Aalst. Ik vermoed dat dit te maken heeft met de manier van spreken. In West-Vlaanderen spreekt men lager. In Oost-Vlaanderen, en vooral in Gent, spreekt men met een iets hogere stem. Wie bij ons een hoge stem heeft, valt onmiddellijk op wanneer hij hoog spreekt. Dus gaat men te laag spreken en dat is nadelig voor het gebruik van de stem, zowel bij het zingen als bij het spreken. Misschien kan hetzelfde gezegd worden van Antwerpen en Limburg. Denk ook aan de jongens in Engeland. Ook daar klinkt de spreektaal veel hoger en zijn er (wellicht mede daardoor) zulke goede jongenskoren.

(*) Herbert Kellman.  Dad and Granddad were Cops. Art. in  Uno gentile et subtile ingenio: Studies in Renaissance Music in Honour of Bonnie J. Blackburn. Edited by M. Jennifer Bloxam, Gioia Filocamo, and Leofranc Holford-Strevens. Belgium: Brepols. 2009.
(**) Richard Rastall, “Choirboys in Early English Religious Drama,” Young Choristers 650—1700, Susan Boynton and Eric Rice, eds. (Woodbridge: The Boydell Press, 2008), 69—70; Jane Flynn, “Thomas Mulliner: An Apprentice of John Heywood?”, ibid., 174.

Ten slotte, nog dit over Josquin Des Prez : herbeluister de vijfdelige radioreeks op France Musique:
Josquin Des Prez à Condé-sur-L’Escaut en 1521. « Le musicien le plus célèbre de toute l’Europe. »
Uitgezonden van ma. 21 tem vr. 25 mei telkens van 13.30u tot 14.00u, maar ook nadien te beluisteren in de reeks “micropolis”.
https://www.francemusique.fr/emissions/musicopolis/josquin-desprez-a-conde-sur-l-escaut-1-5-61220

------------------------

Concertreis Collegium Vocale Gent o.l.v. Philippe Herreweghe

met hun programma “O tempo, o ciel!” waarin madrigalen van Roland DE LASSUS: Madrigali novamente composti a 5 voci [Nürnberg 1585] en Madrigali a 4-5-6 voci, novamente composti [Nürnberg 1587].
https://www.collegiumvocale.com/concert/o-tempo-o-ciel-2/
08/06/2018 | 20:00 Essen (NL)
09/06/2018 | 20:30 Leuven
10/06/2018 | 16:30 Saint-Michel-en-Thierarche (Fr)
11/06/2018 | 19:30 Londen
12/06/2018 | 20:00 Utrecht
13/06/2018 | 20:00 Keulen
14/06/2018 | 20:00 Brussel
15/06/2018 | 20:30 Parijs
16/06/2018 | 20:00 Amsterdam

Concerten, liturgische vieringen en koorcursussen in juni 2018

Do. 31 mei 2018 te 21.00u. Cremona (Italië).
The Tallis Scholars met o.m. Josquin Des Prez, Heinrich Isaac en Nicolas Vaet.
http://www.thetallisscholars.co.uk/concerts

Zat. 2 juni 2018 te 18.00u. St. Peter & St. Paul. Northleach (UK). Stile Antico met hun programma Queen of Muses waarin o.m. Roland DE LASSUS en Adriaen WILLAERT.
https://www.stileantico.co.uk/concerts/2018/06/02/queen-of-muses-4 Zat. 2 juni 2018 te 18.30u. Église de Bray sur L’Escaut (Fr).
Dansen en liederen uit Venetië met o.m. Adriaen Willaert door het Ensemble Silène op renaissance-instrumenten.
https://www.mapado.com/france/concert-et-initiation-danses-renaissance

Zat. 2 juni 2018 te 20.00u. Sint-Laurentiuskerk. Hove. Het koor POLYFOON o.l.v. Lieven Deroo met o.m. Josquin DES PREZ, Johannes OCKEGHEM, Roland DE LASSUS en Cipriano DE RORE.
https://polyfoon.be/kalender/

Ma. 4 juni 2018 te 12.00uPM tot 1.00uPM. St.- Joseph of Arimathea. Berkeley (USA) met o.m. Descendi in hortum meum van Cipriano DE RORE en Nigra sum sed Formosa van Jean L’Héritier.
https://www.eventbrite.com/e/anticipation-and-wonder-tickets-45755002444  

Do. 7 juni 2018 te 12.00PM. St. Clemens Episcopal Church. Berkeley (USA)
JOHANNESSON, KRUEGER, LION, MELIN, SEE.
À la Fontaine; Renaissance Consorts and Baroque Trios, Quartets and Quintets for Traversi, from Willaert to Boismortier
http://www.berkeleyfestival.org/johannesson-krueger-lion-melin-see/

Zat. 9 juni 2018 te 19.30u. Decanale Kerk. Zottegem. De groepen Crescendo, Pandora en Quilisma met een programma “Klanken in de tijd van Egmont” met werken van Josquin DES PREZ, Pierre PHALÈSE en Benedictus APPENZELLER.
www.quilisma.be

Van zo. 10 tot zat. 16 juni 2018. Music at Monteconero (Italië)
A course for choral singers led by Gabriel Crouch.
Wordt ingestudeerd o.m. van Cipriano De Rore. Dissimulare etiam sperasti.
info: http://www.lacock.org/html/body_monteconero.htm

Di. 12 juni 2018te 20.30u. O.L.Vrouwkathedraal. Parijs. (Fr)
Concert door de Maîtrise Notre Dame de Paris o.l.v. Emilie Fleury met o.m. Josquin DESPREZ, Roland DE LASSUS, Jean MOUTON en Adriaen WILLAERT.
https://www.music-opera.com/en/cathedrale-notre-dame-de-paris/144571-byrd-dowland-luis-de-victoria-guerrero-mouton-josquin-desprez-willaert-hassler-lassus-monteverdi-gesualdo.html#infosTab1

Za. 16 juni 2018 – concert
te 20.15u. Bartholomaeuskerk. Beek (NL). Vocaal Ensemble PANiek.  Magnificat, Motetten en Madrigalen met o.m. Adriaen WILLAERT.
http://www.vocaalensemblepaniek.nl/agenda.html

Zo. 17 juni 2018 – liturgische viering
te 10.00u. St.-Pieterskerk. Leuven. Missa super Laudate Dominum. Roland DE LASSUS door Currende o.l.v. Eric Van Nevel in het kader van @MISSAM.
www.currende.be .

Do. 21 juni 2018 te 19.00u. Prado. Madrid. Singer Pur met o.m. Josquin DES PREZ en Adriaen WILLAERT.
https://www.singerpur.de/de/termine/

Do. 28  juni 2018 te 12.00u. Molen De Ster. Tivoli Vredenburg. (NL)
Lagrime Blokfluit Consort met hun programma “verborgen juwelen” waarin o.m. Adriaen WILLAERT  en Antoine BUSNOIS.
https://www.tivolivredenburg.nl/agenda/verborgen-juwelen-lagrime-blokfuit-consort-28-06-2018/

Vr. 29 juni 2018 te 19.15u. East Neuk Festival Miserere 1. The Tallis Scholars o.l.v. Peter  Phillips met o.m. verschillende werken van Josquin DES PREZ.
http://www.thetallisscholars.co.uk/concerts

Zat. 30 juni 2018 te 19.30u. Church of St Michael and All Angels , Galleywood, Chelmsford (UK). Chelmsford Singers met werken van o.m. Roland DE LASSUS, Jean RICHAFORT en Jacob CLEMENS NON PAPA.
http://www.chelmsfordsingers.co.uk/

Di. 3 juli 2018
te 20.00u. Abdij Floreffe (B). The Tallis Scholars o.l.v. Peter Phillips met o.m. Jean MOUTON en Heinrich ISAAC.
http://www.thetallisscholars.co.uk/concerts


Frauen Kunst und Macht
Drei Frauen aus dem Hause Habsburg
Margarete von Österreich, Maria von Ungarn en Katharina von Österreich

Sonderausstellung Innsbruck
14. Juni bis 7. Oktober 2018
täglich 10 – 17 Uhr
Die große Sonderausstellung im Sommer 2018 auf Schloss Ambras Innsbruck steht ganz im Zeichen von drei bemerkenswerten Renaissancepersönlichkeiten, die besondere Leistungen für die Künste erbracht haben: Herrscherinnen und Sammlerinnen aus dem Hause Habsburg:
Margarete von Österreich (1480-1530),
Maria von Ungarn (1505-1530)
sowie Katharina von Österreich (1507-1578).
Zum ersten Mal in einer Ausstellung – nicht nur des Kunsthistorischen Museums, sondern
überhaupt – wird ein Vergleich des höfischen Mäzenatentums mit Blick auf Frauen in der Renaissance vorgenommen.
Die Ausstellung präsentiert rund 100 Werke aus bedeutenden europäischen Sammlungen, darunter auch Objekte aus Schloss Ambras Innsbruck und herausragende Stücke aus dem Kunsthistorischen
Museum Wien.

Zur Ausstellung, kuratiert von Dagmar Eichberger und Annemarie Jordan Gschwend, erscheint ein Katalog.
https://www.academia.edu/35516802/FORTHCOMING_EXHIBITION_SCHLOSS_AMBRAS_INNSBRUCK._June_14-October_7_2018?auto=download&campaign=weekly_digest



Nieuwe cd’s met Willaert

AMOR CHE FAI
Lieder zur Laute
Aus Renaissance und Barock
Sabine Loredo Silva mezzosopraan
Ulf Dressler luiten
RECORD JET
2018
Van Adriaen Willaert:
-Quanto Sia liet il giorno
-Vita della Mia vita

verder: Sefardische volksliederen en werken van Esteban Daza, Diego Pisador, Luis de Milán, Alonso Mudarra, Cancionero de Palacio, Luis de Narváez, Marco Daquila, Antonio Capiroli, Giulio Caccini, Claudio Monteverdi, Pierre Attaingnant, Lochheimer Liederbuch, Hans Neusidler en John Dowland.
http://www.loredosilva.de/musikbeispiele/

 

 

COMMEDIA! COMMEDIA!
Accademia Strumentale Italiana
Stradivarius STR 37090
2018

Van Adriaen Willaert:
-Vecchie letrose
-O dolce vita mia

Andere componisten: Gasparo Zanetti, Giuseppino Del Biado, Vincenzo Capirola, Orazio Vecchi, Giulio Cesare Barbetta, Marco Fabritio Caroso, Filippo Azzaiolo, Luis de Narvaez, Vincenzo Ruffo, Josquin DESPREZ, Roland DE LASSUS, Clement Janequin, Davide Monti, Benedetto della Tiorba Ferrari, Matthew Locke, Vincenzo Calestani en anonimo XVI sec.
http://www.stradivarius.it/scheda.php?ID=801157037090700

 

 

Citaat

Timothy R. McKinney. Adrian Willaert and the Theory of  Interval Affect. The Musica Nova and the Novel Theories of Zarlino and Vicetino. Surrey, 2009. p.224.

Willaert’s madrigals exhibit stylistic growth that bridges the gap between the early and lighter madrigal style of Verdelot and Arcadelt and the mature and more weighty style typical of Rore and subsequent madrigal composers from the middle decades of the sixteenth century. (...)
Some of the differences I have noted between the Musica nova madrigals and Willaert’s other madrigals simply reflect the general growth of Willaert’s compositional style over a substantial span of years. Perhaps the best example here is his increasing tendency to avoid harmonic successions involving whole-step motion between major sonorities, ostensibly because of the false relation such progressions entail (as explained by Zarlino).

 

Ingekomen correspondentie

Di. 29 mei 2018
Beste Claudine, Herman en Arnold,
De inmiddels overleden Italiaanse popzangeres Valentina Giovagnini heeft o.d.t. Madrigale een versie opgenomen van De Rore's beroemdste madrigaal Anchor che col partire. Haar versie lijkt echter nauwelijks op het origineel en dus heeft Wim het niet willen opnemen in de discografie op de website.
https://www.youtube.com/watch?v=acE2h4qz7Dk
Ook De Rore's meest bizarre compositie Calami sonum ferentes heeft anderen tot voorbeeld gediend! In de opera L'incoronazione di Poppea van niemand minder dan Claudio Monteverdi komt een passage voor, die duidelijk op De Rore's motet gebaseerd is.
“Amici è giunta l’ora / Non morir, Seneca”
https://www.youtube.com/watch?v=J0-nHNYBYdk
Blijkbaar heeft De Rore’s muziek de nodige invloed uitgeoefend!
Met vriendelijke groeten,
Serge De Man


------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Zat. 26 mei 2018
Brief van filoloog en dichter Joost Vanbrussel uit Roeselare, waarin hij reageert op bovenstaande verwijzing naar de Franse dichter Haraucourt.
Goeie vondst, bijna een letterlijke vertaling... Maar het aspect van 'sterven aan iets '  (mourir à ce qu'on aime...), lijkt mij het belangrijkste van dit gedicht..... Wij 'zaaien' onze ikjes in relaties, verwezenlijkingen, avonturen, samenzijn met anderen, invloed op anderen, kunst en muziek waar anderen van genieten....en bij het afscheid nemen moeten WIJ van al die invloeden (waardoor wij ons bevestigd weten, en waardoor wij in het sociale leven ook ons eigenlijke IK  in wisselwerking opgebouwd hebben en waarin we ons 'thuis' voelen...)  ook wat achterlaten... (om opnieuw  onze 'ikjes' elders te 'zaaien'.....)
Dat afscheid nemen vaak als 'sterven' aangevoeld en aangeduid wordt, lijkt me heel natuurlijke beeldspraak en een beeldspraak van ALLE tijden, vooral als het afscheid van iets of iemand ook als pijnlijk en  'definitief' aangevoeld wordt, als iets onomkeerbaar. Die betekenis van het definitieve verlies en van het verdriet dat daarmee gepaard gaat, steekt misschien meer in de oude madrigalen...(verdriet dat dan groter is naarmate ook de beleving bij het lief groter was....)
Zoals in een oorlogsgedicht van Wilfred Owen, waar de bloemen die de soldaten van hun vrouw of lief krijgen bij de afreis naar het front, hem al doen denken aan gelijkaardige bloemen op het graf van (vaak diezelfde) gevallen soldaten....
Beste groet!
Joost

                                                                                   
Belangrijk:

De volgende maanden zullen de Willaert – De Rore Nieuwsbrief  en I Fiamminghi niet meer verschijnen.
We zullen onze publicaties terug rondsturen vanaf eind augustus, resp. iedere maand en iedere dag.

 

 

 

 

 

14de jg. nr 5 - 30 april 2018


Gold

Brugse stemmen uit de renaissance

 

Een nieuw festival voor Brugge
stad van muziek, stad van verhalen
van maandag 07 mei tem zondag 13 mei 2018


Ma. 7 mei 2018 van 10.00u tot 16.30u. – Luistercursus. Kamermuziekzaal. Concertgebouw.
Jacob Obrecht. Topmusicus in het XVde eeuwse Brugge.
door Hendrik Vanden Abeele en het ensemble Psallentes

Woe. 9 mei 2018 te 20.00u. – Panelgesprek. Kamermuziekzaal. Concertgebouw.
Solidariteit vroeger en nu. Donaas en Adriana de Moor droegen als rijke Bruggelingen zorg voor hun stadsgenoten die het minder gemakkelijk hadden. Tijd dus voor een gesprek over solidariteit in onze tijd.
Do. 10 mei te 15u
Vr. 11 mei te 10.30u en te 15.00u
Zat. 12 mei. Te 10.30u
(Engels)
4 x Obrechtwandeling. In het voetspoor van de muziek.
Do. 10 mei te 20.00u – concert in de Sint Jacobskerk.
inleiding te 19.15u. door prof. em. Ignace Bossuyt.
The Tallis Scholars. Jacob OBRECHT.  Missa de Sancto Donatiano. Nicolas Gombert. Magnificat IV.
Vr. 11 mei van 18.30u tot 19.45u. Hospitaalmuseum.
Vrij bezoek met inleiding op Hans Memling en op de Missa de Sancto Martino van Jacob Obrecht.
Vr. 11 mei te 20.00u – concert in de Onze Lieve Vrouwekerk.
Psallentes. Jacob Obrecht.  Missa de Sancto Martino
Zat. 12 mei te 15.00u – concertwandeling. Start en einde op de Burg.
“Take out Obrecht” o.l.v. componist Frederik Neyrinck.
Zat. 12 mei te 20.00u – concert. Concertzaal. Concertgebouw.
inleiding te 19.15u.
Het Huelgas Ensemble met “Brugge als centrum van Bourgondische muziekcultuur: Jacob Clemens non Papa. Missa Gaude Lux Donatiane plus motetten van o.m. Antoine Busnois, Arnoldus Brugensis, Adriaen Willaert en Gilles Joye
Zo. 13 mei te 11.00u – Architectuurlezing. Kamermuziekzaal. Concertgebouw.
“De lokroep van de muze”. Een bevlogen exposé van architect Hera Van Sande over de gesloopte Sint-Donaaskerk, over de mythische Burg en over kunstenaararchitect Toyo Ito.
Zo. 13 mei te 11.00u – Liturgische viering in de Onze Lieve Vrouwekerk.
opgeluisterd door het koor Currende o.l.v. Eric Van Nevel “met enkele Brugse hoogstandjes”.
Zo. 13 mei te 15.00u – Wandeling
Donaaswandeling met “Pop upconcerten” op historische plaatsen.

https://www.concertgebouw.be/nl/gold



Jacob Obrecht,

schilderij eerst toegeschreven aan Hans Memling, maar later aan een onbekend meester uit de omgeving van Memling. 1496/1497.
Hangt in het Kimbell Art Museum. Texas.
Mais ce sont surtout Jacob Obrecht (1458-1505) et Adrian Willaert (149-1562) qui contribuèrent au prestige international de la musique de Bruges. Le Gantois Obrecht fut le chef de choeur de Saint-Donatien durant deux périodes (1485-1491 et 1498-1562). Un certain nombre de ses compositions les plus réussies sont explicitement liées à la ville, comme les motets O Beate Basili (une ode à la chapelle où la relique du Saint Sang est encore conservée de nos jours), et O preciosissime sanguis, en l’honneur du Saint Sang, et comme probablement aussi les messes Missa de Sancto Martino et  Missa Salve diva parens.

Prof. Ignace Bossuyt, art. Bruges in Guide de la Musique de la Renaissance, Parijs, 2011,
p. 317.

Prof. Ignace Bossuyt is ook te beluisteren:
Di. 8 mei 2018 – te 20.00u. lezing in de Onze Lieve Vrouwekerk te Brugge.
Ignace Bossuyt over de “Brugse polyfonisten”: Jacob Obrecht, Lupus Hellinck e.a.    

Do. 10 mei te 20.00u
– concert in de Sint Jacobskerk.
inleiding te 19.15u. door Ignace Bossuyt.
The Tallis Scholars. Jacob OBRECHT.  Missa de Sancto Donatiano. Nicolas Gombert. Magnificat IV.



Concerten en liturgische vieringen eind april en mei 2018
Zo. 29 april 2018 – radioconcert
te 11.00u. Elbphilharmonie. Hamburg. Singer Pur met o.m. Josquin DES PREZ, Johannes OCKEGHEM en Heinrich ISAAC.
Te beluisteren via radio NDRkultur.
https://www.ndr.de/ndrkultur/programm/epg1482_display-all_date-2018-04-29.html
Meer uitleg, zie I FIAMMINGHI vandaag.
Zo. 29 april 2018 – liturgische viering
te 11.00u. St. Ignatius of Antioch Episcopal Church. New York met het parochiekoor in o.m. Missa 'Mort m'a privé'. Thomas Crecquillon.
http://www.saintignatiusnyc.org/Music_Schedule.html#jan

Do. 3 mei 2018 te 18.00u. The House of the Academy. Cambridge (VS).
Blue Heron zingt samen met de sopraan Margot Rood “Songs of Love & Death: Sonnets by Petrarch and others set by Cipriano De Rore” uit I madrigali a cinque voci (Venetië, 1542)
Zelfde programma op zat. 5 mei 2018 te 19.30u. Concord Free Public Library. Concord (VS).
http://www.blueheron.org/
Vr. 4 mei 2018 te 20.00u. Sint Quintinuskathedraal. Hasselt.
Graindelavoix o.l.v. Björn Schmelzer. Cipriano De Rore. Il Furore e il Pianto.
Zelfde concert 19 mei 2018 te 20.00u. Sint-Jan-Evangelistkerk. Borgerhout.
www.graindelavoix.be
Vr. 4 mei 2018 te 19.30u. St John’s Lutheran Church. Eau Claire (VS).
Schola Cantorum of Eau Claire met o.m. werk van Roland De Lassus, Giaches De Wert en Adriaen Willaert.
Zelfde concert zo. 6 mei 2018 te 14.00u. Menomonie area. Wisconsin (VS).
http://scholaec.org

Zo. 6 mei 2018 te 18.00u. Kirche St. Pankratius. Schwetzingen (D).The King’s Singers met o.m. Heinrich Isaac.
http://www.schwetzingen.de/pb/site/Schwetzingen/node/38281/Lde/zmdetail_15529702/The_King_s_Singers.html?zm.sid=zmhiuefk5wr1&nodeID=15529702
Zelfde concert: maandag 7 mei te 19.30u. Theater der Stadt Schweinfurt (D).
http://www.theater-schweinfurt.de/spielplan.php?spl=info&infoid=F910

Woe. 9 mei 2018 te 19.30u. Peoria. Arizona (VS).
Helios and the Mill Ave Chamber Players met o.m. Adriaen Willaert.
https://tickets.theaterworks.org/


Zat. 26 mei 2018 te 20.15u. Sint-Elooiskerk. Kortrijk
Poëzie en polyfonie: twee koren, twee data, twee muziekgenres.
Het Leuvens Kamerkoor FLORILEGIUM o.l.v. Simon Van Damme zingt polyfonie van Cipriano De Rore, William Byrd, Heinrich Schütz, Henri Purcell en Felix Mendelssohn.
Het koor ALTRA VOCE o.l.v. Steven Verplancke zingt Morten Lauridsen en Ola Gjelo: hedendaagse composities op poëtische teksten.
Zelfde dubbelconcert: zondag 27 mei te 15.00u. Heilig-Hartkerk. Blauwput. Kessel-lo.
http://www.florilegium.be/Volgende_Concert.html
Zat. 26 mei 2018 te 19.30u. Portaferry. Northern Ireland.
The Tallis Scholars met o.m. Josquin Des Prez en Roland De Lassus.
http://www.thetallisscholars.co.uk/concerts

Do. 31 mei 2018 te 21.00u. Cremona (Italië).
The Tallis Scholars met o.m. Josquin Des Prez, Heinrich Isaac en Nicolas Vaet.
http://www.thetallisscholars.co.uk/concerts


Claude Le Jeune uit Henegouwen

Claude Le Jeune werd geboren ca. 1530 in Valenciennes. Hij overleed in Parijs in sept. 1600.
Hij was dus tijdgenoot en landgenoot van Séverin Cornet, die eveneens ca. 1530 in Valenciennes werd geboren, maar die overleed in Antwerpen in maart 1582.
Deze laatste wordt zonder discussie door ieder musicoloog “Franco-Vlaams” genoemd.
Bij Claude Le Jeune ligt het moeilijker.
Bij *Grove (vol. 14, p. 531) is hij “French composer”.
Hij staat niet vermeld in *Levaux “Dictionnaire des compositeurs de Belgique”, terwijl Séverin Cornet er wel wordt vermeld (p. 137).

Anderzijds geeft Paul Van Nevel hem een plaats in zijn concertprogramma “Arcadia in Flandria – Facetten van de Vlaamse polyfonie 1550-1600, want geboren in Valensijn, een oude benaming voor Valenciennes.”
Waarom dit verschil?
Valenciennes was in de renaissanceperiode een belangrijke stad in Henegouwen. Misschien zelfs een van de belangrijkste.
In 1524 doet Karel V een plechtige intocht in die stad.
Maar Valenciennes werd een bolwerk van het protestantisme. Ook Claude Le Jeune keert zich naar het protestantisme. Hij verlaat Valenciennes en trekt naar Parijs. Wanneer koning Hendrik IV, die protestant (Hugenoot) geworden was, in 1589 de troon bestijgt, neemt Claude Le Jeune contact met hem en hij wordt aangesteld als hofcomponist.
Filips II belegert in 1566 Valenciennes,  moet er het onderspit delven, maar de stad blijft toch onder de kroon van de Spaanse Habsburgers.
Pas in 1677 werd die stad door Lodewijk XIV veroverd en samen met grote delen van Henegouwen en Vlaanderen zoals Rijsel en Duinkerke bij Frankrijk ingelijfd. Lodewijk XIV deed hetzelfde met delen uit Noord-Spanje (Perpignan), Noord-Italië (Barcelonette) en West-Duitsland (Straatsburg en Besançon).
Henegouwen, zoals het vroeger was met de steden Bergen, Doornik, Valenciennes, Nijvel en Zinnik, was de bakermat van veel van onze allergrootste polyfonisten: Josquin Des Prez, Roland De Lassus, Johannes Ockeghem, Pierre de la Rue, Guillaume Dufay, Gilles Binchois, Géry De Ghersem, Marbrianus de Orto, Loyset Compère, Séverin Cornet, Jean De Macque (ook geboren in Valenciennes) en veel andere. Claude Le Jeune zou toch heel mooi in dat rijtje passen!
*Grove. Dictionary of Music and Musicians. Londen. 2002.
French composer. (...) He was one of the most prolific and significant composers of the second half of the 16th century and one of the chief exponents of musique mesurée à l’antique; his application of this and other theories of musical and textual relationships had a lasting influence on French sacred and secular music.
*MGG. Die Musik in Geschichte und Gegenwart. Kassel. 2003. Richard Freedman (vol. 10, p. 1538).
Le Jeunes groβes Interesse an Cantus firmus, Kanon sowie den Traditionen der polyphonen Bearbeitung zeigen, daβ er einer ganzen Reihe französischer und frankoflämischer Komponisten polyphoner Musik verpflichtet ist, darunter A. Willaert (vgl. Le Jeunes „Amour, quand fus-tu né?“, das eine Anleihe an Willaerts „Quando nascesti amor“ ist), Cl. Janequin (dessen „Le Chant du rossignol“ er erweiterte und überarbeitete) und J. de Richafort (dessen Motette „Philomena praevia“ Le Jeune als Vorlage für seine eigene Vertonung desselben Texts verwendete). Diese Werke könnten die Vermutung stützen, daβ die Musikauffassung von Le Jeune in Nordfrankreich und den Niederlanden geprägt wurde.
*Thierry Levaux. Dictionnaire des compositeurs de Belgique du moyen âge à nos jours, Ohain-Lasnes, 2006.

Lees ook over de geschiedenis van Valenciennes:
http://valenciennes.chez.com/histoire.htm
Is het correct dat we Claude Le Jeune “toe-eigenen” als een van de grootste meesters uit onze Nederlandse provinciën?
Al die Henegouwse componisten klasseren we onder “Franco-Vlaamse school”, met de nadruk op “Franco”.  Maar we moeten waarschuwen dat “Franco” hier niet betekent: gans Frankrijk, maar enkel het Franssprekend gedeelte van de Nederlands-Bourgondische provinciën, en anderzijds dat “Vlaams” hier betekent “Vlaanderen inclusief Nederland”!
In opposition to the chanson style of the Netherlandish composers writing at the same time, Le Jeune's "Parisian" chansons in musique mesurée were usually light and homophonicin texture. They were sung a cappella, and were usually from three to seven voices, though sometimes he wrote for as many as eight. Probably his most famous secular work is his collection of thirty-three airs mesurés and six chansons, all to poems by Baïf, entitled Le printemps. Occasionally he wrote in a contrapuntal idiom reminiscent of the more severe style of his Netherlandish contemporaries, sometimes with a satirical intent; and in addition he sometimes used melodic intervals which were "forbidden" by current rules, such as the expressive diminished fourth; these strictures were codified by contemporary theorists such as Gioseffe Zarlino in Venice, and were well known to Le Jeune.
(bron: https://en.wikipedia.org/wiki/Claude_Le_Jeune)
Vr. 18 mei 2018 te 19.15u. St John Smith’s Square. Londen. Le Printemps. Claude Le Jeune door het Franse gezelschap Doulce Mémoire.

Le Printemps is wellicht het beroemdste seculiere werk van Claude Le Jeune. Het bestaat uit 33 « airs mesurés » en 6 chansons, alle op tekst van Baïf.

Souvent cité, analysé (notamment par Olivier Messiaen) et pourtant peu entendu, Le Printemps de Claude Lejeune affirme en son temps une insolente modernité.
C’est l’éclosion d’un style tout entier dédié à la rythmique et à ses effets, à cette « musique mesurée à l’antique » alors dérangeante dont l’influence fut néanmoins considérable. Ces célèbres pages unies par la thématique du printemps et du renouveau sont en outre dédiées au roi Jacques 1er d’Angleterre pour célébrer son nouveau règne.
Cette œuvre aux résonnances contemporaines et expérimentales effaroucha en son temps la Sorbonne qui l’accusa de corrompre, pervertir, amollir et effréner la jeunesse…. Aujourd’hui Doulce Mémoire entend en restituer l’immédiateté et la puissance rythmique.

http://www.doulcememoire.com/agenda/printemps-londres-18mai/
Discografie Claude Le Jeune : https://www.discogs.com/artist/834700-Claude-Le-Jeune




Nieuwe cd met Willaert


Venezia Millenaria (Venice 700-1797)

2 x SACD plus boekje
Le Concert des Nations - Hespèrion XXI, La Capella Reial de Catalunya - Panagiotis, Neochoritis,
o.l.v. Jordi Savall
ALIA VOX AVSA9925 2018

te beluisteren op SPOTIFY

meer info :
https://www.prestoclassical.co.uk/classical/products/8390448--venezia-millenaria-venice-700-1797
Alle opnamen zijn live-uitvoeringen.

Bevat:
-Adriaen Willaert. Vecchie letrose

Vecchie letrose non valete niente
Se non a far l'aguaito per la chiazza:
Tira alla mazza.
Vecchie letrose, scannaros'e pazze

Oude kletskousen, je deugt tot niets
tenzij om op de markt op de loer te liggen.
Sla maar met je stok
oude kletskousen, gekke tierders.

Editor's Choice Gramophone Magazine April 2018  Editor’s Choice

The syncopated rhythms that pulse through Willaert’s villanesca Vecchie letrose are echoed in the traditional Ottoman dance that follows, and the stile concitato repetitions of Monteverdi’s Combattimento (heard here in full – the most substantial work on the recording) recall the thrumming insistence of the Berber music that precedes it.
https://www.gramophone.co.uk/review/venezia-millenaria
Jordi Savall had reeds in 1984 een opname gemaakt van Vecchie letrose, toen nog op lp met de zangeres Montserrat Figueras. Het was in die tijd zijn gewoonte om dit canzon als bis te zingen bij elk optreden. Van die opname zijn 6 heruitgaven verschenen op cd.
De laatste versie, die van 2018, is een nieuwe uitvoering, live opgenomen en met verschillende zangers samen gezongen. De interpretatie van Jordi Savall schittert door haar uitbundigheid met het accent op de ritmische wisselingen.  
Nog een andere versie van Savall (jaar 2000?):  https://www.youtube.com/watch?v=4NBII2K1YnU
Met de score op het scherm: https://www.youtube.com/watch?v=-ypM7aNn7A0
www.muziekweb.nl vermeldt 36 uitvoeringen van verschillende artisten.

Nieuwe cd met De Rore

 

 


THE DUARTE CIRCLE ANTWERP 1640

Naar aanleiding van de inrichting van een muziekkamer in het vernieuwde Snijders&Rockoxhuis in Antwerpen door Museum Vleeshuis | Klank van de Stad, produceerde Museum Vleeshuis een fraaie en originele cd.
Conservator Timothy De Paepe schrijft:
Terwijl Rubens in zijn Antwerpse atelier zijn meesterwerken schildert, musiceren om de hoek de Duarte’s. In deze familie van Portugees-joodse origine is het al muziek wat de klok slaat, en wie een uitnodiging voor een huisconcert bij de Duarte’s op zak heeft, is een gelukkig man. Vader Gaspar en zijn kinderen zingen en spelen er niet alleen eigen werk maar ook dat van hun ruime cirkel van bevriende componisten.

Label: Musica Ficta MF 8028 – 5410939802821

Het huisconcert dat door het ensemble Transports Publics op deze opname wordt gereconstrueerd, brengt volgende composities:
-Cipriano De Rore – bew. Girolamo dalla Casa. Non gemme, non fin oro
Verder nog composities van Leonora Duarte, Girolamo Frescobaldi, John Bull, Guilielmus Messaus, Nicholas Lanier, Constantijn Huygens, Salomone Rossi en trad.

 

Doctoraatsthesissen met betrekking tot Willaert die kunnen gedownload worden.
1.Ritual, Myth, and Humanism in the Origins of the Venetian Style.
Author: Lawson, Peter Arthur Advisor: Morris Mitchel
University of California. Los Angeles. 2015.
PDF: https://cloudfront.escholarship.org/dist/prd/content/qt4j1076cv/qt4j1076cv.pdf?t=ns05aq

2.The illusion of the Prima Pratica and Seconda Pratica in the music of Willaert and Rore.
Karen Atkins under the direction of Anne MacNeil.
University of North Carolina. 2012.
https://cdr.lib.unc.edu/indexablecontent/uuid:6ff69cd0-7a5b-48aa-89bf-1bbd0aa2ea49

3.Singing the republic. Polychoral Culture at San Marco in Venice (1550-1615)
Masataka Yoshioka
University of North Texas. 2010.
https://digital.library.unt.edu/ark:/67531/metadc33220/m2/1/high_res_d/dissertation.pdf


14de jg. nr 4 - 31 maart 2018

FESTIVAL CIPRIANO DE RORE
Ronse, vr. 20, zat. 21 en zo. 22 april 2018

De voorzitter nodigt uit:

Met heel veel enthousiasme hebben enkele liefhebbers zo’n 10 jaar geleden zich ingezet om De Rore terug naar Ronse te brengen. Hij was niet bekend, nog minder bemind en gesitueerd in andere geboorteplaatsen. Maar de kleine groep hield vol! En werd spoedig de werkgroep Cypriaan De Rore binnen de cultuurdienst van de stad Ronse. En kreeg daar gehoor en waardevolle steun. En ook vanuit het buitenland klonk er promotie. Jesse Ann Owens, Kathelijne Schiltz, dichterbij wijlen Albert Cambier, allen grote pleitbezorgers. En nog veel meer supporters sloten zich aan. Het dubbel weekend van april 2015 bracht een eerste apotheose met concerten en lezingen. Gerenommeerde ensembles kwamen zich presenteren en brachten vanuit diverse invalshoeken een schitterende kijk op het werk en de persoon van De Rore. Omnium princeps!
Een CD-opname, een stripverhaal, postzegels. Met ruime medewerking van KLARA.
Toen werd er al gefluisterd dat we deze resultaten niet mochten verloren laten gaan. De idee van een terugkerende driejaarlijkse cyclus werd geboren. Het eerste jaar een klein weekend met een zondagmiddag – en een avondconcert. Het tweede jaar initiatieven op zaterdag en zondag. En tenslotte 2018: het derde jaar met een groot programma van vrijdag tot zondagavond.
Niet alleen De Rore komt dan aan bod. Ook zijn tijdgenoten, die zoveel bladzijden mooi polyfone muziek componeerden, krijgen aandacht en gehoor. Zo wordt Ronse stilaan ook een stad van polyfonie.

Raf Verniest, voorzitter van de De Rore-werkgroep

Vrijdag 20 april 2018
Te 20.00u. St. Martinuskerk. Openingsconcert door PSALLENTES.
met o.m. de Missa de Sancto Martino van Jacob Obrecht.

Zaterdag 21 april 2018
Te 17.00u. St. Hermeskerk. Eucharistieviering opgeluisterd door het vocaal ensemble van
de afdeling Polyfonie en Oude Muziek van de Kunstacademie Vlaamse Ardennen
o.l.v. Jonathan De Ceuster en Zoë Van Hellemont.
Te 20.00u. St. Martinuskerk. “Mon Petit Coeur »
Dubbelspel “Classic meets Jazz”.
Peter Hertmans Kwartet Azalaïs i.s.m. 5 zangers van het Currende Consort.
Voorprogramma : Suura o.l.v. Nicolas Van Belle  (Jazzklas van het KASK Gent)

Zondag 22 april 2018
te 12.00u. Crypte onder de St. Hermeskerk.
Ensemble Naessens & De Beun, klavecimbel en blokfluit.
“Instrumentale virtuositeit”.
te 16.00u. St. Hermeskerk. Hoog koor
Ensemble “In Alto” o.l.v. Lambert Colson, (cornetto, luit en 3 trombones)
Muziek van Cipriano en volgelingen
Te 18.00u. St. Martinuskerk
Slotconcert door Currende: “De Rore con furore”
met renaissanceliederen en -dansen van o.m. Tielman Susato en Peter Phalesius.

Met de medewerking van KLARA.
Luister naar het “spotje” van KLARA. Het zal vanaf vandaag vrijdag gedurende drie weken tientallen keren na de nieuwsberichten de luisteraars aansporen om te komen naar ons festival.
Dank u wel, KLARA!
Meer info: cultuur@ronse.be  of 055 23 28 01 of info@ccdeververij.be , 055 23 28 01
Ticketswebshop Ronse  of bij de Cultuurdienst-CC De Ververij, 
(Let op: tickets voor studenten enkel te reserveren via de Cultuurdienst-CC De Ververij mits voorleggen van studentenkaart)


PIERRE DE LA RUE
500 JAAR GELEDEN OVERLEDEN TE KORTRIJK OP 20 NOV. 1518


Pierre de la Rue werd waarschijnlijk geboren te Doornik ca. 1460.
Hij trad in dienst op veel eervolle plaatsen.
Zo was hij van 1489 tot 1492 tenorzanger aan de kathedraal te ’s Hertogenbosch en hij staat er vermeld als lid van de Illustre Lieve Vrouwe Broederschap.  In de documenten daar noemde men hem Peter van Straeten. Overal elders behoudt hij zijn Franse naam, als zoon van Johannes de la Rue. Dus, geen discussie over wat zijn echte naam was.
Verder was hij werkzaam aan de hofkapel van aartshertog Maximiliaan, van Filips de Schone,  van Margaretha van Oostenrijk en tenslotte van aartshertog Karel.
Vooral de periode als zanger in de kapel van Margaretha van Oostenrijk, die toen landvoogdes was van de Nederlanden en in Mechelen verbleef, was zeer belangrijk. Uit de schitterende koorboeken die vervaardigd werden in het atelier van Alamire blijkt hoe Pierre de la Rue de lievelingscomponist was van de landvoogdes.  In haar beroemd chansonboek staan niet minder dan vijftien van zijn composities. In een ander alamire-handschrift, nu nog bewaard te Mechelen onder nr.: MechAS s.s., zijn 6 van de 7 missen van hem. Zie verder een afgebeelde bladzijde.
Ook in een brief van Margaretha aan haar vader in 1509 blijkt hoezeer ze de zanger-polyfonist  genegen was.
Hieronder een fragment.
Bemerk enkele typische eigenaardigheden:
-Ze begroet haar vader met “monseigneur”.
-Ze spreekt over haar overleden broer Filips de Schone met “feu le Roy mon frère, que Dieu absoille”, betekent: wijlen de Koning mijn broer.  God hebbe zijn ziel…
-Tenslotte: Het is met een grote aandrang dat zij Maximiliaan van Oostenrijk vraagt om een bedrag als prebende te mogen toekennen aan Pierchon (zoals Margaretha hem vertrouwelijk noemt).
Monseigneur
J’ay en singuliere recommandacion Pierchon de la Rue, jadiz chantre de feu le Roy mon frère, que Dieu absoille, tant pour les bons services que, passé à XV ou XVI ans, il a fais au dit feu mon frère que a moy et esperant que encoires fera, (…) je vous prye et requers très instamment et acertes que, en faveur de moy, vous plaise me envoyer pleine puissance et autorite de pouvoir donner et conferer au dit Pierchon icelle prebende et le plus brief une faire se pourra, vous priant de rechief de vostre benigne grace ainsi le vouloir faire et vous me ferez un grant honneur et singulier plaisir…

Herdenkingsvieringen:

David Burn

Prof. Burn

Tussen de jaren 1490 en zijn dood was Pierre de la Rue de leidende componist aan het prestigieuze Habsburg-Bourgondische Hof in de Lage Landen. Zijn omvangrijke oeuvre is bewaard in handschriften uit overal in Europa, en bevat een aantal opmerkelijke bijzonderheden, waaronder een van de aller- vroegste polyfone Requiemzettingen. In de lezing situeert prof. dr. David Burn de werken van Pierre de la Rue enerzijds in de context van het hof waarin ze tot stand kwamen, en anderzijds in de context van bredere laat 15e en vroeg 16e eeuwse muziektradities. Op die manier wordt de bijzonder bijdrage van Pierre de la Rue aan het muziekleven van zijn tijd toegelicht.

1.Kortrijk. Di. 17 april. 19.30u. KU Leuven Campus Kulak.
Voordracht door Prof dr. David Burn (KULeuven).
Pierre de la Rue en de muziek aan het Habsburg-Bourgondische hof.
Organisatie: Post-Universitair Centrum KU Leuven KULAK.

2.Kortrijk. Vr. 20 april te 20.15u in de O.-L.-Vrouwekerk.

Concert door de Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull in het kader van het Festival van Vlaanderen, Kortrijk met de uitvoering van het Requiem van Pierre de la Rue.
19u30: Gratis inleiding met Christine Dysers.
Dit concert wordt opgenomen door KLARA.
http://wildewesten.be/nl/event/cappella-pratensis

3.Kortrijk. Woe. 23 nov. te 19.00u.

Voordracht door Prof. dr. David Burn (KULeuven) over de Vlaamse polyfonist Pierre de la Rue,
Organisatie: Koninklijke Geschied- en Oudheidkundige Kring van Kortrijk
Info: http://kgokk.be/pierredelarue/


4.Mechelen. di. 20 – vr. 23 november 2018
De Alamire Foundation organiseert in het Hof van Busleyden te Mechelen wetenschappelijke studiedagen “Pierre de la Rue and the Music at the Habsburg-Burgundian Court”.

In afwachting is er een “call for papers” – deadline 15 april 2018.
Meer info: http://www.alamirefoundation.org/en/call-papers-conference-pierre-de-la-rue-and-music-habsburg-burgundian-court-mechelen-20-23-november

The so-called Mechelen Choirbook, one of the largest and best-preserved of the music manuscripts made in the workshop of Petrus Alamire (+ 1536) and an important source for la Rue’s music, will be permanently displayed there.
The conference aims to treat both Pierre de la Rue himself as well as the context for his life and work. Possible themes include (but are not limited to): genres and individual works; models, borrowing, and compositional techniques; authenticity; liturgical and courtly contexts; sources and dissemination; biography and patrons; influences, legacy, and reception; colleagues and contemporaries.

Alamire Foundation
Klaartje Proesmans, Staff member
House of Polyphony
Park Abbey 1 - B-3001 Heverlee
Tel. 1 +32 16 32 37 46; Tel. 2 +32 16 38 92 85

Radioprogramma’s: (achteraf nog te beluisteren)
1.BBC
https://www.bbc.co.uk/music/artists/e36bcf4d-5eee-4ebf-94ff-70ee6ab371fa
2. de Nederlandse CONCERTZENDER
programma van 5 maart ll.
https://www.concertzender.nl/programma/documento_434019/

Discografie Pierre de la Rue
Een selectie van recente cd’s uit de lijst van www.ALLMUSIC.com .

1. Pierre de la Rue. Missa L’Homme armé– Requiem. Ensemble Clément Janequin o.l.v. Dominique Visse. Harmonia Mundi. 1989
2. Ockeghem. Pierre de la Rue. Requiem. Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull.
Challenge Classics. 2012.
3. Pierre de la Rue. Portrait musical
Capilla Flamenca o.l.v. Dirk Snellings.
Musique en Wallonie. 2011
4. Pierre de la Rue. Missa cum iocunditate en motetten
The Hilliard Ensemble. Veritas Edition. 1997
5. Pierre de la Rue. Missa Nuncqua fue pena mayor. Missa Inviolata
Brabant Ensemble o.l.v. Stephen Rice. 2016
6. Pierre de la Rue. Missa de Sancta Cruce en motetten.
The Clerks’ Group o.l.v. Edward Wickham.
Gaudeamus. 2003
7. Pierre de la Rue. Missa de Feria. Missa sancta Dei genitrix
The Gotic Voices
Hyperion. 1998
8. Pierre de la Rue. Incessament.
Amarcord
Raumklang. 2005
9. Pierre de la Rue.  The complete Magnificats. Three Salve Reginas.
Vivavoce. Peter Schubert
Naxos. 2007
10. Isaac, Obrecht. De la Rue.
Capella Sancti Michaelis. Currende Consort o.l.v. Eric Van Nevel.
Nr 7 in de reeks De Vlaams Polyfonie.
Eufoda. 1994
Geraadpleegde werken:
-Jozef Robyns. Pierre de la Rue (circa 1460 – 1518). Een bio-bibliografische studie. Brussel. 1954.
-Herbert Kellman ed. The Treasury of Petrus Alamire.
Music and art in Flemish court manuscripts 1500 – 1535. Ludion. Ghent. Amsterdam. 1999.
-Ignace Bossuyt. De Vlaamse Polyfonie. Leuven. 1994

PASEN MET ADRIAEN WILLAERT


Waar ze benoemd waren, hetzij in Rome, Venetië, München of Brugge, kregen de renaissance polyfonisten steeds de opdracht te componeren voor de liturgie. Daardoor zijn er zeer veel psalmen, hymnen en motetten bewaard uit die tijd, die ook nog vandaag een waardevolle plaats krijgen in de vieringen, de concerten en de radiouitzendingen bij gelegenheid van Pasen.

Om enkele voorbeelden te geven:

Op Paaszondag a.s. krijgt de Missa Paschalis van Roland De Lassus een zinvolle muzikale functie in de St Ignace of Antioch Episcopal Church te New York.
Ook van Roland De Lassus: te 8.34u op de Oostenrijkse Radio Stephansdom: Laudate Dominum.
Het Victimae Paschali Laudes van Adriaen Willaert, gezongen door Singer Pur, is te horen op Paasmorgen te 9.00u op de Duitse zender BR-Klassik.
Te 9.42u op de Nederlandse zender RADIO4. Regina coeli van Nicolas Gombert.
Te 10.30u. St Bartholomews‘ Anglican Church, Londen. Regina coeli van Adriaen Willaert.
Te 22.00u. de Duitse zender NDR. Jan Pieterszoon Sweelinck. Wir glauben all an einen Gott.
Aan de hand van twee paasmotetten van maestro Adriano gaan we hier naar Pasen.

Victimae paschali laudes (versie 2 a 6)
Tekst :
Victimae paschali laudes immolent Christiani.
Agnus redemit oves : Christus innocens
Patri reconciliavit peccatores.
Mors et vita duello conflixere mirando :
dux vitae mortuus, regnat vivus.

Dic nobis Maria, quid vidisti in via?
Sepulcrum Christi viventis, en gloriam vidi resurgentis.
Angelicos testes, sudarium, et vestes.
Surrexit Christus spes mea : praecedet suos in Galileam.
[Credendum est magis soli Mariae veraci,
quam Judaeorum turbae fallaci.]
Scimus Christum surrexisse a mortuis vere :
tu nobis, victor Rex, miserere.

Vertaling:
Aan het Paasofferlam offeren de Christenen hun loflied.
Het Lam heeft de schapen vrijgekocht:
Christus, onschuldig, heeft de zondaars met de Vader verzoend.
Dood en leven hebben een wonderbare strijd gestreden:
de vorst van het leven is gestorven, maar leeft en heerst.
Zeg ons, Maria, wat heb jij gezien onderweg?
Ik zag het graf van de levende Christus
en de glorie van de Verrezene.
Engelen als getuigen,
de zweetdoek en de banden.
Verrezen is Christus, mijn hoop:
Hij zal de zijnen vóórgaan naar Galilea.
[Men moet de waarheidslievende Maria meer geloven
dan de leugenachtige bende van de Joden.]
We weten dat Christus waarlijk verrezen is uit de doden:
Gij, Koning, overwinnaar, ontferm U over ons.

Dit is de tekst van de sequentia van de misliturgie van Pasen (Dominica Resurrectionis), waarschijnlijk van de pen van Wipo van Bourgondië? (11de eeuw).
De tekst [ ] komt niet voor in de sequentia zoals die nu in de liturgische boeken staat, doordat het Concilie van Trente die zin geschrapt heeft om haar anti-joodse betekenis.
Typisch in de tekst: de dialoog.
« Zeg ons, Maria, wat heb jij gezien onderweg ? »
« Ik zag het graf van de levende Christus, en de glorie van de Verrezene…. »
Die dialoog verwijst naar de middeleeuwse Paasmysteries, de vroegste vormen van liturgisch toneel.

Willaert heeft die zinsstructuur muzikaal overgenomen door een zeker contrast te leggen tussen de verschillende verzen, contrast door de bezetting af te wisselen.

-Dic nobis… : de laagste stemmen
-Sepulchrum… : de 4 hoogste stemmen
-Angelicos testes… : 5 stemmen
-Surrexit Christus…: een jubelende climax door alle stemmen.

Het motet is gebouwd op de gregoriaanse versie van het Victimae paschali laudes.
De melodie wordt door een van de stemmen, meestal VI of V, in lange notenwaarden gezongen.
Dat doen ze niet letterlijk en de delen sluiten ook niet aaneen.

Het valt op hoe de naam “Maria” telkens benadrukt wordt door ze te zingen met een stijgende kwart of kwint op de tweede lettergreep.
Oude druk, online via de website van de Bayerische Staatsbibliothek München. (Musica Nova).
https://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/view?id=bsb00071866
Moderne partituur IMSLP (1559): enkel eerste deel
http://hz.imslp.info/files/imglnks/usimg/6/61/IMSLP402610-PMLP651939-Victimae_paschali_laudes.pdf

Opera omnia (CMM): 3-05, p. 164-173 (bron 1559a)
Cd:
Singer Pur. MUSICA NOVA. The Motets
OEHMS CLASSICS OC 835. 2011 – 2012
https://www.oehmsclassics.de/artikel/6397/Singer_Pur_Adrian_Willaert__Musica_Nova_-_Die_Motetten?erweitertesuche=true
2 1/2 toon lager gezongen.
Te beluisteren: SPOTIFY.  Musica Nova. The motets.

Videns Dominus flentes sorores Lazari

De woorden van dit motet vertellen de wondervolle opwekking uit de dood van de overleden Lazarus. Een verhaal ons verteld door de evangelist Johannes, hier enigszins verkort.
Het is een duidelijke verwijzing naar de verrijzenis van Christus zelf: verrijzen door de kracht van God, drie of vier dagen na de dood.
De latijnse woorden, zoals Willaert ze gebruikt:
Videns Dominus flentes sorores Lazari ad monumentum, lachrimatus est coram Judeis, et clamabat: Lazare veni foras: et prodiit ligatis manibus et pedibus, qui fuerat quatriduanus mortuus.
(Jo 11:33, 35, 43-44, 39).
Joshua Rifkin heeft in zijn studie “Miracles, Motivicity, and Mannerism” speciale aandacht geschonken aan dit motet van Willaert. 
Hij onderstreept er twee uitzonderlijke kenmerken:

In die tekst zijn duidelijk drie delen te onderscheiden:
1. De Heer ziet de zusters van Lazarus wenen bij het graf, en ook Hijzelf barst in tranen uit.
2. De Heer roept: “Lazarus. Kom naar buiten”.
3. De handen en voeten nog gebonden komt Lazarus naar buiten, hoewel hij reeds vier dagen dood  is.
Adriaen Willaert volgt deze driedeligheid.
Hij behandelt de tweede zin als de belangrijkste: De Heer roept: Lazarus, kom naar buiten. “clamabat: Lazare veni foras”.
De vier partijen zingen in polyfonie heel nadrukkelijk deze woorden. Die korte passage wordt daarbij letterlijk herhaald (vgl. maten 33-37 met 36-41).

Een tweede kenmerk:
Op de woorden waarbij vermeld wordt dat handen en voeten gebonden zijn (prodiit ligatis manibus et pedibus) gebruikt Willaert een uitzonderlijk dichte en complexe stemvoering van de vier partijen.
Verder valt nog op dat dit motet heel kort is: slechts 73 maten met een opvallende soberheid.
Het woord “clamabat” bijv. is gebouwd op slechts twee akkoorden: C-G-C.
Op “lacrimatus est” – hij barste in tranen uit:  lange vocalise op klinker “a”, in een laag register.
Besluit: een heel verzorgde en boeiende compositie, waarvan er nochtans nog geen cd-opname bestaat.
Geraadpleegd werk:
Joshua Rifkin. "Miracles, Motivicity, and Mannerism. Adrian Willaert's Videns Dominus flentes Lazari and Some Aspects of Motet Composition in the 1520s", in: Dolores Pesce (uitg.), Hearing the Motet. Essays on the Motet of the Middle Ages and Renaissance , New York-Oxford 1997, 243-264.

Online : Bayerische Staatsbibliothek München:
https://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/view?id=bsb00073118
Zie Opera Omnia : CMM-01, p. 71
Moderne partituur: Notre Dame Choir Editions. (PE.NDC036)

Het ensemble VOX LUMINIS o.l.v. Lionel Meunier

Dit relatief jonge ensemble werd, zoals PSALLENTES (zie hierboven), door KLARA uitgeroepen tot « Ensemble van het Jaar 2017 – oude muziek”.
De verdiensten van dit ensemble, opgericht in Namen in 2007 en bestaand uit specialisten van de oude muziek gevormd in Den Haag, zijn algemeen bekend.
Hun inbreng in de verspreiding van de Franco-Nederlandse renaissancemuziek is uiterst belangrijk.

Een paar van hun vele optredens als voorbeeld:
in 2015: de Roland De Lassus-week in Bergen, het De Rorefestival in Ronse met een programma uitsluitend Cipriano De Rore, een concert met Engelse polyfonie in Roeselare.
In 2016: Oude Muziek in Utrecht.

2 cd’s die bekroond werden met de Diapason d’Or:
-Lassus l’Europeen. Uitgave: Musique en Wallonie
-La Polyphonie Flamande. RICERCAR RIC102 

Iedereen wil ze horen, iedereen wil ze zien. Hun drukke agenda is nauwelijks nog bij te houden: meer dan 60 concerten per jaar, 2 Amerikaanse tournees dit seizoen, een meerjarige residentie in Wigmore Hall en al meer dan 12 cd’s die door publiek en pers steeds enthousiast worden onthaald.
Dat programma verscheen bovendien onlangs op cd, evenals de gelauwerde Ricercar-uitgave Ein feste Burg ist unser Gott – Luther und die Musik der Reformation. Het is duidelijk: met nog genoeg barok en renaissance-repertoire om licht op te schijnen voor een parcours van vele, vele jaren wordt vandaag gelauwerd met de prijs voor beste ensemble van het jaar: Vox Luminis met artistiek leider Lionel Meunier. Te horen op KLARA: zaterdag 31 maart van 15u tot 19u.
Meer info vindt u op www.voxluminis.com
Bron: KLARA


MODALITEIT EN TONALITEIT

Er heerst nog steeds veel verwarring in verband met de manier waarop de Renaissancepolyfonie is gestructureerd. Vaak leest men nog over de ‘tonaliteit’ van een zestiende-eeuws motet, chanson of madrigaal, wat een flagrant anachronisme is, want het systeem van de tonaliteit begint maar geleidelijk vaste voet te krijgen vanaf ca. 1650. Voor die tijd geldt het systeem van de modaliteit, gebaseerd op de modi uit het eenstemmige gregoriaanse repertoire. Elke poging om de muziek van Willaert in een tonale dwangbuis te stoppen is tot mislukking gedoemd! Ik geef enkele voorbeelden om het toen geldende modale systeem te illustreren.
Een modus is een toonreeks die, eenvoudig (en ook anachronistisch!) uitgelegd, in principe beperkt is tot de witte toetsen van het klavier. Men vertrekt hierbij van vier tonen: re, mi, fa en sol. Vanuit elk van die vier tonen bouwt men een toonreeks op tot een octaaf hoger, alleen op de witte toetsen, dus zonder kruisen of mollen (met één uitzondering: de reeks van fa tot de hoger gelegen fa heeft een si mol, zie verder). Dit betekent dat die vier toonreeksen van elkaar verschillen door de ligging van de halve tonen. De halve tonen zijn gelegen tussen mi en fa en tussen si en do. In de re-modus ligt de eerste halve toon tussen de tweede en de derde toon(re-mi-fa), de mi-modus begint echter met de halve toon (mi-fa). Dit is een eerste groot verschil met de tonale muziek: bij de tonaliteiten liggen de halve tonen altijd op dezelfde plaats. In do groot (of C) tussen de derde en de vierde (mi-fa) en tussen de zevende en de achtste toon (si-do). Wanneer men in het tonale systeem van een andere toon vertrekt, moet de toonreeks aangepast worden om de halve tonen op dezelfde plaats te behouden (namelijk tussen de derde en de vierde en tussen de zevende en de achtste toon). Wanneer men bv. vertrekt van sol voor de toonaard van sol groot (of G), moet men een toon wijzigen, want tussen fa en sol (de zevende en de achtste toon) ligt geen halve toon, maar een hele. De oplossing is de verhoging van fa tot fa kruis. Enzovoort voor alle andere toonaarden.

A. Willaert, Dulces exuviae

Een eerste voorbeeld: het begin van het motet Dulces exuviae van Willaert, op de beroemde tekst uit Vergilius’ epos Aeneis: het afscheid van de Carthaagse koningin Dido die uit het leven stapt omdat de Trojaanse held Aeneas haar in de steek laat. Dit motet staat in de mi-modus, dus met de typische halve toon bij het begin van de toonreeks (mi-fa). De hoogste stem zet in met de begintoon mi (e’), stijgt in maat zes tot de do (c”) en daalt terug naar sol (g’, rustpunt in m. 9). De tweede zin accipite hanc animam is verwant: nu vanuit sol (g’) stijgen naar do (c”) en dalen naar een tweede rustpunt, de begintoon mi in m. 16 (e’). Dit zijn typische melodische formules voor de mi-modus, die men ook in het gregoriaans aantreft (zoals het begin van de hymne Pange lingua, waarop Josquin des Prez zijn mis baseerde).
De rijkdom van de modale muziek is precies die wisselende ligging van halve tonen. In de Renaissance krijgt die mi-modus bovendien een speciale expressieve betekenis, precies omwille van die halve toon bij het begin. De halve toon, het kleinste interval in de West-Europese muziek, wordt namelijk geassocieerd met affecten als lijden, droefheid, dood, zonde, klacht, smeekbede enz... Niet toevallig kiest Willaert voor dit ontroerende afscheid van Dido voor de mi-modus. In de eerste maten komt het expressief karakter van de mi-modus mooi tot uiting in de tonen mi-sol-fa-mi. Ook Josquin des Prez en Willaerts leermeester Jean Mouton kozen voor de mi-modus voor de zetting van diezelfde tekst. Josquins psalm Miserere mei Deus, een intense smeekbede tot God om erbarmen, staat eveneens in de mi-modus.
Sommige componisten van tonale muziek zijn zich wel bewust van het dramatisch effect van een tweede halve toon. Een mooi voorbeeld is de slotmaat van het geniale Strijkkwintet van Franz Schubert: hij schrijft niet do-re-do, maar do - re mol- do.
NB. In maat 7 van Willaerts motet staat wel een fa kruis (en een door de uitgever toegevoegd in maat 8). Hier zien we dat er wel kruisen en mollen worden toegevoegd in de modale muziek, maar daar waren ook specifieke regels voor, waar we hier niet op ingaan. Het is wel zo dat bij Willaert  - en vooral de Rore - het gebruik van kruisen en mollen toeneemt, vaak met expressieve intenties. Zie bijvoorbeeld maat 48 van de Rores madrigaal Dalle belle contrade (partituur op imslp.org): hij schrijft daar zelfs la mol en re mol, toen nog zeer uitzonderlijk!

C. de Rore, Per mezz’i boschi

Een tweede voorbeeld.  Het madrigaal Per mezz’i bosschi van Cipriano de Rore (in een uitgave van 1552). De cantuspartij begint op fa (f’) en stijgt op het einde van de eerste regel op tot het bovenoctaaf (fa’’). Er staat hier één mol aan de sleutel, wat nodig is voor de fa-modus. Dit komt omdat men de afstand fa – si wil vermijden, die een kwalijke reputatie had als een slechtklinkend interval, vandaar dat die bekend stond als de ‘diabolus in musica’ (‘de duivel in de muziek’). Daarom werd de si verlaagd tot si mol. De fa-modus komt wat de toonreeks betreft wel overeen met de toonaard van fa-groot, maar er zijn nog andere factoren in het spel voor het onderscheid tussen modaliteit en tonaliteit, zoals de harmonie of de opbouw en de opeenvolging van de akkoorden en ook het gebruik van dissonanten. Maar dit is een ander, nog complexer verhaal!
Deze twee eenvoudige voorbeelden ter illustratie dat modaliteit en tonaliteit twee totaal verschillende systemen zijn, met eigen regels en wetten.

Ignace Bossuyt

003
004

005

 

006

Hans Memling
De spelende en zingende Engelen

16 jaar lang werkte Lizet Klaassen aan de restauratie van Hans Memlings Christus omringd door zingende en musicerende engelen. Het drieluik is eindelijk klaar. Het resultaat is adembenemend.
Video: de restauratie van het schilderij van Hans Memling: De spelende en zingende engelen
http://www.arttube.nl/videos/de-memling-restauratie-een-marathon

Nieuwe cd’s met Willaert

Valente. Intavolatura de Cimbalo.
Ensemble L’Amorosa Caccia.  Fabio Antonio Falcone  klavecimbel, virginaal en leiding
BRILJANT CLASSICS 95326BR.
april 2018
-van Willaert. Qui la dira la peine de mon coeur
Ook nog werken van Thomas Crecquillon, Philippus De Monte en Antonio Valente

 


Panorama de la guitare. The world of classical guitar music
ERATO
Barcode: 0190295801724
2018
Een reeks van 25 cd’s.
https://www.prestoclassical.co.uk/classical/products/8422704--panorama-de-la-guitare
-van Adriaen Willaert.  9de ricercar in de reeks 9 Ricercari a 3 Voci. (onze nummering C9)
bew. door Oscar Cáceres voor luit en orgel.
uitv. Hanni Widmer orgel en Konrad Ragossnig luit

INGEKOMEN CORRESPONDENTIE
7/03/2018
Dear Arnold,
You always do an amazing job with your newsletter. Thank you loads for your effort!
For this issue I wanted to send you  special thanks for featuring Singer Pur so much. Thank you for this honour!
It is just such a pity that we don’t have proper contact to a concert agency in Belgium to sing there more often. But in merit of you we don’t get forgotten entirely in your country.
All the best and keep going on with this exceptional work
Markus
Singer Pur
Ligastraße 50
D-93049 Regensburg
+49 173 35 92 728
---------------------------------------------------------------------
KLARA
Een brief van ons aan KLARA een maand geleden:
Adriaen Willaert is een van onze allergrootste Vlaamse componisten in de XVIde eeuw. Sedert Nieuwjaar is hij op Klara nog niet geprogrammeerd geweest. Wel enkele keren op Continuo.
Jammer!

Kort nadien dit antwoord:

Beste Arnold,
Bedankt voor uw belangstelling voor Klara.
We sturen dit door naar de muziekredactie van Klara.
We hopen u hiermee van dienst te zijn geweest en wensen u nog veel luisterplezier.
Met vriendelijke groeten,
Edda Spitaels
VRT-Klantendienst

Sedert dit korte antwoord, niets meer:
Geen verdere mededeling. Geen enkele Willaert op de radio... Zelfs niet op CONTINUO.

CITAAT
Medieval motets are not normally, I confess, my personal cup of tea. I have other ways of self-inflicting periodic bouts of sackcloth-and-ashes. If anything can convert me, however, it is this collection of beautiful works by the sixteenth-century Flemish composer Cipriano de Rore (who spent most of his life in Italy). Based on Josquin Desprez's Christmas motet 'Praeter rerum seriem', and thrillingly performed by Paul van Nevel's Huelgas Ensemble, Rore's Missa is a work of shimmering beauty; the track I keep replaying is the opening 'Mon petit coeur', full of harmonies arresting enough to top the bill at Huddersfield.
Holden Anthony. The Observer. London, 2003.

14de jg. nr 3 – 28 febr. 2018

Het Franse Chanson bij Adriaen Willaert

De vroegste ons bekende chansons van Willaert schreef hij in 1520. Ze klinken nog als schoolse stukjes, waarin duidelijk de invloed van zijn leraar Jean Mouton te herkennen is, en evenzeer die van zijn voorgangers Josquin Des Prez en Loyset Compère.  Het zijn meestal dubbel-canons in een streng contrapunt uitgewerkt, ten koste veelal van de harmonische basis. Ze vertrekken van korte motieven, die veel herhaald worden en op dezelfde cadensen, maar in een andere tonaliteit, eindigen.
De chansons van Willaert kenden een groot succes, getuige de vele drukken en herdrukken. Tussen 1520 en 1560 werden 60 tot 65 chansons gepubliceerd.
Vooral 1536 werd een succesjaar voor Willaert, heel speciaal door de publicatie in datzelfde jaar door de Venetiaanse drukkers Andrea Antico en Antonio dell’Abbate van de muziekbundel “la Courone et fleur des chansons à troys”  waarin 20 van de 41 chansons van Willaert waren.
Onder de titels treffen we enkele van zijn topnummers aan, zoals: Allons, allons gay, gayement, ma mignone / N’as tu point veu la viscontine / J’ayme par amours / La rousé du moys de may / Or suis je bien au pire / Perot, viendras tu aux nopces? / Qui est celuy qui a dit mal du con ? / Qui la dira la peine de mon cueur.
De andere componisten in die bundel waren Antoine Bruhier, Jacotin Le Bel, Josquin Des Prez, Pierre Moulu, Jean Mouton, René en Jean Richafort. Dus opvallend, hoewel de bundel in Italië was gedrukt, allemaal componisten verbonden aan het koningshuis van Parijs. Ook opvallend: Jean Mouton was toen reeds overleden en Willaert verbleef in Venetië. Ongetwijfeld heeft de maestro zelf rechtstreeks de drukkers geholpen om de componisten aan te duiden en de partituren te bezorgen.

Ook nog in 1536 publiceerde dezelfde Andrea Antico, maar nu samen met Ottaviano Scotto, een boek Franse chansons onder de titel “Canzoni francese di messer Adriano & de altri Eccellentissimi Autori… Libro Primo. Nu met 5 chansons van Willaert, waarvan 4 nieuwe.
In onze tijd is er minder belangstelling voor die Franse chansons van Willaert, ten voordele van de Italiaanse profane liederen (zijn latere villanellen en madrigalen).
Hier toch enkele van zijn succesnummers:

Allons, allons gay


Een succesnummer? Inderdaad. Het kende 9 verschillende drukken.
1536, Venetië, Andrea Antico en A. dell'Abbate, La Courone et fleur des chansons à troys
1538, Lyon, Jacques Moderne ?
1539, Lyon, Jacques Moderne, Le Parangon des chansons met 3 chansons van Willaert
1553, Parijs, Adrian Le Roy en Robert Ballard, Tiers livre de chansons, composées a trois parties par bons et excellent musiciens
1560, Parijs, Adrian Le Roy en Robert Ballard, Cincquiesme livre de chansons composé a troys parties par M. Adrian Willart ?
1562, Venetië, Girolamo Scotto, Il terzo libro delle muse a tre voci ?
1569, Leuven, Pierre Phalèse, Recueil des fleurs produictes de la divine musique a trois parties .
1574, Leuven, Pierre Phalèse, La Fleur des chansons a trois parties
1578, Parijs, Le Roy & Ballard, Tiers livre de chansons a trois parties composé par Ad. Vuillart…
Er zijn van dit chanson ook vier handschriften bewaard (1 in Gdansk en 3 in Londen) en er werden van dit chanson 2 intabulaties geschreven (één in Venetië en één in Leuven)
Dit chanson komt voor in 5 cd’s: o.m. The King’s Singers, Camerata Hungarica en Romanesque o.l.v. Philippe Malfeyt
 tekst
Allons, allons gay m'amye, ma mignonne,
Allons, allons gay, gayement vous et moy.
Mon père a faict fair ung chasteau,
Il n'est pas grand, mais il est beau!

Et allons, allons gay, gayement, ma mignonne.
Il n'est pas grand, mais il est beau,
D'or et d'argent sont les crénaulx:

Et allons, allons gay, gayement, ma mignonne.
Et si a troys beaux chevaulx:
Le roy n'en a point de si beaulx:

Et allons, allons gay, gayement, ma mignonne.
L'ung est gris, et l'autre est moreau,
Mais le petit est le plus beau:

Et allons, allons gay, gayement, ma mignonne.
Ce sera pour aller joure,
Pour ma mignonne, et pour moy:

Et allons, allons gay, gayement, ma mignonne,
J'irons jouer sur le muguet,
Et y ferons ung chappelet
Pour ma mignonne et pour moy:
Et allons, allons gay, gayement, ma mignonne.
De tekst doet denken aan het Franse volkslied “Trois jeunes tambours”:
Joli tambour, dis-moi quel est ton père. Sire le roi, c'est le roi d'Angleterre. Joli tambour, tu auras donc ma fille. Sire le roi, je vous en remercie. Dans mon pays y en a de plus jolies.
(Zelfs de koning heeft geen zo’n mooie dochter /kasteel /paarden /schepen .)

Volgens Bernstein (op. cit.): “An arrangement that incorporate some "modern" stylistic traits”.

-moderne partituur 1536
http://imslp.org/wiki/Allons%2C_allons_gai_(Willaert%2C_Adrian). Allen Garvin.
of
https://imslp.nl/imglnks/usimg/a/a3/IMSLP409155-PMLP494021-13-allons_allons_gay---0-score.pdf
uit « Le parangon des chansons, quart livre. » 1539
La Rousée du moys de May
Ook dit chanson was een succesnummer.
Het kende een eerste uitgave in de hierboven genoemde La Couronne et Fleur des Chansons a troys (1536)
Nadien volgden nog 8 andere gedrukte uitgaven, veelal in dezelfde bundels van Adrian Le Roy en Robert Ballard, waar ook Allons allons gay te vinden is.

Andere versies, vijf- en zesstemmig, werden ook aan Willaert toegeschreven, maar waren waarschijnlijk van Jean Mouton of Benedictus Appenzeller.

tekst:
La rousé du mots de May
M’a gasté ma verde cotte.
Par ung matin m’y levay,
La rousé du mois de May.

En mon jardin m’entray,
Dites vous que je suis sotte ?

La rousé du moys de May
M’a gasté ma verde cotte.

moderne partituur
http://petrucci.mus.auth.gr/imglnks/usimg/3/32/IMSLP399221-PMLP646394-Willaert_A_-_La_rous%C3%A9_du_moys_de_May_-_EN260-06(2015).PDF (1536. Andrea Antico. Venetië)
ook
http://ks.petruccimusiclibrary.org/files/imglnks/usimg/a/af/IMSLP356331-PMLP575401-Chansons_%C3%A0_trois_parties_1553_22_-_EN183,1-26(2014).pdf (1553. A. Le Roy & R. Ballard, toegeschreven aan Jean Richafort)
online Augsburg Kriesstein 1540 (enkel discantus)

https://books.google.be/books?id=Sq4Ffui_7qgC&printsec=frontcover&hl=nl&source=gbs_ViewAPI&redir_esc=y#v=onepage&q&f=false
of München. Bayerische Staatsbibliothek:
http://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/view?id=bsb00081591

 

En ten laatste, nog een heel simpel “niemendalletje”, een “petit rien”. In de onderste stem: niet meer dan 5 noten die zich nauwelijks ontwikkelen, in contrast met een bovenstem die vertrekt van dezelfde notengroep, maar met een iets grotere soepelheid de volledige octaaf doorloopt. De maestro kan dat zo uit zijn mouw schudden!

Mon petit cueur n’est pas a moy
tekst :

Mon petit cueur n’est pas a moy.
Il est a vous, ma doulce amye.
Mais d’une chose je vous prie.
La vostre amour gardez la moy.

vertaling:
Mijn klein hartje is niet van mij.
Het is van jou, mijn zoete lief.
Maar één iets wil ik je vragen:
Reserveer jouw liefde voor mij.
Het chanson kende een eerste druk in 1520 door Andrea Antico in Venetië: Motetti novi & chanzoni franciose e quatro sopra doi. folio 33v. – 34.
Een tweede druk volgde in 1528 bij Pierre Attaingnant: Chansons et Motetz en canon a quatre parties sur deux. nr 21.
Een handgeschreven versie, met enkel de bovenstem, staat in het Zangboek Zeghere van Male f. 86, bewaard in Cambrai.
Meer oude uitgaven zijn er niet.
De noten bestaan uit sopraan en tenor.
Attaingnant vermeldt: “in dyatessaron”.
In de uitgave van Andrea Antico staat een raadsel: “Alterius dicetis amant alterna camene”.
De verklaring van het raadsel vinden we bij de raadselspecialiste: prof. Katelijne Schiltz.
Katelijne Schiltz. Music and Riddle Culture in the Renaissance. 2015. p.284 en  477.

De tekst is een citaat uit Bucolica: Ecloga tertia lijn 59 van Vergilius.
Vertaling : Je zal afwisseling brengen in je manier van spreken. Daar houden de muzen van.
Betekenis: Dux wordt comes in de tweede stem.
Er staan twee signa congruentiae boven de tweede en de zesde noot van de bovenste stem.

Bernard Thomas verstaat het aldus: "De canon is zo gebouwd dat hij kan opgelost worden op twee verschillende manieren: eerste oplossing: de canonstemmen een kwart hoger.
Tweede oplossing (zie de uitgave): een kwart lager.
Thomas, Bernard, ed., Adrian  WillaertFour double canons for 4 voices or instruments (ATTB). Antico Edition, Londen, 1972.

De Capilla Flamenca volgt deze interpretatie bij hun cd-opname uit 1990: Renaissance-polyfonie in Brugge.  Het Liedboek van Zeghere van Male. EUFODA 1155.
Versie 1 en 2 volgen na elkaar, uitgevoerd met twee stemmen en twee instrumenten.
Duur: 1’48”.
Op diezelfde woorden heeft Cipriano De Rore een grootsklinkende achtstemmige versie gemaakt, gepubliceerd bij Tielman Susato 1550/14.
Zie: http://ricercar.cesr.univ-tours.fr/3-programmes/basechanson/03231-3.asp?numfiche=5803

Door het Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel op cd gezet: Cipriano De Rore. Missa Praeter Rerum Seriem. HARMONIA MUNDI - HMC 90 1760 (2004)
en ook door Vox Luminis . Cipriano De Rore. Ancor che col partire. RICERCAR (zie: SPOTIFY)
“Mon petit cueur” wordt het thema van een avondprogramma in Ronse, 21 april te 21.00u. Sint-Martinuskerk met o.a. een optreden van Currende.
Info over de versie Cambrai:
http://ricercar.cesr.univ-tours.fr/3-programmes/basechanson/03231-3.asp?numfiche=5805
Moderne partituur versie 1528. Pierre Attaingnant. (Universiteit van Montréal)
http://lmhs.oicrm.org/wp-content/uploads/2014/09/21v-22.pdf
Lees ook de degelijke verantwoording van de Universiteit van Montréal bij hun versie.
Bronnen:
-Frank Dobbins. Andrea Antico’s Chansons and the Diffusion French Song in the Second Decade of the Sixteenth Century. Studie in La la la Maistre Henri... Mélanges de musicologie offerts à Henri Verhulst. Turnhout. 2009.
-Erich Hertzmann. Adrian Willaert in der weltlichen Vokalmusik seiner Zeit. Ein Beitrag zur Entwicklungsgeschichte der niederländisch-französischen und italienischen Liedformen in der ersten Hälfte des 16. Jahrhunderts. Leipzig 1931 / Neudruk 1973.
-Ignace Bossuyt. Adriaan Willaert (ca. 1490-1562). Leven en werk. Stijl en genres. Leuven. 1985.
-Lawrence F. Bernstein. Art. “La Courone et fleur des chansons a troys”: A Mirror of the French Chanson in Italy in the Years between Ottaviano Petrucci and Antonio Gardano. in : Journal of the American Musicological Society, Vol. 26, No. 1 (Spring, 1973), pp. 1-68.
- Katelijne Schiltz. Music and Riddle Culture in the Renaissance. 2015


Singer Pur – 25 jaar
Cappella Pratensis – 30 jaar
The King’s Singers – 50 jaar

Belangrijke verjaardagen van drie ensembles, heel bekend o.m. als vertolkers van de renaissancemuziek. Ook Adriaen Willaert staat bij elk van hen hoog op het repertoire, zowel op hun cd’s als bij hun concertoptredens.
The King’s Singers en Singer Pur hebben dit gemeen dat ze ontstaan zijn  als een groepje oudzangers van een knapenkoor, resp. King’s College en de Regensburger Domspatzen. Deze laatste zijn later wel aangevuld met een vrouwelijke sopraan.

SINGER PUR leverde in 2009 - 2012 een prachtprestatie door de volledige muziekbundel MUSICA NOVA van Adriaen Willaert uit 1559 op cd te brengen: 27 motetten en 25 madrigalen, in totaal 5 cd’s. Samen 5u45 min. moeilijke polyfonie!
Begin 2017 brachten ze een nieuwe cd uit met een “fabelachtige” inhoud onder de titel: “Sagenhaft” waarin een werk van Giaches DE WERT: Queste non son più lacrime.
In hun jubileumprogramma met hoogtepunten uit de voorbije 25 jaar is ook Adriaen Willaert vertegenwoordigd met zijn madrigaal op tekst van Petrarca: “Cantai or piango”, “Zal ik zingen of wenen?” en met het motet “Salve sancta Parens / Virgo Dei genitrix”, naast een werk van Roland de Lassus en een van Jean Richafort.
Lees meer over hun jubileumprogramma: http://www.singerpur.de/media/page_data/18/files_to_be_linked/singer_pur_jubilaeumsprogramm.pdf
Ze plannen in 2018 een concertreis naar Azië en de VS.
Zie ook hun website: http://www.singerpur.de/index.php?page_id=3


 

 

DE CAPPELLA PRATENSIS  bestaat  uit acht mannenstemmen. Aanvankelijk, toen ze zongen onder de leiding van Rebecca Stewart, waren er ook vrouwenstemmen bij.
We lezen verder in hun website: De Cappella Pratensis is gespecialiseerd in de muziek van Josquin Desprez (= Pratensis) en andere polyfonisten uit de 15e en 16e eeuw. Het ensemble brengt doorlopend uitvoeringen met eigen programma’s en originele interpretaties, die gebaseerd zijn op wetenschappelijk bronnenonderzoek.  Zoals in de Renaissance gebruikelijk, staan de zangers van Cappella Pratensis vaak rond een centrale muziek-standaard. Zij zingen uit facsimile-uitgaven van originele koorboeken. Daardoor ook ontstaat een uniek perspectief op het repertoire.
Het ensemble werd in 1987 opgericht en het staat nu onder de artistieke leiding van zanger en dirigent Stratton Bull.
Naast reguliere concerten in Nederland en België was de Cappella Pratensis vorig jaar (2017) te horen op toonaangevende internationale festivals en podia in Frankrijk, Portugal, Duitsland en de Verenigde Staten.
De Cappella Pratensis deelt haar visie op en haar benadering van de vocale polyfonie met professionals en amateurs in masterclasses, met multimedia presentaties, en ook in  een week durende Summerschool die jaarlijks in het kader van Laus Polyphoniae in Antwerpen plaatsvindt.
In een structurele samenwerking met de universiteiten van Leuven en Oxford worden alle muziekhandschriften van het atelier van Petrus Alamire ontsloten en geschikt gemaakt voor ook andere musici en voor musicologen.
In 2010 brachten ze de cd uit: Vivat Leo! Music for a Medici Pope. Die buitengewone productie, waarvoor ze beroep hebben gedaan op Joshua Rifkin als dirigent, kende de DIAPASON D’OR. We horen er o.m. twee motetten van Adriaen Willaert: Virgo gloriosa Christi, Margareta en Saluto te, sancta Virgo Maria.

 

THE KING’S SINGERS zijn zeker de voornaamsten van de drie in die zin dat ze praktisch het ganse jaar door rondtrekken op concertreis. In maart 2018 zullen ze zingen in Australië en in Nieuw Zeeland. In april in de VS, in mei in Duitsland en daarna in China en Japan…

Ze blijven in hun repertoire trouw aan de Vlaamse muziek, getuige hun twee optredens op 10 en 11 febr. ll. in Duitsland met werken van o.m. Heinrich ISAAC, Josquin DES PREZ, Roland DE LASSUS en Giaches DE WERT.
Bemerk dat Willaert er niet meer bij is en ook dat ze rondtoeren in West-Europa zonder België aan te doen. Doodjammer!
Hun manier van zingen vatten ze op als een demonstratie van vocaal meesterschap.
-O dolce vita mia: een heel langzaam en gevoelvol treurlied vanuit een sterke beleving van de woorden:
O dolce vita mia, che t’haggio fatto, che mi minacci ogn’hor con tue parolle?
O mijn dierbaar leven. Wat heb ik je toch misdaan, dat je me zo voortdurend bedreigingen toestuurt?  (Canzone villanesca alla napolitana)
Doet het je ook aan Dowland denken?
-Ave virgo sponsa Dei.
Een sterk polyfoon gebed dat van bij de eerste inzet aangrijpt en blijft ontroeren telkens een stem bijkomt met een nieuwe melodie of zelfs met een cantus firmus.
De King’s Singers gaan tot de uitersten in expressie: van uiterst zacht kinderlijk vroom tot mannelijk expressief in fff .
Een “romantische” Willaert? Heel zeker, maar tussendoor (in het jaar 1991) mocht dat misschien wel  even.

Hieronder hun cd’s met Willaert:


THE KING'S SINGERS' MADRIGAL HISTORY TOUR
- Faulte d’ argent

LA DOLCE VITA
-O dolce vita mia (instrumentaal)
-Ave virgo sponsa Dei
-O dolce vita mia
-Qual dolcezza giamai
-Vecchie letrose


RENAISSANCE. JOSQUIN DES PREZ
--Allegez-moy, doulce plaisant brunette (Josquin? of Willaert?)

 


FRENCH SONGS

-Allons, allons gay
-Faulte d’argent

French (?) songs: We mogen ons niet altijd ergeren aan het feit dat Willaert of andere Vlaamse polyfonisten heel dikwijls als Fransen worden aanzien. Leg het maar eens uit aan buitenlanders wat het geografisch verschil is tussen Nederland(en), België, Vlaanderen, Wallonië en Frans Vlaanderen nu, of – nog moeilijker! - in de XVIde eeuw.
In 1973 maakten ze een lp onder de titel “A French Collection “ ook al met  tweemaal Willaert. De titel was een duidelijke verwijzing naar de film uit 1971 “A French Connection”.
Zie hun website: https://www.kingssingers.com/

Een mooi luistervoorbeeld:
ADRIAEN WILLAERT. O DOLCE VITA MIA.
gezongen door The King’s Singers, die dit jaar hun 50ste verjaardag vieren.
https://www.youtube.com/watch?v=Z3nsTH5kKtg

De opname komt uit hun cd van 1991 “La dolce vita”, waar naast dit canzona nog 3 andere Willaertnummers staan.
Hun optreden begonnen ze in die tijd graag met Willaert’s motet: Ave virgo, sponsa Dei, dat ook op die cd staat.
Op internet kan men lezen dat dit prachtig motet vorig jaar in februari eveneens werd uitgevoerd door de Engelse groep Gallicantus en eveneens als eerste nummer in hun concertoptreden in Carnegie Hall New York en in het Institute of Sacred Music New Haven. Ook 2 motetten van Cipriano De Rore stonden toen op het programma.
Citaat uit het programmaboekje van Carnegie Hall:
The program begins with Adrian Willaert, founder of the Venetian School of music, who was not even Italian. One of the most delicious ironies of this is that the Venetian [Music] Renaissance was in a sense, a Flemish construction.

 

 

Internetadres voor de cd: https://www.discogs.com/The-Kings-Singers-Tragicomedia-La-Dolce-Vita/release/10136167


The Psalms Experience. - A Mirror for Today’s Society
In het kader van het KLARAFESTIVAL – van zat. 10 maart tot woe. 28 maart 2018.

In dit programma wordt de helft van alle psalmen, 75 van de 150, uitgevoerd.
We noemen hier de psalmen, gekozen uit het repertoire van de Nederlandse Polyfonisten.
Onlogisch maar noodgedwongen moeten we de Engelse titels overnemen.
20 maart te 20.00u. – thema: “A mirror for today’s society
Nederlands  Kamerkoor. Flagey. Studio 4.
met 9de nr. Johannes Tollius. Mighty God. Psalm 68

21 maart te 20.00u
. – thema “Path of Life

Det Norske Solistkor. Flagey. Studio 4.
met 5de nr. Heinrich Isaac. Trust in God makes stronger, Psalm 125
en  13de nr. Jean Richafort. Its good to be together. Psalm 133.

21 maart te 22.00u
. – thema: “Gratitude
The Tallis Scholars. Kerk van de Ter Kamerenabdij. Elsene bij Brussel
met 2de nr. Philippe De Monte. Gratitude for God in history. Psalm 107.
en 6de nr. Jean Mouton. God Listens. Psalm 34.

22 maart te 20.00u.
– thema: “Authority and Oppression
The Tallis Scholars. Flagey. Studio 4.
met 5de nr. Jan Pieterszoon Sweelinck, Surrounded by bad people, you are righteous,
Psalm 36
en 10de nr. Ferdinando di Lasso, My soul is longing for silence, Psalm 62

22 maart te 22.00u
– thema: “Suffering”
Het Nederlands Kamerkoor. Kerk van de Ter Kamerenabdij. Elsene bij Brussel
met 7de nr. Constantijn Huygens, Out of the hands of bad people, Psalm 35

Alle info: https://www.flagey.be/nl/group/4345-the-psalms-experience

concertEN

Het Amerikaanse Blue Heron Renaissance Choir.

Johannes OCKEGHEM. Missa Fors Seulement en andere liederen. Verder ook werken van Pierre De La Rue, Matthaeus Pipelare, Gilles Binchois, Alexander Agricola en Johannes Ghiselin.

In 2015 the ensemble embarked on a long-term project to perform the complete works of Johannes Ockeghem (c. 1420 – 1497); entitled Ockeghem@600, it will wind up in the 2020-21 season, just in time to commemorate the composer’s circa-600th birthday.

Concerten in het kader van het project “Ockeghem@600”
Do. 1 maart te 19.30u.  St Cecilia Parish. Boston.
Vr.  2 maart te 19.30u.  St. Andrew’s Episcopal Church. Wellesley
Zat. 3 maart te 20.00u. First Church. Cambridge (VS).

http://www.blueheron.org/concerts/other-concerts-events/concert-in-boston-fors-seulement-ockeghem600-concert-7/


The Tallis Scholars o.l.v. Peter Phillips

Concertprogramma met religieuze polyfonie uit de renaissance waarbij o.m. Josquin DES PREZ en Palestrina.
Vr. 2 maart te 20.00u. Enschede
Zat. 3 maart te 19.30u. Tilburg
Zo. 4 maart te 20.15u. Muziekgebouw. Amsterdam

In het kader van het Klara Festival Brussel – 150 Psalms project
(zie hierboven)
Woe. 21 maart te 22.00u met o.m. Philippus De Monte en Jean Mouton
Do. 22 maart te 20.00u met o.m. J.-P. Sweelinck

 

 

 

http://www.thetallisscholars.co.uk/new-concerts

 

verdere concerten:


Vr. 2 maart te 19.00u. Concert in de Glass Hall van het Müpa. Budapest door het “Cipriano Consort”
met werken voor blokfluit van Jacob Obrecht, Josquin Des Prez, Jacob Arcadelt, Nicolas Gombert, Cipriano De Rore en Adriaen Willaert.
https://www.mupa.hu/en/program/classical-music-opera-theatre/cipriano-consort-2018-03-02_19-00-glass-hall
Zo. 11 maart te 17.00u. St. Martinuskerk. Stadthagen (D). Het Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel met hun programma “Een polyfone caleidoscoop 1350-1600”

http://www.huelgasensemble.be/index.php?option=com_content&view=article&id=95&Itemid=119&concertid=222

Het programma confronteert de luisteraar met de diversiteit van de polyfonie zoals die zich ontwikkelde tussen 1350 en 1600. Zowel Italiaanse middeleeuwse composities die op het principe van de isoritmiek gebaseerd zijn, als de meest ritmisch-complexe renaissancewerken, de verstilde melancholie van het Franse chanson uit de renaissance en emotionele madrigalen van de zestiende eeuw zijn onderdelen van dit zeer afwisselend en voor het publiek verrassend programma. Twee werelden worden zo op één avond gecombineerd : de middeleeuwse ritmische complexiteit en het woordgebonden humanisme van de renaissance.  Een avontuurlijke avond ! 
Het programma omvat drie- tot zesstemmige werken van anonieme componisten en van Matheus de Sancto Johanne (Avignon, fl. 1380), Alexander Agricola (1446 - 1506), Jacob Clement (ca. 1515 - 1556), Cipriano de Rore (1516 - 1565), Nicolas Gombert (ca. 1500 - ca. 1560), Claude Le Jeune (ca. 1530 - 1600), Charles de Courbes (ca. 1580 - après 1622) etc. Er zijn profane en sacrale werken te horen onder andere chansons, rondeaux, gymel, madrigalen, mess delen en motetten.


Zo. 11 maart te 19.30u. O.L.V.-Geboortekerk. Ham.  Het Ensemble Currende o.l.v. Eric Van Nevel met het Requiem van Clemens non Papa en muziek van Nicolas Gombert, Cipriano De Rore en Thomas Crecquillon
www.Currende.be

Zo. 18 maart te 15.00u. Dominiek Saviokerk. Dilbeek. Het koor Gaudicanto zingt koormuziek uit de Lage Landen met o.m. Adriaen Willaert en Lupus Hellinck.
https://www.uitinvlaanderen.be/agenda/e/gaudicanto-concert-met-koormuziek-uit-de-lage-land/3ba95460-cd1a-4916-a01c-8a54fd22ce77

Ma. 19 maart te 13.00u. Wigmore Hall. Londen. Stile Antico met o.m. Adriaen WILLAERT en Roland DE LASSUS.
https://www.stileantico.co.uk/concerts/2018/03/19/queen-of-muses-2

Vr. 21 maart te 21.00u
. AMUZ. Antwerpen. met het programma Ratas del viejo Mundo: OSSESSO, Italiaanse prebarokke madrigalen” waarin werken van Adriaen Willaert, Roland De Lassus, Phlippus De Monte e.a.
https://www.uitinvlaanderen.be/agenda/e/ratas-del-viejo-mundo-ossesso-italiaanse-prebarokk/774d742c-76f2-4ded-bb53-80bd26f984cf
Zat. 22 en zo. 23 maart 2018.
Musikwissenschaftliche Tagung te München.

Am 22. und 23. März 2018 veranstaltet die Bayerische Staatsbibliothek zusammen mit der Professur für Musikwissenschaft an der Universität Augsburg eine Fach tagung zu den handschrift lichen Tabulaturen und
Sti mmbüchern aus dem 16. und 17. Jahrhundert. Die Veranstaltung bildet den Abschluss eines Projekts zur Digitalisierung und Online-Erschließung der Manuskripte.
https://www.etlichliedlein.de/fileadmin/www.etlichliedlein.de/Tagungsflyer.pdf

 

EEN NIEUW INITIATIEF:
Het blokfluitenensemble CIPRIANO CONSORT.


Het Hongaars blokfluitenensemble Cipriano Consort is gevestigd in het cultuurcentrum MÜPA. Budapest. Hongarije.
Leden zijn de blokfluitisten János Bali, Balázs Bánfi, László Kecskeméti, Apolka Laurán, Éva Valóczki-Bánfi
e-mailadres: info@mupa.hu
Geeft een eerste (?) concert di. 2 maart te 19.00u in het MÜPA te Budapest.
Zie meer info hierboven
en ook: https://www.mupa.hu/en/program/classical-music-opera-theatre/cipriano-consort-2018-03-02_19-00-glass-hall

 

Nieuwsbrief 14de jg. nr. 2 – 31 jan 2018

Musicque de Joye

Muziek die ons blij maakt…
Een heel aantrekkelijke titel, want iedereen wil graag wat vreugde beleven.
Of deze muziek echt blij maakt, is natuurlijk de vraag, want dit genre verschilt erg van wat we vandaag daar onder verstaan.
Het zijn in ieder geval eenvoudige nummers: geen snelle ritmen, geen nervositeit, geen chromatische wendingen, geen heel hoge of heel lage noten; wellicht gedacht voor de huiskamer waar ouders en kinderen op blokfluiten, snaren of schalmeien gezellig bezig zijn. Of voor de vriendenkring in de school, in de stad of op het paleis. Zeker geen echte dansmuziek, niet te vergelijken met Tielman Susato, Pierre Phalèse, Claude Gervaise of Michael Praetorius.
Toch de moeite om te spelen, oordeelde Jordi Savall, die er in 1978 met zijn Hespèrion XX een volledige cd aan wijdde. (Astrée – Auvidis E 7724).
Maestro Adriaen Willaert was in zijn tijd ook bekend en gewaardeerd voor zijn ricercars. Nochtans heeft hij er maar een twintigtal gecomponeerd.
Ze werden uitgegeven in drie reeksen.
Een eerste reeks (onze nummering: reeks A) werd uitgegeven in 1540 onder de titel “Musica Nova” en later, tussen 1550 – 1555,  heruitgegeven onder de titel “Musicque de Joye”.
Een tweede reeks (onze nummering: reeks B) bestond uit vier driestemmige ricercars. Ze werden door Antonio Gardano uitgegeven onder de titel “motecta trium vocun”, eerst in 1543 en opnieuw in 1551 en in 1569.
Een derde reeks (onze nummering: reeks C) is de meest uitgebreide. Ze telt 10 ricercars en ze werden uitgegeven onder de titel “Fantasie et recerchari (contrapunti) a tre voci”, eerst in 1549 door Girolamo Scotto en daarna door Antonio Gardani in 1551, 1559 en 1593.

De eerste uitgever van de reeks A was Andrea Arrivabene.  De titel van zijn gedrukte uitgave luidde: Musica nova accomodata per cantar et sonar sopra organi et altri strumenti, composta per diversi eccellentissimi musici. Venezia, al segno del pozzo, 1540.
In die eerste uitgave staan vijf vierstemmige ricercars van Adriaen Willaert.
Diezelfde ricercars kenden een tweede uitgave door Jacques Moderne uit Lyon onder de titel “Musicque de Joye”.
Hier iets meer over die “Musicque de Joye”.

Jacques Moderne werd geboren in Istria (toen in Italië) ca. 1495-1500 – zijn oorspronkelijke naam was “Giacomo Moderno” -  en hij vestigde zich vanaf 1528 als drukker-uitgever in het Franse Lyon.  Hij werd er vooral bekend als drukker van muziek, maar hij gaf ook een honderdtal boeken uit met andere onderwerpen, zoals religie en geneeskunde.
In zijn in gans West-Europa meest beroemde muziekuitgave Motetti del Fiore (1532-1542), die 8 volumes telde met een totaal van 228 muziekwerken, nam hij veel Franse chansons op van Belgische meesters, zoals Adriaen Willaert, Jacob Arcadelt, Nicolas Gombert, Jean L’Héritier, Jacquet De Berchem, Jacob Buus en Thomas Créquillon, naast die van Fransen, Italianen, Spanjaarden en Duitsers.
De elf volumes van zijn “Le Parangon des Chansons” (1538-1543) kenden een even groot succes.

Musicque de Joye bestond uit twee delen, die sterk verschilden in stijl. Het eerste deel bevatte 22 ricercars, waarvan 19 nummers overgenomen waren van een oudere publicatie, nl. de Musica Nova uit 1540 van Andrea Arrivabene, een uitgave waarvan moet gezegd worden dat ze zeer onverzorgd was uitgevoerd en weinig aandacht kende.
Het tweede deel bestond uit verschillende Franse dansen.
In die uitgave nu staan vier (of vijf?) vierstemmige ricercars van Willaert, naast 11 van Julius de Modena, 2 van Hieronimus Parabosco, en telkens 1 van Guilielmus Colin, Nicolaus Benoist, Gabriel Coste en van Hieronimus De Bononia.

Moderno gebruikte bij het drukken een zeer geavanceerde druktechniek, waarbij alle elementen (notenbalken, noten, sleutels, voortekening en eventuele tekst) in één keer werden gedrukt. Alleen Attaingnant te Parijs was hem daarin voor.
Toch bemerken we dat de notenbalken getekend zijn door het samenvoegen van kleine streepjes. Pas later zal men die als doorgetrokken lijnen kunnen tekenen.
De muziekstijl van die ricercars van Willaert is nog zeer verwant aan de vocale polyfonie met de strenge contrapuntische regels. Toch komen hier op vele plaatsen melodische wendingen voor die niet meer gedacht kunnen zijn voor de stem maar voor instrumenten. Daardoor zijn die ricercars een eerste aanloop naar de verdere ontwikkeling van de instrumentale muziek, vooral de kamermuziek. Het zijn dus geen “instrumentale motetten” meer. Anderzijds is het nog zoeken naar een eigen muzikale taal, specifiek voor de viool of voor de fluit of voor het orgel of klavecimbel.  Nu is het nog heel elementair:  want ook typische instrumentale wendingen zoals bijv. ritmische figuren met herhaalde noten ontbreken. Doet het niet denken (mutatis mutandis) aan “Die Kunst der Fuge” van Johan Sebastian Bach?
Ook het volgende doet ons aan Bach denken. Heel toevallig, maar interessant.
De tenorpartij hierboven begint met een motiefje van 5 noten: si, la, do, si, la. Laat de laatste noot weg en maak van de eerste noot sib: dan hebben we het Bachmotief: b-a-c-h. Er is 200 jaar verschil natuurlijk.
Online de oorspronkelijke versie van de Musicque de Joye” door Jacques Moderne.
Tik hieronder:
SUPERIUS
http://hz.imslp.info/files/imglnks/usimg/d/d5/IMSLP58337-PMLP119657-superius_wikipedia.pdf
ALTUS
https://imslp.nl/imglnks/usimg/b/b7/IMSLP58340-PMLP119657-Altus.pdf
TENOR
http://ks.imslp.info/files/imglnks/usimg/e/e3/IMSLP58342-PMLP119657-Tenor.pdf
BASSUS
https://imslp.nl/imglnks/usimg/7/78/IMSLP58343-PMLP119657-Bassus.pdf


De belangrijkste opnamen: (zie ook de website: www.adriaenwillaert.be)

1. Musicque de Ioye.
Hespèrion XX o.l.v. Jordi Savall
Astrée. Auvidis E 7724
bevat Ricercar A2 (track 16), A4 ( track 21 Julius Modena), A5 (track 15 Cabezon?) en A7 (track 14 Costa)
SPOTIFY
2.Vespro della beata Vergine (anno 1550)
Joris Verdin, orgel
RICERCAR RIC 325
https://outhere-music.com/store-RIC_325
bevat Ricercar A1 (track 4) en C1 (track 7), C7 (track 10) en A2 (track 13)
SPOTIFY
3. Musica Nova
Consort Veneto op blokfluiten en dulciaan
Roberto Loreggian, spinet
TACTUS TC 540002, 1996
bevat Ricercar A1, A2, A3 (track 12), A4 en A5
ook op YouTube:  A1, A2 en A3
http://www.youtube.com/watch?v=DPjZP-MG8Vs
https://www.youtube.com/watch?v=MKE9rZ0nsmY

4. Complete works of Adriaen Willaert. Vol VII.
STRADIVARIUS 33355
Danilo Lorenzini, Antonio Eros Negri, Riccardo Villani en Giuseppe Azzarelli.
Ricercar A1, A2, A3, A4, A5, A6 (track 20) en A7
Youtube A1 op clavecimbel door Danilo Lorenzini:

https://www.youtube.com/watch?v=Tb37MqCboqo

Bemerk dat wij aan de ricercars van Willaert een eigen nummering hebben gegeven.
Daarom hieronder een vergelijkende tabel.
De eerste kolom is ons nummer (A.W.F. = Adriaen Willaert Foundation)
De tweede kolom is het nr in onze alfabetische lijst van het ganse oeuvre op onze website
De derde kolom is het nr in het handboek van Kidger, dat alle werken bespreekt en nummert.
De vierde kolom is Musica Nova. RISM 1540/22
De vijfde kolom is van Musicque de Joye
De zesde kolom is de moderne uitgave van prof. H. Colin Slimm.
Jordi Savall en bijna alle cd-opnamen volgen de nummering van Jacques Moderne.
Onze nummering sluit min of meer aan bij die van Kidger.

Vergelijkende tabel van de reeks A.


A.W.F.-
nr

oeuvre
nr

Kidger
nr

Musica Nova
154022

Musicque de Joye ca. 155024

H. Colin Slimm

A1

436

I015

1

3

p. 1

A2

437

I016

10

4

p. 43

A3

438

I017

14

21

p. 66

A4

439

I019

6

8

p. 21

A5

440

I020

13

17 en 20

p. 60

A6

441

I018

-----

7

p. 125

A7

442

-----

-----

24

p. 128

 

 

 

 

 

 

Bron:
1. Jean Michel Vaccaro in de bijsluiter van de cd Musicque de Joye. Hespèrion XX. 1978
2. Simon Van Damme.  Willaert’s Ricercares and their Use of Inganno.  Art. in  "Tijdschrift van de Koninklijke Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis" LIX/1 (2009).

HET CONCILIE VAN KONSTANZ
1414 - 1418

Over het waarom en het belang van dit concilie, lees wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Concilie_van_Konstanz
In het kader van de herdenking van dit belangrijk concilie  in de stad Konstanz, werden in september 2017 vier concerten georganiseerd door de stad Konstanz onder de titel:

"Europäische Avantgarde um 1400 - Musik zum Konstanzer Konzil"

Musikalisch änderte sich die Welt



De Duitse radiozender SWR2 zond de vier concerten integraal uit.
Ze kunnen herbeluisterd worden via internet.
Tik:
https://www.swr.de/swr2/programm/sendungen/geistliche-musik/konstanzer-konzil-europaeische-avantgarde/-/id=658942/did=20739544/nid=658942/wl44m5/index.html

Es war der größte und längste Kongress des Mittelalters und ganz nebenher trafen auch verschiedene europäische Musikstile aufeinander.
So änderte sich musikalisch gesehen von Konstanz aus die Welt. 

Beim Konstanzer Konzil begegneten sich nicht nur wichtige Machthaber und Entscheidungsträger, sondern auch deren Hofkapellen sowie Stadtpfeifer und Spielleute. Erstmals treffen verschiedene europäische Musikstile aufeinander, die sich gegenseitig beeinflussen. Musikalisch gesehen ändert sich in diesen Jahren von Konstanz aus die Welt. Die Konzertreihe "Europäische Avantgarde um 1400" erinnert mit führenden Ensembles der Alten Musik an dieses Ereignis. Auch das vierte Festival im September 2017 brachte Konzerte an historische Schauplätze des Konzils.

Eerste concert:  Orlando Consort: Pausen en tegenpausen

Das britische Orlando Consort greift das Thema der Papstwahl auf. Die durch das Schisma verursachten politischen Machtkämpfe spalteten nicht nur die Kirche während des frühen 15. Jahrhunderts, sondern eigentlich ganz Europa. Raffinierte und anspielungsreiche Motetten und Balladen dienten der kirchenpolitischen Agitation und Propaganda.

TWEEDE EN DERDE CONCERT: EUOPESE AVANTGARDE ca. 1400


Das Sollazzo Ensemble widmet sich der avantgardistischsten Musik der Zeit um 1400. Die Musikwissenschaft bezeichnet diese sehr verfeinerte Kunst als "Ars Subtilior". Denn die Kompositionen sind geprägt von äußerst verfeinerter Rhythmik und verarbeiten Texte voller mythologischer, christlicher und zeitgenössisch-politischer Anspielungen. Sollazzo hat sich darauf spezialisiert, diese raffinierte Klangkunst wieder zum Leben erwecken.
Gleiches gilt für das spanische Ensemble Tasto Solo, das sich der frühesten überlieferten Instrumentalmusik widmet. Sein Leiter Guillermo Pérez erforscht seit Jahren intensiv das Spiel von frühen Tasteninstrumenten wie Portativ und clavisimbalum.  Gleiches gilt für das spanische Ensemble Tasto Solo, das sich der frühesten überlieferten Instrumentalmusik widmet. Sein Leiter Guillermo Pérez erforscht seit Jahren intensiv das Spiel von frühen Tasteninstrumenten wie Portativ und Clavicymbalum, einer Frühform von Cembalo und Fortepiano.vicymbalum, einer Frühform von Cembalo und Fortepiano.

Sollazzo Ensemble: Ars subtilior – Verfijnde Kunst rond 1400

Ensemble Tasto Solo: Instrumentale muziek uit de Codex Faenza

 VIERDE CONCERT: ENSEMBLE CINQUECENTO - ISAAC IN KONSTANZ
Im Reformationsjahr 2017 weitet das Festival seinen Blick auch auf die Zeit 100 Jahre nach dem Konzil: Hier wirkte der große franko-flämische Komponist Heinrich Isaac am Hof Kaiser Maximilians I. Das Konzert des Ensemble Cinquecento bietet eine Mischung aus Teilen des für Konstanz komponierten "Choralis Constantinus" mit festlichen Motetten, wie sie während des Reichstags erklungen sind.

Ensemble Cinquecento: Isaac in Konstanz

Ook in Nederland:
De Nederlandse groep AVENTURE organiseert een tweedaagse workshop in Amsterdam voor  zangers en instrumentalisten, eveneens in het kader van het concilie van Konstanz en de figuur Jan Hus.
Tweedaagse workshop 27 januari & 7 april met muziek van ca. 1418.
Docenten: Christopher Kale, Marco Magalhães, Ita Hijmans
Tijd: beide dagen 10.00-17.00 uur 
Niveau: gevorderde (koor)zangers en instrumentalisten. De indeling van groepen gaat naar niveau.
Meer info & aanmelden: itasgk@xs4all.nl / 020 6699814  Of kijk op de website van Aventure.

Willaert en kardinaal Granvelle (vervolg)

In de vorige Willaert De Rore-Nieuwsbrief werd kard. Antoine Granvelle besproken als een belangrijke politieke figuur voor ons land, maar met tevens een grote voorliefde voor de muziek.  Hij had relaties met o.m. de Belgische polyfonisten Adriaen Willaert, Cipriano De Rore, Pierre De Manchicourt en Roland De Lassus. Prof. em. Ignace Bossuyt stuurde nadien een aanvullende tekst en een niet onbelangrijke rechtzetting in verband met die relaties.  Waarvoor dank.
Sta me toe te wijzen op een fout: Manchicourt en Lassus hebben inderdaad ook een motet geschreven ter ere van Granvelle, als eerste werk, een 'opdrachtmotet' (om de kerkvorst en eerste minister van Karel V te charmeren!) van een bundel motetten aan hem opgedragen, maar niet op de tekst van O socii. De opdracht had snel resultaat voor Manchicourt:  twee jaar na zijn bundel uit 1554 werd hij bedacht met een (ongetwijfeld lucratief) canonicaat in Atrecht en in 1559 werd hij kapelmeester van Filips II in Spanje. Lassus, die kort nadien in Antwerpen op zoek was naar een vaste betrekking, had wellicht gehoopt op een plaats in de capilla flamenca van Karel V en nadien Filips II , die na  de troonsafstand van zijn vader in 1555 ongetwijfeld op zoek was naar nieuwe krachten (Lassus' bundel dateert van 1556). Maar Manchicourt had duidelijk een voetje voor. Lassus werd dan wel, onder meer dankzij de tussenkomst van Granvelle, aangesteld als tenorzanger (in 1562 als kapelmeester) aan het prestigieuze Beierse hof in München, waar hij tot zijn overlijden in 1594 bleef.  De motetten van Manchicourt en Lassus zijn, respectievelijk, O decus o patriae lux en Delitiae Phoebi. De teksten zijn anoniem, maar mogelijk van de hand van de componisten. Lassus zinspeelt onder meer op zijn naam (lassus = 'vermoeid').
Ignace Bossuyt
International Colloquium "Antoine Perrenot de Granvelle (1517-1586)
A European Statesman in An Age of Conflict"
(Florence, 25th-26th January 2018)


Ondertussen vernamen we dat in Florence een Internationaal Colloquium wordt gehouden aan Granvelle gewijd op do. 25 en vr. 26 jan. 2018.
Of daar over muziek zal gesproken worden, is evenwel niet zeker.
Meer info: https://www.academia.edu/35666081/International_Colloquium_Antoine_Perrenot_de_Granvelle_1517-1586_A_European_Statesman_in_An_Age_of_Conflict_Florence_25th-26th_January_2018_

CITAAT I – The Tallis Scholars in bewondering voor Cipriano De Rore

In 1994, the Tallis Scholars received the Early Music Award for their recording of music by
Cipriano de Rore.

These practices of Josquin and Palestrina (to use rhythmic shifts to emphasize particularly important words in addition to closely relating musical and textual rhythms) directly relate to the rhythmic processes of the text-driven madrigal. In Cipriano de Rore’s madrigals, for example, both the alignment of musical and textual rhythm and the use of rhythm to embed extramusical meaning in the music accompanying a text were vital in creating the most artful text setting possible.

                                                      Kimberley Hieb,
fragment uit het review op het boek van Ruth I. DeFord
Tactus, Mensuration and Rhythm in Renaissance Music.                 
Cambridge 2015.

CITAAT II – Toward a choral pedagogy for Composers.


Steven Sametz:

We should all want to know the major great works, and that is a lifelong pursuit. We are in an age where our bedrock—the glory of Renaissance counterpoint—is heard and performed less and less. Studying Renaissance counterpoint can be quite a trial; experiencing Renaissance counterpoint (preferably as a performer) is to encounter the essential beauty of voices in harmony and motion. When I was an undergraduate, I studied  Ockeghem, Obrecht, and Josquin; it meant very little until I was inside it, performing it. Curios ity led me to sixteenth-century Italy and a love for Lassus, Palestrina, Monteverdi, Marenzio, and Cipriano de Rore.
Our art is grounded in an era when the voice was the primary instrument. If we lose this connection, we lose our treasure. Knowing Schütz, Schein, Scheidt, and Buxtehude allows us to more fully understand the roots of Bach's amazing contrapuntal versatility.
The major works of the eighteenth and twentieth centuries are a living history of the growth of the choral art to the symphonic level. The small bands that accompanied Haydn masses expanded over time to the symphonic proportions of a Mahler orchestra, and choirs grew accordingly. Tracing the history of major works from Mozart's Requiem to Daphnis and Chloe to the War Requiem provides a roadmap of the organic development  of the coral art.

ABOVE ALL, CHOOSE A TEXT THAT REFLECTS YOUR OWN VOICE - A TEXT THAT BEARS THE STAMP OF YOUR OWN CONVICTION, EVEN IF YOU ARE NOT ITS AUTHOR.

Author(s): DAVID CONTE, ROBERT KYR and STEVEN SAMETZ
Source: The Choral Journal, Vol. 55, No. 1 (AUGUST 2014), pp. 8-26
Published by: American Choral Directors Association

Ingekomen correspondentie

8 jan. 2018

Bonjour.
J'ai le plaisir de vous signaler que mon roman Le maître de San Marco va sortir cette année aux éditions MEO.
Le personnage principal de ce polar vénitien est Willaert.
Bien à vous.
CLAUDE
Claude Raucy rue Walthère Jamar, 231 (boîte 21) 4430 Ans
Tous mes livres sont mes faux journaux intimes.


14de jaargang nr 1 - 8 januari 2017

Willaert en kardinaal Granvelle

Antoine Perrenot de Granvelle werd op 20 augustus 1517 in de Franche-Comté geboren als zoon van Nicolas Perrenot de Granvelle, een belangrijke adviseur van keizer Karel V. Zijn vader zorgde voor een goede opvoeding, waardoor hij onder meer een groot aantal talen leerde. Granvelle stond al vroeg bekend om zijn intelligentie. Na de Artes in Leuven, waarvan het encyclopedisch onderricht uitzicht gaf op hogere faculteiten, volgde hij Rechten in Padua.

Op zijn eenentwintigste werd Granvelle bisschop van Atrecht, maar hij liet zich in die hoedanigheid al snel vervangen om zijn vader bij te staan, onder meer op verschillende Duitse Rijksdagen. Dit maakte hem al snel vertrouwd met de internationale politiek. Na de dood van zijn vader in 1550 volgde Granvelle hem op als staatssecretaris en grootzegelbewaarder van Karel V en werd hij een van de belangrijkste adviseurs van de Spaanse koning Filips II in de jaren voor de Tachtigjarige Oorlog.

Na Filips vertrek uit de Nederlanden werd Granvelle adviseur van landvoogdes Margaretha van Parma. Mogelijk was het bij haar dat hij Cipriano De Rore leerde kennen, namelijk toen de maestro na zijn ontslag in Ferrara op den dool was.

Muziekliefhebber in hart en nieren, onderhield Granvelle
graag contact met componisten. Zo had hij een heel goede relatie  met onder anderen Roland De Lassus, Cypriano De Rore,  Zarlino en Adriaen Willaert. Dit blijkt uit een aantal interessante brieven, die momenteel in Madrid gearchiveerd zijn. Zo vroeg de aartsbisschop vroeg aan Willaert om werken te componeren waarin zijn wapenspreuk voorkwam: "Durate et vosmet rebus servate secundis – Houd vol en maak je sterk voor betere tijden” (Vergilius, Aeneis, I, 207).

Hoewel Maestro Adriano in die periode serieus ziek is, wil hij dat zeker niet weigeren. Meer nog, hij gaat op een hoogst creatieve manier te werk! Vooreerst selecteert hij de passage, waarvan het motto het zevende en laatste vers vormt, en herwerkt het naar de persoon van Granvelle toe. Vervolgens ontwerpt hij een ostinato van drie noten naar het soggetto cavato-principe: ut – fa – re, op basis van de kerngedachte ‘Durate’. Dit ostinatomotief laat hij ten slotte onafgebroken herhalen door de tweede of de vijfde stem, waarbij de notenwaarden geleidelijk verminderen. Terwijl de bezetting overgaat in zesstemmigheid, wordt het ritme hierdoor naar het einde toe steeds verder opgedreven.

Ook Cipriano de Rore ontving dit verzoek, maar aarzelde. Hij ging eerst te rade bij Willaert, die hem aanmoedigde op de vraag in te gaan en hem meteen ook uitlegde hoe hij te werk zou gaan . Zo componeerde ook Cipriano een motet, met hetzelfde soggetto cavato, vijfstemmig en met de ostinaat beperkt tot een enkele stem. In 1566 nam Cipriano zowel zijn versie als die van Willaert op in zijn vijfde madrigalenboek.

Ook Roland De Lassus en Pierre De Manchicourt brachten hulde aan de kardinaal met een motet op ‘O socii durate’. De volledige tekst:


O socii durate

O socii neque enim ignari sumus ante malorum
o passi graviora dabit deus his quoque finem,
experti revocate animos moestumque timorem
mittite, forsan et haec olim meminisse juvabit.

Per varios casus per tot discrimina rerum
tendimus, ostendunt sedes ubi fata secundas
durate et vosmet rebus servate secundis.

Naar Publius Vergilius Maro, Aeneis, boek 1, vv. 198-199/202-205/207.

“Vrienden! Wij maakten eerder veel ellende mee, en dit
was erger nog… De godheid zal ook hier een einde aan maken.
[Zozeer beproefd,] vat nieuwe moed, verjaag die diepe angst.
misschien dat dit ooit nog eens goed is om aan terug te denken.
Na zoveel avonturen, zoveel dingen vol gevaar
gaan wij toch naar [waar ons een vast woonplaats door ’t Lot
beschikt is.] Houd dus vol en maak je sterk voor betere tijden.”

Naar M. d’Hane-Scheltema, Vergilius. Het verhaal van Aeneas, Amsterdam, 2001, p. 23.

* partituur: http://www0.cpdl.org/wiki/images/3/3c/Willaert_O_socii_durate.pdf
* Spotify: Huelgas Ensemble en De Labyrintho
* bronnen:
Historiek.net:  https://historiek.net/antoine-perrenot-kardinaal-granvelle/70776/
Ignace Bossuyt, O socii durate: A Musical Correspondence from the Time of Philip II in Early Music, 26 (1998), pp. 432-443.

OUDE MUZIEK OP INTERNET: WAAR?

1.Archieven en bibliotheken, digitaal weergegeven

Brussel. Koninklijke Bibliotheek van België
http://uurl.kbr.be

München. Bayerische Staatsbibliothek
www.digitale-sammlungen.de

Bologna. Museo internazionale e biblioteca della musica – Catalogo Gaspari www.bibliotecamusica.it/cmbm/scripts/gaspari/

British Library. Early Music online
www.royalholloway.ac.uk/music/research/earlymusiconline/home.aspx

Frankrijk – alle bibliotheken, behalve Parijs. Bibliothèque Nationale
http://www.enluminures.culture.fr/documentation/enlumine/fr/rechguidee_00.htm

Parijs. Bibliothèque Nationale de France – Gallica
http://gallica.bnf.fr/

Coimbra. Universiteit, Biblioteca geral digital
https://digitalis-dsp.uc.pt/bg6/UCBG-MM-2/UCBG-MM-2_item1/index.html

München. Universitätsbibliothek der Ludwig-Maximilians-Universität
https://epub.ub.uni-muenchen.de/

Vaticaanstad. Via de universiteit van Regensburg
http://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/bav_pal_lat_1980/0001?

Wenen. Österreichische Nationalbibliothek
http://search.obvsg.at/primo_library/libweb/action/dlDisplay.do?institution=ONB&vid=ONB&onCampus=false&lang=ger&docId=ONB_aleph_acc003762040

Zoek ook via: https://www.diamm.ac.uk/


2. Hedendaagse edities van oude partituren

a. http://icking-music-archive.org/ByComposer.php
b. http://blogs.bibliotheek.rotterdam.nl/blog/muziek/bladmuziek-uit-16e-eeuw-nu-online
c. Choral Public Domain Library (cpdl)

d.http://explore.bl.uk/primo_library/libweb/action/search.do?dscnt=0&frbg=&scp.scps=scope:(BLCONTENT)&tab=local_tab&dstmp=1443445667508&srt=rank&ct=search&mode=Basic&vl(488279563UI0)=any&dum=true&tb=t&indx=1&vl(freeText0)=%22early%20music%20online%22&vid=BLVU1&fn=search


e. https://en.wikipedia.org/wiki/List_of_Renaissance_composers
f. https://www.stretta-music.nl/search/?searchparam=renaissance
g. www.musicasacra.com
h. http://imslp.org/wiki/Category:Composers

met dank aan Jan Anseeuw


CITAAT


Guiseppe Zarlino publiceerde kort na de dood van Willaert drie Lectiones pro mortuis. Katelijne Schiltz zocht naar aanwijzingen dat Zarlino die ‘in memoriam Willaert’ heeft geschreven. Zij besluit:

“To conclude, in her book Reading Renaissance Music Theory, Cristle Collins Judd calls Zarlino a “masterful manipulator of his printed persona”. She shows that Zarlino brought out his theoretical and compositional oeuvre at well-chosen points and that he used his publications to shape his public image and as a means to career advancement. It looks like the publication of the three lectiones pro mortuis were also part of this strategy. Whether he conceived them in commemoration for the recently deceased Willaert or not, they might have been another step towards his position as maestro di cappella of Saint Mark’s, which he was to occupy from 1565 until his death in 1590.”

Katelijne Schiltz, Zarlino’s lectiones pro mortuis.
Conferentie in Venetië n.a.v. de 500ste verjaardag van de geboorte van Zarlino,
30 november 2017.
Conferenza “Gioseffo Zarlino e la scienza della musica nel ‘500“ – 2017


Ingekomen correspondentie

19 december 2017

Sehr geehrte Damen und Herren,
unter dem Titel »Etlich Liedlein zu singen oder uff der Orgeln und Lauten zu schlagen« veranstaltet die Bayerische Staatsbibliothek gemeinsam mit der Professur für Musikwissenschaft an der Universität Augsburg eine musikwissenschaftliche Fachtagung zu ihren handschriftlichen Tabulaturen und Stimmbüchern des 16. und 17. Jahrhunderts.
Dazu lädt die Bibliothek am 22. und 23. März 2018 in den Friedrich-von-Gärtner-Saal ein.
Die Tagung bildet den Abschluss eines durch die Deutsche Forschungsgemeinschaft geförderten Projekts, in welchem die Manuskripte dieses Bestandsegments der Bayerischen Staatsbibliothek digitalisiert und online katalogisiert werden konnten: https://www.digitale-sammlungen.de/index.html?c=sammlung&projekt=1448525517&l=de .

In den Vorträgen wird das quellenkundlich und kulturgeschichtlich breit gefächerte Spektrum dieser und weiterer bedeutender Handschriften der Zeit aufgegriffen. Dazu gehören Überlieferungszusammenhänge ebenso wie Fragen der Notationspraxis oder Aspekte der städtischen Musikkultur der Renaissance.


Da viele der Manuskripte aus dem bürgerlichen Umfeld Augsburgs stammen, liegt ein weiterer Schwerpunkt auf der Verbindung zwischen der Fuggerstadt und der Musiksammlung der Münchener Hofbibliothek. Im Zusammenhang der Tagung wird es im Orff Zentrum München am 22.3.2018 einen öffentlichen Abendvortrag geben. Alfred Gross, Spezialist für frühe Tastenmusik, erläutert und spielt im Anschluss auf verschiedenen historischen Instrumenten Intavolierungen und Instrumentalstücke aus den Handschriften.

Nähere Informationen zur Tagung finden Sie im Internet unter www.etlichliedlein.de .

Wir würden uns sehr freuen, wenn Sie an geeigneter Stelle auf unsere Veranstaltung hinweisen könnten. Herzlichen Dank!
Für Rückfragen stehen wir Ihnen gerne zur Verfügung.

Mit freundlichen Grüßen
Veronika Giglberger und Bernhard Lutz

 

»Etlich Liedlein zu singen oder uff der Orgeln und Lauten zu schlagen«
Musikwissenschaftliche Tagung
München, 22. und 23. März 2018
Kontakt und Information:
www.etlichliedlein.de
etlichliedlein@bsb-muenchen.de
_____________________________________________

Bayerische Staatsbibliothek
Ludwigstr. 16
80539 München
www.bsb-muenchen.de

-----------------------------------------------

Dag Arnold,
Als Vlaamse uitwijkeling woon ik al 50 jaar in Canada, op ongeveer 20 km van Montreal. Ik ben lid van het zangkoor van het Orchestre Métropolitain, dat onder de leiding staat van de gekende jonge dirigent Yannick Nézet-Seguin. Hij dirigeert ook Rotterdam en van dit jaar af de New York Metropolitan.
Een van zijn alto spelers is ook koordirigent en die heeft ons het O magnum mysterium van Willaert doen zingen op een kerstconcert. Ik heb hem wel moeten zeggen hoe de naam eigenlijk wordt uitgesproken en hij was daar heel blij mee !!
Een paar andere van de franco-vlaamse periode die ik al heb gezongen: Sweelinck, Jan Ockeghem, Orlando natuurlijk, Clemens non Papa, maar nog geen Joske Deprez !
Vrolijk Kerstfeest en mijn beste wensen voor het nieuwe jaar.
Jef (Montreal)
-----------------------------------------------

22 december 2017

Dear Arnold:

I created soundfiles for all of Adrian Willaert's 3-v Ricercari, realized for organ.
Please announce this in the next newsletter!

Here are the URLs for the 9 ricercari:

Ricercar no.1: https://www.youtube.com/watch?v=cGgR5SuVIw8
Ricercar no.2: https://www.youtube.com/watch?v=i_goAuX-SHY
Ricercar no.3: https://www.youtube.com/watch?v=jGRecD2AeaE
Ricercar no.4: https://www.youtube.com/watch?v=x-Ya-CNxkRk
Ricercar no.5: https://www.youtube.com/watch?v=2Jw1VAQj_xM
Ricercar no.6: https://www.youtube.com/watch?v=BTki7i9sghY
Ricercar no.7: https://www.youtube.com/watch?v=GZ52RQYD9Ic
Ricercar no.8: https://www.youtube.com/watch?v=fhgk4WjxiPQ
Ricercar no.9: https://www.youtube.com/watch?v=CnkP4HDdJRY&t=29s
I have made audio files for the other 4 ricercari by Adrian Willaert, which were published separately from the edition of 9 ricercari. This is really a "set" of ricercari, on ascending degrees of the scale, Re, Mi, Fa, and Sol.

Ricercar in Re: https://www.youtube.com/watch?v=1ONCIACTgbw
Ricercar in Mi: https://www.youtube.com/watch?v=WJHeRKaign4
Ricercar in Fa: https://www.youtube.com/watch?v=UxTfCZ9kCMc
Ricercar in Sol: https://www.youtube.com/watch?v=zwUUvadq8RI

All best wishes,
Richard St. Clair (USA)

13de jaargang nr 10 - 30 november 2017


Michiel Coxcie, De heilige Cecilia met drie zingende engelen (1569)
Museo Nacional del Prado, Madrid


De heilige Cecilia met drie zingende engelen


Michiel Coxcie (°Mechelen of Luik 1499 - … Antwerpen, 10 maart 1592) maakte dit schilderij in opdracht van Filips II. Vandaar dat het schilderij nog steeds in Madrid hangt. De Heilige Cecilia speelt niet op een orgel, zoals haar hagiografie voorstaat (cantantibus organis), maar op een klavechord. De engel op de voorgrond toont een stemboek met het begin van een superius. Het betreft, in omgekeerde volgorde, het eerste en tweede deel van Caecilia Virgo gloriosa het vierstemmige motet van Clemens non Papa. Links van het instrument zien we het begin van een tenorpartij: het begin van een ander motet (titel?) van Clemens non Papa. Merkwaardig: bewust of onbewust lezen we niet de noten van de tenor maar van de sopraan.

Bron: Pieter Fischer, Music in Paintings of the Low Countries in the 16th and 17th Centuries, Amsterdam 1975, pp. 13sqq.

Voor een betere weergave van dit schilderij:
https://www.museodelprado.es/en/the-collection/art-work/saint-cecilia/59513330-7393-4855-a943-011abdc655aa?searchMeta=cecilia

 

Radioprogramma, Festivals, concerten, workshops…


15-16 dec. 2017 / 26-27 jan. / 9-10 febr. & 16/17 maart 2018, Hauts-de-Seine (FR)

Journées de musique ancienne de Vanves
* Workshops: Musica pratica: zingen, dansen, instrumenten
* luitspelen0 (11 dinsdagen): 28 nov., 5 & 19 dec., 16 & 30 jan., 13 febr., 6 & 20 maart, 10 apr., 15 & 22 mei

S’imprégner des musiques de la Renaissance par une pratique sensorielle, ludique et didactique. Jouer, chanter et découvrir un interprétation replacée dans son contexte, qui conjugue respect des sources et créativité. Les Journées de musiques anciennes mettent en place des week-ends de formation pluridisciplinaire et des cours consacrés au luth le mardi.
Pour tous : chant, danse, travail corporel, pratique instrumental

https://journees-musiques-anciennes.org/musica-practica/

woe. 29 nov. – vr. 1 dec. 2017, Venetië (IT)

Gioseffo Zarlino, 500 jaar na zijn geboorte (°1517)
Congres en tentoonstelling (tot 31 jan.) rond Zarlino, met deelname van Katelijne Schiltz

https://www.fondazionelevi.it/event/musico-perfetto-gioseffo-zarlino/ en https://www.fondazionelevi.it/event/musico-perfetto-la-teoria-musicale-nei-libri-stampa/ .


ConcertDecember-BE


Masterclass met Jordi Savall (video)

Schuif door naar 34’15”: Nr. 2: Cipriano De Rore, Ancor che col partire
Diminuties van Riccardo Rognoni

https://www.medici.tv/en/masterclasses/master-class-with-jordi-savall/

 

Zat. 9 dec. 2017 te 20.00u, Xavier College Chapel, Melbourne, Australië

- Ensemble Gombert m.m.v. La Compañia en The Renaissance Band
- programma: Christmas to Candlemas: around 1600, met werk van o.m. Roland De Lassus

https://www.ensemblegombert.com.au/concerts

Zat. 9 dec. 2017 te 19.30u, St Cecilia’s Hall, Edinburgh

- Luisa Morales & Carole Cerasi (harpsichords)
- programma: An Entertainment for Prince Gabriel, met werken van o.m. Willaert en De Rore

A programme celebrating the life and musical tastes of Prince Gabriel of Borbon (1752–88). A keyboard player and collector of harpsichords, clavichords and organs, the prince was also the dedicatee of a large part of Antonio Soler's keyboard works, including the six concertos for two keyboard instruments.

http://www.gcs.org.uk/concert3.htm

Zat. 9 dec. 2017 te 19.30u, First Church of Christ, Central Park West, New York

Early Music New York. Men’s Voices & Instruments

programma: Burgundian Christmas. Renaissance in the Low Countries

Continuing the fall focus on Holland & Flanders, Burgundian Christmas presents sacred and secular Renaissance holiday motets and carols for voices and instruments.

https://www.earlymusicny.org/

Zelfde programma in Cathedral Church of St. John the Divine, Amsterdam Ave. at 112th St.
op zo. 10 dec. te 14.00u, zo. 17 dec. te 14.00u, ma. 25 dec. te 14.00u en te 17.00u.


Aspro core
Petrarca-madrigaal van Willaert

 


Aspro core e selvaggio, e cruda voglia
In dolce, humile, angelica figura,
Se l'impreso rigor gran tempo dura,
Havran di me poco honorata spoglia;


Ché quando nasce e mor fior, herba e foglia,
Quando è 'l dí chiaro, e quando è notte oscura,
Piango ad ogni hor: Ben hò di mia ventura,
Di Madonna e d'Amore onde mi doglia.


Vivo sol di speranza, rimembrando
Che poco humor già per continua prova
Consumar vidi marmi e pietre salde.


Non è sí duro cor, che lagrimando,
Pregando, amando, talhor non si smova,
Né sí freddo voler, che non si scalde.


Francesco Petrarca. Canzoniere. 265

Een wrede wil, een hart dat met mij spot
in een beschroomde, engelzachte Vrouwe;
als haar hardvochtigheid mij blijft benauwen,
rest straks van mij een pover overschot.

Of de Natuur nu bloeit of wordt beknot,
des nachts of als ik daglicht mag aanschouwen,
ik ween aldoor, met reden om te rouwen
om Amor, om mijn Vrouwe, om mijn lot.

Ik leef van hoop alleen, omdat ik weet
hoe een straal water zich door marmer vreet:
de druppel kan de hardste steen doorboren.

Geen wil zo kil dat niets hem warmen kan,
geen hart zo hard dat het de bede van
mijn liefdestranen koelweg aan kan horen.

vertaling: Peter Verstegen, Francesco Petrarca. Het Liedboek (Canzoniere), 2008.


YouTube: uitvoering door SingerPur:
https://www.youtube.com/watch?v=kCgbHmQzo2E

Partituur:
http://www.imslp.org/wiki/File:PMLP711242-27-aspro_core_et_selvaggio---0-score.pdf

 

Dit madrigaal is een schoolvoorbeeld van de manier waarop Willaert op een effectvolle manier contrasterende gevoelens  kan oproepen: grote tertsen en sexten om hardheid en bitterheid weer te geven op de woorden “Aspro core, e selvaggio, e cruda voglia / Een wrede wil en een hart dat met mij spot”.
Daartegenover: kleine tertsen door het inbrengen van si-mol, en sexten voor zoetheid en verdriet bij o.a. “In dolce, humile, angelica figura / in een beschroomde, engelzachte Vrouwe”.

Verder, in de vijfde regel, de tegenstelling ‘licht – donker’ door in de cantus en de bas uiterst laag te gaan bij “notte oscura”, ook hier met si-mol. Contrastwerking ook tussen “non è si duro cor / geen hart is zo hard” op een IV/V/I-progressie en de halve toon [la – si mol] op “che lagrimando / dat tranen…”.
Ten slotte: het herhaalde motief op “né si freddo voler / niet zo koud” met, binnen de toonaard a, een halve toon [sol kruis] in de cadens, om te eindigen met een affirmatieve slotcadens “che non si scalde / dat het niet zou kunnen opwarmen”.

Ook Gioseffo Zarlino , een leerling van Maestro Adriano, verwijst in zijn studiewerk Le Institutioni harmoniche naar dit madrigaal als een model uiteenlopende gevoelens te verklanken. Hij vraagt daarbij met nadruk dat dat de tekst bij het zingen verstaanbaar te articuleren.


Aspro core

eerste bladzijde van de cantus zoals gedrukt in Musica Nova, 1559
(Museo internazionale e biblioteca della Musica, Bologna)
http://www.bibliotecamusica.it/cmbm/viewschedatwbca.asp?path=/cmbm/images/ripro/gaspari/_V/V013/

 

MUZIEK VAN WILLAERT & DE RORE: WAAR?

1. Raadplegen in bibliotheken
2. Nieuwe boeken kopen
3. Tweedehands kopen
4. Downloaden op internet. Dit punt 4 wordt hier niet besproken. Zie volgende aflevering.
Wie ons nog meer informatie bezorgt, bewijst een belangrijke dienst. Dank vooraf.

1. Raadplegen in bibliotheken

a. Stadsbibliotheek ARhus, De Munt 8, Roeselare.

De eigen collectie van de Adriaen Willaert Stichting / Foundation
Wij bezitten o.m. de Opera omnia van Adriaen Willaert.
Kijk verder op onze website: http://www.adriaenwillaert.be/ned/wie_zijn_wij/wij_activ_bib_en_disco.htm
of de catalogus van ARhus: http://zoeken.roeselare.bibliotheek.be/?q=Willaert%2C+Adriaan


b. De Koninklijke Bibliotheek van België te Brussel.

De KBR bezit o.m. de Opera Omnia van Willaert, van De Rore en van bijna alle polyfonisten.
Raadpleeg de catalogus: http://opac.kbr.be/index.php

c. Bibliotheek Letteren, KU Leuven

De KU Leuven bezit o.m. de Opera Omnia van Willaert, van De Rore en van bijna alle polyfonisten. De musicologische bibliotheek bevindt zich op de 4de verdieping van het Erasmushuis, Blijde Inkomststraat 21, Leuven: http://limo.libis.be/primo_library/libweb/action/search.do?vid=KULEUVEN_MUSIC

d. Bibliotheek Conservatorium Antwerpen

De Artesis Plantijn Bibliotheek bezit o.m. de Opera Omnia van Willaert, van De Rore en van bijna alle polyfonisten. Adres: Desguinlei 25, Antwerpen:
http://anet.ua.ac.be/desktop/apcon/core/index.phtml?language=&euser=&session=&service=opacdkvc&robot=&deskservice=desktop&desktop=apcon&workstation=AP-KC&extra =

2. Nieuwe boeken kopen

a. A-R Editions

* Willaert: http://www.areditions.com/names/adrian-willaert
* De Rore: http://www.areditions.com/names/cipriano-de-rore

b. Music Shop Europe

https://www.musicshopeurope.com/nl-NL/productlist/Contributor_composer_Notation_1/Willaert%2c%20Adrian_contributor.aspx?IsFacetListRequest=True

c. Handlo Music

http://www.handlo-music.com/

d. Amazon.com: nieuw en tweedehands

* Willaert: https://www.amazon.com/s/ref=sr_pg_2?rh=n%3A283155%2Cp_27%3AAdrian+Willaert&page=2&sort=relevancerank&ie=UTF8&qid=1511190138

* De Rore:https://www.amazon.com/s/ref=nb_sb_ss_c_1_7?url=search-alias%3Dstripbooks&field-keywords=cipriano+de+rore&sprefix=De+Rore%2Cstripbooks%2C257&crid=30I46AAI5GBJC&rh=n%3A283155%2Ck%3Acipriano+de+rore

e. London Pro Musica

http://www.londonpromusica.com/pdfs-02/emlwebcat2014.pdf

3. Tweedehands kopen – selectie uit het huidige aanbod

 

 

€ 4500.00

a. GARDANE, Ant ANT.[Gardano]- RORE, Cipriano


Altus di Cipriano de Rore Il Primo Libro de Madrigali A quattro Voci Nouamante per Antonio Gardane Con ogni diligentia ristampati. A Quatro Voci, A presso di Antonio Gardane, Venetia, [1563].

Antiquariaat B.M.Israel B.V.


b. SCHILTZ, Katelijne
µ
Vulgari Orecchie, Purgate Orecchie. De relatie tussen publiek en muziek in het Venetiaanse motetoeuvre van Adriaan Willaert, Universitaire Pers, Leuven, 2003 (paperback).
€  9.99
Erik Tonen Books

c. BOSSUYT, Ignace

Adriaan Willaert. Leven en Werk. Stijl en Genres, Universitaire Pers, Leuven, 1985.
€ 22.00
Erik Tonen Books

d.LOWINSKY, Edward E.

Cipriano De Rore's Venus Motet: Its Poetic and Pictorial Sources, Brigham Young University, Salt Lake City, 1986 (paperback).
€ 20.00
Erik Tonen Books

e. LEITMEIR, C.

Jacobus de Kerle. Komponieren im Spannungsfeld von Kirche und Kunst, Brepols, Turnhout, 2009.
€ 132.00
Erik Tonen Books

f. WILLAERT, Adriaen & Ciprinano DE RORE

Quattro madrigale a cinque e sei voci miste, Florilegio musicale 7, Pro musica, Roma, 1980 (partituur).
€  8.00
Paul van Kuik, Antiquarian Music & Music Literature

g. WILLAERT, Adriaan, A.O. & BOSSUYT, Ignace (intr.)

Fantasie Recercari Contrapunti a tre voci di M. Adriano & de altri autori appropriati per cantare & sonare d'ogui forti di stromenti, etc., Alamire, Peer, 1986. (facsimile)
€  70.00
De Lezenaar

h. DE RORE, Cipriano & HAENEN, Greta (intr.)

Il primo libro di Madrigali cromatici a cinque voci (Venetia, Angelo Gardano, 1593) [6 volumes]
Peer, Alamire, 1986. Complete in 6 volumes. M96626
€  80.00
De Lezenaar

i. DE RORE, Cipriano

O Sonno für 4 Stimmen oder Instrumente
Bibliothek Alter Music 69, Pro Musica, London.
€  6.00
Paul van Kuik, Antiquarian Music & Music Literature


Tweemaal Diapason d’or

 

662. nov. 2017 – Diapason d’or. Nouveautés

Compère: Missa Galeazescha Product Image

 

 

 

 

 

Loyset Compère
Missa Galeazescha

muziek voor de Hertog van Milaan
Odhecaton o.l.v. Paolo Da Col
ARCANA A436

 

werk van Loyset Compère, maar ook van Lübeck, Alexander Agricola, Van Weerbecke en Martini

Besproken in Gramophone Magazine (Nov. 2017), Editor’s Choice:

“This is only the third anthology devoted to Loyset Compère, whose 500th death-anniversary
falls next year; but it is a fitting commemoration...”

662. nov. 2017 – Diapason d’or. Nouveautés

Il Cembalo Di Partenope: A Renaissance Harpsichord Tale

 

 

 

 

 

Il Cembalo di Partenope
A Renaissance Harpsichord Tale

Catalina Vicens, klavecimbel
(type: Napels, vroege 16de eeuw)
CARPE DIEM RECORDS cd 16312
2017


 

Op deze cd: Adriaen Willaert, Qui la dira la peine de mon cueur (bew. Antonio Valente), verder: werk van Antonio Valente, Vincenzo Capirola, Antonio de Cabezón, Bartolomeo Tromboncino, Andrea Antico, Ranier, Joan Ambrosio Dalza, Giacomo Fogliano, Marchetto Cara, Marc’Antonio Cavazzoni, Josquin Des Prez, Claudio Veggio, De Sermisy, Fabricio Dentice, Philippus De Monte

https://www.muziekweb.nl/Link/CAX15043/Il-cembalo-di-Partenope-A-Renaissance-harpsichord-tale
of: https://www.prestoclassical.co.uk/classical/search?search_query=partenope

Besproken in FonoForum, juli 2017:

“The stability and brilliance of the instrument produces, under Catalina Vicens’ fingers, a seductive radiance. Throughout, her playing offers variation in articulation and sound quality…”

Zie ook: Willaert Nieuwsbrief,13de Jg, nr. 5 – 31 mei 2017

 

CITAAT
Cipriano De Rore gediscrediteerd in Ferrara?

 

Laurie Stras, Cipriano De Rore and the Este Women in Cipriano De Rore: New Perspectives on His Life and Music. Ed. B-byJessie Ann Owens & Katelijne Schiltz, Turnhout, 2016:

“Ercole's goal in hiring De Rore might have to bring Wilaert an authority back to Ferrara by a rising young composer from the north. Cipriano's earliest composition associated with Ferrara, the five-voice secular motet Hesperiae cum laeta suas, is certainly a departure from the Ferrarese secular standard. The motet may be the date of his employment, or it might even predate them; as we know, the Este did audition their maestri. (...)

https://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/thumb/b/b5/Clouet_Renata_Ferrara.JPG/800px-Clouet_Renata_Ferrara.JPG

Renée de France, tweede dochter van Lodewijk XII

https://nl.wikipedia.org/wiki/Ercole_II_d%27Este#/media/File:Clouet_Renata_Ferrara.JPG


Although not immediately apparent, Anna's departure in October 1548 was a turning point for the family. Soon after, Ercole and Renée's relationship deteriorated further, and in 1554 he had been imprisoned until she swore to abjure Protestantism for good. This she did, but on her release she retreated permanently to her country house at Consandolo, relinquishing any domestic ties to Ferrara. In 1557, near the end of De Rore's service at Ferrara, a selection of his madrigals was published in two books, one for four voices and one for five. Both books contain works that seem delicately, if troublingly, connected to Renée, articulating both her political and religious isolation from her husband. The associations are formed through the poetic texts, through musical gesture, and musical form. Tasks together, these works suggest that De Rore may have received patronage from the duchess, as well as in her self-imposed exile, and withher husband or her son. De Rore's 1557 madrigal books show traces of the deeply fraught relationship between members of the Este family in the 1550s. Potentially, the Rore's willingness to articulate Renée’s point of view, even to ask for clemency for her, might have contributed to his fall from favour.”

 

Ingekomen correspondentie

 

14/11/2017

Geachte heer Loose, 

Dagelijks even kunnen zien waar de muziek van onze geliefde polyfonisten te horen of te zien is, dank voor dit inspirerend ogenblik bij de ontvangst (of lectuur) van I Fiamminghi. Gelukkig groeit de eigen cd-verzameling ook aan (laatste aanwinst uiteraard "Portrait of the artist as a starved dog" van Graindelavoix) en vinden we soms de tijd om bv. bij Concentus Moraviae of Laus Polyphoniae heerlijke concerten te beleven.  

In Mechelen opgegroeid, in Leuven kunstgeschiedenis gestudeerd en nog Safford Cape, Thomas Binkley en David Munrow con suis, intens meegemaakt. En jaren nadien, verschillende protagonisten en hun ensembles uit ons land in vele contreien vanuit Wenen en Berlijn als diplomaat begeleid en ik noem graag Dirk Snellings, Paul Van Nevel, Philippe Herreweghe, Paul Rans, Eric Sleichim, Jurgen De Bruyn, Björn Schmelzer én Katelijne Schiltz.
Jammer dat ik het niet gehaald heb om in 2015 naar Ronse te komen voor Cipriano de Rore en recent naar Roeselare voor de inhuldiging van het Monument Adriaen Willaert.  

Vaak ben ik in Moravië, doch ook in Praag, Wenen en Bratislava en heb er nog steeds prettige contacten met musici en organisatoren, die begaan zijn met oude muziek. Recent nog met Vojtěch Semerád en zijn Cappella Mariana, doch hun concert (samen met Cinquecento) "Musica invictissima. In Memoriam Jacobus Vaet" in Brno heb ik node gemist.
 
Vojtěch kondigde me hun nieuwe cd aan, waarvoor er nog een crowd funding bij liefhebbers van oude muziek wordt gedaan:

https://www.hithit.com/en/project/4188/cappella-mariana-release-new-album-song-of-Songs .
Het Hooglied van Salomo zal te horen zijn in een versie van Palestrina, doch ook van Josquin des Prez, Nicolas Gombert e.a.


Mijn persoonlijke interesse blijft ook gaan naar de invloeden van onze kunstenaars uit de Zuidelijke Nederlanden in Centraal-Europa. Vandaar het heropnemen van de kunsthistorische studie: ik werk nu aan een proefschrift over  "Anton Schoonjans (1655-1726), een Vlaamse hofschilder onderweg in Centraal-Europa. Zijn leven en werk tussen echtgenote, opdrachtgevers, concurrenten“. En de oude muziek blijft daarbij een echte passie!

Graag wens ik de Adriaen Willaert Stichting alle goeds toe en zend mijn hartelijke groeten aan voorzitter en leden van de vereniging,

Walter Moens 
Lohmeyerstraße 22, 10587 Berlin  
Tel.  00-49-30-31998361  
Mob. 00-49-170-2323895 
E-Mail: Walter.moens@t-online.de
22/11/2017

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------


 

13de jaargang nr 9 - 31 oktober 2017

FRANCO-FLAMAND / FRANCO-FLEMISH

‘An embarrasment of scholarship’?

In Grove Dictionary of Music and Musicians lezen we onder het trefwoord ‘Low Countries’ dat de Nederlandse polyfonie gedurende de 15de en 16de eeuw toonaangevend was in geheel West-Europa: “In the period from about 1480 to 1520, the musical influence of the Netherlands spread throughout Europe in a most impressive way (…).” De termen ‘Nederlands’ en ‘Nederlanden’ zijn problematisch, zo weet ook Grove in een uitgebreide openingsparagraaf. Het mundiale lezerspubliek wordt hierover als volgt geïnformeerd:

“An area that includes the present-day Kingdom of the Netherlands (familiarly but imprecisely known as ‘Holland’), Belgium and Luxembourg. These countries have a long history of changing boundaries and political organization. The term ‘Netherlands’ itself has also changed meaning several times. Initially it was a general geographical name covering the Netherlands, Belgium, Luxembourg and some northern parts of France; after about the mid-15th century it became increasingly a politico-dynastic designation which referred to the northern domains of the Duke of Burgundy. (…) During the reign of Emperor Charles V this tendency towards centralization was continued and, except for the prince-bishopric of Liège, which maintained its independence until 1794, all parts of the present Kingdom of the Netherlands, Belgium, Luxembourg and even areas of northern France (French Flanders with Arras, Hesdin, Douai and Lille and parts of southern Hainaut with the cities of Cambrai and Avesnes), the sizes of which varied according to the prevailing political climate, were united under the jurisdiction of a single prince in 1543. (…). [T]he northern provinces united in 1588 to form the ‘Republic of the Seven United Provinces’ (…) After the French Revolution and the ensuing occupation of both the Republic of the Seven United Provinces and the Austrian Netherlands (1794–1813), the ‘United Kingdom of the Netherlands’, was created in 1815: under that arrangement the Netherlands, with the exception of a few parts of northern France, comprised the old politico-geographical unit established by Charles V.”

Albert Dunning, de eponieme auteur van de entry, onderkent ook de heikele kwestie van de nomenclatuur die hieruit voortvloeide, niet in het minst toen de een ‘Romantic nationalist sense’ de muziekhistoriografie kleurde. In zijn schrijversteam (Jan L. Broeckx, Jos Wouters, Leo Samama, Corneel Mertens, Henri Vanhulst, Paul Ulveling, Wim Bosmans) bevond zich dan ook menige musicoloog ‘van bij ons’. Steeds met de niet-geïnformeerde vorser voor ogen, merkt hij onder meer het volgende op:

“[T]he musical golden age of the area from about 1430 to the close of the 16th century was felt to be typically ‘Netherlandish’. A scholarly basis for that view was argued in the essays by Kiesewetter and Fétis which were submitted as entries in the open competition of the Koninklijk Nederlandsch Instituut van Wetenschappen, Letterkunde en Schoone Kunsten. Even after the collapse of the United Kingdom of the Netherlands the period continued to be called (by Ambros, among others) the ‘Age of the Netherlanders’. Attempts made by modern research to label parts of the period or the period as a whole ‘Burgundian’, ‘Flemish’ or ‘Franco-Flemish’ emphasize too often only a partial aspect or fail to recognize the cultural unity and independence which was centred at that time in the Netherlands as a whole. Moreover, such attempts show the embarrassment of scholarship when faced with the conceptual interpretation of a variable national-geographical name.

Arnold, de opsteller van deze Nieuwsbrief is al een lang leven op verkenning in zowel de klinkende en geschreven muziek als de compositietechnische en cultuurhistorische studie ervan. Gevraagd naar zijn ervaringsdeskundig standpunt, kan hij een zekere irritatie niet verbergen:

“In plaats van ‘Nederlandse’ kan men evengoed schrijven ‘Vlaamse’ polyfonie. De termen verwijzen niet zozeer naar een land of een streek en evenmin naar een taal, wél in de eerste plaats naar een muzikale stijl. Ik merk dat deze naamgeving de laatste jaren meer en meer wijkt voor ‘Franco-Flamand’, ‘Franco-Flemish’ of ‘Franco-Vlaams’. Iets wat ons, Vlamingen, nogal nerveus maakt. En dit om verschillende redenen. Immers, wat wordt hiermee precies bedoeld?”

“Blijkbaar komt die uitdrukking uit Frankrijk overgewaaid en, het Franse chauvinisme indachtig, voelen we snel dat ‘Franco’ niet aan Wallonië refereert, maar veeleer aan een groter stuk van het grondgebied ten zuiden van België. En wat meer is: de foute interpretatie van dit epitheton lokt nogal wat fouten uit. We horen ze op de buitenlandse radio; we lezen ze in Grove en MGG. Bij sommige auteurs worden alle Vlaamse en Waalse componisten zonder onderscheid als ‘franco-flamand’ gemerkt en wordt geheel België plus een stuk van Frankrijk, tot maar liefst voorbij Parijs, een ‘franco-flamand’ land. Enkele voorbeelden, afkomstig uit de vakliteratuur (woordenboeken, boeken, artikels) volstaan ter illustratie:

* Nicolas Gombert: “Vielleicht wurde Gombert im Dorf La Gorgue, im französischsprachigen Teil Flanders geboren (…).“

                Bedoeld is: de gemeente Gorge, in het Frans ‘La Gorgue’, gelegen in Frans-Vlaanderen ofte   Flandre(s) française(s)(!), meer bepaald in het arrondissement Duinkerke.

Fout: in Frans-Vlaanderen werd toen zowel Nederlands als Frans gesproken. De taalgrens kwam niet overeen met de streekgrens. Het is mogelijk dat Gombert Franstalig was. Maar misschien ook niet, want de meerderheid sprak Vlaams.

* Guillaume Dufay: French composer. His ‘homeland’ was the town of Bersele (Beersel) near Brussels.”

Fout: een bewoner van het Brusselse kan onmogelijk een “French composer” genoemd           worden.

* Josquin des Prez:French composer, geboren in de Franse stad Saint-Quentin in de provincie Vermandois aan de Somme.”

Fout, want Josquin is een Belgische, meer bepaald Waalse componist

Volgens David Fallows is hij geboren ca. 1455 te St. Sauveur, tussen Doornik en Ath.
(zie: David Fallows, Josquin, Brepols, Turnhout, 2009)

* “Josquin des Prez was een Franssprekende Vlaming.”

Fout, Josquin des Prez was een Franssprekende Waal.

* Josquin des Prez, le plus grand compositeur Français.”

Fout, Josquin des Prez was een Waalse (of Belgische) componist en geen Fransman.

*”Lassus werd geboren in Henegouwen, een Franco-Vlaamse provincie.

Fout: Henegouwen is een Belgische provincie, in Wallonië.

* Pierre de la Rue: “Franco-Flemish composer. Born in Tournai.

Fout: Pierre de la Rue moet men een Waals componist noemen.

* Ockeghem: “Franco-Flemish composer. Native of Saint Ghislain near Mons.

Fout: Ockeghem is een Waals componist.

En dan gaan we nog voorbij aan de buitenlandse radiozenders (BBC, France Musique, Nederland 4, de Concertzender), waar programma’s ‘Franse muziek’ gebracht worden met, naast Franse meesters als Claudin De Sermisy en Clément Jannequin, bij voorkeur Waalse componisten. Zelfs indien de programmatitel betrekking zou hebben op de taal van de gezangen, is het ook hier verwarring troef!”

Het valt Arnold op, ja ergert hem, dat er in de musicologische literatuur over de renaissancepolyfonie geen of nauwelijks sprake is van ‘België’ en ‘Wallonië:

“Dat zijn nochtans geografische namen die het grote voordeel hebben dat ze duidelijk zijn?”


“De Engelstaligen spreken over ‘the Low Countries’. Dat was o.m. de titel vorige week van het musicologisch congres in New York. Maar met een verkeerde ondertitel: ‘Flanders and Holland’. In het Frans spreken ze over ‘Pays Bas’, dat Nederland bedoelt maar niet hetzelfde is als ‘Les Pays Bas’. Daar behoort immers ook België toe. Inclusief Wallonië?”

“Misschien is het groot gebrek aan interesse bij de Walen voor ‘hun’ muziek een van de oorzaken. Mag ik verwijzen naar de RTBf, de Franstalige Belgische radiozender? Ik bekijk iedere dag hun website op zoek naar wat ze programmeren aan renaissancepolyfonie. Een website met heel wat mooie foto’s en zeer kleurrijk, maar verward qua informatie. Daar is maar één woord voor: sukkelaars! Vergelijk zelf maar eens RTBf https://www.rtbf.be/musiq3/ met KLARAhttps://klara.be/playlists/dagoverzicht#pp-1. Een hemelsbreed verschil.”

Het is echter niet overal kommer en kwel. Arnold rondt daarom graag af met drie Waalse initiatieven die wél zijn goedkeuring wegdragen:

“Toen de stad Bergen enkele jaren geleden de titel ‘Culturele Hoofdstad van Europa’ te beurt viel, werd ‘Roland De Lassus’ m.i. op een voorbeeldige manier in het programma geïntegreerd. Heel degelijk en boeiend, mede door de hulp van de RTBf. Hopelijk wordt 2018 op dezelfde manier het jaar van Pierre de la Rue, geboren in Doornik en in 1518 overleden in Kortrijk. Een Franco-Vlaming? Zeg liever: Een belangrijke Waalse musicus!”

“Verder is er de interessante en kwalitatieve cd-reeks ‘Musique en Wallonie’ met Lassus (5 cd’s), Pierre de la Rue, Josquin des Prez, Guillaume Dufay, Johannes Ciconia enz.:
http://www.musiwall.ulg.ac.be/spip.php?page=catalogue&id_mot=11

“Een prima tekst over dit probleem is de inleiding die de intussen 97-jarige Waalse musicoloog Robert Wangermée schreef voor Thierry Levaux, Dictionnaire des compositeurs de Belgique du moyen âge à nos jours, Brussel, 2006. Dit woordenboek vermeldt enkel componisten geboren in België. Geen uit Nederland. Toch ook minstens drie namen uit Frans-Vlaanderen: Jean Mouton, Henri Beauvarlet en Nicolas Gombert. Maar over deze laatste schrijft Thierry Levaux: “sans doute” geboren te Brugge.

“Men kan,” besluit Arnold, “van de volgende vraag een discussiepunt maken: ‘Moeten de componisten, die bijna gans hun leven in het buitenland gewerkt hebben, nog steeds naar hun geboorteland geklasseerd worden?’ Mijn antwoord is: Ja! Haendel was geen Engelsman, Cesar Franck geen Fransman, Strawinsky geen Amerikaan en Arvo Pärt geen Duitser. Maestro Adriano en Divino Cipriano zijn geen Italianen. Beide, en met hen véle anderen uit het Noorden, werden in het buitenland ‘I Fiamminghi’ genoemd, niet alleen omwille van hun afkomst, maar vooral ook als vertegenwoordigers van een muzikale stijl die de eretitel droeg van ‘Vlaamse polyfonie’.”

De wereld draait door… ook de wetenschappelijke. Het ‘embarrasment’, het ongemak waarmee vooral buitenlandse vorsers kampen, detecteren is een iets, hen ervan bevrijden daartegenover… Je kan het probleem uit de weg gaan zoals de befaamde muziekhistoricus Richard Taruskin, die de term ‘Franco-Flemish’ vermijdt en het liever heeft over ‘cosmopolites’. Of, je kan het probleem te lijf gaan en meedenken over het beste alternatief. Benieuwd naar des lezers kijk op de dingen, zouden wij het fijn vinden, indien u ons uw mening zou toesturen. Met uw instemming publiceren wij die graag ter overweging.
Ons e-mailadres: www.adriaenwillaert.be

 

We maken het onszelf maar vooral ook buitenlandse musicologen gemakkelijk
wanneer we de 15de- en 16de-eeuwse renaissancepolyfonisten, meer dan 650 namen (!),
als volgt catalogiseren:


 A. België

 1. Vlamingen

Willaert, De Rore, Agricola, Obrecht,
Pevernage, De Kerle, Clemens non Papa,
Gaspar Van Weerbeke, Hayne Van Ghizeghem,
Vaet, De Monte, Jacob Van Berchem, Messaus, Prioris, Vento enz.

2. Walen

Josquin, Lassus, De Ghersem, Ockeghem, Dufay (volgens Grove: ‘French composer’),
Binchois, Pierre de la Rue, Compère (volgens Grove: ‘French composer’),
Arcadelt, Jean De Castro, Ciconia, Lambert De Sayve enz.

B. Frans-Vlaanderen

 door Lodewijk XIV terug geannexeerd rond 1650 en 1700 (volgens de Nederlandstalige Wikipedia: ‘afgestaan aan Frankrijk’) en sedertdien geleidelijk Franstalig

Jean Mouton (volgens Grove: ‘French composer’),
Nicolas Gombert, Henri Beauvarlet enz.

C. Nederland

Joannes Tollius, Jan Pieterszoon Sweelinck,
David Janszoon Padbrué, Jacob Van Eyck, Nicolaus Craen enz.

 


Festivals, concerten, liturgische vieringen

Di. 31 okt. 2017 – Marnixring Adriaen Willaert, Zaal Ter Eeste, Roeselare

18.45u.: plechtige installatie Marnixring Roeselare ‘Adriaen Willaert’ Roeselare

“De Marnixring Roeselare ‘Adriaen Willaert’ nodigt u graag uit voor de Plechtige Installatie op 31 oktober. Dit evenement zal doorgaan in Ter Eeste waar we jullie verwelkomen met een uitgebreide receptie, gevolgd door een culinair diner en een afsluitende borrel. De avond wordt opgeluisterd door Brecht Degryse die een pianorecital zal geven met stukken van Roeselaarse componisten. Uiteraard zitten er bewerkingen tussen van Maestro Adriano Willaert. Iedereen welkom mits tijdige inschrijving!”

Meer info: https://www.facebook.com/lieven.bonte.5/posts/10155822630057360

Do. 9 nov. 2017, AMS Annual Meeting, Venetië (IT)

‘round table’ rond Gioseffo Zarlino, 500 jaar na zijn geboorte (°1517) met o.a. Katelijne Schiltz:

Zarlino proudly claimed his lineage as a pupil of Willaert, yet the exact nature of his relationship with Willaert remains puzzling. As the successor of Willaert and De Rore at San Marco, Zarlino’s trajectory differed significantly from both, lacking their distinctive compositional voice and distinguished compositional output. Yet, under his leadership from 1565 to 1590, San Marco was one of the most highly respected musical establishments in Europe, with a distinctive style and distinguished roster of musicians.

http://www.ams-net.org/rochester/

Van do 9 t.e.m. zo. 12 nov. 2017, Tage Alter Musik, Herne (D)

- programma:
Aufbruch! Rebellen, Reformer und Revolutionäre in der Musik zwischen Mitteralter und Romantik

- Zo. 12 nov. te 16.00u, Kreuzkirche

                - Ensemble Magnificat o.l.v. Philip Cave.
- programma: ‘Vokalwerke pro und contra Girolamo Savonarola’ met werk van Heinrich Isaac, William Byrd, Clemens non Papa, Josquin des Prez, Nicolas Gombert en Roland De Lassus

Am 7. Februar 1497 lässt der Dominikanermönch Girolamo Savonarola auf der Piazza della Signoria in Florenz einen fünfzehn Meter hohen »Scheiterhaufen der Eitelkeiten« mit all dem brennen, was das christliche Seelenheil gefährden könnte: vermeintlich heidnische Schriften, pornografische Bilder, Statuen, Schmuck, Perücken, Kosmetika, Spiegel, Spielkarten, aufwändige Möbel, teure Kleidungsstücke. Und auch Musikinstrumente und -noten. Im Jahr darauf, am 23. Mai 1498, stirbt Savonarola an gleicher Stelle den Feuertod.

Rechtstreeks op de Duitse radiozender WDR3.

Alle concerten kunnen nadien op WDR3 beluisterd worden via WDR3 konzertplayer.
http://www1.wdr.de/radio/wdr3/musik/tagealtermusikherne/herne-programm-tage-alte-musik-100.pdf


 Van zat. 11 t.e.m. di. 14 nov. 2017, Blue Heron zingt De Rore

- Nine-Voice Choir Blue Heron o.l.v. Scott Metcalfe
-programma: Songs of Love and Death’

Sonnetten van Petrarca en andere dichters, getoonzet door Cipriano De Rore in I madrigali a cinque voci(Venitië, 1542). Blue Heron (zie ook vorige nieuwsbrief) bereidt zich voor op de cd opname, in wereldpremière, van het volledige eerste boek madrigalen van De Rore, gedrukt in 1542. Bovenstaande concerten passen in dit project.

- drie data, drie locaties:

                - zat. 11 nov. te 14.00u: Bowdoin College Chapel, Brunswick (ME)
- ma. 13 nov. te 20.00u: Chapin Hall, Williams College, Williamstown (MA)
- di 14 nov. te 13.30u: Student Union Building, Bayside (NY)

http://www.blueheron.org/about-us/blue-heron/

Zo. 12 nov. 2017 te 11.00u, Villa della Regina, Turijn (IT)

- Ensemble vocale e strumentale Costanzo Festa
- programma: ‘Io canterei d’amor. Un viaggio amoroso nell’Europa delle corti rinascimentali dal Nord al Mediterraneo’ met werk vano.a. Josquin des Prez, Roland De Lassus en Cipriano De Rore

http://www.associazionemusicaviva.it/Le_Nuove_Musiche_Festival-125.html

Vr. 17 nov. t.e.m. zo. 19 nov. 2017, Vanves (FR)

- Journées de Musiques Anciennes
- programma: concerten, tentoonstellingen, voordrachten, een fringe festival en een wedstrijd

https:// journees-musiques-anciennes.org/en/

Zo. 19 nov. 2017 te 10.00u, Sint-Pieterskerk, Leuven

- Currende o.l.v. Eric Van Nevel
- in een radiomis op Radio1 met Géry De Ghersem (c.1573-1630), Missa ‘Ave Virgo Sanctissima’ a7 en Maria-polyfonie.

Currende bracht deze mis uit op cd bij het label Accent
te beluisteren op YouTube:

https://www.youtube.com/watch?v=VoSjQAB-eLA

Zo. 19 nov. 2017 te 11.00u, de Spil, Roeselare

- aperitiefconcert door Flanders Recorder Quartet
- programma: ‘A song for all seasons’ met o.a.werk van Adriaen Willaert

http://www.despil.be/e2822/flanders-recorder-quartet

Zo. 26 nov. 2017 te 11.00u, Annuntia-instituut, Wijnegem

- aperitiefconcert door Ratas del Viejo Mundo'
- programma: ‘Ossesso’

                “Onder het palindroom ‘OSSESSO’ brengt Ratas del viejo Mundo een selectie van de meest beklijvende pre-             barokke madrigalen (o.a. Willaert, Lassus, de Monte...) en instrumentale werken uit de 16de eeuw.”

https://www.uitinvlaanderen.be/agenda/e/aperitiefconcert-ratas-del-viejo-mundo/107d0ef2-e5c6-4c88-ba93-670ec8ee736b


Woe. 29 nov. 2017 te 20.00u, Concertgebouw, Brugge

- The Sixteen o.l.v. Eamonn Dugan
- programma: ‘Et exultavit spiritum meum’
- 19.15u: inleiding door Koen Uvin

                “Een loflied, een topkoor en vijf eeuwen muziek.”

https://www.concertgebouw.be/nl/event/detail/2996/The_Sixteen

Van woe. 29 nov. t.e.m. vr. 1 dec. 2017, Venetië (IT)

congres en tentoonstelling (tot 31 jan.) Gioseffo Zarlino, 500 jaar na zijn geboorte (°1517)
met deelname van o.a. Katelijne Schiltz

https://www.fondazionelevi.it/event/musico-perfetto-gioseffo-zarlino/ en https://www.fondazionelevi.it/event/musico-perfetto-la-teoria-musicale-nei-libri-stampa/.

 

CIPRIANO DE RORE (c.1515-1565)

Graindelavoix. Portrait of the artist as a starved dog

De nieuwe cd van Graindelavoix, Cipriano de Rore – Portrait of the Artist as a Starved Dog biedt een staalkaart van het fabuleuze madrigalenoeuvre van de excentrieke polyfonist uit Ronse, geboren in 1515 en gestorven in Parma in 1565. Op verschillende avonden in november en december gaat Björn Schmelzer, artistiek leider van Graindelavoix, dieper in op zijn selectie én op de componist zelf. Een portret van Cipriano De Rore, geschilderd door Hans Mielich (1516-1573), levert heel wat informatie over de toondichter als ‘Hongerkunstenaar’ en zijn verhouding met de artistieke wereld in Italië, Duitsland en de Nederlanden. Data:


                - Di. 14 nov. 2017 te 20.30u. Oratoire du Louvre. Parijs (Fr)
http://www.philippemaillardproductions.fr/rubrique/saison-de-concerts-a-paris-2017-            2018.html?idArt=12&prod=369

                - Woe. 15 nov. 2017 te 20.15u. Muziekgebouw aan ’t IJ, Amsterdam (Nl)
https://www.muziekgebouw.nl/agenda/Concerten/6647/graindelavoix/Een_biografie_in_muziek/

                - Woe. 22 nov.  2017 te 20.00u. Museum Vleeshuis. Antwerpen
- Woe. 29 nov. 2017 te 20.00u. Museum Vleeshuis. Antwerpen
- Woe. 6 dec. 2017 te 20.00u. Museum Vleeshuis. Antwerpen
- Woe. 13 dec. 2017 te 20.00u. Museum Vleeshuis. Antwerpen
http://www.museumvleeshuis.be/nl/activiteit/een-hongerkunstenaar-vier-avonden-rond-cipriano-               de-rore-met-bj%C3%B6rn-schmelzer

De legendarische musicoloog Alfred Einstein vergeleek Cipriano De Rore intuïtief met Michelangelo. En dat blijkt nu niet meer zo lukraak: het portret, een mooi voorbeeld van fysiognomische ’terribilità’, is een bewuste zelfstilering van De Rore als ‘Michelangelo' van de muziek...

Aan de hand van luistervoorbeelden uit de nieuwe cd licht Schmelzer de composities van De Rore toe. Vaak zijn die een retorische tour-de-force: er zijn de zettingen van stanze uit de Orlando Furioso van Ariosto, maar er zitten ook theaterstukken bij en een Latijnse lamentatie van Dido op tekst van Vergilius.

Schmelzer gaat ook concreet in op zijn muzikale interpretatie van de madrigalen: aan de hand van luistervoorbeelden worden vocalisering, frasering en retoriek toegelicht. Schmelzers aanpak is evenwel breed cultuurhistorisch en behoeft geen muzikale voorkennis.

Bassano, Bovicelli & Co: Passaggi
Bassano, Bovicelli & Co.: Passaggi  –  Duo Laudino

te beluisteren via Spotify

met van Cypriano De Rore: Signor mio caro
- in een diminutie door Martina Binnig
- in een diminutie door Giovanni Bassano en Girolamo Dalla Casa

 

Toutes les Nuits
Toutes les Nuits. Oneiric music for the awakening of the soul every night  –  Mattea Musso

ACQUA RECORDS AQ493 - 2017

te beluisteren via Spotify

- met van Cypriano De Rore: O Sonno (bew. voor zang  en barokgitaar)
- verder: werk van Santiago de Murcia, Philippe Verdelot, Sigismondo d’India, Barbara Strozzi en anonimi

“The thematic basis of this album focuses on the representation of the oneiric world's path in all its phases: from going to sleep and sunset, going through dreams and the mystery of the night, with all its existential uncertainties, unto the awakening moment and its dawn. Each song perspires an oneiric phase, developing in an anthology of works that walk through the aesthetics of the European Baroque and Renaissance as well as of the Mediterranean folkloric music.”


L'art du madrigal
L’arte del madrigale – Voces Suaves

AMBRONAY EDITIONS 5535511 – 2016

Diapason d’or – découvertes 2017

te beluisteren via Deezer:
https://musique.fnac.com/a10158983/Giaches-de-Wert-L-Arte-del-Madrigale-CD-album#FnacDeezer

- met van Cipriano De Rore: Anchor che col partire (theorbe solo)
- verder: werk van Giaches de Wert, Giovanni Giacomo Gastoldi, Luzzasco Luzzaschi, Lodovico Agostini, Carlo Gesualdo da Venosa, Claudio Monteverdi, Luca Marenzio, Alessandro Piccinini en Padre Duca Guglielmo Gonzaga

Disque Epsilon - couverture
D’un doux regard. Madrigaux de la Renaissance

Ensemble Epsilon o.l.v. Maud Hamon-Loisance

EPSILON – 2014

te bestellen via www.wizacha.com

van Adriaen Willaert: Pianget’egri mortali a 5
verder: werk van tijdgenoten Francesco Layolle, Francesco Corteccia, Matteo Rampollini en Costanzo Festa

musicologische toelichting: Jean Duchamp (Frans & Engels)
www.ensemble-epsilon.com/presentation/discographie


TWEE CITATEN


Citaat I: Wat is een canon?

Ignace Bossuyt, Van noten en tonen. Wegwijs in muzikale begrippen,
Davidsfonds, (herw.) 2017, p. 88 (onze typografie):

canon, imitatiecanon: de meest consequente vorm van imitatie, waarbij twee of meer partijen exact dezelfde melodie uitvoeren, maar op een verschillend tijdstip inzetten (caccia, chace).
Talrijke canons in het werk van de renaissancepolyfonisten:

- J. Mouton:
Nesciens mater en Ave Maria, gemma virginum (achtstemmige motetten op basis van vier tweestemmige canons)

- des Prez:
Missa ‘Ad fugam’ en Missa ‘Sine nomine’; Missa ‘L’homme armé’ sexti toni, Sanctus en Agnus Dei III; canons in motetten: Alma redemptoris mater, Salve regina, De profundis clamavi; in chansons: Baysiez moy, Faulte d’argent en Nimphes, nappés

- Willaert: in motetten: Te Deum Patrem, Praeter rerum seriem, Verbum supernum, Inviolata integra  en Benedicta es coelorum regina; in chansons: Faulte d’argent en J’ayme bien mon ami

- Palestrina: Missa ‘Ad fugam’, Missa ‘Repleatur os meum’ en Missa ‘Sacerdotes Domini’

- Pachelbel: Kanon und Gigue

- Bach: Orkestsuite nr. 2 BWV 1067: sarabande; Vioolsonate BWV 1015: andante; de 8 canons in de Goldbergvariaties BWV 988; Canonische Veränderungen op het koraal Vom Himmel hoch BWV 769 voor orgel; Orgelbüchlein: canons op de koralen In dulci jubilo BWV 608 en O Lamm Gottes unschuldig BWV 618

- Telemann: Canons mélodieux voor twee traverso’s, violen of gamba’s en b.c. TWV 40:118-123

- Mozart: Strijkkwintet KV 406, dl. 3: ‘menuet in canone/trio in canone al rovescio’

- Haydn: menuet in de Symfonieën nrs. 3, 23 en 44; Symfonie nr. 70, dl. 2; Specie d’un canone in contrapunto doppio, andante’; Strijkkwartetten Op. 1/4 en op. 76/2, menuet; Pianosonate nr. 25; Barytontrio nr. 94.

 

Citaat II: Johannes Ciconia


Jordan Alexander Key
over Johannes Cicona - Prolation Canon, ‘Le ray au soleyl’
(Mancini Codex/Lucca Codex, I-PEc MS 3065 no. 9 fol. LXXXIIIr)

A Prolation Canon for three voices by Johannes Ciconia (c. 1370 – 1412)
This piece is a unique example of irregular prolation from the French Ars Subtilior. Utilizing a 4:3:1 proportion, this piece creates an interesting rhythmic phasing effect between the triplum and the cantus (top two voices) nearly 600 years before the 20th century composer Steve Reich popularized
such musical textures. Check out the score in motion at:
https://www.youtube.com/watch?v=YrOEOuwYy3M.


Ingekomen correspondentie

29 sept. 2017.
Beste Arnold,
Hartelijk dank hiervoor – ook om “reclame” te maken voor mijn publicaties rond Zarlino! Graag vermeld ik dat van 29 november t.e.m. 1 december in Venetie een congres en een tentoonstelling rond Zarlino plaatsvinden: zie https://www.fondazionelevi.it/event/musico-perfetto-gioseffo-zarlino/ en https://www.fondazionelevi.it/event/musico-perfetto-la-teoria-musicale-nei-libri-stampa/.
En op 9 november vindt in het kader van de AMS Annual Meeting een “round table” rond Zarlino plaats, waaraan ik ook deelneem: http://www.ams-net.org/rochester/.
Hartelijke groet en een fijn weekend,
Laat gerust weten als je nog verdere informatie nodig hebt!
Katelijne Schiltz

In een volgende e-mail vraagt Katelijne Schiltz of iemand haar kan inlichten over de begraafplaats van Adriaen Willaert (in Venetië?).

Katelijne Schiltz asks if anyone can inform her about the graveyard of Adriaen Willaert (in Venice?).
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

13de jaargang nr 8 - 30 sept. 2017

In onze vorige nieuwsbrief hadden we het over Te Deum laudamus, de recente cd van Cinquecento met gewijde muziek van Jean Guyot. Een schot in de roos, zo blijkt, want het wereldvermaarde vocaal ensemble blijft maar in de prijzen vallen met deze hommage aan de Luikse renaissancepolyfonist. Sinds de release eind april 2017, kent de Hyperion-productie een topsucces. In augustus ontving Cinquecento hiervoor de Preis der Deutschen Schallplattenkritikvan het voorbije kwartaal (zie volgende pagina). De meest recente bekroning dateert dan weer van enkele dagen geleden. Op dinsdag 26 september volgde de thuisbasis Oostenrijk met de Pasticcioprijs te beurt, uitgereikt door het gelijknamige programma van de Österreichischer Rundfunk (ORF). Tussenin viel het Guyot-project van Cinquecento ten slotte de misschien wel meest begeerde onderscheiding te beurt. In de laatste aflevering van het Franse muziekmaandblad Diapason (sept. 2017) kreeg het de felbegeerde Diapason d’Or toegekend in de reeks ‘découvertes’.


 

 

Ook andere muziektijdschriften schreven zeer lovend over deze cd. Hier volgt een kleine selectie.

* David Fallows in Gramophon

The ensemble Cinquecento  – resident in Vienna but international in their personnel –  have made something of a career by recording obscure 16th-century composers with Viennese associations. But this time the word ‘obscure’ is an understatement: Jean Guyot was master of music at the Imperial Chapel for less than a year, 1563-64, and his known career was otherwise entirely at Liège. His known output of 27 motets, 16 chansons and a Mass (of which, so far as I can establish, only five chansons are available in modern edition: everything here seems to be newly edited by the singers of Cinquecento) puts him alongside dozens of lesser-known composers of the late 16th century: Grove does not even itemise his works; and the only major study of him is a magnificent two-volume monograph published in his home town of Châtelet in 1875 by one Clément Lyon, who styled himself ‘ancien officier de l’armée belge’.

But Guyot emerges from this disc as a marvellously fluent composer, perhaps a touch unvaried in texture but always pleasing: only in the Te Deum that closes the disc, conceivably one of his last works, does the music actually begin to jump to the ear. The five adult men of Cinquecento  —here joined by the countertenor David Allsopp—  are, as always, absolutely flawless in the performance of this music. Even by the best standards of today their ensemble, balance and intonation are beyond reproach. David Gostick’s lucid and useful booklet-note includes deft characterisations of the motets presented. (april 2017)

* Dominy Clements in MusicWeb International

(...) We are privileged to be offered such a marvellous introduction to this genuinely obscure but unfairly neglected master. (juni 2017)


* D. James Ross in Early Music Review

(...) I always enjoy the rich, blended sound which Cinquecento produce as well as their intelligent readings of the music they perform, and they are the ideal advocates of Guyot’s wonderful music, bringing a superbly professional gleam to his densely scored motets. These are works of exquisite beauty and striking originality, while the concluding Te Deum laudamus is a towering masterpiece of cumulative power and expressiveness, and a work which in Cinquecento’s persuasive performance I found intensely moving. Beautiful music, superb singing, a vibrantly clear recording, fascinating and beautifully written programme notes  —it doesn’t get much better than this! (mei 2017)

* Marcel Bijlo in Klassieke Zaken

(…)  Cinquecento is met zijn warme en rijke ensembleklank de ideale pleitbezorger voor deze muziek. Hun optredens in de Utrechtse Pieterskerk tijdens het Festival Oude Muziek zijn al een paar jaar gegarandeerd uitverkocht, hoe onbekend de componisten ook zijn die ze op hun programma’s hebben staan. Daarmee kan het ensemble nog heel lang doorgaan, want wat we nu kennen is nog maar een klein deel van wat er uit de zestiende eeuw tot ons gekomen is. (februari 2017)

cd-referentie: http://www.hyperion-records.co.uk/c.asp?c=C4038
luisterfragmenten: https://www.youtube.com/watch?v=RAPU6sCGXhs
YouTube, proefopname: https://www.youtube.com/watch?v=x1Rg-rY4uBU

 

EARLY music CELEBRATION 2017
NEW YORK, 13 – 22 oktober

Zat. 14 okt. 2017, te 19.00u, The Riverside Church

- Renaissance Chorus New York (RenChorNY) o.l.v. Claude Levy
- programma: Music c1460-1600 from the Low Countries about Music and Musicians

Music to be chosen from: BY Busnoys, Compere, Josquin, Gombert, Certon, Mouton, Moulu, Senfl, Lassus, Handl, Schuyt, Stobaus, Praetorius; and about Pithagora, Du Fay, Dussart, Busnoys, Caron, G.de Brelles, Tinctoris, Corbet, Hemart, Fauges, Molinet, Regis, Compere, Baziron, Obrecht, Eloy, Hayne, La Rue, Longuevel, Lourdault, Prioris, [fratres]Fevin, Hilaire, Divites, Brumel, Isaac, Nynot, Forestier, Bruhier, Mouton, Ockeghem, Josquin, and Sermisy.

Zo. 15 okt 2017 te 14.00u, location decided shortly before the event

- Renaissance Street Singers
- programma: Sacred Music from the Golden Age of polyphony

We will perform some of our favorite motets from the Netherlands, Italy, Spain, France, England, and elsewhere. Included will be works by Agricola, Gombert, Lassus, Monte, Obrecht, Rore, Wert, and many of other nationalities. Our concerts are always free.

Zo. 15 okt. 2017 te 14.00u, The Riverside Church

Geert D’Hollander, carillonneur, will perform a recital of Flemish repertoire.


Zo. 15 okt. 2017 te 16.00u, Corpus Christi Church

- Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull
- programma: Triptych – The Musical World of Hieronymus Bosch

Music by Pierre de la Rue, Missa ‘Cum Jocunditate’
3 pm, auditorium: pre-concert lecture and Q & A by prof. M. Jennifer Bloxam

Woe. 18 okt. 2017 te 19.30u, The Morgan Library & Museum

- Camerata Trajectina
- programma: Music from the Age of Vermeer

Inspired by the Dutch Golden Age, this program features music by Jacob van Eyck, Antoine Boësset, Jan Pieterszoon Sweelinck, Pieter Corneliszoon Hooft, Jan Jansz. Starter, and Constantijn Huygens.

Woe. 18 okt. 2017 te 20.00u, Fort Washington Collegiate Church

- Renaissance Chorus New York o.l.v. Claude Levy
- programma: zie 14 oktober

 

 

Vr. 20 okt. 2017 te 20.00u, Christ and St. Stephen’s Church

- Collectio Musicorum
- programma: werk van Matteus Pipelare

Matteus Pipelare was a contemporary of Josquin, but, unlike his more famous colleague, he never left the Low Countries, living and working in Louvain, Antwerp, and 's-Hertogenbosch. This concert features his Missa da Feria and Magnificat, along with keyboard intabulations of other works. The concert will also feature both choral and organ music by other composers.
The concert is in memory of Dr. Ronald Cross (1929-2013), the Flemish-American musicologist who was the editor of the complete edition of Pipelare's music.

Zat. 21 okt. 2017 vanaf 9.30u en zo. 22 okt. vanaf 9.30u, Ella Baker School. Manhattan

Recorder-centric workshop featuring many of New York's finest recorder teachers

Medieval, Renaissance, and Baroque music will be featured in classes for intermediate, high intermediate, and advanced recorder players.


Zat. 21 okt. 2017 te 13.15u, St Thomas Church

Juli Zhu, carillon-prelude gevolgd door een orgelrecital van Daniel Hyde

In its sixth bi-annual festival, New York Early Music Celebration 2017 features the many and varied Renaissance and Baroque repertoires that emanated from Holland and Flanders.
Saint Thomas Church's Award-winning carillonneur, Julie Zhu, plays a carillon prelude on the twenty-six church bells that ring out over Fifth Avenue.
Immediately following, organist and Director of Music Daniel Hyde plays a handpicked program of North German and Dutch music, ideally suited to the gallery organ, designed and built by Taylor & Boody of Staunton, Virginia.
The program will include music by the precursors to J.S. Bach displaying the kaleidoscopic sounds of the Loening-Hancock organ in music 'avant' Bach, by Sweelinck, Scheidt, Buxtehude, Böhm, and Bruhns.

Zat. 21 okt. 2017 te 15.00u, Morris-Jumel Mansion

- Brooklyn Baroque & Stefano Bagliano (recorder)
- programma: The virtuoso recorder

Concert including music by Jacob van Eyck, Willem de Fesch, and Jean-Baptiste Loeillet, as well as Telemann, Bach, and Sammartini. The concert will take place in the octagonal music room of the historic Morris-Jumel Mansion, Manhattan's oldest house. Built in 1765, the Mansion was Washington's headquarters during the Battle of Harlem Heights, as well as Lin Manual Miranda's inspiration for the musical Hamilton. A reception will follow the concert.

Zo. 22 okt. 2017 te 14.00u, location decided shortly before the event

- The Renaissance Street Singers
- programma: zie 15 oktober

Zo. 22 okt. 2017 te 15.00u, Church of St. Ignatius of Antioch

- Ensemble Pomerium.
- programma: Flemish Musical Mastery at the Time of Hieronymus Bosch

Contrapuntal masterpieces of sacred music for from three to six voices by the leading lights of Franco-Flemish music in the fifteenth and sixteenth certuries: Du Fay, Compère, Obrecht, Isaac, Agricola, Josquin, Gombert, Cipriano De Rore, Lassus, Wert.
The program is designed as a complement to the exhibition at the National Gallery of Art in Washington, DC, of drawings by Flemish artists from Bosch to Bloemaert.
Pomerium will present this program again on October 29 at the National Gallery of Art.

Zo. 22 okt. 2017 te 16.00u, Grace Church in New York

programma: An afternoon of organ music by Sweelinck, van Nordt, Scheidemann and friends

Zo. 22 okt. 2017 te 17.00u, First Church of Christ

Barthold Kuijken speelt barokmuziek.

 

 


(FESTIVAL)CONCERTEN

Vrij. 13 t.e.m. vrij. 20 oktober 2017: Amerikareis door Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull

* drie programma’s:

1. The musical world of Hieronymus Bosch, met werk van Pierre de la Rue
2. Missa Lutherana, met werk van Heinrich Isaac en Josquin des Prez (zie ook: volgende rubriek)
3. Workshop: singing polyphony straight from the source

 

* data & locaties:

                vr. 13 okt. (uur?): University of Maine, Orono (ME)
vr. 20 okt. te 20.00u: University of Maryland, College Park (MD)
zat. 21 okt. te 17.00u: Milwaukee (WI)
zo. 22 okt. te 19.00u: Yale University, New Heaven (CT)

www.cappellapratensis.nl

Vr. 29 sept. 2017 te 20.00u, Temple de Port-Royal, Parijs (FR)

In het kader van het festival Marin Marias

- blokfluiten-ensemble Selva di Flauti
- programma: Plorans ploravit, met werk van van o.m. Josquin Des Prez, Adriaen Willaert, Petrus Alamire, Nicolas Gombert, Heinrich Isaac en Roland De Lassus

http://www.flutes-a-bec.com/selva-di-flauti-29-septembre-paris/

 

 

Blue Heron o.l.v. Scott Metcalfe (zie: zondag 1 oktober)

 

Zat. 30 sept. 2017 te 19.30u, Parish Church of St. Mary the Virgin, Tetbury (UK)

In het kader van het Tetbury Music Festival

- The English Cornett and Sackbut Ensemble
- programma: An introduction to the world of Venetian music for cornetts and sackbut, met werk van o.m. Adriaen Willaert, Le Rose, met diminuties naar Ganassi

http://www.tetburymusicfestival.org/english-cornett-sackbut-ensemble

Zat. 30 sept. 2017 te 19.30u, Church of St Peter and St Paul, Alconbury (UK)

- Divers Voyces o.l.v. Jeremy Jepson
- programma: A sure Stronghold – Music from the Reformation & Counter-Reformation met werk van o.m. Gioseffo Zarlino, Nicolas Gombert en Roland De Lassus

http://www.diversvoyces.org.uk/

Zo. 1 okt. 2017 te 16.00u, Corpus Christi Church, New York City (VS)

In het kader van Ockeghem@600

Nine-Voice Choir Blue Heron o.l.v. Scott Metcalfe.

Ockeghem@600 is Blue Heron’s multi-year project to perform the complete works of Johannes Ockeghem (…) in thirteen programs over the course of seven seasons. Inaugurated in the spring of 2015, Ockeghem@600 will wind up in 2020-21, just in time to commemorate the 600th anniversary of Ockeghem’s birth in circa 1420. This sixth program opens with Au travail suis, a song by the obscure composer Barbingant that nonetheless inspired the three pieces by Ockeghem: his song, Ma maistresse, Missa ‘Au travail suis’, and Missa ‘Ma maistresse’. The final motet is by an esteemed contemporary, Johannes Regis.

http://mb1800.org/concert/blue-heron-2/

 

Vr. 6 okt. 2017 te 20.00u, Kerk van Onze Lieve Vrouw ter Kapelle, Brussel

- Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel
- programma: De teloorgang van de middeleeuwen. Het mysterie van Firminus Caron (Amiens, ca. 1440 – 1495)

Firminus Caron is een buitengewone maar weinig gedocumenteerde componist uit Frans-Vlaanderen. Wellicht geboren in Cambrai, moet hij Dufay gekend hebben vooraleer naar Rome te verhuizen. De aanwezigheid van zijn werken in de codex van het Vaticaan getuigt hiervan. Is over zijn leven weinig geweten,  zijn oeuvre is niettemin uitzonderlijk rijk. Zijn uiterst gevarieerde stijl en zijn gebruik van ritmische proporties, onderscheiden hem duidelijk van zijn tijdgenoten. In dit programma brengen wij 5 misdelen (waaronder een van de Missa ‘L’Homme armé’) naast profane chansons en rondeaus. De vocale verfijning van zijn profane composities moet zeker niet onderdoen voor zijn religieuze muziek. Het Huelgas Ensemble zette dit programma op cd in 2014.

http://www.huelgasensemble.be/

Zat. 7 oktober 2017 te 20u, Potteriekerk, Brugge

- Quilisma Ensemble o.l.v. Koenraad Verstichel, i.s.m. het instrumentaal ensemble Pandora²
- programma: La Mijene Fantazie, met werk van Oudenaardse componisten van de 15de tot de 21ste eeuw, o.m. Benedictus Appenzeller, Gaspar Van Weerbeke, Matthijs De Castelein en Georges Cabilliau.
Na het concert volgt de voorstelling van hun cd La Mijene Fantazie.

www.quilisma.be


 


Zat. 7 okt. 2017 te 19.00u. Evora (PT)

In het kader van XX Festival Jornades ‘Escola de Música da Sé de Évora

- Cappella Pratensis
- programma: Missa Lutherana, met werk van o.m. Heinrich Isaac en Josquin Des Prez

www.cappellapratensis.nl

In 2017 the world celebrates the 500th anniversary of the historic-symbolic start of the Reformation, when Luther nailed his famous 95 theses to the door of All Saints Church in Wittenburg. Cappella Pratensis marks this year with a program devoted to the very first music of the Protestant movement. The ensemble will present a Christmas Mass as it might have been heard in the very early years of the Protestant movement. The program will show that Luther retained much more of the liturgical and musical tradition than is normally assumed.
Central to this program are the composers Heinrich Isaac and Josquin Desprez,  two composers who might normally be seen as representing the ‘old’ polyphonic style that Luther ‘rejected’. The clarity of their music, however, clearly appealed to Luther as he sought to create a new aesthetic for his movement. Luther in fact called Josquin his favourite composer! The program also includes work by Johan Walter, one of the first composers to set Luther’s own texts. As specialists in the polyphony of the early sixteenth-century, Cappella Pratensis is uniquely placed to trace the musical origins of the Lutheran movement.

Woe. 11 oktober 2017 19.30u, The Red Church, Brno (CZ)

- Cinquecento en Cappella Mariana
- programma: Musica invictissima, met werk van o.m. Jacobus Vaet, Jacob Regnart, Philippus De Monte, Jean Guyot en Pieter Maessens

http://www.filharmonie-brno.cz/en/#en/detail/-62-mp-5-2-musica-invictissima/


Zat. 28 oktober 2017 te 20.00u, Ridderzaal Kasteel Ammerzoyen (NL).

Kasteelconcert met Venetiaanse muziek uit renaissance en barok

- het Italiaans ensemble Prothimia
- programma: Io canterei d’amore, met werk van o.m. Cypriano De Rore

https://www.glk.nl/actueel/evenementen1/evenement/?bericht=3311

Zo. 29 oktober 2017 te 16.00u, Sint Pieters en Pauwelkerk, Mechelen

- Ensemble Currende o.l.v. Eric Van Nevel
- programma: Philippus De Monte – ongehoord, over de grote diversiteit van de maestro [1521 - 1603]

www.currende.be

 

Gioseffo Zarlino
Le istitutioni harmoniche (Venetië, 1558)

Gioseffo Zarlino (1517-1590) was een van de vele leerlingen van Adriaen Willaert in Venetië.
Hij werd geboren in Chioggia, een Noord-Italiaanse stad aan de Adriatische Zee binnen de stadsrepubliek Venetië. Al op 19-jarige leeftijd was hij er werkzaam als zanger en als organist, maar na 5 jaar trok hij naar de dogestad, waar hij dus in de leer ging bij Willaert. Rond Maestro Adriano had zich inmiddels een ‘kring’ van musici gevormd, waarbinnen Zarlino zich al snel vol overgave engageerde. Hij ontmoette er ook Cipriano De Rore, Andrea Gabrieli en veel anderen.



Gioseffo Zarlino (1517 – 1590)
Museo internazionale e biblioteca della musica, Bologna


 

In 1562 stierf Adriaen Willaert en Cipriano De Rore  volgde hem op als kapelmeester aan de San Marco. Maar al op vijf juli 1565 nam Gioseffo Zarlino dat ambt over en bekleedde het tot zijn dood in 1590.
Grotendeels in die hoedanigheid componeerde hij 38 motetten en 13 madrigalen, bijna uitsluitend 5 of 6 stemmig. Zij werden in Venetië in druk uitgegeven  – de allereerste bundel in 1559 door Antonio Gardano, de tweede in 1566 door Francesco Rampazetto.

Gioseffo Zarlino was een sleutelfiguur in de muziekgeschiedenis, niet als componist, maar als theoreticus. Al onderstreept hij dat er geen onderscheid mag bestaan tussen de theoreticus (musicus) en de practicus (cantor). Musicus en cantor moeten in één persoon verenigd zijn. Zarlino wees derhalve zijn leermeester Adriaen Willaert aan als het ideaal van deze ‘musico perfetto’. Hijzelf, daartegenover, leeft voort in diverse werken over de grondslagen van de harmonie. Twee daarvan zijn bijzonder waardevol, niet in het minst voor een beter begrip van Willaerts contrapuntiek. Het eerste was Le istitutioni harmoniche, anno 1558 in Venetië gepubliceerd door Francesco dei Franceschi Senese. Het tweede, dat bij dezelfde uitgever verscheen in 1571, heet Dimostrationi harmoniche. Beide behoren tot op vandaag tot de basisliteratuur m.b.t. de toonspraak van de renaissance.

Willaerts werken getuigen van een stijlevolutie, gebaseerd op nieuwe esthetische inzichten, met als resultaat o.m. een betere tekstverstaanbaarheid, een grotere aandacht voor de klankkleur en de toename van een concerterende reflex. Tevens maakt de cantus firmus-techniek geleidelijk plaats voor het vrijere imitatieve contrapunt. In De contrapunttheorie van Gioseffo Zarlino (1992) stelt prof. Bruno Boukaert dat Zarlino eerder de conservatieve koers van zijn leermeester heeft gevolgd, de zogenaamde prima prattica. ‘Conservatief’?Jawel, maar dat belet niet dat Zarlino evenzeer naar de toekomst wijst, nuanceert hij.

 

De nadruk op de verticale (harmonische) oriëntatie van het compositieproces, het toenemende belang van de bas als fundament van de stemvoering, de uiteenzetting over meerkorigheid en de grotere aandacht voor tekstdeclamatie en -expressie (uitgewerkt in het vierde deel van de Istitutioni) zijn allemaal symptomen van de uitbouw van deze nieuwe klankstijl door de leerlingen en volgelingen van Willaert. Aan het etiket ‘conservatief’ is hiermee een nuancering toegebracht. (O.c.. p. 104) Bouckaert wijst er eveneens op dat Willaert in zijn polyfone composities wel eens durft te ‘zondigen’ tegen Zarlino’s regels, of beter, tegen zijn eigen regels. Dit geschiedt evenwel met de nodige omzichtigheid, handig verwerkt in het polyfone weefsel, waardoor de demarche nooit verrassend of storend klinkt. Hét verschil, aldus Bouckaert, tussen theorie en praktijk!

Bij Zarlino lezen we ook menige getuigenis over de persoon zelf van Maestro Adriano. Zo vertelt hij hoe Willaert als jonge man eerst naar Parijs trekt om er rechten te studeren, maar er door de Frans-Vlaming Jean Mouton, hofcomponist onder Lodewijk XII en Frans I, toe aangezet wordt om, zoals vele Vlamingen dit deden, in Italië carrière te maken als muzikant. Volgens Zarlino keerde Willaert toch eerst terug naar Vlaanderen, mogelijk om in Leuven te gaan studeren. In 1515 is Willaert in Rome, waar de bekende en eervolle geschiedenis rond zijn Verbum bonum et suave moet hebben plaatsgevonden. Willaert hoort in de pauselijke kapel dit zesstemmige motet zingen. Men is er de mening toegedaan dat het een werk van Josquin des Prez is, maar Willaert aarzelt niet zichzelf als de waarachtige componist ervan te openbaren. Gevolg: ze willen het niet meer zingen! Pas in 1519 werd dit motet door Petrucci gedrukt met de duidelijke vermelding van ‘Adrianus’ als auteur. Zie hierboven een bladzijde van de altpartij (Altus).

Niet helemáál correct is Zarlino’s bewering dat Willaert “de uitvinder van de meerkorige schrijfwijze” was.  Die schrijfwijze bestond al, maar Willaert heeft rond 1550 in zijn uitgave van de psalmen enkele van die werken in een meerkorige versie gecomponeerd, waardoor het systeem meer aandacht genoot en uiteindelijk uitgegroeid is tot een prominente compositietechniek, door Johann Sebastian Bach bijzonder effectvol toegepast in bepaalde van zijn motetten, cantaten en, uiteraard, zijn Mattheuspassie.

In zijn Demonstrationi harmoniche poneert Gioseppe Zarlino nog meer belangrijke stellingen, veelal met de composities van Willaert als duidelijke voorbeelden, zo onder meer over het belang van een correcte én natuurlijke tekstplaatsing: “Maar men ziet toch wel dat de tekst zodanig met de muziek verbonden is, dat al wie het ene van het andere zou willen scheiden, zou doen alsof hij het lichaam van de ziel scheidt.” Het is ook dankzij Zarlino en tijdgenoten bekend dat Willaert zeer geconcentreerd en zonder overhaasting componeerde. “Het vraagt veel geduld om hem aan het componeren te krijgen.” schrijft de Venetiaanse edelman Roberto Strozzi in 1534. In hetzelfde Demonstrationi harmoniche vertelt Zarlino ook hoe hij in april 1562, acht maanden voor diens dood, een bezoek brengt aan de zieke Willaert, die hevig geplaagd werd door jicht. Hij klopte er aan met de organist Merulo en de kapelmeester van Alfonso II d’Este, Francesco Viola. Het drietal treft daar ook Alfonso d’Este zelf aan met zijn gevolg. In hun gesprek wordt door iedereen en in de eerste plaats door Alfonso d’Este zelf met grote waardering over de muziek van de Maestro gesproken. Het wordt daar voor Gioseppe Zarlino meteen ook duidelijk hoe Alfonso heel wat bijgedragen heeft tot de publicatie van Willaerts muziek, o.m. tot de prachtuitgave van Musica Nova.

Bronnen

- Katelijne Schiltz, Gioseffo Zarlino and the MISERERE tradition: A Ferrarese connection? in Early Music History. 2008. Cambridge. p. 208.

-Ignace Bossuyt, Adriaan Willaert (ca. 1490-1562). Leven en werk. Stijl en genres, Leuven, 1985.

- Bruno Bouckaert, De contrapunttheorie van Gioseffo Zarlino (1517-1590) uit LE ISTITUTIONI HARMONICHE (Venetië 1558) in relatie met de compositiepraktijk van Adriaan Willaert (ca. 1490-1562). Prijsvraag uitgeschreven door de Koninklijke Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België voor 1992.


 


Hierboven ziet u het titelblad en hieronder pagina’s 19 en 20 uit Le Istitutioni harmoniche, het beroemde studieboek van Gioseffo Zarlinoin de uitgave van Venetië, anno 1562. Hieronder volgt een belangrijk fragment in vertaling. Zie: de laatste vier regels van de eerste tekstbladzijde vanaf “Nondimeno l’ottimo Iddio…” tot de eerste zes regels van de tweede tekstbladzijde “chiarissimo essempio”:

“Niettemin, de allerhoogste God, die er van houdt dat zijn oneindige macht, wijsheid en goedheid door de mensen wordt geroemd en kenbaar gemaakt door middel van hymnen en gracieuze, aangename melodieën, kon niet langer verdragen dat die kunst die voor zijn eredienst dient, laag bij de gronds bleef en dat hier op aarde niet tot uiting kwam hoe heerlijk de gezangen van de Engelen kunnen zijn, die in de hemel zijn majesteit loven. Daarom heeft hij er in toegestemd dat in onze tijd Adriano Willaert geboren werd, die werkelijk een van de zeldzaamste intellecten is, die ooit de praktische muziek hebben beoefend: hij heeft, als een nieuwe Pythagoras, zeer nauwkeurig alles onderzocht wat in de muziek mogelijk was, en toen hij er oneindig veel fouten in ontdekte, is hij die beginnen wegwerken en de muziek terugvoeren tot die eer en waardigheid die zij eertijds bezat en tot wat zij redelijk gesproken moest zijn. Hij heeft bovendien getoond hoe hij in staat was elke muzikale zang op een redelijke en elegante manier te componeren. In zijn eigen composities gaf hij hiervan het duidelijkste voorbeeld.”

                (vertaling overgenomen uit Ignace Bossuyt, Adriaan Willaert (ca. 1490-1562) Leven en werk. Stijl en    genres, Leuven. 1985. p. 8.)

Selectieve uitgave van zijn composities:

Gioseffo Zarlino. Motets from the 1560s. Seventeen Motets from Modulationes sex vocum and Motetta D. Cipriani de Rore et aliorum auctorum. Ed. by Cristle Collins Judd, Katelijne Schiltz, A-R Editions. 2015. http://www.areditions.com/zarlino-motets-from-the-1560s.html

Par comparaison, la réputation posthume de Willaert, de manière générale en tout cas, est bien moins impressionnante. Si son nom apparaît régulièrement dans les traités théoriques, c'est en particulier grâce aux Istitutioni harmoniche de GioseffoZarlino (Venise, 1558) : en appuyant abondamment sa théorie du contrepoint et de la modalité sur des exemples du répertoire de Willaert, il a confirmé la réputation de celui-ci comme compositeur phare de sa génération. Il est néanmoins révélateur que l'intérêt pour la musique de Willaert décline fortement à partir des années soixante-dix du Cinquecento. Dix ans à peine après sa mort, ses ouvrages ne sont plus réimprimés que sporadiquement et disparaissent bientôt complètement du marché de l'édition.
 Diverses raisons historiques et musicales peuvent être avancées pour expliquer ce désintérêt progressif pour la musique de Willaert et la différence entre la réputation dont il a joui de son vivant et sa reconnaissance posthume.”

Internetedities bij IMSLP:

-http://imslp.org/wiki/Category:Zarlino,_Gioseffo/Books
-Ecce iam venit plenitudo
http://imslp.nl/imglnks/usimg/6/6f/IMSLP330239-PMLP534320-Zarlino;_Ecce_iam_venit_plenitudo_(Corr.).pdf

Klankopnamen: YouTube


 

 




Internet:

http://imslp.nl/imglnks/usimg/6/6c/IMSLP317594-PMLP156553-leistitutionihar00zarl.pdf


GEDIGITALISEERDE WERKEN IN DE ‘ALBERTINA’

 



Koninklijke Bibliotheek van België, Brussel

Zoekmethode

1. Met de titel van het werk of de naam van de auteur zoeken in de catalogus van de bibliotheek
http://opac.kbr.be/index.php

2. Wanneer de bibliotheekfiche op het scherm verschijnt, is met een klein oogje aangeduid dat er een gedigitaliseerde versie bestaat van het gezochte werk.

3. Tik op het oogje. Het gezochte werk komt op het scherm. Het opladen kan even duren, vooral als het grote werken betreft.

Ofwel rechtstreeks met het codenummer werken:

bijv. http://uurl.kbr.be/1563847
Tijlman Susato. La cinquiesme et sixiesme partie du cinquiesme livre contenant trente et une chansons nouvelles a cincq et six parties… Fo. IX. Adrian Vuillart. Fuga in subdiapente a six. Faulte d’ argent cest douleur non pareille…

Adriaen Willaert
1. Novum et insigne opus musicum, sex, quinque et quatuor vocum, cujus in…
Hieronymus Grapheus, 1537
http://uurl.kbr.be/1560381


2. Premier [-le dixiesme] livre des chansons a quatre parties…
Tielman Susato, 1543-1545
bijv. http://uurl.kbr.be/1563847
 3. Musica Nova di Adriano Willaert...
Antonio Gardano, 1559
http://uurl.kbr.be/1560753
 4. Madrigali a quatro voci di Adriano Willaert…
Girolamo Scotto,1563
http://uurl.kbr.be/1562452

Cipriano De Rore
 1. Premier [-le dixiesme] livre des chansons a quatre parties…
Tielman Susato, 1543-1545
bijv. http://uurl.kbr.be/1563847

 2. Il cicalamento delle donne al bucato, et la caccia…
Girolamo Scotto, 1567
http://uurl.kbr.be/1046640
 3. Il primo libro de madrigali a quattro voci…
Antonio Gardano, 1569
http://uurl.kbr.be/1562436
 4. Mellange de chansons tant des vieux autheurs que des modernes…
Adrien Le Roy / Robert Ballard, 1572
http://uurl.kbr.be/1563873
 5. Il quinto libro di madrigali a cinque voci…
haeredes Antonio Gardano, 1574
http://uurl.kbr.be/1562836
 6. Il primo libro di madrigali a cinque voci…
Angelo Gardano, 1582
http://uurl.kbr.be/1562508
 7. Harmoniae miscellae cantionum sacrarum…
Witwe Dietrich Gerlach und Erben, 1583
http://uurl.kbr.be/1560419
 8. Il primo libro delle flamme…
haeredes Girolamo Scotto, 1585
http://uurl.kbr.be/1562849


 9. Il quarto libro de madrigali a cinque voci…
Angelo Gardane, 1593
http://uurl.kbr.be/1562761
10. Il primo libro di madrigali cromatici a cinque voci…
Angelo Gardane, 1593
http://uurl.kbr.be/1562797
11. Il secondo libro di madrigali a cinque voci…
Angelo Gardane, 1593
http://uurl.kbr.be/1562810
12. Il terzo libro di madrigali a cinque voci…
Angelo Gardane, 1593
http://uurl.kbr.be/1562820
13. Musica divina di XIX. Autori illustri
Petrus Phalesius II / Joannes Bellerus Lucasz. I 1595
http://uurl.kbr.be/1563523
Verder ook nog werken van:

Alexander Agricola, Martin Agricola, Jacques Arcadelt, Pierre Attaingnant,
Antoine Brumel, Thomas Crecquillon, Jean De Castro,
Jacobus de Kerle, Fernand De Lassus, Roland De Lassus,  Rinaldo Del Mel, Pierre de Manchicourt, Philippus De Monte, Josquin des Prez, Giaches De Wert, Benedictus Ducis,
Nicolas Gombert, Lupus Hellinck, Heinrich Isaac,
Ninon Le Petit, Johannes Lupi, Jacques Moderne, Jean Mouton, Jacob Obrecht, Johannes Ockeghem, Andreas Pevernage, Petrus Phalesius I, Petrus Phalesius II, Peter Philips, Loyset Piéton,
Tielman Susato, Jan Pieterszoon Sweelinck, Jan Tollius,
Hayne Van Ghizeghem , Karel Van Hove, Philippe Verdelot, Cornelis Verdonck
en Hubert Waelrant.

 

Albertina: de afdeling muziek

EEN CITAAT

De muzikale luister aan het hof van Keizer Maximiliaan I
Stephanie P. Schlagel, The Liber selectarum cantionum and the ‘German Josquin Renaissance’.
Review in The Journal of Musicology, 19, 4 (2002), p. 577.

Although neither La Rue nor Obrecht were members of the Imperial chapel, their compositions in the Liber selectarum cantionummay still commemorate the musical splendor at Maximilian’s court, albeit indirectly. La Rue joined Maximilian’s Burgundian entourage in 1492 but remained at the Netherlandish court under Philip the Fair, Margaret of Austria, and Archduke Charles. La Rue nevertheless had direct contact with the Imperial chapel on at least one occasion, Philip the Fair’s visit to Maximilian’s court, then located in Innsbruck, from mid-September to early October 1503.
Philip’s full retinue accompanied him, and his chapel—with La Rue among the members—met and sang with Maximilian’s musicians, including Isaac. Such an event would provide an ideal opportunity for the Imperial court chapel library to acquire La Rue’s Pater de coelis(no. 7). Obrecht was not directly affiliated with any of the Hapsburg courts; still, he spent most of his life in Bruges and Antwerp, within the Hapsburg domain. Obrecht may have also been at Innsbruck during Philip the Fair’s 1503 visit to Maximilian’s court, for Imperial court records indicate a payment to him for having composed a now-lost Missa Regina celi;this payment record is dated one day after the departure of Philip’s entourage.
If Obrecht was indeed present at Maximilian’s court for the occasion, one could easily imagine the Imperial chapel receiving his Salve crux arbor vitae(no. 11) at this time.

 



Keizer Maximiliaan I (1459-1519) door P.P. Rubens
Meer over hem, zie Wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Keizer_Maximiliaan_I


Ingekomen correspondentie


16 sept. 2017
Beste Arnold,
 Het is zowel uitzonderlijk als bemoedigend dat iemand als u zich op het onuitputtelijk oeuvre van de renaissance, in het bijzonder dat van onze eigen polyfonisten stort!
Met name het ontsluiten en bekendmaken naar de potentiële uitvoerder en toehoorder vind ik een werk dat mag geprezen en aangemoedigd worden!
 Bedankt voor de laatste nieuwsbrief, de vorige met de polyfonistenmonumenten had ik gelezen. Heel fijn om lezen telkens, een mooie bron aan informatie. Ik kijk uit naar de volgende!
Dank ook om onze concerten te willen opnemen in je brief! 
Wij staan ook altijd open voor samenwerkingen en ideeën vanuit de Stichting. Ik denk bvb aan het brengen van een programma rond Willaert en De Rore met interessant (uiteraard) en weinig uitgevoerd of pas ontsloten werk. Of rond een bepaalde thematiek... 
Polyfoon heeft Spem in alium (nvdr: 40-stemmige canon van Thomas Tallis) reeds een paar keer uitgevoerd. Eén van mijn lievelingswerken... Een kanshebber voor het feestconcert tgv ons 20 jarig jubileum in 2019.
Ik neem zeker contact op als ik terug concreet op zoek ben naar bepaalde partituren! Dank voor uw bereidwilligheid in deze!
Om met de leuze van Granvelle (terug te vinden in oa ‘o socii’ van De Rore) af te sluiten: ‘Durate’, volhardt... in je inzet voor onze polyfonisten!
Ze verdienen pleitbezorgers als u!
Hartelijke groeten!
Lieven Deroo, dirigent van POLYFOON.

 



170825
13DE JAARGANG NR 7

Laus Polyphoniae - 18 tot 27 augustus 2017

Adoratio / Over heiligen, martelaren en geliefden

AMUZ Antwerpen

In dit jaarlijks terugkerend muziekfestival worden dit jaar volgende werken van Nederlandse renaissancepolyfonisten uitgevoerd:

Zondag 20 aug. St.- Jacobskerk.

20.00u: Cappella Pratensis. Flanders Boys Choir & Wim Diepenhorst
O clemens, o pia, o dulcis Virgo Maria.
Salve Regina van Nicolaes Craen.
Nesciens Mater a 8 van Jean Mouton
19.15u: Inleiding door Sofie Taes

Donderdag 24 aug. Amuz

13.00u: RossoPorpora.
Italiaanse madrigalen op tekst van Petrarca met o.m. van Roland De Lassus, Cipriano De Rore en Giaches De Wert.

Vrijdag 25 aug. Amuz

13.00u. Cinquecento.
Jacobus Vaet. Missa Ego flos campi op het gelijknamig motet van Jacob Clemens non Papa.

Vrijdag 25 aug. St.-Pauluskerk

20.00u : Het Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel.
O Crux, splendidior.
Het Stabat Mater in een vroege, meerstemmige Italiaanse versie, maar ook in zettingen van Josquin des Prez en Orlandus Lassus. Verder tonen de wijdverspreide teksten van de kruisverering en diverse strofen van de Goede Week-hymne aan dat zowat alle componistengeneraties (Francisco Guerrero, Loyset Compère, Cipriano De Rore, Luigi da Palestrina en anderen) zich lieten inspireren door deze mystieke teksten.

Zondag 27 aug. Kapel Campus Carolus

11.00u : Slotconcert Summerschool.
Omnium bonorum plena. De polyfone traditie in het 15de-eeuwse Kamerijk.  
In de 15de eeuw was Kamerijk (Cambrai) het epicentrum van de polyfonie in de Lage Landen. Componisten verbonden aan de kathedraal van Kamerijk worden ook vandaag nog tot de grootsten gerekend, zoals Guillaume Du Fay, Johannes Ockeghem, Johannes Tinctoris, Alexander Agricola en Jacob Obrecht. Tijdens de summerschool verzorgen specialisten van de Cappella Pratensis een cursus rond het zingen van polyfonie uit het repertoire van die stad. Tijdens het toonmoment hoort u het resultaat van een intensieve week.

Zondag 27 aug. St.-Pauluskerk

20.00u. Chœur de Chambre de Namur & Ensemble Clématis o.l.v. Leonardo García Alarcón. Orlandus Lassus : Canticum canticorum.

Voor het volledig programma van LAUS POLYPHONIAE 2017:
https://www.amuz.be/nl/reeks/laus-polyphoniae-nl/

Festival Oude Muziek Utrecht 2017
met een uitzonderlijk project: de 150 psalmen in één programma.
In 2 dagen, 1 en 2 september 2017, worden alle 150 psalmen uitgevoerd.

Vier van de beste koren ter wereld – The Tallis Scholars, Det Norske Solistkor, The Choir of Trinity Wall Street en het Nederlands Kamerkoor – brengen in 12 concerten alle 150 psalmen.
Er is gregoriaans, middeleeuws, renaissance enz. tot en met hedendaags. Er zijn ook compositieopdrachten aan toegevoegd.

We vermelden hieronder de psalmcomposities van de Nederlandse renaissance-polyfonisten.

Voor  het volledige programma, tik:
http://150psalms.nl/programma-utrecht/concert4/
(De nummering is die van de grondtekst, niet van de vulgaat. - De psalmen worden niet steeds met alle verzen gezongen.)

150 Psalmen


Vrijdag 1 september 2017
van 11.00u tot 12.00u. The Choir of Trinity Wall Street
Concert 2.
o.m. Psalm 72. Giaches De Wert. Reges Tharsis

Vrijdag 1 september 2017
van 15.00u tot 16.00u. het Nederlands Kamerkoor
Concert 4
o.m. Psalm 3. Adriaen Willaert. Domine quid multiplicati sunt
Psalm 13. Cipriano De Rore. Usquequo, Domine
Psalm 35. Constantijn Huijgens. Delitaverunt super me

Vrijdag 1 september 2017
van 17.00u tot 18.00u. Det Norske SolistKor
Concert 5
Psalm 77. Jacquet de Mantua. In die tribulationes

Vrijdag 1 september 2017 van 20.30u tot 21.30u. The Tallis Scholars
Concert 6.
Psalm 107. Philippus De Monte. Donnes au Seigneur gloire
Psalm 34. Jean Mouton. Benedicam Dominum
Psalm 146. Pierre de la Rue. Lauda anima mea

Zaterdag 2 september 2017
van 9.30u tot 10.30u. The Choir of Trinity Wall Street
concert 7.
Psalm 52. Thomas Crecquillon. Quid gloriaris in militia
Psalm 75. Nicolas Gombert. Confitebimur tibi, Deus

Zaterdag 2 september 2017
van 11.00u tot 12.00u. The Tallis Scholars
Concert 8.
Psalm 62. Ferdinand di Lasso. Sperate in Domino

Zaterdag 2 september 2017 van 13.00u tot 14.00u. Det Norske SolistKor
Concert 9
Psalm 125. Heinrich Isaac. Qui confidunt in Domino
Psalm 133. Jean Richafort. Ecce  quam bonum

Zaterdag 2 september 2017
van 15.00u tot 16.00u. The Choir of Trinity Wall Street
Concert 10
Psalm 42. Johannes Ockeghem. Sicut cervus. Tractus uit de Missa pro defunctis
Psalm 64. François Regnart. Domine exaudi orationem meam, cum deprecor
Psalm 140. Roland De Lassus. Custodi me, Domine
Psalm 38. Josquin des Prez. Domine, ne in furore

Zaterdag 2 september2017
van 17.00u tot 18.00u. The Tallis Scholars
Concert 11
Psalm 36. Jan Pieterszoon Sweelinck. Du malin le meschant vouloir

Zaterdag 2 september 2017
van 20.30u tot 21.30u. het Nederlands Kamerkoor
Concert 12
Psalm 68. Jan Tollius. Sicut fluit cera

Hetzelfde programma in november 2017 te New York:
Lincoln Center’s White Light Festival, New York
1 – 11 november
Progamma 150 Psalms
http://150psalms.nl/programma-new-york/

Hetzelfde programma ook (gedeeltelijk) op 20 – 22 maart 2018 in Brussel.

 



Programma OUDE MUZIEK UTRECHT

Voor het volledige programma: http://oudemuziek.nl/agenda/

Zat. 26 augustus te 15.00u
Willibrordkerk.
Werken van o.m. Guillaume Dufay, Alexander Agricola, Loyset Compère, Josquin des Prez, Pierre de la Rue en Heinrich Isaac.

Zat. 26 augustus te 15.00u
Jacobikerk.
Paul Van Nevel en zijn Huelgas Ensemble presenteren tijdens hun eerste aantreden een triptiek van contrareformatorische boegbeelden: Jacobus de Kerle, Vincenzo Ruffo en Tomás Luis de Victoria. Antwoordend op de verzuchtingen van het Concilie van Trente bewezen deze componisten dat begrenzing geen beperking hoeft te zijn, en dat een echt genie ook binnen de lijntjes prachtig weet te kleuren.

In de eerste plaats: de pionier 

Jacobus De Kerle (1531/32-1591)
Secundum Responsorium Pro Concilio: Descendat Domine
(Uit: Preces Speciales pro Salubri generalis Concilii, 1562)
Bevrijd van de regels: Agnus Dei ‘Da Pacem Domine’ 
(Uit: Quatuor Missae, Antwerpen, 1582)


Zat. 26 augustus te 17.00u
Cantar Lontano. Luther in Rome met werken van o.m. Hayne van Ghizeghem, Pierre de la Rue, Loyset Compère en Josquin des Prez.

Zo. 27 augustus te 11.00u
TivoliVredenburg
Meer-stemmig. Het Attaignant Consort, vier renaissancefluiten en een luit ,brengt werken van o.m. Josquin des Prez, Heinrich Isaac, Andreas Pevernage, Jacobus Clemens non Papa en Jan Pieterszoon Sweelinck.


Zo. 27 augustus te 15.00u
Nicolaïkerk
De Cappella Mariana werk van o.m. Johannes Touront

Zo. 27 augustus te 15.00u
Willibrordkerk
Het Ensemble La Morra met o.m. Heinrich Isaac, Jean Richafort en Nicolaus Craen.


Dinsdag 29 augustus te 15.00u
Geertekerk
Per-Sonat en Concerto Palatino met werken van o.m. Johannes Ockeghem, Josquin des Prez,  Roland De Lassus en Heinrich Isaac.

Woensdag 30 augustus te 15.00u
Leeuwenberg. Camerata Trajectina met o.m. Jacobus Clemens non Papa en Gherardus Mes.

Woensdag 30 augustus te 15.30u
plaats?
Het Block4 Recorder Quartet met o.m. Adriaen Willaert (O magnum mysterium)


Woensdag 30 augustus te 17.00u
St Pieterskerk
Utopia en Inalto met werken van o.m. Josquin des Prez, Mattheus Le Maistre, Arnoldus de Bruck, Lupus Hellinck, Balduin Hoyoul, Heinrich Isaac en Roland De Lassus.


Woensdag 30 augustus te 20.00u
TivoliVredeburg
Jordi Savall en Hespèrion XXI brengen ode aan Heinrich Isaac.

Donderdag 31 augustus te 22.30u
TivoliVredenburg
Capella de la Torre met werken van o.m. Adriaen Willaert, Arnold von Bruck, Heinrich Isaac en Josquin des Prez.


Vrijdag 1 september 2017

te 20.00u. Geertekerk. Utrecht (NL)
Luther’s huwelijk. De Capella de la Torre o.l.v. Katharina Bäuml met werken van o.m. Heinrich Isaac, Josquin des Prez en Adriaen Willaert.

UIT DE VERGEETHOEK:  JEAN GUYOT (1520? – 1588)

De onlangs verschenen cd door Cinquecento, volledig gewijd aan deze nauwelijks bekende componist, nodigt uit om hem hier voor te stellen.
We nemen gedeeltelijk de tekst over van de bijsluiter door David Gostick.

Jean Guyot, alias Castileti, priester, componist, auteur, pedagoog, was een belangrijke figuur  in het midden van de XVIde eeuw, niet alleen te Luik maar ook in het ganse Habsburgse Rijk. Hij liet ons 26 motetten na, een mis, een Te Deum en 16 chansons, grotendeels gepubliceerd door Tielman Susato. Zijn muziek is typisch voor de stijl na Josquin: het koor klinkt voluit en mooi polyfoon, maar toch met een persoonlijke inspiratie.

Het geboortejaar van Guyot is niet bekend. Een document uit 1588, zijn sterfjaar, vermeldt dat hij  66 jaar is. Dat zou betekenen dat hij slechts 12 – 14 jaar was wanneer hij zich inschreef in 1534 aan de Universiteit te Leuven.
Hij werd geboren in een welstellende familie in de gemeente Châtelet in het Prinsbisdom Luik. Vandaar dat men hem graag de naam gaf: Casteleti. Deze gemeente kende toen een hoogstaand  cultureel leven met een Société Sainte Cécile, met processies rond de Paasdagen en op de feesten van St. Petrus en St.-Paulus, de patroonheiligen van de kerk, met een kinderkoor en een instrumentaal ensemble. Er was ook een “Chambre de rhétorique” en er waren regelmatig toneel- voorstellingen van het passieverhaal. Over zijn opleiding in de jeugdjaren weten we weinig. Belangrijk is dat hij zich in 1534 inschreef als student aan de Universiteit van Leuven.
In Leuven gaat voor hem de wereld van kunsten en wetenschappen open. Het was de tijd van Erasmus en de strijd tegen het opkomende protestantisme. Op 5 december 1536 neemt Guyot deel aan de jaarlijkse thesiswedstrijd  en hij wordt de 25ste op 108 deelnemers.
Wanneer hij priester werd gewijd en  waar hij daarna werkzaam was, is niet te achterhalen. In 1546 wordt hij benoemd tot kapelaan en “succenteur” aan de Collégiale Saint-Paul te Luik. Uit die periode komen zijn eerste werken: 5 motetten gedrukt door Susato in 1546 en 1547. Bij dezelfde drukker verschenen van hem in 1549 en 1550 verschillende chansons en tussen 1553 en 1555 werden 8 motetten van hem opgenomen in de bundel Ecclesiasticarum Cantionum. Geen enkel van deze werken is voor meer dan 4 stemmen geschreven, waaruit men kan afleiden dat hij in die periode slechts over deze beperkte muzikale mogelijkheden beschikte.
In een publicatie getiteld Minervalia uit 1554 en opgedragen aan Georges d’Autriche, prins-bisschop van Luik, verdedigt hij de belangrijke rol die de muziek heeft  voor de samenleving.
In 1558, omwille van zijn stevige reputatie na meer dan 26 gepubliceerde werken, wordt hij verplaatst van de Sint-Pauluskerk naar de Sint-Lambertuskathedraal te Luik. Daar krijgt hij vanzelfsprekend  de belangrijke taak te zorgen voor de koorzang.
In 1563 gaat hij op reis naar Wenen. Voor Guyot een belangrijke ontdekkingstocht. Hij gaat nu ook zijn stijl vernieuwen. Tot nu toe componeerde hij in 4, ten hoogste 5 stemmen. Nu schrijft hij in 6, 8 ja tot in 12 stemmen.  Uit die periode komt de enige mis die tot nu bewaard is: de Missa Amour au coeur, een parodiemis op een chanson van Clemens non Papa voor 8 stemmen, en 12 stemmen in het laatste deel.
Jammer genoeg is zijn verblijf daar slechts van korte duur. In 1564 sterft Ferdinand I en zijn opvolger, keizer Maximiliaan II, vervangt de hofkapel door nieuwe leden.
Guyot keert terug naar Luik. Uit die laatste periode is van hem alleen het manuscript van het Te Deum laudamus bewaard uit 1575.  Hij sterft in 1588.

referentie van de cd van Cinquecento:
http://www.hyperion-records.co.uk/c.asp?c=C4038
luisterfragmenten: https://www.youtube.com/watch?v=RAPU6sCGXhs
YouTube: proefopname: https://www.youtube.com/watch?v=x1Rg-rY4uBU

Commentaar in GRAMOPHONE (uittreksel)

(...) But Guyot emerges from this disc as a marvellously fluent composer, perhaps a touch unvaried in texture but always pleasing: only in the Te Deum that closes the disc, conceivably one of his last works, does the music actually begin to jump to the ear. The five adult men of Cinquecento – here joined by the countertenor David Allsopp – are, as always, absolutely flawless in the performance of this music. Even by the best standards of today their ensemble, balance and intonation are beyond reproach. David Gostick’s lucid and useful booklet-note includes deft characterisations of the motets presented.

Volledige tekst: https://www.gramophone.co.uk/review/guyot-te-deum-laudamus
Een andere cd van Cinquecento met o.m. zes chansons van Jean Guyot, verscheen reeds in 2014 onder de titel Amorosi pensieri.
http://www.hyperion-records.co.uk/dc.asp?dc=D_CDA68053

Andere opnamen in YouTube
Jean Guyot. Amen dico Vobis (uitvoerders? Met partituur in beeld door Guido Menestrina)
https://www.youtube.com/watch?v=Taa05hvnlXE
http://www.musicaltranscriptions.com/Jean-Guyot-de-Chatelet-1512-1588-Amen-dico-vobis
Jean Guyot. Amour divin. Noe, noe.
Ensemble vocal et instrumental POLYPHONIA CASTILETI
Direction: Patricia HECQ
https://www.youtube.com/watch?v=ZLjL6cJRWmY

Jean Guyot. O Rex gloriae.
Gepubliceerd op 13 jun. 2012
Extrait du concert pour l'intronisation des Chevaliers de marie de Hongrie, à la Collégiale Saint-Ursmer de Binche, le 14 avril 2012, en présence de l'Archiduc Karl-Peter de Habsbourg
https://www.youtube.com/watch?v=yP2YSbW15VY
Jean Guyot: Chanson “En me oyant chanter”
Evelyne Dasnoy (superius en alt) en André Vandebosch (tenor en bas)
https://www.youtube.com/watch?v=a8ckZCGPLl8

Een radioprogramma met Cinquecento

Woe. 30 aug. 2017 te 19.30u. Radio Oostenrijk.
Opname van het concert van Cinquecento te Innsbruck in het kader van de “Innsbrucker Festwochen 2017” op 13 augustus ll. met werken van o.m. Roland De Lassus, Jakob Regnart, Jacobus Vaet en Cipriano De Rore
http://oe1.orf.at/programm/20170830
Das Wiener Vokalensemble Cinquecento lässt die prachtvolle Polyphonie des Cinquecento - also des 16. Jahrhunderts - wieder aufleben. Eine kunstverliebte Zeit, in der praktisch jeder Herrscher ausgewählte Sänger und Kapellmeister aus europäischen Musikzentren an seinem Hof geholt hat. Dieser Tradition folgen auch die Sänger des Ensembles, die aus fünf Nationen zusammen kommen.

Auf dem Programm haben sie Musik, die den Fürsten von Tirol feiert: Erzherzog Ferdinand II. Zum Beispiel, jene des Flamen Jacobus Vaet, der zu den Kaiserlichen Hofkapellen von Karl V. und Maximilian II. gehörte und der für Erzherzog Ferdinand die berühmte Motette "Ferdinande Imperio" komponiert hat. Der kunstsinnige Erzherzog von Tirol stand aber selbst in regelmäßigem Kontakt zu den berühmtesten Musikern der Zeit und so werden Werke von Orlando di Lasso, Jakob Regnart, Andrea Gabrieli oder Cipriano de Rore aufgeboten, um Erzherzog Ferdinand ein posthumes Musikfest im Riesensaal in der Hofburg zu bereiten.



Jean Guyot (alias Johannes Castileti). Missa Amor au cueur a 8 (1565 ?)
Handschrift in de Bayerische StaatsBibliothek
http://daten.digitale-sammlungen.de/~db/0007/bsb00079127/images/index.html?seite=00385&l=de


Jean Guyot. Te Deum laudaumus a 6 (1575?).
Manuscript in de Bayerische StaatsBibliothek:
http://daten.digitale-sammlungen.de/~db/0007/bsb00078987/images/

Concerten


Zaterdag 9 september 2017

te 20.00u. Schloss Ambras, Innsbruck (A)
Boetepsalmen van Alexander Utendal door Profeti della Quinta
http://kultur.tirol.at/de/beitrag/63284/alexander-utendal--busspsalmen---begleitveranstaltung-zur-jubilaeumsausstellung
Utendal war eine der Zentralfiguren des blühenden Musiklebens am Habsburgerhof Ferdinands II. Seine exquisiten Septem psalmi poenitentiales wurden 1570 gedruckt und waren dem Landesfürsten gewidmet. Die Wiederaufführung stellt einen besonders verdienstvollen Beitrag der internationalen Pflege Alter Musik dar und ist durch das Basler Spitzenensemble ein unvergleichlicher Höhepunkt des Jubiläumsjahres.   

Woensdag 13 september 2017
te 19.30u. St Thomas’ Church, Lymington (UK)
The King’s Singers in het kader van het Solent Music Festival met o.m. verschillende werken van Roland De Lassus.
http://www.brownpapertickets.com/event/2950136

Dinsdag 19 september 2017

te 20.00u. Kreuzkirche. Bonn (D)
In het kader van het Beethovenfest, Bonn.
Werken o.m. van Cipriano De Rore door de Profeti della Quinta o.l.v. Elam Rotem.
http://quintaprofeti.com/
The Swiss-Israeli vocal ensemble Profeti della Quinta proves that audiences can still be thrilled by late-renaissance Italian madrigals. All the works – or almost all – deal with love. Five singers trained at Basle's Schola Cantorum form the core of this ensemble of 'prophets'. Their starting point is the performance practice of the unimaginably vibrant and expressive era around 1600. A lot was going on in secular vocal music at the time: composers set the demanding lyrical poetry of Petrarch and Tasso and constantly vied with each other to produce ever bolder musical audacities.

Ingekomen correspondentie

11 juli 2017
DANK, Arnold voor de bij uitstek gedocumenteerde en uiterst interessante Nieuwsbrief, met heel wat musicologische duiding. Die 15de en vooral die 16de eeuw moeten een uiterst boeiende tijd geweest zijn voor onze Vlaamse musici., jammer dat het klankidioom voor de doorsnee-luisteraar wat bevreemdend is....Heeft wellicht iets te maken met het ‘egale’ van de composities: na enkele maten weet je dat het in die sfeer zal blijven...Geen evolutie naar een hoogtepunt, maar een voortdurend verder kabbelen met heel wat canonische herhalingen....
Het viel me zelf op bij de laatste uitvoering van de MARIAVESPERS van Monteverdi – en dan zijn we toch al weer een stevige generatie verder  – hoe ongewoon zelfs dit klank-idioom nog voor de meeste mensen is, al maakt hier de afwisseling, de dansritmes, de echo-aria’s alles wel wat boeiender.
Maar muziek exploreren naar het verleden toe verrijkt ook ons inzicht in muziek van de latere eeuwen.
Dank voor de hulp daarbij.
Beste groet!
Joost
________________________________________________________________________________

Bericht aan Arnold Loose, n.a.v. de De Rore-Willaert-Nieuwsbrief van 11 juli 2017, met kopie aan mevr. Chantal Pattyn, nethoofd Klara
 Dag Arnold, proficiat, een schitterende Nieuwsbrief.
Het zal je wel bekend zijn dat tijdens het Festival Crete Senesi van Philippe Herreweghe een de Rore-concert doorgaat met het Huelgas-ensemble (dinsdag 8 augustus, 22 uur, Asciano, Chiesa San Francesco).
Je hebt vermoedelijk ook al het programmaboek van het Seizoen 17-18 in het Concertgebouw Brugge gezien: zie daar p. 111 e.v.: polyfoniefestival GOLD, 7-13 mei 2018, met muziek van Obrecht, Clemens non Papa, Lupus Hellinck, maar ook Laus tibi sacra rubens van Willaert (Huelgas, zie p. 116) - met talrijke nevenactiviteiten.
 Vandaag 11 juli. Onze klassieke zender Klara slaagt er in in hun 'Vlaams programma' drie werkjes uit de glansperiode van de Renaissance te programmeren: eentje van de Rore, Josquin en Pipelare. Een schande!  Wanneer komt er eens serieuze reactie tegen de 'hutsepotprogramma' van Klara?  Als ze per se aandacht willen besteden aan muziek uit Vlaanderen, zou je toch op zijn minst een degelijk programma van enkele uren van 'onze polyfonisten' verwachten, met goede commentaar? Wat een bloedarmoede! Klara, blijf verbijsterd.
Hartelijke groet.
Ignace Bossuyt
_________________________________________________________________________________

14 juli 2017
Beste Arnold,
Het Willaert- monument… welk een prachtige creatie.
Krachtig van vormgeving ! Proficiat.
Spijtig dat ik er bij de inhuldiging niet kon bij zijn.
Het ga je goed.
Warm genegen groet uit Ronse.
Bruno Godon

170715
13de jaargang nr 6

INHULDIGING WILLAERT MONUMENT

Op zaterdagnamiddag 1 juli 2017 werd te Roeselare het monument van Adriaen Willaert onthuld onder grote belangstelling.
De burgemeester Kris Declercq, de schepen van Cultuur Dirk Lievens, prof. David Burn, die de feestrede hield, de kunstenaar-beeldhouwer Ron Deblaere, leden van de Marnixring en van de Adriaen Willaert Stichting en nog veel andere prominenten waren aanwezig op dit plechtig en belangrijk moment.

Het indrukwekkend beeld staat tegen de muur van de Sint-Michielskerk, de hoofdkerk van de stad, gericht naar de drukke Sint-Michielstraat. De stadsdiensten hadden een fraaie omgeving gecreëerd zodat het geheel een opvallend kunstvolle hoek nabij de markt vormt.

Vooraf, op 16 juni , had het Roeselaars Kamerkoor o.l.v. Bart Naessens een schitterend concert gezongen met werk van Maestro Adriano zelf, maar ook van Cipriano De Rore en tijdgenoten en daarbij ook van hedendaagse “polyfonisten”.

Felix quae hunc genuit Flandria in orbe virum. Vive Adriane, decus Musarum.

Gelukkig Vlaanderen dat zulk een man mocht ter wereld brengen.
Leve Adriaen, glorie der Muzen (Cipriano De Rore).

Voor de afbeelding van de kop van Willaert had kunstenaar Ron Deblaere zich geïnspireerd op een schilderij dat in Leipzig hangt, en dat op zijn beurt geïnspireerd is op de houtsnede uit de MUSICA NOVA uit 1559.
Gelukkig had de kunstenaar aan de gezichtsexpressie een meer bezielde uitdrukking gegeven.

Het muziekfragment is de eerste bladzijde (het kyrie van de cantus) van de Missa Laudate Deum van Adriaen Willaert. Het kunstvol uitgewerkte sierstuk stelt de eerste letter voor, de K, van het woord KYRIE.
Het document telt ca. 200 bladzijden. Zelfs de meest vaardige tekenaar moet maanden nodig hebben om zo iets te maken.
Het handschrift is bewaard in de bibliotheek van de universiteit van Coimbra (Portugal).
Door het watermerk van het papier weet men dat het uit Vlaanderen afkomstig is. Volgens prof. Burn doet de stijl van de versieringen denken aan Anthonin De Blauwe, de kopiist van de Leidse Koorboeken van ca. 1547 of ook aan de latere werken van Alamire. Toch is het niet duidelijk wie het getekend heeft.
Het nieuw monument van Maestro Willaert, door kunstenaar Rony Deblaere uit Lichtervelde, is versierd met een mooi stukje Willaertpolyfonie. De afbeelding is een elektronisch gesableerd muziekfragment, afkomstig van een origineel manuscript uit ca. 1530, dat bewaard is in de Universitaire Bibliotheek van Coimbra (Portugal). Het stelt het bovenste deel van de eerste bladzijde voor van de MISSA LAUDATE DEUM, zoals hierboven afgebeeld.

Om de volledige bundel van 205 bladzijden te lezen of te downloaden, tik:
https://bdigital.sib.uc.pt/bg6/UCBG-MM-2/UCBG-MM-2_item1/P46.html

De MISSA LAUDATE DEUM staat van f22v tem f33v en van 194r tem 197r.
David M. Kidger. Adrian Willaert. A guide to research . New York 2005, bericht op p. 132 in verband met deze mis: “lacks part of Sanctus and Agnus”. Deze nota is echter onjuist. De Missa staat wel degelijk volledig in dit manuscript.

Volgens Helga Meier is de ontstaansgeschiedenis van de MISSA LAUDATE DEUM vermoedelijk als volgt:

Met de titel “Laudate Deum” verwijst Willaert naar een motet van zijn leraar en vriend Jean Mouton met dezelfde titel, waarop hij zich heeft gebaseerd.
Een opvallend kenmerk in het werk is de nabootsing van de klank van trompetten, waarmee iedere stem inzet: sol, mi, fa sol, do. De alt, die het eerst inzet, zingt een kwint hoger: re, si, do, re, sol. In het Kyrie I en ook verder in de mis wordt dit motief veel herhaald. Ditzelfde trompetmotief komt tweemaal voor in de motetversie van Mouton, hier op de woorden “Laudate Deum” en “et audiatur”. Omdat ook zo iets te horen is in het Kyrie van Josquin’s huldemis Missa Hercules Dux Ferrariae, durven we ons afvragen of Willaert hier ook niet hetzelfde bedoelde als Josquin, nl. hulde brengen aan een belangrijke persoon.
Jean Mouton componeerde zijn motet voor een speciale gelegenheid. De woorden verwijzen naar een Bijbelverhaal (1 Samuel 1). Anna looft God, omdat ze na een lange periode van onvruchtbaarheid zwanger wordt. Hetzelfde gebeurde met Anna van Bretanië, de vrouw van de Franse koning Lodewijk XII. Ook zij bad voor een gezond kind. Toen werd Renée geboren. Deze huwde later met Hercules II van Ferrara. Zou het kunnen dat Willaert zijn mis componeerde als dank bij het huwelijk van prinses Renée (1528), op een motet dat Mouton had gecomponeerd in 1510 als smeekgebed, voor de geboorte van de prinses?

Bron:
1. Helga Meier. Liber quinque missarum IV vocum 1536. Adriani Willaert Opera omnia. CMM 3-IX. 1987. Neuhausen-Stuttgart.
2. Irene Holzer. “La Santa unione de le Note”. Kompositionsstrategien in Adrian Willaerts Messen. Doctoraatsverhandeling. Universiteit Salzburg. 2010.

Naast de getekende versie van de MISSA LAUDATE DEUM, nl. het manuscript in Coimbra, bestaat er ook een gedrukte versie. Die is zelfs ouder dan het manuscript.
De MISSA LAUDATE DEUM van Adriaen Willaert werd opgenomen door Francesco Marcolini da Forli in 1536 te Venetië in zijn gedrukt boek Liber quinque missarum Adriani Willaert, boek dat de auteur opdroeg aan Alessandro de’ Medici, hertog van Florence. (zie supra).
De vijf Willaert-missen in deze verzameling zijn vierstemmige parodiemissen, alle op één na gecomponeerd naar een motet van Johannes Mouton.
Niet onbelangrijk in de titel: Ab ipso diligentissime castigatus. (Door hemzelf zorgvuldig nagekeken).

MONUMENTEN VAN ANDERE RENAISSANCE-COMPONISTEN

Alle muziekliefhebbers weten monumenten staan van beroemde componisten: Bach in Leipzig, Mozart en Johann Strauss jr in Wenen, Beethoven in Mechelen, Peter Benoit in Antwerpen enz.
In zijn feestrede wees prof. Burn er op dat er zeer weinig monumenten geplaatst zijn van renaissancepolyfonisten. Straatnamen genoeg. Maar een monument? Een paar, hoewel een monument meer aanspreekt dan een straatnaam.
Nergens een Josquin des Prez, een Johannes Ockeghem of een Clemens non Papa, om enkele van de voornaamsten te noemen.
Hieronder dan enkele uitzonderingen: Cipriano De Rore, Roland De Lassus en Jan Pieterszoon Sweelinck

Bron: http://www.vanderkrogt.net/statues/object.php?webpage=ST&record=deby062
of: http://www.muenchenwiki.de/wiki/Orlando_di_Lasso_Statue

De musicus Harry van der Kamp is een groot bewonderaar van Jan Pieterszoon Sweelinck en betreurt dat er in Amsterdam geen monument staat van deze “grootste componist uit Nederland”. Geboren in Deventer, heeft Sweelinck zijn ganse muzikale loopbaan in Amsterdam doorgebracht. Met zijn Gesualdo Consort Amsterdam en Oltremontano heeft Harry van der Kamp het volledige oeuvre op cd gezet en, wellicht ter compensatie, deze cd-box de naam gegeven Het Sweelinck Monument.
Het Sweelinck Monument bestaat uit vier delen:
HSM I: De Wereldlijke Werken (3 cd's)
HSM II-ABCD: De Psalmen (12 cd's)
HSM III: Cantiones Sacrae (2 cd's)
HSM IV-AB: De Orgel- en Klavecimbelwerken (6 cd's)
In totaal: 23 cd’s.
Samen met de cd’s zijn er ook 8 boeken uitgegeven.
De cd-boeken zijn los te bestellen, maar er zijn ook diverse sets samengesteld.
website: http://www.jpsweelinck.nl/

NIEUWE CD MET ADRIAEN WILLAERT

COSMOGRAPHY OF POLYPHONY
A Journey through Renaissance Music with 12 Recorders
The Royal Wind Music
Label: PAN CLASSICS PC10377
2017
Van Willaert:
-Beata viscera Mariae Virginis

Verder ook nog Johann Sebastian Bach, Antoine Brumel, Hernando de Cabezon, Juan del Encina, Alfonso Ferrabosco, Carlo Gesualdo, Nicolas Gombert, Anthony Holborne, Alonso Lobo, Johannes Ockeghem, Osbert Parsley en Jan Pieterszoon Sweelinck en anoniemen.
https://www.europadisc.co.uk/classical/132230/Cosmography_of_Polyphony:_
A_Journey_through_Renaissance_Music_with_12_Recorders.htm


NIEUWE CD MET JACOB DE KERLE

DA PACEM. Echo der Reformation.
Uitvoerders:
Het RIAS Kamerchor samen met de Capella de la Torre o.l.v. Florian Helgath
Label: Deutsche Harmonia Mundi
Kataloognummer: 88985405412
Er is op die cd dus één nummer van Jacob De Kerle, nl. het nr 7. : Agnus Dei uit de Missa da pacem Domine

De cd is uitgegeven enerzijds naar aanleiding van de 500ste verjaardag van de Reformatie van Luther maar tevens om aan te tonen dat de religieuze splitsing in den beginne de “muzikale” wereld niet heeft dooreengeschud (wat nadien toch wel gebeurd is). Vandaar de titel DA PACEM en een keuze van liederen rondom het thema “vrede” waar ook katholieke componisten in vertegenwoordigd zijn zoals de katholieken Jacobus De Kerle en Giovanni Gabrieli, en ook het programmeren van een Magnificat / Meine Seele erhebt den Herren.


LAUS POLYPHONIAE aug. 2017:

Adoratio. Over heiligen, martelaren en geliefden
CONCERTEN, RELIGIEUZE VIERINGEN, FESTIVALS...

Vr. 4 aug. 2017 te 21.30u, Augustinuskirche, Schwäbisch Gmünd (DE)

Josquin Capella Berlin
programma: motetten, hymnen en Marialiederen van de Cappella Sistina
met werk van o.m. Guillaume Dufay, Josquin des Prez, Andreas De Silva en Jacob Arcadelt

http://www.schwaebisch-gmuend.de/7547-Programm-frage-Tickets.html?id=38392

Van zo. 6 aug. tot zat. 12 aug., University of Cambridge (GB)

Cambridge Early Music Summer School 2017 (Week 2)
thema: Made In Venice
met werk van Willaert, De Rore, Ganassi, Bassano e.a. 16de-eeuwse meesters

We will explore not only the magnificence of multi-choir motets but also the intimacy and intensity of the ‘Venetian’ madrigals of Adriaan Willaert and Cypriano de Rore, combining voices and instruments. As well as working with our singers, instrumentalists will also be able to follow in the footsteps of Venetian masters from Sylvestro Ganassi to Giovanni Bassano, those masters of virtuosity and sensitivity to text and rhetoric, as well as exploring the more ceremonial (and foot-tapping) repertoire of the piffari.
Each day of the course will be divided between sectional rehearsals and ensembles, both large and small, directed by our specialist tutors. The after-dinner sessions might include informal performances of works covered in the day as well as exploring early dance and working on large-scale pieces in which all course members will take part.

http://musicsummerschools.com/event/cambridge-early-music-summer-school-2017-week-2/

Zo. 13 aug. 2017 te 19.00u, Hofburg, Innsbruck (AT)
Cinquecento op de Innsbrucker Festwochen der Alten Musik
programma: Al Serenissimo Arciduca Ferdinando d’Austria
met werk van o.m. Roland De Lassus, Jacob Regnart en Jacobus Vaet

http://www.altemusik.at/nocache/programm/kalendarium/detail/?tx_eventcalendarfw_pi1%5Bitem%5D=1636

Vr. 25 aug. 2017 te 13.00u, AMUZ Antwerpen

Cinquecento op Laus Polyphoniae
programma: Musica Invictissima
met religieus werk van Jacobus Vaet en Jacob Regnart

http://www.ensemblecinquecento.com/concerts

TWEE CITATEN

CITAAT I – Paus Urbanus VI aan Lodewijk II van Male

Fragment uit een brief van Paus Urbanus VI (r. 1378 tot 1389) aan Lodewijk II van Male, graaf van Vlaanderen (r. 1346 – 1384) waarin hij vraagt zangers te sturen voor zijn Pauselijke Kapel.
Praeterea sicut devotioni tue scripsisse recolimus: pro capella mea aliquibus bonis cantoribus indigemus, tuque dictis huiusmodi cantoribus habundare. Sanctitatem tuam rogamus attente quantum de huiusmodi cantoribus vel nobis. Facere aliquam portionem nobis in hac parte plurimum placiturum.

Ten slotte, als we nog eens mogen beroep doen op uw welwillendheid: We hebben hier een tekort aan goede zangers voor onze kapel en u heeft zulke zangers in overvloed. We verzoeken uwe hoogheid ons enkele dergelijke zangers te bezorgen. Het verkrijgen hier van een aantal van hen zou voor ons zeer aangenaam zijn.
(Brief bewaard te Namen in het Musée provincial des Arts anciens du Namurois, MS 162, fols. 140r – 141 r.)
Een tiental zangers uit onze streek zijn toen naar Rome vertrokken, o.m. om de belangrijkste te noemen: Johannes Volkaerd, de kapelmeester van de O.L.Vrouwkathedraal van Antwerpen. Het was het begin van een grote toevloed in de volgende twee eeuwen met vooral Ciconia, Guillaume Dufay, Josquin des Prez, Gaspar Van Weerbeke, Philippus De Monte, Jacob Arcadelt, Adriaen Willaert, Roland De Lassus en Giaches De Wert (deze twee laatsten als knaap).
Bron: Qui musicam in se habet. Studies in honor of Alejandro Enrique Planchart. Ed. Anna Zayaruznaya, Bonnie J. Blackburn & Stanley Boorman. Wisconsin (VS), 2015, die de pauselijke brief dateert: eind 1379 of begin 1380.

CITAAT II – over de verhouding tekst/muziek
Mauro Calcagno.
From Madrigal to Opera: Monteverdi´s Staging of the Self. Berkeley. 2012.
Review in Notes, sept. 2013, p. 91-93.
Calcagno's book is an important addition to the literature on the narratology of music. In brief, narratology is the study of how narratives work, especially regarding point of view, deixis (the linguistic placing of people or things within a space), and the role of the narrator within the text. Using as examples the madrigals and operas of Claudio Monteverdi and his predecessors (especially Giaches de Wert, Jacob Arcadelt, Adrian Willaert, Cipriano de Rore, and Luca Marenzio), Calcagno demonstrates how apt a narratological approach, especially a deictic one, can be for texted music. The first of the book's three parts, "La Música and Orfeo," offers a fascinating and thorough discussion of the prologue to Monteverdi's Orfeo, showing how La Música gradually draws the audience into the drama through the developing focus of her words and music. The second part, "Constructing the Narrator," uses the narratological ideas developed in part 1 to demonstrate the growing narrative complexity of the madrigal genre across the sixteenth century through the lens of Petrarchism, and the third part, "Staging the Self," looks at how this complexity reaches its final stage in Monteverdi's "Combattimento di Tancredi e Clorinda" and L'incoronazione di Poppea.

Hoe de MGG online raadplegen?
1.In de eerste plaats, kan men door in te schrijven het volledige woordenboek online, zelfs met Smartfoon, raadplegen.
Men betaalt daartoe jaarlijks een abonnementsprijs.
Vooral interessant voor bibliotheken en academies, die niet de papieren versie bezitten.
Maar ook voor wie op de hoogte wil blijven van de laatste musicologische bevindingen, want dit is belangrijk: de teksten kunnen regelmatig aangepast worden!
Tik: http://rilm.org/mgg-online/
2.Er zijn meer mogelijkheden:
Men kan bijv. een gratis proefabonnement (free trial) aanvragen.
Tik: http://rilm.org/mgg-online/mgg-trial-form.php

3.Ten slotte: Een heel interessante manier om de MGG online gratis te raadplegen is gewoon via internet “MGG online” oproepen: https://mgg-online.com/, in “search” een woord inbrengen. Men krijgt een eerste antwoord, een zg. Vorschau op het gevraagde, dat een eerste stap kan zijn in het zoeken naar een volledig antwoord.
Tik op Seitenvorschau of Site Preview.
Bijv.
de naam van een componist: Weerbeke.
Een term: Niederlande.
De titel van een compositie: “Nigra sum”.

INGEKOMEN CORRESPONDENTIE

Dear Arnold,

It is wonderful to see Willaert's Missa Mittit ad virginem being performed by the Currende singers!
I hope they will record it as a CD. If there is any way I can receive a recording of this performance
I would appreciate that opportunity.
If I were able, I would travel to Europe myself to experience this wonderful Mass!

Best wishes,
Richard St. Clair
Cambridge (USA)
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Brabant Ensemble
We are currently working on new projects, including a recording of Jacob Obrecht (1457/8-1505). Watch this space or sign up for our newsletter for further information.
Stephen Rice (UK)
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Een gunstkoopje: slechts €5,95 voor: Willaert, Adrian: Sämtliche Werke. Band1
Band 1: Motetten zu 4 Stimmen; I. und II. Buch (1539 und 1545). Hrsg. von Hermann Zenck. Reprint der Ausgabe Leipzig 1937. XXIV,178 Seiten mit vier Abb., broschiert (Publikationen Älterer Musik; Band IX/Olms Verlag 1968)
https://www.skulima.de/buecher/6463-saemtliche-werke-band-1.htmlBovenkant formulier
Bestell-Nr.: 6463
Gewicht: 320 g
Sprachen: Deutsch, Latein
Sachgebiete: Sonderverkauf 90 % und mehr reduziert bis 30. Juli 2017 | Alte Musik
Lieferzeit: 2-7 Tage*
als PDF speichern
statt 59,80 €: 5,95 €. inkl. MwSt., zzgl. Versand
tik: https://www.skulima.de/buecher/6463-saemtliche-werke-band-1.html

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Felicitaties vanwege Walter Larivière:

https://www.facebook.com/goodaddsup/?source=promotion_notification&ref=notif&notif_t=goodwill_video_two_billion_video_promotion&notif_id=1499188296121374
------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

170611

Nieuwsflits - 11 juni 2017


Boston early Music Festival
11 -  18 juni 2017

http://www.bemf.org/pages/fest/festival.htm

The King's Singers
Monday, June 12, 2017 at 8pm

New England Conservatory’s Jordan Hall, Boston


Worlds Colliding: Renaissance Heavyweights
Acclaimed for their immaculate intonation, vocal blend, incisive timing, and dynamic performances, The King’s Singers perform for hundreds of thousands of music lovers every year in concerts across Europe, North and South America, Asia, and the Pacific. By popular demand, the two-time Grammy-winning singers return to BEMF in their 50th year as a group with a concert exploring music from both worlds of Renaissance life: the sacred and the secular. The six members of this beloved ensemble have created a very special program featuring masterpieces from the most influential Renaissance composers, including Palestrina, Schütz, Lassus, Sweelinck, Byrd, and many others.
ARTISTS
Patrick Dunachie & Timothy Wayne-Wright, countertenor; Julian Gregory, tenor; Christopher Bruerton & Christopher Gabbitas, baritone; Jonathan Howard, bass
http://www.bemf.org/pages/fest/con_kingssingers.htm

Micrologus
Patrizia Bovi, director

Wednesday, June 14, 2017 at 8pm


New England Conservatory’s Jordan Hall, Boston

Carnivalesque: Sex, Lies, and … Musical Tales in 16th-century Venice
Dedicated to the colorful music of Medieval and Renaissance Italy, Patrizia Bovi and Micrologus bring committed musicology to performances bursting with vibrant enthusiasm. For our “Carnival” Festival, Micrologus returns to the BEMF concert stage with a program inspired by commedia dell’arte traditions at the Venetian Carnivals of the 16th century. Enjoy lively folk melodies and dances that would have entertained the great feasts of exotic Venice in this not-to-be-missed concert!
ARTISTS
Patrizia Bovi, soprano, harp & direction; Goffredo Degli Esposti, pipe and tabor, sordellina; Gabriele Russo, viola da brazzo & rebec; Enea Sorini, bass & percussion; Simone Sorini, tenor & lute; Andrés Montilla Acurero, alto; Leah Stuttard, harpe aux harpions; Crawford Young, lute; Gabriele Miracle, dulcimer & percussion; Gianni La Marca, viola da gamba
http://www.bemf.org/pages/fest/con_micrologus.htm

Bruce Dickey & Friends
Thursday, June 15, 2017 at 11pm

New England Conservatory’s Jordan Hall, Boston
La Bella Minuta: Florid Songs for Cornetto Around 1600


The world’s foremost virtuoso of the cornetto, Bruce Dickey makes a triumphant return to BEMF with a splendid program showcasing the “beautiful divisions” of this unique instrument. More than just a platform for his technical prowess, these are stunning masterpieces that display the luminous vocality of the cornetto. This is simply breathtakingly lovely music brought to vibrant life by the world’s greatest advocate of his instrument.
Josquin des Prez. Cipriano De Rore
ARTISTS
Bruce Dickey, cornetto; Joanna Blendulf, viola da gamba; Maria Christina Cleary, harp; Liuwe Tamminga, organ

http://www.bemf.org/pages/fest/con_dickey.htm

Cinquecento
Friday, June 16, 2017 at 5pm

Emmanuel Church, Boston

Canti Carnascialeschi: A Florentine Carnival


Founded in Vienna in 2004, Cinquecento has become one of Europe’s premier vocal quintets, earning high praise for their concerts and recordings focusing on the diverse musical styles of 16th-century Europe. For their BEMF début, they explore the sacred and the profane at the Florentine Carnival creating a colorful portrait encompassing the austere liturgy of the Cathedral and the bawdy songs of pleasure from out on the streets of Florence.
Guillaume Dufay, Heinrich Isaac, Alexander Agricola, Adriaen Willaert, Roland De Lassus.

ARTISTS
Terry Wey, countertenor; Tore Tom Denys & Achim Schulz, tenor; Tim Scott Whiteley, baritone; Ulfried Staber, bass
http://www.bemf.org/pages/fest/con_cinquecento.htm

-----------------------

170531 14de JG nr 5

Zaterdag 1 juli 2017, om 17.00u  –  Sint-Michielskerk, Roeselare

academische zitting met lezing door prof. dr. David Burn (KULeuven)

 

Huldeconcert AW r

Huldeconcert AW v

 

STILSTAAN IS ACHTERUITGAAN

Stilstaan is achteruitgaan. Om vooruit te gaan en te groeien moeten er nieuwe initiatieven genomen worden. Daarom mogen vier jonge ensembles zich hier voorstellen:

- het vocaal ensemble Adriaen Willaert, o.l.v. Eric Hallein
- het ensemble Quilisma, o.l.v. Koenraad Verstichel
- het vocaal ensemble Vocem Flentium, o.l.v. Arnout Malfliet
- het vocaal ensemble Utopia

Maar eerst en vooral: het ambitieuze Gold-project van Concertgebouw Brugge in mei 2018.

1. Concertgebouw Brugge pakt in 2018 uit met een nieuw festival onder de naam ‘Gold. Brugse stemmen uit de renaissance’. De eerste festivaleditie vindt plaats van maandag 7 t.e.m. zondag 13 mei 2018 met als thema ‘De Gouden Eeuw van Brugge: de fascinerende geschiedenis, het onroerend erfgoed, de kunstschatten en bovenal de muziek, die eeuwenlang de toon zette van Scandinavië tot Italië, van Engeland tot Polen.
In muzikaal opzicht zal Jacob Obrecht centraal staan met zijn composities voor de Heilige Bloedprocessie en voor de liturgische vieringen in de kathedraal en de kerken in de stad.

meer info over het Gold-project:

https://www.concertgebouw.be/nl/programmagids/detail/gold12
https://www.concertgebouw.be/nl/agenda?date=2018-05-07#modalOpen

. Vocaal ensemble Adriaen Willaert is anno 2017 opgericht door Eric Hallein in de schoot van de Orgelkring Adriaen Willaert Roeselare. Het wil zich in hoofdzaak toeleggen op een repertoire dat zingbaar is door kleine en wisselende bezetting. De formatie waarin dit projectensemble aantreedt, kan derhalve gemengd zijn of exclusief uit mannen dan wel vrouwen bestaan. Doelstelling is jaarlijks 2 programma’s te brengen in de H. Bloedbasiliek te Brugge, waar de stichter organist-titularis is, en in de brede omgeving van Roeselare – Ieper, de regio waar de zangers gerekruteerd worden. Daarin zal minstens 1 werk van Adriaen Willaert of een streek/tijdgenoot te horen zijn. Ook composities van latere datum komen in aanmerking, a capella of met orgel-, klavecimbel- of pianobegeleiding, dit laatste met de instrumentalist als dirigent.

Meer info: www.organassociation-adriaenwillaert.com
Zie ook: www.erichallein.be


3. Ensemble Quilisma (°2008, Oudenaarde).

Een inkijk door koorlid LDV…

Toen ik in 2014 het Ensemble Quilisma vervoegde, was het pas enkele jaren eerder een gemengd ensemble geworden en begon het zijn puur gregoriaanse repertoire uit te breiden met polyfonie. Vooral de gepolijste samenklank charmeerde mij geweldig én… men kon een extra bas/bariton gebruiken. Mijn jarenlange koorervaring was beslist niet overbodig, dat werd snel duidelijk. Behalve één sopraan, een goede bekende uit vroegere koorformaties, waren het voor mij allemaal nieuwe gezichten én stemmen: professionele musici naast gedegen, door de koorwol geverfde amateurs van diverse leeftijden. Vooral ook een begeesterende dirigent die schier onvermoeibaar schaaft aan toon, klank, kleur en dictie. Drie jaar en een paar persoonswissels later blijven de repetities bijzonder intense en boeiende momenten van samen-musiceren. (…) Precies het sleutelen aan alle facetten van een muziekstuk, met oog en oor voor de vondsten van de componist, de sfeer die bepaalde toonsoorten of harmonieën oproepen, de tekst en de samenklank, maken zingen in deze kleine groep tot een belevenis. Want, laten we wel wezen: in een ensemble dat (voltallig) zo’n zestien stemmen telt, zijn de individuele betrokkenheid en verantwoordelijkheid groot. Dat maakt het zingen net zo relevant. In een dergelijke bezetting Palestrina, Da Vittoria, Byrd maar even goed Van Weerbeke of Appenzeller mogen zingen, geeft elke rechtgeaarde korist een kick. Naast de polyfonie wordt, ter afwisseling en contrast, ook werk uit deze en vorige eeuw ingestudeerd, wat het repertoire van Ensemble Quilisma verruimt. Het boeiende cd-project rond de Oudenaardse componisten was daarvan een illustratie. Niet in het minst, ten slotte, is er de sfeer van camaraderie onder de leden, die naast de uitgesproken liefde voor (koor)muziek ook na en buiten de repetities de groep bijeen brengt. Dat de meningen ook wel eens op andere dan muzikale vlakken uiteenlopen, leidt vaak tot interessante gesprekken. Ook dit maakt van zingen in dit ensemble een boeiend en uitdagend verhaal, waaraan dirigent Koenraad Verstichel nog veel bladzijden mag toevoegen.

Meer info: www.quilisma.be.
Zie ook facebook: https://www.facebook.com/groups/105814873424/?fref=ts



4. Vocaal ensemble Vocem Flentium zingt polyfonie. Arnout Malfliet zegt ons waarom.

Wel, het kan niet eenvoudiger: omdat we dat graag zingen. Enkele jaren geleden vonden zes studenten zang van het LUCA (Campus Lemmens in Leuven) elkaar via de oude polyfonie en dit voor een project van de kamermuziek. De zesstemmige muziek leek en lijkt ons nog steeds het fijnste. Elke melodische lijn ontwikkelt zich relatief onafhankelijk van de andere en toch vormen ze samen een mooi harmonisch geheel. Ook vullen deze lijnen elkaar constant aan in de zoektocht naar spanning en ontspanning. (…)  Polyfonie is een vorm van mindful zingen. Als we tijdens een repetitie een partituur hebben afgewerkt, slaakt er al wel eens iemand een zucht van verlichting. Maar dan op de boeddhistische manier: een zalig gevoel dat zegt dat we even het Nirwana hebben ervaren. Wat klanken bij een mens teweeg brengen, is voer voor psychologen. Dat het je op een hoger niveau tilt wanneer je participeert aan een concert, daarvan zijn wij overtuigd.

Polyfonie is in deze tijd van ‘disposable music’ of zal ik zeggen ‘fastfood-music’ ook onderhevig aan de vluchtigheid van ons jachtig bestaan. Omwille van het wezen van muziek  –het geluid verdwijnt van zodra men ophoudt met musiceren –  is zij zeer kwetsbaar. Eén foute toon kan een meesterwerk omvormen tot een gedrocht. Net daarom zijn musici ook kunstenaars, die zich telkens ze zingen (ook tijdens repetities) helemaal moeten ‘smijten’. Zingen is niet onvoorwaardelijk! Zingen is een engagement. Het is ‘work in progress’. Het is altijd vatbaar voor verandering en het is ook altijd anders. Geen uitvoering is dezelfde. 

Met Vocem Flentium hebben wij niet de intentie om extra vernieuwend te zijn of om een speciale visie te ontwikkelen. Wel willen we heel graag de verworvenheden van onze opleiding omzetten in effectieve kunst, die  – in tegenstelling tot een schilderij, dat blijvend is –  alleen maar kan ervaren worden wanneer mensen zich engageren om naar een concert te komen. Muziek is emotie, wekt emoties op. Het is een algemeen bekend maar ook een heel belangrijk gegeven. Polyfonie zal nooit het uitbundige karakter van pop kunnen evenaren. Het gaat eerder naar de diepte in de mens. En dat gevoel van ‘rustige zekerheid’ wil het delen met iedereen die zich daarin onderdompelt. 

Bij Vocem Flentium begint mijn taak als artistiek leider steeds weer in diezelfde bibliotheek met duizenden partituren, die me smeken: “Zing mij!” Er staat zoveel prachtige muziek genoteerd in al die boeken! Toch zijn ze slechts het penseel, de verf en het doek van de schilder, dat hiermee een prachtig schilderij kan maken. Doorheen de tralies van de partituur ontsnappen we telkens weer aan pure wetenschappelijke wetmatigheid om vrijheden op te zoeken die niet eerder ontdekt of nooit eerder gehoord werden.

Vocem Flentium programmeert graag werken van minder gekende meesters van de polyfonie (Pierre De Manchicourt, George de la Hèle...). Velen van hen speelden in die unieke muziekperiode ook in onze streken een vooraanstaande rol. Al zit er wel eens een minder geslaagd werk tussen - dat dan vaak tijdens een repetitie meteen wordt afgevoerd - het blijven de klanken en de zalige harmonieën die ons steeds weer verbinden. Muziek is volgens mij per definitie religieus zonder daarom een godsdienst te zijn, want het verbindt. Niet alleen ons als uitvoerders, het verbindt iedereen die betrokken is, dus ook de toehoorders. Je kan probleemloos parallellen trekken: hun bijeenkomsten versus onze repetities en concerten, de liturgische voorwerpen tegenover onze partituren, muziekstaanders, belichting…, of hun liturgische handelingen, daar waar wij staande in een cirkel zingen, buigen, applaus krijgen...

De naam ‘Vocem flentium’ is een zinsnede uit een van de eerste motetten die het ensemble instudeerde (Versa est in luctum van Alonso Lobo) en verwijst naar het soms melancholische en meditatieve karakter van de muziek.

Bezetting:

Marlotte Van ’t Hoff, Cantus – Emma Coopman, Quintus – Govaart Haché, Altus – Gert-Jan Verbueken, Tenor – Korneel Van Neste, Sextus – Arnout Malfliet, Bassus & artistiek leider.

meer info: http://vocemflentium.be/
facebook: https://www.facebook.com/vocemflentium/?fref=ts

5. Vocaal ensemble Utopia (°2015) en het Utopia Festival

Utopia Ensemble verenigt vijf Belgische zangers die veel ervaring hebben opgedaan bij gerenommeerde formaties zoals Collegium Vocale Gent, Huelgas Ensemble, Nederlandse Bachvereniging,  Capilla Flamenca, Vox Luminis, etc.:

Griet De Geyter, Bart Uvyn, Adriaan De Koster, Lieven Termont en Bart Vandewege.

Zij zingen reeds jaren onder leiding van dirigenten als Philippe Herreweghe, Paul Van Nevel, Jos van Veldhoven, Ton Koopman, allen gespecialiseerd in oude muziek.

Utopia nam een vliegende start met een eerste concert in het Early Music Festival te Warschau 2015 en verschillende concerten in Festival van Vlaanderen Mechelen.
In april 2016 werd een eerste cd aan het publiek voorgesteld, verschenen op het label Et'cetera. Deze opname van de zeven lamentaties van Cristóbal De Morales  – muziek die nooit eerder integraal op cd verschenen is –  bleek meteen een schot in de roos: de internationale pers had enkel lovende woorden.


Utopia Ensemble
is een Belgisch ensemble dat zich toelegt op vocale polyfonie. Vanuit haar naam en missie, wil Utopia haar maatschappelijke rol opnemen als “muzikanten in de samenleving”. Geïnspireerd door het boek Utopia van Thomas More, tracht het op haar eigen manier, met muziek in een vooraanstaande rol, een bijdrage te leveren aan een “betere” wereld.

In 2016 en 2017 toerde Utopia Ensemble door Vlaanderen en Nederland. Tijdens zo’n 20 concerten brachten zij gevarieerde programma's als ‘De 7 lamentaties van Cristóbal de Morales’, ‘Pilgrimage’ (een programma rond Marialiederen), en ‘Italiaanse Madrigalen’. Binnenkort start de opname van een tweede cd. Thema: de invloed van Luther op de religieuze muziek, met muziek van Josquin Desprez tot Praetorius. Als ‘ensemble in residentie’ in de schitterende Sint-Pauluskerk te Antwerpen brengt Utopia er dit jaar niet enkel concerten, maar ook open repetities die toegankelijk zijn voor de toevallige bezoeker.


Op 24 juni 2017 organiseert Utopia op de Sint-Paulussite te Antwerpen de eerste editie van het Utopia Festival. Het moet een unieke gelegenheid van artistieke uitwisseling worden. Deze festivaldag moet een ontmoeting worden van kunstenaars uit verschillende disciplines (podium, beeldende kunst, film, fotografie) en subdisciplines (oude muziek, barok, kleinkunst, jazz). Zo wordt rond eenzelfde thema gecommuniceerd in een veelheid van invalshoeken, genres en stijlen. Deze cross-over maakt van Utopia Festival voor publiek én artiesten een avontuurlijke verkenning voorbij de geijkte grenzen. Mede daarom het thema ‘Vrijheid’.

Uiteraard neemt muziek een prominente plaats in. Eburon Quintet, een koperblazerskwintet, brengt arrangementen van Franse romantische muziek. Voorts is het Antwerps Barokorkest te gast met een programma rond godsdienstvrijheid. Zij brengen de Bachcantates BWV 153 en BWV 155, samen met een ad hoc-koor van Antwerpse koorzangers, en de zangers van Utopia Ensemble als solisten. Het concert wordt ingeleid door Dick Wursten. Het slotconcert wordt verzorgd door Utopia Ensemble zelf. Op het programma staat muziek van, onder anderen, Josquin Desprez, Heinrich Isaac, Michael Praetorius. We maken er kennis met de overgang van de Franco-Vlaamse polyfonie naar het koraalmotet, gebaseerd op het Lutherse koraal.

 
Sint-Paulussite, Antwerpen: locatie van het eerste Utopia Festival


Op het Utopia Festival komen ook andere (kunst)disciplines aan bod. De dag start met een historische wandeling in de omgeving van Sint-Paulus. Qua visuele kunst zijn er de fototentoonstelling ‘No man’s land’ van fotograaf Henk Van Rensbergen en een kortfilmfestivalletje met documentaires en fictiefilms rond het thema ‘Vrijheid’. Qua cultuurfilosofische insteek zijn er de lezingen over Luther en Utopia, projectpresentaties rond een specifieke zoektocht naar Vrijheid of Utopia en voor het debat rond identiteit en cultuur. Moderator Werner Trio treedt er in gesprek met Jeroen Olyslaegers (schrijver), Leo Neels (jurist, denktank Itinera) en Patrick Loobuyck (filosoof, centrum Pieter Gillis), met Werner Trio als moderator. Daarnaast komen er enkele lezingen over Luther en Utopia en concrete voorstellingen van projecten waar een specifieke zoektocht naar Vrijheid of Utopia wordt beproefd.

Ten slotte is er op de mooie binnenplaats ruim gelegenheid voor een hapje en een drankje onder de lichtvoetige tonen van het Eburon Quintet (marching band en jazz) en 2 kleinkunstensembles.

Meer info: https://www.utopia-ensemble.be/
Facebook: https://www.facebook.com/UtopiaEnsemble/?fref=ts
Utopia Festival 24 juni 2017: http://www.utopiafestivaldag.be/

 

CONCERTEN, RELIGIEUZE VIERINGEN, FESTIVALS...

 

Do. 1 juni 2017 te 20.00u, The German Church, Stockholm (SE)

Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel op het Stockholm Early Music Festival
programma: Arcadia in Flandria – Facetten van de Franco-Vlaamse Polyfonie 1550-1600
met werk van o.a. Gilles Binchois, Guillaume Dufay, Johannes Ockeghem, Josquin des Prez, Pierre de la Rue, Nicolas Gombert en Roland De Lassus

http://www.semf.se/semf-2017/event/1352

Zat. 3 juni 2017 te 12.00u, The Stockholm Cathedral Parish Hall, Stockholm (SE)

Het duo Contactus (blokfluit en vedel) op het Stockholm Early Music Festival
programma: Adeu mon cuer
Met werk van o.m. Gilles Binchois en Guillaume Dufay

 http://www.semf.se/semf-2017/event/1371
Zat. 3 juni 2017 te 18.30u, Chiesa San Rocco, Venetië (IT)

Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull
programma: Visions of Joy – The Chapel of  Hieronymus Bosch
met o.m. de Missa ‘Cum jocunditate’ van Pierre de la Rue

 www.cappellapratensis.nl

Vr. 16 juni 2017 te 17.00u, Emmanuel Church, Boston (MA)

Cinquecento op het Boston Early Music Festival
programma: Canti Carnascialeschi: A Florentine Carnival
met werk van o.m. Guillaume Dufay, Heinrich Isaac, Alexander Agricola, Roland De Lassus en Adriaen Willaert

 http://www.bemf.org/pages/fest/con_cinquecento.htm

Zo. 18 juni 2017 te 10.00u, St.-Pieterskerk, Leuven

radiomis, rechtstreeks uitgezonden door RADIO1 in het kader van @MISSAM2017
Currende o.l.v. Eric Van Nevel
met o.m. de Missa ‘Quem dicunt homines’ van Antonius Divitis

www.currende.be

Van do. 29 juni tot zat. 1 juli 2017, Universiteit van Salzburg (AT)

Workshop Gaspar van Weerbeke

meer info:
http://www.gaspar-van-weerbeke.sbg.ac.at/conference/reconstruction-workshop.html

Vr. 30 juni 2017 te 20.30u, Sint-Machariuskerk, Gent

Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel op Meerstemmig Gent
programma: Een polyfoon kaleidoscoop 1350-1600
met o.m. werk van Jacob Clemens non Papa, Alexander Agricola, Cipriano De Rore en Nicolas Gombert

 www.meerstemmiggent.be .

Zat. 1 juli te 20.15u., St.-Bavokerk, Haarlem (NL)

Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel
programma: Een polyfoon kaleidoscoop 1350-1600 (zie boven: 30 juni)

www.koorbiennale.nl


Zat 1 juli 2017 te 20.00u, Sint-Machariuskerk, Gent

Currende o.l.v. Eric Van Nevel
de volledige Vergine bella van Cipriano De Rore op teksten van Petrarca

www.currende.be

Ma. 3 juli 2017 te 20.00u, Konzerthaus, Berlin (DE)

Ensemble Daimonion o.l.v. Arno Lücker
programmareeks: 2 x hören KLASSISCH
met werk van o.m. Adriaen Willaert

Ein Werk wird präsentiert – vielleicht ohne Vorkenntnisse, auf jeden Fall ohne Programmheft und ohne Einführung.
Danach berichten unsere Moderatoren und die Künstler über die Hintergründe und Merkmale des Stücks, das daraufhin ein zweites Mal erklingt.

www.ensembledaimonion.com
https://www.konzerthaus.de/de/programm/2-x-horen-klassisch/918

Vr. 7 juli 2017, uur?, Church of St John the Evangelist, Oxford (GB)

Cinquecento
programma: Musica Invictissima
met werk van o.m. Jacobus Vaet en Jacob Regnart

Vr. 7 juli 2017 van 18u00 tot 19.00u, Grote of St Bavokerk, Haarlem (NL)

Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull op het Hemels Uurtje
met werk van Pierre de la Rue, Hayne van Ghizeghem, Juan Urrede, Josquin des Prez en Nicolas Champion

http://www.koorbiennale.nl/programma/36/hemels-uurtje-cappella-pratensis

Zat. 8 juli, uur?, Chapter House of York Minster, York (GB)

Cinquecento op het York Early Music Festival
programma: Musica Invictissima
met werk van o.m. Jacobus Vaet en Jacob Regnart

Zat. 8 juli 2017, van 12.30u tot 13.30u, St Lawrence’s Church, York (GB)

English Cornett & Sackbutt Ensemble op het York Early Music Festival
programma: Echoes of Venice
met werk van o.m. Adriaen Willaert

Cornetts and sackbuts conjure up the sounds of 16th and 17th-century Venice, the beautiful and powerful city that was home to some of Europe's finest musicians.
Whether from the echoing spaces of St Mark’s, the palaces on the Grand Canal or the winding streets and open campi of this captivating city, the sounds of Gabrieli, Merulo, Schütz and Willaert spread their influence all over Europe.

https://tickets.ncem.co.uk/en-GB/shows/english%20cornett%20-%20sackbut%20ensemble/events


Vr. 4 aug. 2017 te 21.30u, Augustinuskirche, Schwäbisch Gmünd (DE)

Josquin Capella Berlin
programma: motetten, hymnen en Marialiederen van de Cappella Sistina
met werk van o.m. Guillaume Dufay, Josquin des Prez, Andreas De Silva en Jacob Arcadelt

http://www.schwaebisch-gmuend.de/7547-Programm-frage-Tickets.html?id=38392

 

Van zo. 6 aug. tot zat. 12 aug., University of Cambridge (GB)

Cambridge Early Music Summer School 2017 (Week 2)
thema: Made In Venice
met werk van Willaert, De Rore, Ganassi, Bassano e.a. 16de-eeuwse meesters

We will explore not only the magnificence of multi-choir motets but also the intimacy and intensity of the ‘Venetian’ madrigals of Adriaan Willaert and Cypriano de Rore, combining voices and instruments. As well as working with our singers, instrumentalists will also be able to follow in the footsteps of Venetian masters from Sylvestro Ganassi to Giovanni Bassano, those masters of virtuosity and sensitivity to text and rhetoric, as well as exploring the more ceremonial (and foot-tapping) repertoire of the piffari.
Each day of the course will be divided between sectional rehearsals and ensembles, both large and small, directed by our specialist tutors. The after-dinner sessions might include informal performances of works covered in the day as well as exploring early dance and working on large-scale pieces in which all course members will take part.

http://musicsummerschools.com/event/cambridge-early-music-summer-school-2017-week-2/

Zo. 13 aug. 2017 te 19.00u, Hofburg, Innsbruck (AT)
Cinquecento op de Innsbrucker Festwochen der Alten Musik
programma: Al Serenissimo Arciduca Ferdinando d’Austria
met werk van o.m. Roland De Lassus, Jacob Regnart en Jacobus Vaet

http://www.altemusik.at/nocache/programm/kalendarium/detail/?tx_eventcalendarfw_pi1%5Bitem%5D=1636

Vr. 25 aug. 2017 te 13.00u, AMUZ Antwerpen

Cinquecento op Laus Polyphoniae
programma: Musica Invictissima
met religieus werk van Jacobus Vaet en Jacob Regnart

http://www.ensemblecinquecento.com/concerts

Nieuwe cd met WILLAERT

 

 

Il cambalo di Partenope

Catalina Vicens, klavecimbel
(anoniem instrument – Napels, ca. 1525)

Carpe Diem Records
CD 16312
2017

 

 

van Willaert: Qui la dira
(bew. Antonio Valente)

meer info: http://www.carpediem-records.de/en/il-cembalo-di-partenope

Deze net verschenen cd van klaveciniste Catalina Vicens is in veel opzichten een uniek project. Het instrument is het oudst speelbare klavecimbel dat in bezit is van het National Music Museum in Vermillion (V.S.). Zij speelt muziek uit Napels uit de periode rond 1525, het jaar dat het instrument werd gebouwd. Een leuke extra is dat de cd vergezeld is van een gratis download waarin Catalina een fantasieverhaal vertelt over het genese, geschiedenis en karakter van dit instrument, deels gebaseerd op feiten, deels ontstaan vanuit inspiratie die Catalina opdeed tijdens het bespelen van dit instrument.

De cd is grotendeels te beluisteren op de Nederlandse Concertzender. Zoek naar de uitzending van woe. 24 mei 2017 van 10.00u. tot 11.00u – de Nederlandse Concertzender. De in april 2017 verschenen CD ‘Il Cembalo di Partenope’ van klaveciniste Catalina Vicens met 19de nr. Philippus De Monte en 20ste nr. Adriaen Willaert (beide: bew. Antonio Valente)

https://www.concertzender.nl/programma/394428/

 

FACSIMILE van Henry VIII’s BOOK
LonBL 31922

Dit manuscript werd waarschijnlijk vervaardigd tussen 1510 en 1513 te Londen. De vermoedelijke opdrachtgever was Sir Henry Guildford (1489-1532), een edelman die verbonden was aan het hof van Hendrik VIII. Het handschrift bevat 109 werken van Engelse en Europese componisten. Drieëndertig zijn van Henry VIII zelf, een aantal ook van Vlaamse polyfonisten, o.m. van Alexander Agricola, Jacobus Barbireau, Loyset Compère, Antoine Busnois, Heinrich Isaac, Jacob Obrecht, Antoine de Fevin, Pierre Moulu , Hayne van Ghizeghem (Alles regret en De tous bien plane) en Denis Prioris. Het repertoire bestrijkt de meest uiteenlopende genres bestrijken, zowel vocaal als instrumentaal.

In 2014 verscheen hiervan een facsimile-uitgave met inleiding door David Fallows:

The Henry VIII Book (British Library, Add. MS 31922). Facsimile with intro. By David Fallows, DIAMM Facsimiles 4, Oxford University, Oxford, 2014.



Hedendaagse Engelse ensembles zingen maar al te graag Nederlandse renaissance-polyfonie. Denken we slechts aan Stile Antico, Brabant Ensemble, Tallis Scholars, the King’s Singers, BBC Singers, the Sixteen, Hilliard Ensemble. Hoe komt het dan, vraagt Fallows zich af, dat er zo weinig werken van ‘the Continent’ opgenomen zijn. Zelfs in het algemeen, schrijft hij, verwondert het mij dat er in die tijd zo weinig polyfonie van niet-Engelse polyfonisten werd overgeschreven in de Engelse zangbundels: “Continental musicians were common at the court of Henry VII, and Henry VIII increased their number, which raises the question of why so few continental compositions are represented here. The question should really be why continental compositions are almost completely absent from other English sources of the time.”

Los van deze terechte observatie, toch volgende opmerking. Ook al is het een onontbeerlijke bron voor het Engelse profane lied van de vroege Tudorperiode, King Henry’s Book beantwoordt niet ten volle aan de definitie van een liedcollectie. Nemen we abstractie van Henry’s mediocre werkstukjes en de serie tekstloze liedcomposities van continentale componisten, dan rest een te klein hoeveelheid Engels werk om van een anthologie te kunnen spreken. Dietrich Helms is derhalve van oordeel dat “by assembling the material used and produced for the education of a king, Henry VII’s manuscript was intended to serve as a book of examples for the musical education of a royal child.”

Bron:
Murray Steib, Music Review in Notes, dec. 2015, vol. 72, nr 2, p. 407-410.

Census-Catalogue of Manuscript Sources of Polyphonic Music 1400-1550, vol. 2, pp. 64-65.

Dietrich Helms, Henry VIII's Book: Teaching Music to Royal Children in The Musical Quarterly, 92, 1/2 (Spring - Summer, 2009), p. 118.



NIEUWSFEIT VAN HET JAAR

het ‘Leuven chansonnier’ (late 15de eeuw)

In 2014 verwierf een privé-kunsthandelaar als onderdeel van een kavel een minuscuul chansonnier (12 x 8,5cm) inclusief de originele, met brokaat beklede, boekband. Het betrof een muziekmanuscript van 96 perkamenten blaadjes met sierlijk verluchte initialen. De nieuwe eigenaar vond het derhalve de moeite waard om het te laten onderzoeken door specialisten van de Alamire Foundation en de Onderzoeksgroep Musicologie van de KULeuven. Het bleek een tot op vandaag onbekend en bovendien compleet liedboek te zijn uit vermoedelijk de late 15de eeuw. Vondsten als deze zijn uitermate zeldzaam geworden; de laatste vergelijkbare ontdekking dateert van bijna een eeuw geleden. Bovendien bevat de collectie niet minder dan twaalf, tot op vandaag onbekende unica! Om de identiteit van deze stukken te onthullen, zal verder musicologisch onderzoek nodig zijn. Op basis hiervan werd het kleinood via het Fonds Léon Courtin – Marcelle Bouché aangekochtdoor de Koning Boudewijnstichting aangekocht en prompt in bruikleen gegeven aan de genoemde Alamire Foundation. Nu het chansonnier volledig gedigitaliseerd is, was de tijd rijp om het heugelijke nieuw wereldkundig te maken. Online bekijken kan op: www.idemdatabase.org.

De oorspronkelijke bezitter/opdrachtgever is onbekend. Het manuscript, dat voorlopig/voortaan (?) als ‘Leuvens chansonnier’ door het leven gaat, bevat slechts één wapenschild: dat van de hertogen van Savoye-Nemours, waarbij de letter 'I' op de achtergrond mogelijk verwijst naar Jacques van Savoye, tweede hertog van Nemours (1531-1585). Dit plaatst het liedboek in de Loirevallei, waar genoemde edelen onroerend goed hadden. Dat zij echter de oorspronkelijke eigenaars waren is lang niet zeker, al beperkt de inhoud zich wel tot wereldlijke liederen in het Frans. Na een geestelijk werk in het Latijn als traditionele opener volgen negenenveertig (44 van dezelfde hand, 5 latere toevoegingen), op één na driestemmige chansons. Ze staan niet naamgetekend maar 38 ervan konden op basis van andere bronnen toegeschreven aan vooraanstaande 15de-eeuwse Franco-Vlaamse meesters als Gilles Binchois, Johannes Ockeghem en Antoine Busnoys.

De twaalf unica die het handschrift rijk is, worden voor het eerst ten gehore gebracht op 11 juli 2017 in New York, meer bepaald in The Cloisters te New York, een première georganiseerd i.s.m. Flanders House. Er wordt onderhandeld met diverse ensembles, waaronder het Huelgas Ensemble, voor uitvoeringen in onze contreien.

http://www.ae-info.org/attach/User/Burn_David_Joseph/burn_david.jpg  Prof. Dr. David Burn (KULeuven) beklemtoont het belang:

“Wat de onderzoekers bijzonder verraste: twaalf van de genoteerde liederen waren tot nog toe volstrekt onbekend: Onvoorstelbaar. Alsof je opeens een dozijn onbekende Rubens-tekeningen zou vinden! We hopen te kunnen achterhalen wie de liederen gecomponeerd heeft. Ook de 38 bekende werken zijn zeer interessant, omdat het vaak om andere versies gaat dan de versies die we al kennen. Deze vondst zal het onderzoek naar de polyfonie in de Lage Landen in ieder geval een flinke duw vooruit geven.

Voor wie het boekje bedoeld was, of wie de opdrachtgever was, is nog een groot vraagteken. Vast staat dat het moet hebben gecirculeerd in de hoogste geledingen van de toenmalige maatschappij. Dergelijke chansonniers waren een hebbeding, en werden vaak cadeau gedaan. Muziek noteren diende natuurlijk in de eerste plaats om ze te bewaren, maar het boekje kan ook daadwerkelijk gebruikt zijn geweest om mee te musiceren.”

bron: http://nieuws.kuleuven.be/node/17881

 

TWEE CITATEN

* de raadselachtige renaissance

“The riddle’s inherent ambiguity and the subtle deception that goes with it lead us to the very heart of the musical culture  – or rather cultivation –  of the enigmatic in the Renaissance.”

Katelijne Schiltz, Music and Riddle Culture in the Renaissance, New York, 2015, p. 360.

* dubbelkorig: een klein koor tegenover een groot

“The performance of vespers psalms at San Marco was rooted in liturgical plainsong tradition, with two choirs (or two halves of the choir) alternating either verse by verse or half verse by half verse. The salmi spezzati were an outgrowth of that tradition.
Their performance was spelled out in various rubrics of the church, with one choir made up of four singers, and the other consisting of all the other singers.
The psalms were sung in this way at vespers of all the solemn feasts.”

Mary S. Lewis, Di Willaert et di Iachet. I salmi: A Reconsideration of a Double-Choir Collection from 1550 in La la la… Maistre Henri, Turnhout, 2009, p.106.


 

Ingekomen correspondentie

Ik werk als Domeinverantwoordelijke Digitalisering voor de Universiteitsbibliotheek, waar we natuurlijk alle domeinen van de collectie betrekken. Alles kan geraadpleegd worden via de publieke catalogus van de Universiteitsbibliotheek. Daarvoor moet u wel weten wat u zoekt (titel, ...). We werken momenteel aan het presentatieplatform maar dat zal in de eerste plaats gericht zijn op nieuwe virtuele tentoonstellingen en nieuwe digitaliseringsprojecten. Daarnaast werken we ook aan een vereenvoudiging van het zoeken binnen de gedigitaliseerde boeken in de catalogus zelf. 

Met vriendelijke groeten,
Nele Gabriels
Projectmanager Digitalisering,
KU Leuven Universiteitsbibliotheekdiensten

 

 

170501 13de JG NR 4

CONCERTEN, RELIGIEUZE VIERINGEN, FESTIVALS...


Woe 3 mei 2017,
KULeuven Campus Kulak, Kortrijk

Graindelavoix o.l.v. Björn Schmelzer
19.30u: lecture ‘The Demons of Early Music’
21.00u: concert

Woe. 3 mei 2017 te 20.15u, St.-Pieter-en-Paulkerk, Mechelen (uitverkocht, maar met wachtlijst)

The King’s Singers
programma: Royal Blood
meto.m. Paisible Domaine en Dessus le marché d’Arras van Roland de Lassus

http://www.mechelenhoortstemmen.be/voorstelling/the-kings-singers/

Di. 9 mei 2017 te 13.10u, The Holburne Museum, Bath (UK)

Musicke in the Ayre (sopraan en luit)
programma: A Flemish Foray – music of the Bruegel dynasty
met werken van Josquin des Prez, Thomas Crecquillon, Pierre de Manchicourt, Jacob Clemens non Papa, Cypriano De Rore, Cornelis Schuyt, Nicolas Vallet en Adrianus Valerius

https://www.facebook.com/events/1874424786170168/

Di. 9 mei 2017, 21.00u, Festival van Vlaanderen, Onze Lieve Vrouwkerk, Kortrijk

Graindelavoix o.l.v. Björn Schmelzer
programma: And Underneath the Everlasting Arms – Polyfonie voor een betere slaap
met werken van o.m. Josquin des Prez, Nicolas Gombert en Roland De Lassus

http://wildewesten.be/nl/event/graindelavoix

Zat. 20 mei 2017 te 20.30u, Sint Lambertuskerk, Ekeren

Graindelavoix o.l.v. Björn Schmelzer
programma: Devoties en emoties in de Nederlanden
met werken van Jacob Obrecht en Johannes Ockeghem

https://ttk.antwerpen.be/Tickets/Detail.aspx?language=NL&smallmenu=1&code=COC-252-20170520

Zo. 21 mei 2017 te 10.00u, Sint Pieterskerk, Leuven

Radiomis door Currende o.l.v. Eric Van Nevel
met o.m. de Missa ‘Mittit ad Virginem’ van Adriaen Willaert

Zelfde programma op zo. 28 mei te 11.00u in de Onze Lieve Vrouwekerk te Brugge.

www.currende.be

Zo. 21 mei 2017, te 19.00u, Psychiatrisch Ziekenhuis Onze Lieve Vrouw, Brugge

Vocaal Ensemble Da Cantar o.l.v. Wim Maesele, begeleid door professionele instrumentisten
programma: De Nalatenschap van Josquin

http://www.dacantar.be/concerten.html


Zo. 28 mei te 11.00u, Onze Lieve Vrouwekerk te Brugge

Eucharistieviering opgeluisterd door Currende o.l.v. Eric Van Nevel
met o.m. de Missa ‘Mittit ad Virginem’ van Adriaen Willaert

info: zie boven, 21 mei

Do. 1 juni 2017 te 20.00u, Stockholm Early Music Festival, The German Church, Stockholm (SE)

Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel
programma: Arcadia in Flandria – Facetten van de Franco-Vlaamse Polyfonie 1550-1600
met werk van Gilles Binchois, Guillaume Dufay, Johannes Ockeghem, Josquin des Prez, Pierre de la Rue, Nicolas Gombert en Roland De Lassus

http://www.semf.se/semf-2017/event/1352

 

NOTEER ALVAST

vrijdag 16 juni 2017:

Huldeconcert in de Sint-Michielskerk
door het Roeselaars Kamerkoor
o.l.v. Bart Naessens

zaterdag 1 juli 2017

onthulling Willaertmonument
academische zitting met lezing door
prof. dr. David Burn (KUL)


 

Cipriano de Rore: New Perspectives on his Life and Music

Collection of essays on the life and works of Cipriano de Rore, Brepols, Turnhout, 2017

J. A. Owens, K. Schiltz (eds.)

ADRIAEN WILLAERT
Haud aliter pugnans a 5

Haud aliter pugnans
fulgebat Caesar in armis,
Ac tu spes patriae bellica
Tela ferens

Magna trophea paras
dum tu contendis in hostem
Vincislae paras nomina magna quoque
Nam merito sortitus eras
haec nomina laudis

Cum toties victor
vincere doctus eras
(x2)

Vrije vertaling:

Niet anders schitterde Caesar telkens hij zélf de wapens greep en meedeed in de strijd
dan gij nu schittert, Hoop des Vaderlands, met het oorlogszwaard ter hand.

Ontzaglijke trofeeën sleept gij in de wacht
in menige strijd met de vijand
Ook d’ontzaglijke naam ‘Wenceslaus’ sleep jij in de wacht.
Terecht immers had gij deze naam van lof & eer als lotsbestemming geloot.

Je zovele zeges bewijzen
je zegemeesterschap!

Eerste druk: W1110 (1539), Venetië, Girolamo Scotto:
Adriani Willaert… musica quinque vocum… liber primus

Herdrukt in 1550 (W1111)
Vindplaatsen van de volledige boeken:
druk 1539: Londen, British Library
druk 1550. London, British Library / München, Bayerische Staatsbibliothek.


 

http://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/api/book/bsb00094095/page/33.jpg

Cantus uit Famosissimi Adriani Willaert musica quinque vocum, Venetiis, 1550
München, Bayerische Staatsbibliothek

De zestiende eeuw was in veel opzichten een bewogen tijd. Er werd voortdurend en op vele fronten gevochten. Maar het was evenzeer een periode van hoge bloei in kunst en cultuur. Wilden de Bourgondische vorsten hun territorium uitbreiden of het ten minste behouden, dan moesten zij koningstroon inruilen voor het strijdros. Maar ze hadden ook aandacht voor de kunsten, zij het in de eerste plaats om te pronken. Schilders, beeldhouwers, architecten en ook musici werden in vaste dienst genomen om de glorie van hun broodheer glans bij te zetten. Dat deden ze meestal plichtsgetrouw en bovendien met de grootste artistieke vaardigheid.

De regeringsperiode van Karel V (°1500 – 1515 – 1556) viel samen met een hoge bloeiperiode van de Nederlandse polyfonie, vertegenwoordigd door Nicolas Gombert, Jacob Clemens non Papa, Thomas Crecquillon, Adriaen Willaert en Cypriano De Rore. Elk van hen had zijn part in het componeren van Staatsmotetten op in onze tijd niet te smaken proza. Maar dankzij hun muzikale vaardigheid toverden ze op die gelegenheidsverzen niettemin genietbare polyfonie, waarin verborgen symbolische wendingen het beluisteren alsnog boeiend maken.

Van het voorliggende huldemotet Haud aliter pugnans van Adriaen Willaert is geen handschrift bewaard. De oudste druk is van 1539 door Girolamo Scotto te Venetië in Musica quinque vocum… liber primus; een herdruk dateert van 1550  – zie de afbeelding hierboven. Toch zou het stuk al gecomponeerd kunnen zijn in 1529. Willaert was toen in Venetië, maar door zijn verblijf van 1517 tot 1519 in Hongarije, in dienst van Ippolito d’Este, was hij ook al in Wenen bekend. Dit verklaart waarom men, ten einde een passend huldemotet te bestellen, vanuit Wenen naar het verre Venetië is getrokken.

De geadresseerde in Haud aliter pugnans is Ferdinand I van Oostenrijk (1503-1564). Hij werd tot koning van Bohemen-Hongarije gekroond op 24 februari 1527 in de St.-Wenceslauskapel van de Praagse dom. Vier jaar later, op 5 januari 1531 werd hij keizer van Oostenrijk aangesteld op instigatie van Karel V, zijn broer en keizer van het Heilige Roomse Rijk. Was de aanleiding voor het lofdicht de overwinning op de Turken te Wenen in 1529? Of het vredesakkoord met de Turken in 1532? In tegenstelling tot wat Albert Dunning schrijft, zou Haud aliter pugnans met dit alles echter niets te maken hebben.

De Heilige Wenceslaus is de grote heilige in Praag en in de tekst komt een woordspeling op zijn naam voor: Wenceslas = ‘Vincere + laus’ (overwinnen + lof). Er wordt beweerd dat Willaert hier motieven uit een zgn. Wenceslauskoraal gebruikt zou hebben. De beginmelodie gelijkt inderdaad op de inzet van een volkslied. Ook de tendens naar een syllabische schrijfwijze wijst in die richting. Prof. Viktor Velek, een Tsjechische musicoloog, ontkent die theorie echter in een brief aan ons (gedateerd: 22 maart 2006). Daarin verwijst hij naar een ander Tsjechisch lied als bron: Dies venit victoriae.

Bronnen:

Mary Tiffany Ferer: Music and Ceremony at the Court of Charles V in Studies in Medieval and Renaissance Music, 15(2012), p. 304.

Ignace Bossuyt, Adriaan Willaert (ca. 1490-1562). Leuven, 1985.

Katelijne Schiltz, Adriaan Willaert en de Venetiaanse motetpraktijk. Een onderzoek naar stijlbepaling, Leuven, 2001.

Albert Dunning, Die Staatsmotette 1480-1555, Utrecht, 1970.

LUISTER via YouTube

Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull

1. hun programma: Josquin in Rome opgenomen in de Sint-Pieterskerk, Utrecht op 16/01/2014.

                https://www.youtube.com/watch?v=1Xw2_eqjC5c&t=119s

2. Captatie van het concert in Raamsdonck op 21/06/2015
https://www.youtube.com/watch?v=umPwuTBil0U

3. Josquin des Prez, Nymphes des bois.
                https://www.youtube.com/watch?v=qToBYimC8AE

Mannenkoor Oxymore o.l.v. Maud Hamon-Loisance

met L’Aura mia sacra al mio stanco riposo van Adriaen Willaert (2016)

https://video.search.yahoo.com/yhs/search?fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hsimp=yhs-fh_lsonswrow&hspart=avg&p=YouTube+Willaert#id=5&vid=417248467015d5356392cdd3441b4d4d&action=view

Domus Arte

Adriaen Willaert, Mirabile Mysterium declaratur hodie

https://video.search.yahoo.com/yhs/search?fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hsimp=yhs-fh_lsonswrow&hspart=avg&p=YouTube+Willaert#id=54&vid=3e1b7672a653d001ba54c1b09c43ccaf&action=view

Fior Angelico, Live in Ohio

Adriaen Willaert, O Magnum mysterium

https://video.search.yahoo.com/yhs/search?fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hsimp=yhs-fh_lsonswrow&hspart=avg&p=YouTube+Willaert#id=70&vid=d9949afadb9b556e7115da45b8e49a70&action=view

Nieuwe cd met WILLAERT

http://i.ndcd.net/1/Item/500/394135.jpg

Cifras imaginarias: Música para tañer a dos vihuelas
Ariel Abramovich, Jacob Heringman (luit)
NAXOSDIRECT ARCANA
2017
SPOTIFY

van Adriaen Willaert: Ricercar 7 (A6) – 2’18”

 

Ook nog werk van des Prez, Crecquillon, da Modena, de Cabezón, Verdelot, da Milano, Palero, de Sermisy, Vasquez en een anonymus

A leading vihuela specialist, the Argentinian virtuoso Ariel Abramovich has already devoted two albums to the favourite instrument of the Iberian Renaissance, the first on Arcana (Esteban Daça, El Parnasso, A316, 2002) and the second on Carpe Diem (Diego Pisador, Si me llaman, 2009). For this third instalment he is joined by one of the world’s most respected and innovative solo lutenists, Jacob Heringman, for a vihuela duo project which is the result of years of research and performing. While there is a significant number of publications for two lutes from the sixteenth century, only one of the seven collections for vihuela de mano includes duets, and it is precisely that collection that was the main source of inspiration for this project. The performers, both highly experienced with intabulations of sixteenth-century music, decided to recreate an imaginary’ book of vihuela duets, following the taste and practice of the ancient masters, who through a notation system of ‘numbers’ used to arrange works by the composers they listened to and played. Cifras Imaginarias is the poetic name they have given to an imaginary music collection of vihuela duos of the kind that might have been published in the mid-sixteenth century.

http://naxosdirect.se/items/cifras-imaginarias-394135

PHILIPPE HERREWEGHE 70
2 mei 2017

foto van Philippe Herreweghe.
http://www.amuz.be/nl/reeks/philippe-herreweghe-70-nl/

“Renaissancemuziek is het puurste, het allermooiste!”

Op zondag 30 december 2012, in het Klaraprogramma ‘Music Maestro’ dat diverse topdirigenten aan het woord liet, werd Herreweghe gevraagd naar zijn mening over muziek.

Reporter: Hoezeer uw interessegebied zich ook verbreed heeft de laatste 10, 12, 14 jaar,
u blijft toch jaarlijks minstens één uitstap naar de polyfonie maken.

Ph. H.: Op dat gebied ben ik zeer atypisch, denk ik, als dirigent. Omdat ik blijf… ik bestrijk het hele gebied tot de hedendaagse muziek… vanaf een bepaalde soort oude muziek, vanaf de laat-renaissance. In de renaissance is er ongelooflijk veel moois tot stand gekomen, kwalitatief, op het gebied van de schriftuur, dus van de expressie, want dat loopt altijd samen. Ik vind de barok eerder een dieptepunt. – Ik ben een beetje provocerend –  Ik bedoel: niet de interessantste muziek voor mij behalve natuurlijk Bach en sommige uitzonderingen… Monteverdi, als ge die bij de barok zoudt rekenen. Ik vind dan de 19de eeuw ook fantastisch en de 20ste eeuw ook.
Misschien is het mooiste, het allermooiste, het allerpuurste toch de renaissancemuziek.
Ik kan het gewoon niet laten.

Een topprestatie is de opname door France Musique van Roland De Lassus, Lagrime di San Pietro door Collegium Vocale Gent o.l.v. Philippe Herreweghe (duur: 58’, inclusief het bisnummer: Claudio Monteverdi, Adoramus Te).

Voor de Lagrime:

https://video.search.yahoo.com/yhs/search;_ylt=A2KLqIG5z_hYChgA5lY0nIlQ;_ylu=X3oDMTBncGdyMzQ0BHNlYwNzZWFyY2gEdnRpZAM-;_ylc=X1MDMTM1MTE5NTcwMARfcgMyBGFjdG4DY2xrBGJjawMycTBtcGsxYmptNXMyJTI2YiUzRDMlMjZzJTNENDgEY3NyY3B2aWQDV2Npb2tEazRMakV0QXRtZ1Z6c1hnZ0ZOTW1Fd01nQUFBQUNQbUtQSgRmcgN5aHMtYXZnLWZoX2xzb25zd3JvdwRmcjIDc2EtZ3AEZ3ByaWQDNmJrUDRPbW1SX3VxVThGRlF5SHp5QQRtdGVzdGlkA251bGwEbl9yc2x0AzYwBG5fc3VnZwMyBG9yaWdpbgN2aWRlby5zZWFyY2gueWFob28uY29tBHBvcwMwBHBxc3RyAwRwcXN0cmwDBHFzdHJsAzE4BHF1ZXJ5A1lvdXR1YmUgSGVycmV3ZWdoZQR0X3N0bXADMTQ5MjcwMTY4MQR2dGVzdGlkA251bGw-?gprid=6bkP4OmmR_uqU8FFQyHzyA&pvid=WciokDk4LjEtAtmgVzsXggFNMmEwMgAAAACPmKPJ&p=Youtube+Herreweghe&ei=UTF-8&fr2=p%3As%2Cv%3Av%2Cm%3Asa&fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hsimp=yhs-fh_lsonswrow&hspart=avg#id=59&vid=bbc503d9f30be847d4443eb23ab6ca66&action=view

 

Bekroonde cd’s met oude muziek

1993 – Diapason d’Or
Lassus. Lagrime di San Pietro.
Ensemble Vocal Européen
o.l.v. Philippe Herreweghe
HARMONIA MUNDI – Musique d’abord

(ook de heruitgave van 2014 werd bekroond met de Diapason d’Or)


10/2008 – Diapason d’Or
Roland De Lassus. Cantiones sacrae sex vocum (1594).
Collegium Vocale Gent
o.l.v. Philippe Herreweghe
HARMONIA MUNDI

Ceciliaprijs 2012 (de jaarlijkse platenprijs van de Belgische Muziekpers)
Officium Defunctorum van Thomas Luis de Victoria
Collegium Vocale Gent
o.l.v. Philippe Herreweghe

 

Meer info

Herreweghe dirigeerde nog meer renaissancepolyfonie, o.m. een cd met werk van Josquin des Prez (Stabat Mater en motetten) en een concert in 2011 te Asciano (IT) met werk van Giaches De Wert (La Gerusalemme liberata)

Zie onder meer:
https://en.wikipedia.org/wiki/Philippe_Herreweghe

 

Een boek als verjaardagsgeschenk


9789462700956.jpg (600×811)

Eind mei 2017 verschijnt bij Universitaire Pers Leuven een monografie over de h-Moll-Messe van Bach. Auteur is prof. em. Ignace Bossuyt. Hij schreef het naar aanleiding van de 70ste verjaardag van Herreweghe, die het werk driemaal uitvoert

- do. 11 mei om 20.00u in Bijloke teGent
- vr. 12 mei om 20.00u in Concertgebouw te Brugge
- zat. 13 mei om 20.00u in De Singel te Antwerpen

Dit na een lezing-concert (met uittreksels van de h-Moll-Messe) op 10 mei te 20.00u in Bozar, Henry Le Boeufzaal, Brussel

http://www.collegiumvocale.com/en/seasons/848-hohe-messe

In diezelfde zaal is er op 2 mei al het verjaardagsconcert (zonder renaissancepolyfonie of Bach)
http://www.bozar.be/nl/activities/109731-philippe-herreweghe-verjaardagsconcert

Ingekomen correspondentie

 

1. Onderwerp: Ye fille

10/01/2017
Geachte heer, mevrouw,
Ik heb een transcriptie gemaakt in gewoon notenschrift van Cabeçon's weergave van Ye fille etc., alias Je file, met kritische noten en na raadpleging van de 5 stemmige partituur in de editie Bernstein van Philip Van Wilder. Bijgaand vindt u die. Ik heb ook een arrangement voor 5 blokfluiten gemaakt, die vrijwel overeenkomt met de editie Bernstein. Tzt plaats ik die op mijn eigen website Ottaviano Petrucci (of home.planet.nl/teuli049) en op IMSLP. Ik heb meer stukken voor klavier getranscribeerd op mijn site. Tzt transcribeer ik ook Cabeçon’s versie van Qui la dira. Als u daar prijs op stelt wil ik u best op de hoogte houden van mijn vorderingen.
Met vriendelijke groet, Arnold den Teuling, Assen (NL)

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

10/01/2017
Geachte Heer Arnold den Teuling
Bravo voor de transcripties! Zeer interessant.
Breng ons verder op de hoogte aub van uw verdere prestaties.
Ik kopieer die voor mezelf, maar ik zou graag hebben dat u me toelaat dat ik vermeld in de Willaert Nieuwsbrief en de Willaert Website hoe ook anderen toegang kunnen hebben tot die partituren.
Arnold Loose

 

23/01/2017
Geachte heer Loose,
De links naar mijn website zijn:  home page http://home.planet.nl/~teuli049/ Daarvandaan kan men meteen doorlinken naar Willaert: http://home.planet.nl/~teuli049/petrucciblad.html#wil , waar  vier 3-stemmige ricercari staan in pdf. Ze staan ook onder Willaert op IMSLP, met een gezipte source file, oorspronkelijk in Encore. Zoals gezegd ben ik bezig met de transcriptie van Cabeçon, en wel de gedeelten die niet in algemeen gangbare uitgaven beschikbaar zijn, dat zijn de canciones y motetes glosadas voor 4, 5 en 6 stemmen. Daar zitten drie 5-stemmige stukken bij van Willaert, het eerste, dat ik nu gestuurd heb, is ook met de auteursnaam Van Wilder overgeleverd. Voor Qui la dira geldt die twijfel niet, ik weet ook niet of het verder veel voorkomt dat stukken van Willaert geïsoleerd in bloemlezingen voorkomen. Zo niet, dan verzwakt dat de toeschrijving van Je file. Verder Pis ne me peult venir, dat ook op naam staat van Crecquillon. Ik zal het u melden als ik weer een stuk klaar heb. Ik bundel de 14 5-stemmige canciones in pdf, dan zet ik ze zelf op mijn eigen site en IMSLP. Maar daaraan voorafgaande stel ik ze graag aan ieder beschikbaar die erom vraagt, zowel in pdf als in Sibelius, wat ik tegenwoordig gebruik. Ik denk dat dat over een paar maanden klaar kan zijn.

De 4-stemmige zijn al gepubliceerd, maar daar zit geen Willaert bij.
Tegelijk met de klavier (en harp-)versie maak ik arrangementen voor blokfluiten, omdat ik zowel klavecimbel als blokfluit speel.
De Sibeliuseditie is mooier dan de pdf, maar niet iedereen kan dat lezen. Als iemand een andere instrumentatie zou vragen dan lever ik die ook, want dat is een kleine moeite.
Mijn e-mailadres manipuleer ik een klein beetje : adentequling@planet.nl  : verwijder de q bij gebruik. Het stuk dat ik u vanmorgen heb gestuurd bevat nog een paar kleine fouten. In de bijgaande versie heb ik die eruit gehaald, dus wilt u de vorige deleten?
Met vriendelijke groet, A.d.Teuling, Assen

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

23/01/2017
Beste Arnold,
Bijgaand nog een opus dubium, dat ik net deze week af heb gekregen. Er komt er nog één, Qui la dira (als de Franse spelling de juiste is), en nog een tweede van Pis ne me peult venir. Maar pas over een paar maanden. Ze komen ook op twee websites te staan (IMSLP en die van mijzelf), dus als deze niet in uw opnamebeleid passen, dan worden ze toch wel toegankelijk.
Groeten, Arnold den Teuling

(nvdr: die partituur kan bij ons opgevraagd worden. Adr. Will. St.)

 

2. Onderwerp: dissertatie Liedboek Zeghere van Male

31/01/2017
Geachte heer Loose,
Als ik het mij goed herinner, informeerde u een hele tijd geleden naar mijn
doctoraatsverhandeling. Met veel vertraging, waarvoor mijn excuses, vind je in bijlage een pdf met het volledige document. Hartelijke groet,
Nele Gabriels (Ph.D.)
Domeinverantwoordelijke Digitalisering
KU Leuven Bibliotheken
www.enrichingheritage.wordpress.com

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

31/01/2017
Waarde mevrouw Nele Gabriels,
Ik ben heel blij uw dissertatie te ontvangen.
Duizendmaal dank!
Het wordt een verrijking van onze Willaert-bibliotheek.
In de eerste plaats de composities van Adriaen Willaert, nl. de twee missen, het da pacem domine en de chansons interesseren ons.
Maar uiteraard ook de vele andere werken van de Vlaamse meesters en heel in het bijzonder ook de grappige illustraties.
Arnold Loose

(nvdr : het handschrift  in Cambrai : http://bvmm.irht.cnrs.fr/consult/consult.php?reproductionId=9973)

3. Onderwerp: O socii durate

08/02/2017
Je recherche surtout copie, photo de l'original de la dedicace au Cardinal De Granvelle, pour une affiche de concert
"Musique au Temps et au Pays des DE GRANVELLE" , dans lequel l'oeuvre sera jouée   (500 ° anniversaire de la naissance du Cardinal)
Grand merci.
Jean-Claude Roussel
+33 646335420
13 rue des Martinets
25290 ORNANS France


-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

09/02/2017
Cher monsieur Jean Claude
J’ai trouvé la dedicace que vous cherchez, mais seulement en petits lettres.
Probablement inutile pour une affiche.
Quelle est la raison ?
Du motet O SOCII DURATE existe seulement l’édition de 1566, Antonio Gardano dans « Di Cipriano il quinto libro di madrigali… « 
A 1566, Willaert était déjà mort (+ 1562), ni pour Gardano, ni pour De Rore, la dédicace est importante.
J’ai trouvé dans le website de la British Library cette édition originale (digitised score) et à la page 19  de chaque volume, on trouve le texte :
Illustrissimi et reverendissimi Cardinalis Granvellani Emblema en titre du motet O socii durate

canto 1:
https://repository.royalholloway.ac.uk/items/834da133-3022-129c-8e7f-148f4422d769/1/A70v_012.jpg?.vi=livNavTreeViewer&_sl.t=true
alto:
https://repository.royalholloway.ac.uk/items/834da133-3022-129c-8e7f-148f4422d769/1/A70v_029.jpg?.vi=livNavTreeViewer&_sl.t=true
tenore:
https://repository.royalholloway.ac.uk/items/834da133-3022-129c-8e7f-148f4422d769/1/A70v_047.jpg?.vi=livNavTreeViewer&_sl.t=true
basso:
https://repository.royalholloway.ac.uk/items/834da133-3022-129c-8e7f-148f4422d769/1/A70v_065.jpg?.vi=livNavTreeViewer&_sl.t=true
quinto en sexta pars
https://repository.royalholloway.ac.uk/items/834da133-3022-129c-8e7f-148f4422d769/1/A70v_083.jpg?.vi=livNavTreeViewer&_sl.t=true
Dans le même livre, chaque fois après la version de Willaert, vous trouverez la version de Cipriano De Rore à 5, avec la même dédicace.
Je vous conseille sincèrement d’écrire à prof. em. Ignace Bossuyt.


Il a fait beaucoup de recherches dans cette matière et il a publié plusieurs articles sur « O socii durate » et sur Granvelle, de Lassus, de Willaert, de Pierre de Manchicourt et de Cipriano De Rore.
Son adresse: Ignace.Bossuyt@arts.kuleuven.be ou bien: ignace.bossuyt@kuleuven.be
Arnold Loose

 

4. Onderwerp: Giaches De Wert

05/04/2017
Dag Arnold,
Mooi is de vermelding van het motet Ascendente Jesus van De Wert (al is voor mij de vergelijking met Dukas wat ver gezocht, maar het kan geen kwaad!!!). Je zal wel weten dat de recente cd van Stile Antico gewijd is aan motetten van de Wert, met o.m. het schitterende Vox in Rama. Een ander prachtwerk - dat niet op die cd staat, maar dat Erik van Nevel ooit heeft opgenomen - is het motet Adesto dolori meo. Er is een mooie 'genealogie' verbonden aan dit stuk, waarbij drie componisten betrokken zijn: Clemens non Papa, De Wert en Alexander Utendal (mijn doctoraatsonderwerp, 1978...!). Het beginmotief is bij Clemens een diatonische kwart, bij de Wert bijna volledig chromatisch, bij Utendal - die de Werts werk goed kende - volledig chromatisch: een treffend voorbeeld van 'imitatio' en 'emulatio' : nabootsing van een vereerd model en poging om het te evenaren én te overstijgen!
Van harte
Ignace

 

5. Onderwerp: Suzanne Willaert

17/04/2017

Vraag: Donatella Bartolini
Email: donnat@libero.it
I am an italian independent scholar pursuing a research on notaries in the Venetian Terraferma in the 16th century. My main focus is in particular on a notary who hosted Susanna Willaert in the last years of her life. I wonder if you can help me with some information and/or bibliography about Willaert wife. Thanks, DB

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

17/04/2017
Adriaen Willaert was geen priester en nog min een kanunnik, zoals sommige polyfonisten uit zijn tijd. Denken we maar aan Pierre de la Rue, Johannes Ockeghem of Jacob Obrecht. Hij was gehuwd met Susanna Girardi, een Italiaanse vrouw uit de streek rond Venetië.  Wellicht als huwelijksgeschenk aan haar heeft de maestro zijn motet gecomponeerd In diebus illis erat vir Babyloniae – Susanna aliquando.
De tekst verwijst naar het verhaal in het boek Daniel van de “kuise Susanna”. Zie ook hierboven in het boek van Owens/Schiltz bij Cypriano De Rore, hfdst 8.


Ze hadden geen kinderen, althans geen overlevende zonen of dochters, maar Adriaen liet sommige familieleden (zijn zus Joanna, haar man Loonis Harout en hun kinderen?) naar Italië overkomen. Enkele verbleven bij hem in Venetië zelf. Tot tweemaal toe vraagt hij verhoging van zijn wedde met het uitdrukkelijk argument dat hij het onderhoud van zijn familie moet bekostigen. Susanna wordt voor het eerst in een Venetiaans document, gedateerd 25 okt. 1538, vernoemd als “ejus uxore” en in Willaerts testamenten is zij steeds zijn belangrijkste erfgenaam.  Zij overleed dus zeker na Adriaens dood op 7 dec. 1562. Susana was aanwezig op 8 dec. 1562 toen de notaris de testamenten en codicillen van haar overleden echtgenoot opende.
Guido Aerbeydt citeert een correspondent uit Italië: I am carrying on a notary in Feltre, a small town in the Venetian highlands, in the second half of the XVIth century. He lodged Susanna Girardi, Willaert widow, in the last years of her live and became her legal heir. Susanna was buried in Feltre in the notary tomb (but now the church and the tombs are all destroyed).
Feltre ligt zowat 75 km ten noorden van Venetië, in de regio Veneto.

Van Willaert zijn 9 testamenten bewaard in het Archivio di Stato te Venetië.
Hier enkele uittreksels.

1. 20/03/1549
(…) Tutto io lasso et volgio che sia della mia carissima consorte Susana, la qual io instituisco mia libera et universal herede, et alla qual io non volgio che algun li possi contradir per modo alguno. (…)

2. 05/04/1550
(…) El residuo di tutti i mie beni laso a Susana mia moier (…)

3. 05/10/1552
(...) el resto lasso a Susana mia moglier (...)

4. 26/03/1558
(...) El residuo de tutti li altri mei beni mobeli lasso alla ditta Susana, mia muglier (...)

6. 27/12/1559
(…) Lasso … a Susana, mia mogier, per fina che la vive, et doppo la morte de ditta mia mogier, lasso tutti… (…) El resto de tutti li altri mei beni… lasso a ditta Susana, mia mogier, liberamente, che la possa disponer di esse come de cosa sua propria…

7. 12/11/1562
(…) lasso … a Susana, mia moglier, per fina che la vive et dopo la sua morte, alli sette luogi pii dechiariti in ditto testamento…
Na de dood van Adriaen Willaert keert Susana terug naar haar geboortestreek. Er zouden notariële akten bewaard gebleven zijn die de regeling van de erfenis betreffen. Waar?

Bron: Guido Aerbeydt


6. Onderwerp: het kunstboek van Mielich met muziek van Cipriano De Rore

23/04/2017

1ste vraag: Gery Gevaert, Zwevegem
Wat is het webadres om de gedigitaliseerde versie van het Kunstboek van Mielich met de motetten van Cypriano De Rore te lezen en/of op te slaan?

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Cypriano De Rore. Motettenboek door Hans Mielich. 1599
Bayerische Staatsbibliothek. München. BSB.Mus.ms. B(1)
http://daten.digitale-sammlungen.de/~db/0010/bsb00103729/images/index.html?id=00103729&groesser=&fip=xdsydeayaewqeayaeayaqrswsdaseayaxdsyden&no=&seite=1
Voor de volgende bladzijden: seite=2, seite=3 enz. tem seite 321
Portret van Cypriano De Rore: seite=311 of seite=323

2de vraag: Waar kan ik op internet partituren van Cypriano de Rore vinden in hedendaagse partituurvorm?

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

http://imslp.org/wiki/Category:Rore%2C_Cipriano_de
bijv. Regina coeli a 3.
http://imslp.nl/imglnks/usimg/c/c4/IMSLP403510-PMLP653472-2._Rore__Regina_celi.pdf

 

7. Onderwerp: € 12/15.000 voor een Willaert. € 15/20.000 voor een Lassus

04/04/2017
Adriaen Willaert en collega’s worden geveild!
Op 28 juni veilt Sotheby’s een deel uit de grote verzamelbibliotheek van Pierre Bergé, Frans zakenman en partner van Yves Saint Laurent. Pierre Bergé is intussen 86 jaar, zijn vermogen werd vorig jaar geschat op ruim 180 miljoen euro. In de loten die eind juni worden geveild, vinden we een oude druk van Adriaen Willaert. Het boek uit 1545 bevat 6 motetten van de hand van Willaert en wordt geschat op 12.000 tot 15.000 euro.
In dezelfde veiling gaat overigens nog een oude druk van Orlandus Lassus onder de hamer. 
Het boek bevat 3 verzamelingen met – alles samen – meer dan 200 composities van Lassus, telkens de partituur voor de tenorstem.
Het is een heruitgave uit 1619 van eerder gepubliceerd werk uit 1576 en wordt geschat op 15.000 tot 20.000 euro.

Wie zoekt, die vindt, trouwens. Een muziekantiquariaat uit Duitsland verkoopt een partiturenboek met 16 werken voor de discantus-stem van Jacobus de Kerle. Het boek uit 1571 kost 3000 euro. Bij dezelfde antiquair vind je nog een verzameluitgave uit 1603 met liederen en motetten van Orlandus Lassus, uitgegeven door zijn zonen Ferdinand en Rudolph.  Het boek wordt jouw eigendom als je er 5000 euro voor over hebt.


 

Bart Debbaut, Tienen

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

04/04/2017
Eerst nog enkele heel belangrijke vragen:
Willaert: de titelbladzijde is gekleurd. In die tijd bestond geen kleurendruk. Is er nog meer gekleurd dan die twee beren? En hoe? Betreft het enkel de alt? Is het boekje volledig. Zijn er bladzijden geschonden of uitgescheurd?
Hetzelfde boek is ook te vinden in de Bibliothèque Nationale de France te Parijs. Daar is het volgens de cataloog: enkel de alt en “incomplète”. Volgens onze gegevens bevat deze uitgave, als die volledig is, 21 motetten van Willaert en niet 6, zoals hierboven gezegd.

Lassus: 3 verzamelingen van enkel de tenor? Of driemaal hetzelfde boek? Dus zeker geen andere stemmen? En verder ook nog: Is het boek volledig? Zijn er bladzijden geschonden of uitgescheurd?
Waar liggen die boeken ter inzage?

Hopelijk worden deze “waardevolle” stukken gekocht door een bibliotheek of een archief, zodat ze toegankelijk zijn voor musicologische studie en niet terecht komen bij een bibliofiel die er zijn kasten wil mee vullen, voor eigen glorie.
Arnold

170331 13DE JG NR 3

FESTIVALWEEKEND DE RORE
RONSE – zat. 22 en zo. 23 april 2017
                                          


Zaterdag 22 april

17.00u: eucharistieviering in de Sint-Hermeskerk

De mis wordt opgeluisterd door het koor van de plaatselijke muziekacademie, afdeling Polyfonie en Oude Muziek o.l.v. Jonathan Deceuster.

19.00u: voorstelling van het nieuwe boek ‘Cipriano De Rore: New Perspectives on His Life and Music’ van Jessie A. Owens (VS) en Katelijne Schiltz (DE) in de kapel van de Sint-Martinuskerk. De Amerikaanse schrijfster J.A. Owens zal aanwezig zijn.

Het boek wordt te koop aangeboden aan de gunstprijs €59 (incl. btw) in de plaats van €85.

20.00u: concert door Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull in de Sint-Martinuskerk.

Zondag 23 april

14.00u: stadswandeling ‘Cypriaan De Rore’

vertrekpunt: Toerisme Ronse,  De Biesestraat 2
inschrijven:  toerisme@ronse.be of 055/232 816.

Tijdens deze stadswandeling kom je alles te weten over Il Divino Cypriano.


16.00u: middagconcert door Psallentes o.l.v. Hendrik Vanden Abeele in de Sint-Hermescrypte

Het ensemble brengt het programma ‘The Sanctuary’. Met professionele stemmen worden gregoriaans samengebracht met aanverwante polyfonie uit verschillende historische periodes.

18.00u: concert door het ensemble Currende o.l.v. Erik Van Nevel in de Sint-Martinuskerk

Currende brengt het programma ‘Le Vergine’, elf Petrarca-madrigalen ter ere van de H. Maagd Maria, op muziek gezet door Cypriaan De Rore. Mark Janssens (KLARA) brengt de Nederlandse vertaling van deze madrigalen.

Gedurende het gehele festivalweekend:
tijdelijke tentoonstelling rond Cypriaan De Rore in de Sint-Martinuskerk

Info en tickets:
CC De Ververij, Wolvestraat 37, 9600 Ronse
tel. 055 23 28 01 of cultuur@ronse.be

 

Viva il dotto Cypriano !  Cypriano Rore Mai Morirà !   Exemplo de gli altro !


CONCERTEN, RELIGIEUZE VIERINGEN, WORKSHOPS…

Woe. 29 maart 2017, Teatro Ristori, Verona (IT)

Musica e scuola 2017, i.s.m. het Conservatorio ‘E.F. dall’Abaco’ van Verona
15.00u en te 19.00u: lezing & concert
programma: Dalla frottola al madrigale. Un viaggio nella musica profana della Repubblica Veneziana tra il 1500 e il 1600’ met werk van o.m. Willaert en Monteverdi

http://www.conservatorioverona.it/allegati_news/57e1635fe7f19.pdf

Concertenreeksdoor Piffaro, the Renaissance Band (Philadelphia, VS)

programma: Sacred Winds. Cathedral Music for a Spanish Band, met werk van o.m. Matteo Romero en Philippe Rogier

Vr. 31 maart 2017, te 19.30u

lokatie: Trinity Center Urban Life, Philadelphia (VS)

Zat. 1 april 2017

- van 13.30u tot 19.39u: Notation Workshop. Reading the manuscripts & prints of Cathedral Music of the Spanish Golden Age
locatie: Presbyterian Church of Chestnut Hill, Philadelphia (VS)

- 19.30u: Piffaro Concert

Zo. 2 april 2017 te 15.00u

lokatie: Christ Church Cristiana Hundred, Wilmington (VS)

http://www.piffaro.org/notation-workshop/

Zo. 2 april 2017 te 19.00u, National Sawdust, Brooklyn (NY)

- concert door het Amerikaans vocaal ensemble Les canards chantants
- programma: Sex, drugs and madrigals met o.m. werk van Willaert, G. Gabrieli en Monteverdi

https://nationalsawdust.org/event/les-canards-chantants/

Goede week en Paaszaterdag, St Ignatius of Antioch Episcopal Church, New York (NY)

vieringen door het professionele parochiekoor o.l.v. James Kennerley

Palmzondag 9 april 2017 te 11.00u

programma: Roland De Lassus, Missa ‘in die tribulationis’

Witte Donderdag 13 april te 19.00u

programma: o.m. Josquin des Prez, Missa ‘Pange lingua’ en van Lassus: ‘Tristis est anima mea’, ‘Una hora’ en ‘In monte Oliveti’

Paaszaterdag 15 april te 20.00u

programma: o.m. Jean Mouton, Missa ‘Alleluia’

http://www.saintignatiusnyc.org/Music_Schedule.html#jan


Zat. 15 april 2017 te 13.00u en te 15.00u, The Cloisters, New York (NY)

- concert door Pomerium o.l.v. Alexander Blachly
- programma: Passie en Pasenmotetten uit de Renaissance,met o.m. Guillaume Dufay, ‘Vexilla regis prodeunt’ en Roland De Lassus, Tristis est anima mea’ & ‘Regina coeli’

http://pomerium.us/?page_id=2503

Do. 20 april 2017 te 19.00u, Americas Society. New York (NY)

- concert door het Argentijnse duo Armonía Concertada
- bestaande uit soprano María Cristina Kiehr en luitenist / vihuelist Ariel Abramovich
programma: o.m. twee werken van Jacques Arcadelt en drie van Adriaen Willaert

http://www.as-coa.org/events/armon%C3%ADa-concertada

Ma. 24 april 2017 te 20.00u, St. Peterskirche, Leipzig (DE)

- concert door Cinquecento
- programma: o.m. Roland De Lassus, Missa super ‘Dixit Joseph’ en motetten

http://www.ensemblecinquecento.com/concerts

Za. 29 april 2017 te 19.30u, Orangerie, Schwetzingen (DE)

- concert door Berlin Vocal Consort & ensemble Daimonion o.l.v. Florian Helgath
- programma: o.m. werk van Cypriano De Rore

http://www.vocalconsort-berlin.de/projekte_17.html

ANDREA ANGELINI
Transcription and analysis of Willaert's Ave Maria

Voor de volledige transcriptie (partituurinzet aanklikken) en tekst zie:
http://www.andrea-angelini.eu/willaert-ave-maria/

Zie ook onze website over hetzelfde motet:
http://www.adriaenwillaert.be/ned/330_399_oeuvre/oeuvre_lijst_alfabetisch_p.htm

Onze nummering van het hier besproken Ave Maria:
369. Ave Maria,versie 3 (a 4). Tweede deel van Pater Noster, versie 1 (a 4)

Een uitgebreid citaat:

“This motet, printed in 1564, is one of Willaert’s finest works. In his language, imitation is not merely artifice, but a technique enhancing the expressiveness of words and thoughts. Naturally, the fact that Willaert lived in Venice, where the long list of dictates issuing from the Council of Trent (1545-1562) were struggling to gain acceptance, aided him in developing a style of composition unimpeded by papal interference and much influenced by the taste for typically Venetian colour. (...)

The extraordinary artistic height reached by Willaert in this motet is owing to his command of the material and his ability to develop the relationship between text and music by means of simple technical devices shown in expression. It is interesting to observe how frequently the ‘motif-word’ is a development of the initial theme and how the free parts take the shape of a development in rhythmic melodic cells which often lead back to this initial theme. This notable thematic unity is used most imaginatively in a number of contrapuntal and imitative techniques, leading to a continuing evolution of the music which is never repetitive.

 

ASCENDENTE JESU

motet (a 6) van Giaches De Wert (1536 – 1596)

Giaches De Wert vertelt in dit motet het bijbelverhaal over Jezus die de storm stilt.
Mutatis mutandis ‘zien’ we het a.h.w. gebeuren zoals in Paul Dukas’ De leerling tovenaar:

- het klimmen in de boot (ascendente – eerst en vooral Jezus),
- dan de leerlingen (discipuli eius – in polyfone volgorde),
- de storm (et ecce motus – paniek: heel plots breekt een grote storm los),
- het ritmisch voelbare schudden van de boot (ita ut navicula),
- de golven die over de boot slaan (fluctibus),
- Jezus slaapt (eerst zachtjes naderend durven ze toch hulp vragen,
- de leerlingen schudden Jezus wakker
(suscitaverunt, roepend “Domine, perimus. / Heer. We vergaan!” – dalende sext),
- het antwoord van Jezus
(“Quid timidi estis? Waarom zijn jullie bang? Kleingelovigen!“– homofoon),
- zijn krachtige bevel tot de winden die tot rust komen
(facta est tranquillitas magna: aanvankelijk heftige tonen slaan algauw om in lange a- klanken, die de uiteindelijke algehele kalmte weergeven).


Matt. 8, 23-26

Ascendente Jesu in naviculam, secuti sunt eum discipuli eius:
et ecce motus magnus factus est in mari ita ut navicula operiretur fluctibus,
ipse vero dormiebat.
Et accesserunt ad eum Discipuli eius, Et suscitaverunt eum, dicentes:
Domine, salva nos, perimus. Et dicit eis Iesus: Quid timidi estis, modicae fidei?
Tunc surgens, imperavit ventis, et mari, et facta est tranquillitas magna.

 

Willibrordvertaling (1992)

Toen Jezus aan boord ging, volgden zijn leerlingen hem.
Opeens werd de zee zo onstuimig dat de golven over de boot heen sloegen.
Hij sliep. Ze maakten hem wakker en riepen: ‘Heer, red ons, wij vergaan!’
Hij zei: ‘Waarom zijn jullie bang, kleingelovigen?’
Toen stond hij op en bestrafte wind en zee, en het werd volkomen stil.

Beluister

https://harmoniamundi.nativedsd.com/albums/HMM807620-giaches-de-wert-divine-theatre-sacred-motets - nummer 9; ofwel via Spotify: Stile Antico – een kleine terts hoger.

Partituur

http://www2.cpdl.org/wiki/images/7/72/Wert-Ascendente_Iesu.pdf
(kleine terts hoger)

CHRISTUS MET DE MUSICERENDE ENGELEN

triptiek van Hans Memling (ca. 1480, KMSK, Antwerpen)

Hans Memling (ca. 1430 – 11 aug. 1494) schilderde alles tot in het kleinste detail. Daarom is dit meesterwerk voor musicologen, organologen, instrumentenbouwers én musici een onmisbare bron m.b.t. het instrumentarium van de 15de eeuw. Zijn drieluik leert een en ander over de bouw, maar beantwoordt ook de vraag “Hoe werden de instrumenten vastgehouden en bespeeld?” Het schilderij is momenteel in restauratie en zal pas in 2019 weer voor het grote publiek te zien zijn. Voor een korte preview door kunsthistorica Wieteke Van Zeil:

http://www.cultureclubmagazine.be/editie/25/verhaal/6/wieteke-van-zeil-over-memling

De instrumenten van links naar rechts

linkerpaneel: psalter, nonnengiga, luit, striktrompet, bashobo

middenpaneel: Jezus te midden van zingende engelen.
Hier geen instrumenten, maar aan de uiteinden van de stola van Jezus hangen wel belletjes.

rechterpaneel: rechte trompet, ruiterijtrompet, portatief (orgel), harp en altvedel.

Wat meer uitleg over elk instrumenten

De psalter was in die tijd al een zeldzaam instrument. Het telt 61 gewone snaren en, bovenaan, nog eens 22 tussensnaren. Door de speciale vorm kon het met de twee handen betokkeld worden. Wellicht werd het met een riem vastgehouden, maar die is hier niet afgebeeld.

De nonnengiga of dicorde was tussen 1m en 1,50m lang. De vorm van de klankkast was lang, smal, piramidaal en vierkantig. Zij had een korte melodiesnaar, een lange sympathische snaar en 7 darmdraadjes (frets) voor de toonafstanden. Vastgehouden met de schroeven naar beneden, stuurde het de klank langs boven de ruimte in. Zacht bestreken met de strijkstok bracht het flageolettonen voort die, merkwaardig genoeg, luid en trompetachtig klonken.

De luit groeide vanaf de 15de eeuw enorm in populariteit. Dit bracht niet alleen een bijzonder uitgebreid repertoire met zich mee, maar ook zo’n grote technologische evolutie dat het weinig zin heeft er hier verder op in te gaan.


De striktrompet is een natuurtrompet: zonder ventielen en dus enkel in staat natuurtonen voort te brengen. Hij onderscheidt zich van de rechte trompet door de lus- of strikachtige vorm van de opmerkelijk langwerpige buis (zie verderop).

De bashoboof dulciaan heet in het Frans ‘bombarde’, In het Duits ‘Pommer’. Op het schilderij is te zien hoe het dubbelriet volledig in de mond werd gestopt.

De rechte trompet is een natuurtrompet: zonder ventielen en dus enkel in staat natuurtonen voort te brengen. Hij onderscheidt zich van de striktrompet door rechte vorm van eveneens opmerkelijk langwerpige buis (zie hierboven).

De ruiterijtrompet is een meer versierde striktrompet. Hij geeft een krachtiger klank om signalen te geven en is meer versierd, wat past bij zijn koninklijke functie.

Het portatief is een draagbaar orgel. Het telt 40 pijpen in twee rijen. De toetsen van het klavier zijn knop- of blokvormig. Het worden met de ene hand bespeeld, terwijl de andere een blaasbalg manipuleert.

De harp heeft 20 snaren. De vorm vertoont de elegantie eigen aan alle gotische plastiek.

De altvedel werd bij het bespelen niet onder de kin gehouden. Zou de manier waarop de engel de strijkstok vasthoudt door Memling correct weergegeven zijn?

De belletjes aan de uiteinden van Jezus’ schouderstola doen denken aan die van een zotskap. Maar, samen met franjes en kwastjes waren gouden belletjes van oudsher een versiering van de kazuifel. Dit in navolging van de efod, het ceremoniële gewaad van de Joodse hogepriester en conform Exodus 28, 31 & 33: “De efodmantel moet geheel gemaakt zijn van paarse wol. (…) Aan de hele zoom moet ge granaatappels bevestigen van paarse, karmijnrode en scharlaken wol, en tussen die granaatappels gouden klokjes, om en om.”

gouden belletje uit de Romeinse tijd, opgegraven in Jerusalem, anno 2011

Bible, Archaeology, Travel with Luke Chandler:

https://lukechandler.wordpress.com/

Het is tevens interessant deze voorstelling te vergelijken met de musicerende engelen op het Lam Gods van Jan Eyck, een 50-tal jaar vroeger geschilderd:

http://closertovaneyck.kikirpa.be/#viewer/id1=21&id2=0

Bron instrumentarium

Valentin Denis, De muziekinstrumenten in de Nederlanden en in Italië naar hun afbeelding in de 15de-eeuwse kunst: hun vorm en ontwikkeling, Antwerpen, 1944.


VARIA

Nieuwe cd met muziek van De Rore vanuit Zweden

 

DIXIT

Vokalharmonin o.l.v. Fredrik Malmberg
Mats Bergström, gitaar
NAXOS 8.572536
2017

 

van Cypriano de Rore: nr. 3, Hor che’l ciel

verder nog werk van Thomas Jennefelt, Claudio Monteverdi en Bartolomeo Tromboncino.


Composer of the week: The Women of Renaissance Ferrara

Lust, murder, sex, intrigue - and a host of music written by, and for, virtuoso women.
BBC Radio 3 lifts the lid on the secret world of the singing ladies of Renaissance Ferrara.

Ma. 6 maart 2017 – 13.00u of 19.30u (onze tijd) – 1/5

The first key figure in our story: composer, poet and mystic St Catherine of Bologna. Famed as a composer, poet, singer and violinist, musicians and poets from around Europe would come to the doors of the convent of Corpus Domini in Ferrara for an audience with Catherine, who - according to legend -would play for days at a time, and move between song and speech, music and chant.

Werk van Suor Leonora d’Este, Luzzasco Luzzaschi, Heinrich Isaac en anonymi.

http://www.bbc.co.uk/programmes/b08h0j1p

Di. 7 maart 2017 – 13.00u of 19.30u (onze tijd) – 2/5

Donald Macleod and Laurie Stras explore the musical legacy of Lucrezia Borgia and her favourite composer (and murderer), Bartolomeo Tromboncino, the "Little Trombone".
2 werken van Bartolomeo Tromboncino, 4 van Cypriano De Rore, 1 van Giaches de Werten 1 van Suor Leonora d’Este (zie afbeelding).

http://www.bbc.co.uk/programmes/b08h0k92

Woe. 8 maart 2017 – 13.00u of 19.30u (onze tijd) – 3/5

Revealed for the first time in 500 years.
The enigmatic genius of two pioneering women composers of Renaissance Ferrara: en Raffaella Aleotti (6 werken) en Leonora d'Este (5 werken).

http://www.bbc.co.uk/programmes/b08h0k94

Do. 9 maart 2017 – 13.00u of 19.30u (onze tijd) – 4/5

After a devastating earthquake nearly destroys Ferrara in 1570, from the rubble is born an extraordinary ensemble of virtuoso female musicians.

Giaches de Wert (6 werken) en Luzzasco Luzzaschi (4 werken)

http://www.bbc.co.uk/programmes/b08h0k96

Vr. 10 maart 2017 – 13.00u of 19.30u (onze tijd) – 5/5

Dangerous Graces - Luzzaschi and the Fall of Ferrara.
As Europe's nobility scramble for an audience with the secretive singing ladies of Ferrara, the Duchy meets a shockingly abrupt end. The fate of its musical legacy lies in the hand of just one man...

6 werken van Luzzasco Lazzaschi, 7 van Lodovico Agostini en 1 van Luca Marenzio

http://www.bbc.co.uk/programmes/b08h0k9f

 Zuster Leonora d’Este uit Ferrara,

Was zij de eerste vrouwelijke componist in de geschiedenis van wie de muziek werd gedrukt?
Prinses, non en muzikant.
Maar wat een schitterende muziek: eenvoudig, om te zingen in de kapel, echt ontroerend.

Luister naar het programma van de BBC: Composer of the week


CITAAT over CYPRIAAN

Anthony Newcomb, The Ballata and the ‘Free’ Madrigal in the Second Half of the Sixteenth Century. In:Journal of the American Musicological Society 63,3 (Fall 2010), pp. 427-497,726.

As in so many aspects of the history of the sixteenth-century madrigal, Rore is a crucial figure here. If one follows Rore's settings of poetic ballatas from the opening piece of his First Book for Five Voices of 1542 to the settings of ballatas or ballata-madrigals in his publications of some twenty years later, one can trace his increasingly clear articulation of the poetic form of his texts.

To cite only a few representative examples, the first piece of the 1542 book, ‘Cantai mentre ch'i arsi’ is a setting of a ballata by Giovanni Brevio in the continuous through-composed imitative style of the First Book, without clear formal articulations or recurrences.

The setting of Petrarch's ballata ‘Di tempo in tempo’ from the First Book for Four Voices of 1550 is in a more parlando homophonic style with clear formal articulations and some clear formal recurrences matching those in the poem.

The setting of the anonymous ballata ‘Beato mi direi’ from the Second Book for Four Voices of 1557 has very clear internal repetitions and a subtle return of elements of the opening section.

The setting of the ballata-madrigal ‘Alma Susanna’ from the Fifth Book for Five Voices of 1566, now in a uniform style of slightly staggered parlando homophony, articulates clearly all three sections of the text and features a literal repetition of the opening musical and textual unit in the concluding section.

Leve de geleerde Cypriano !
Cypriano de Rore is onsterfelijk !
Hij is een voorbeeld voor alle anderen !

Op pagina 3 sloten we de kalender van het De Rore-weekend af met drie Italiaanse spreuken.
Zij zijn afkomstig van het Bourdeney-handschrift (Bibliothèque Nationale de France, Parijs).

http://gallica.bnf.fr/ark:/12148/btv1b550075091/f151.item.r=Rore,%20Cipriano%20de.zoom
Nog tijdens De Rores leven heeft een onbekende ze tussen de noten van het handschrift aangebracht. Hierboven de vertaling ervan.


 

 

170228 - 13DE JG NR 2

 

Zopas verschenen

Cipriano de Rore. New Perspectives on his Life and Music
J. A. OwensK. Schiltz (eds.)


Collection of essays on the life and works of Cipriano de Rore
In 1586 the poet JeanMégnier described Cipriano de Rore as ‘inventif’, a composer who searched out ‘nouveaux accords’. The essays in this volume flesh out various ways in which Mégnier’s characterization rings true. One group of essays deals with de Rore’s biography and strategies of patronage from his early years in Italy to the end of his life. A second is concerned with sources and repertoire, ranging widely across genres. A third presents a series of new analytical approaches to Cipriano’s music. The volume concludes by considering his reputation through the lens of music historiography. To mark the 500th anniversary of his birth (1515 or 1516), we offer these new perspectives on the life and music of this major figure in Renaissance music.
Hieronder vind je de inhoudstafel: dertien bijdragen, verdeeld over vier aandachtspunten.
Voor een korte inhoud van de respectieve bijdragen, zie:

http://www.brepols.net/Pages/ShowProduct.aspx?prod_id=IS-9782503567778-1

Thema 1. Leven en patronage

 1. Bonnie J. Blackburn, Cipriano de Rore’s Early Italian Years: The Brescian Connection

 2. Laurie Stras, Cipriano de Rore and the Este Women

 3. Franco Piperno, Cipriano de Rore and Guidubaldo II della Rovere, Duke of Urbino: Music for an Italian Renaissance Ruler

Thema 2. Bronnen en œuvre

 4. Kate Van Orden, Cipriano de Rore’s Black-Note Madrigals and the French Chanson in Venice

 5. Massimo Ossi, Petrarchan Discourses and Corporate Authorship in Cipriano de Rore’s ‘First Book’ of Five-Voice Madrigals (Venice, 1542-44)

 6. Katelijne Schiltz, Cipriano de Rore’s a voci pari Motets: Sources, Context, Style

 7. Andrea Gottdang, Hans Mielich und die Seitengestaltung des de Rore-Chorbuchs (München, Bayerische Staatsbibliothek, Mus.ms. B). Neue Impulse für die Buchmalerei als Medium höfischer Repräsentation

 8. Bernhold Schmid, Susannen frumb: Cipriano de Rores Susanne un jour in deutscher Übersetzung

Thema 3. Muziekanalyse

 9. John Milsom, Cipriano’s Flexed Fuga

10. Hartmut Schick, O sonno. Cipriano de Rores Spätstil und die Florentiner Camerata

11. Jesse Ann Owens, The Representation of the Female Voice in Cipriano de Rore’s Dissimulare etiam sperasti

12. Anthony Newcomb, Posthumous Cipriano: Variation and Variety in Three Madrigals (1566-76)

Thema 4. Historiografie

13. Cipriano de Rore, Alfred Einstein and the Philosophy of Music History


Adriaen Willaert op academia.edu

Academia.edu is een digitaal platform voor wetenschappelijke bijdragen. Het betreft een uitbreiding van en/of alternatief voor het traditionele circuit van de papercollectie en het vaktijdschrift. Academici die om een of andere reden aan dat laatste wil ontsnappen of haar/zijn reeds verschenen artikels met een breder publiek wil delen, kan er deze uploaden en naar eigen inzicht delen.

Zo ook over Adriaen Willaert is academia.edu een en ander te vinden. Hieronder een selectie n.a.v. van de in vorig nummer al vermelde bijdrage door onze secretaris aan de cataloog van het voorbije Festival Oude Muziek te Utrecht. Dit in opdracht van festivaldirecteur en streekgenoot Xavier Vandamme.

Bombi, Andrea: Fra tradizione musicale e tradizione letteraria: nuove considerazioni sulla 'canzon del Ruzante'.

Brannon, Samuel: “Full of a Thousand Beautiful and Graceful Inventions”: The Compilation of Gardano’s 1545 Willaert Motet Print.

Bruno, Luca: A Methodological Approach Toward the Harmony of Sixteenth-Century Secular Polyphony.

Bruno, Luca: Harmony and Text Setting in Adrian Willaert's "Canzone villanesche alla napolitana" (1542-1545).

Bruno, Luca: Theory and Analysis of Harmony in Adrian Willaert's "Canzone villanesche alla napolitana" (1542-1545).


Cardoso, Fernando: Musica Ficta e Recta em Magnum Haereditatis Mysterium: Análise do moteto de Willaert por hexacordes.

Cardoso, Fernando: Estudo comparativo de publicações de época dos motetos Magnum haereditatis mysterium de Willaert.

Keiser, Dorothy: The Character of Exploration: Adrian Willaert's Quid non ebrietas.

Malisse, Peter: Adriaen Willaert: een Vlaams-Italiaans Genie?

Schiltz, Katelijne: Cipriano de Rore’s a voci pari Motets: Sources, Context, Style.

Schiltz, Katelijne: Giunto Adrian fra l’anime beate: Une quintuple déploration sur la mort d’Adrien Willaert.

Schiltz, Katelijne:Motets in their Place: Some ‘Crucial’ Findings on Willaert’s Book of Five-Part Motets (Venice, 1539).

Schiltz, Katelijne: Polyphony and Word-Sound in Adrian Willaert’s Laus tibi sacra rubens.

Van Damme Simon: The role of musical stasis and movement in the music of Adrian Willaert.

Van Damme, Simon: Een procesgerichte benadering van renaissancepolyfonie: Temporaliteit en klankervaring als organisatieprincipes in de ricercars van Adriaan Willaert.

Van Damme, Simon: Willaert’s ricercares and their use of inganno.

https://www.academia.edu/Documents/in/Adrian_Willaert

HERBELUISTEREN

Vlaamse Reuzen KLARA – 8 januari 2017

Een programma van 2 uur met gesprekken tussen Mark Janssens en Korneel Bernolet (klavecinist en dirigent) en verder met drie leiders van een festival voor Oude Muziek: Xavier Vandamme (Festival Oude Muziek Utrecht), Bart Demuyt (Laus Polyphoniae Antwerpen) en Thomas Bisschop (Musica Antiqua Brugge).

Meer specifiek over de ‘oude muziekuitvoeringen’ vanaf minuut 48.

'Ik denk dat elke vorm van muziek maken en ook elke vorm van oude muziek maken per definitie, en het kan niet anders, hedendaags is, ongeacht hoeveel historisch onderzoek erachter zit: het zijn musici van nu die muziek maken voor een publiek van nu.'
Xavier Vandamme

http://radioplus.be/#/klara/herbeluister/fb99ab07-ba54-11e6-bf83-00163edf48dd/bc12d59c-d5d5-11e6-bf83-00163edf48dd/


500 jaar na zijn overlijden
HEINRICH ISAAC
Brugge? ca. 1450 – Florence 26 maart 1517

A. Levensschets in jaartallen

Volgens Martin Staehelin (MGG, Personenteil 9, p. 672) zou Heinrich Isaac ca. 1450 geboren zijn in Vlaanderen, mogelijk in de omgeving van Brugge. Hij baseert zich hiervoor op een document in het archief van de stad Brugge (zie ook: English Wikipedia). In 1476 heeft hij zeker al drie motetten gecomponeerd. Wellicht op doorreis naar Florence wordt hij in 1484 als vooraanstaand componist ontvangen aan het hof van Hertog Sigismund te Innsbruck.

Van 1484 tot 1494 staat Isaac in dienst van de belangrijke Florentijnse familie de’ Medici, dit naast een functie van domzanger aan de Santa Maria del Fiore. In 1494 of 1495 wordt hij te Pisa aangeworven door keizer Maximiliaan I, die hem als zijn hofcomponist meeneemt naar Wenen en Innsbruck. Isaac blijft tot ca. 1512 in deze functie, maar ij onderhoudt zijn professionele netwerk. Zo verblijft hij van 1497 tot 1498 aan het hof van Frederik de Wijze van Saksen te Torgau. Voorts reist hij in 1502 naar het Ferrara van Hertog Ercole I d’Este en naar Florence, dat hij in 1506 nogmaals bezoekt. In 1507 -1508 werd hij dan weer in Konstanz gesignaleerd en dit naar aanleiding van de Rijksdag.

In Konstanz krijgt Isaac van het domkapittel de opdracht om polyfone composities te schrijven op de teksten van de mispropria, het liturgisch jaar rond. De componist genoot daarbij de hulp van zijn leerling Ludwig Senfl. De bundel, 375 polyfone motetten gebaseerd op het gregoriaans, werd definitief afgewerkt in het voorjaar van 1509 en is vandaag bekend onder de naam ‘Choralis Constantinus’.

Vanaf 1512 trekt hij zich terug in Florence, waar hij op 26 maart 1517 sterft.

Bron: o.m. MGG en Ignace Bossuyt, De Vlaamse Polyfonie, Leuven, 1994.

B. Een geziene figuur

“Thank the magnificent Venetian ambassador for having requested these songs... if I knew what kinds he likes best, I could have served him better, because Arrigo [ = Heinrich ] Isaac, their composer, has made them in different ways, both grave and sweet, and also capricious and artful.” Thus wrote the de facto ruler of Florence, Lorenzo de’ Medici, to his Roman envoy in 1491. Unfortunately the book that he dispatched is now lost, but, judging from the Venetian ambassador’s reply, the gift of music by the most prestigious composer that Lorenzo had at his disposal was a success: the ambassador calls Isaac his “favourite composer”, and goes on to say that, when it is time for music, there “is nothing more that I like to hear”. Echoing Lorenzo’s remarks on Isaac’s multi-facetedness, he confirms that the book offered examples of “every form of the art”, and that the composer was skilful in them all. Isaac impressed, then, in his own time, with his remarkable ability to compose fluently in many different styles. To judge from the works of his that have survived, it is easy to see why: Isaac had no shortage of talented contemporaries, but the sheer quantity of his music that has come down to us, and the bewildering variety of styles and forms that it covers, are unparalleled by any other composer of his generation. Not for nothing has more than one modern scholar called him a musical chameleon.

David Burn, A Life in Music, in het cd-boekje van
Heinrich Isaac, Ich muss dich lassen, Capilla Flamenca, Ricercar 318.

Vervolg van deze tekst:
http://www.sonusantiqva.org/i/F/CFlamenca/2011Isaac.html

C. Innsbruck, ich muss dich lassen

Probably Isaac’s best-known German songs, the two settings of Innsbruck, ich muss dich lassen (i and ii), have problematic aspects. The poetic form AABCCB, which so memorably determines the shape of the melody, is neither a popular scheme nor a Kanzonenstrophe. Staehelin (1989) suggests that a pre-existent Hofweise – perhaps beginning ‘Zurück muss ich dich lassen’ – was used, but no copy of the melody from before Isaac’s time is known. Isaac’s setting (i), with the melody in the discantus and an expressive but rhythmically simple harmonization, resembles his Italian songs and many mass sections; its earliest sources date from the 1530s. In setting (ii), first found in the 1520s, tenor and altus sing the melody in canon, as is more usual in German songs. The bassus of a four-voice setting, of uncertain authorship, survives as well from about 1510. Who composed the melody itself? Stylistic analogies connect it with the Italian lauda or frottola idioms, with some Hofweisen, and with certain French songs such as Helas que devera or Comment poit avoir joye. The opening rhythm is a familiar cliché in Franco-Italian songs from Florence, some of them by Isaac himself. For these reasons, Isaac seems to be the composer of the melody and at least of its Italianate setting (i), whereas the canonic setting (ii) and the anonymous bassus fragment might be Germanized, more contrapuntal adaptations.

                Reinhard Strohm in Grove Music Online, s.v. Isaac, Hendricus, 2. Works, iv Songs,
Oxford University Press, 2006 [acc. 4-16-06]


N.v.d.r.  De melodie duikt later ook op als luthers koraal: O Welt, ich muss dich lassen of De zonden zijn vergeven (Zingt Jubilate 319). Denk ook aan de vele versies in J.S. Bachs cantaten en passies, bijv. in zijn Johannes- en Mattheuspassie: Wer hat dich so geschlagen.

Verdere info:
http://www.bach-cantatas.com/CM/O-Welt-ich-muss.htm

Download muziekpartituren:
http://www3.cpdl.org/wiki/index.php/Heinrich_Isaac
http://imslp.org/wiki/Category:Isaac,_Heinrich

D. Selectieve discografie

De muziek van Heinrich Isaac is op meer dan 100 cd’s terug te vinden, zie
http://www.medieval.org/emfaq/composers/isaac.html

1. Heinrich Isaac, Missa de Apostolis a 6

The Tallis Scholars o.l.v. Peter Phillips
Gimell 454 923 – 1991

- Missa de Apostolis a 6 (Kyrie, Gloria, Sanctus & Benedictus, Agnus Dei)
- Optime pastor
- Regina coeli laetare
- Resurrexi et adhuc tecum sum
- Virgo prudentissima

2. Heinrich Isaac, Ich muss dich lassen

Capilla Flamenca. Oltre Montano. Dirk Snellings
Ricercar 318 – 2011
tekst bijsluiter: David Burn

- Missa ‘Tmeisken was jong‘ (Sanctus)
- Ad te clamamus
- La Morra
- Hora e di maggio
- Tart ara
- Fammi una gratia, amore
- Donna die dentro / Dammene un  pocho / Fortuna d’ un gran tempo
- O praeclarissima / Alla battaglia
- Missa ‘la Spagna‘
(Agnus Dei II)
- Quis dabit capiti meo aquam
- La mi la sol
- Las rauschen
- Ich stund an einem Morgen
- En l’ombre d’un buissonet
- Innsbruck, ich muss die lassen / O welt / Criste secundum (Missa carminum)
- O Maria, Mater Christi

3. Heinrich Isaac, Missa Paschalis

Cappella Pratensis o.l.v. Rebecca Stewart
Wim Diepenhorst orgel
Ricercar 206692 – 1998

- Missa Paschale (Introitus: Resurrexi, et adhuc tecum sum / Christus resurrexit, Gloria, Graduale /Hec dies quam fecit Dominus, Alleluia/Pascha nostrum immolatum, Offertorium, Sanctus, Agnus Die, Communio/Pascha nostrum immolatus est Christus, orgelpostludium/Christ ist erstanden)

De polyfone delen zijn van Isaac. De propriumdelen komen uit de Choralis Constantinus II, die van hetordinarium MS München 3. De orgelmuziek betreft improvisatie in de stijl van Paul Hofhaimer (1459-1537) en Hans Buchner (1483-1538).

4. Josquin des Prez / Heinrich Isaac, Music of the Renaissance

Sex Cordae Consort of viols John Dornenburg
Centaur 2548 – 1999

- Fortuna / Bruder Conrad (a 4)
- Las Rauschen (a 4)
- Innsbruck, ich muss dich lassen.(a 4)
- La mi la sol (a 4)
- Et qui la dira (a 4)
- Donna di dentro dalla tua casa (a 4)
- Greiner, Zanker (a 4)

Verder nog van Josquin des Prez, Ludwig Senfl, Jacob Obrecht

5. For Emperor and Pope. Music for a Renaissance Court

The Song Company o.l.v. Roland Peelman (Australië)
ABC Classics 481091 – 2014

- Virgo prudentissima
- O weiblich Art
- Mein Müterlein
- Greiner, Zancker
- Insbruck, ich muss dich lassen
- Wann ich des Morgens früh auffstehe
- In Gottes Name

verder nog werk van Arnold von Bruck, Jacobus Vaet, Jacob Regnart en Roland De Lassus

6. Isaac, Virgo prudentissima

Ensemble Gilles Binchois o.l.v. Dominique Vellard
Evidence 023 – 2015

                - Missa ‘Virgo prudentissima’ (a 6)
- Gaudeamus omnes in Domino / Virgo prudentissima à 4 (Choralis Constantinus II)
- Missa ‘Virgo prudentissima’  
- Communio: Beata Viscera
– gregoriaans en polyfonie a 4 (Choralis Constantinus II)

met daarbij een aantal gregoriaanse zangen

7. Heinrich Isaac, Missa ‘Misericordias Domini’

Cantica Symphonia o.l.v. Giuseppe Maletto
Glossa Platinum GCD P31 908 – 2013
Diapason d’or 02/2016

- Ave regina caelorum
- Ave ancilla trinitatis
-Missa ‘Misericordias Domini’
(Kyrie, Gloria,Credo, Sanctus,Agnus Dei)
- Inviolata
- Sub tuum praesidium

8. The Lion’s Ear

La Morra
Ramée 2016
Diapason d’or 05/2016

- Fortuna Disperata / Sancte Petre
- Quid retribuam tibi, Leo

verder nog werk van: Rossino Mantovano, Domenico Piacenza, Antoine Bruhier, Francesco Canova da Milano, Jean Richafort, Michele Pesenti, Bernardo Pisano, Nicolaus Craen, Elzéar Genet, Marco Antonio Cavazzoni, paus Leo X en Josquin des Prez


 9. Luther’s Wedding Day

Capella de la Torre o.l.v. Katharina Bäuml

- Loquebar de testimoniis
- Suesser Vater Herre Gott
- Carmen
- La morra
- Fammi, una gratia amore

verder nog werk van Ludwig Senfl, Josquin des Prez, Johann Walter, Michael Praetorius, Claudin de Sermisy en anonymi

 

E. Oorspronkelijk handschrift

 

 

Heinrich Isaac, Palle palle
Capella Giulia Chanssonnier, 15de eeuw, fol. 7v)

Het Capella Giulia Chansonnier (Rome, Biblioteca apostolica Vaticana C.G. XIII. 27) is een collectie Franco-Vlaamse chansons, in de late 15de eeuw samengesteld te Florence voor een lid van de Medici-familie. Isaacs tekstloze Palle palle opent de verzameling. Misschien is het gecomponeerd in 1484, toen hij actief was aan het hof van Lorenzo de' Medici. ‘Palle’ verwijst naar de zes kogels op het wapenschild van de de’ Medici’s.

Bron: https://www.loc.gov/exhibits/vatican/music.html

Voor de vele, al dan niet legendarische verklaringen van de ‘kogels van de de’ Medici:
http://www.italieuitgelicht.nl/de-kogels-van-de-medici/


DISCOGRAFIE

 Nieuwe cd met muziek van Willaert


 

 

 

DI GUERRA E DI PACE
Renaissance Music for winds and percussion
La Pifarescha
Glossa GCD 923901
2016

van Adriaen Willaert:
Vecchie letrose

op deze cd ook werk van Moritz van Hessen-Kassel, Pierre Phalèse, Josquin des Prez, Tielman Susato, Ludwig Senfl, Heinrich Isaac, Jean d’Estrées, Jehan Tabourot, Giovanni Ambrosio, Paul Kugelman en anonymi


Het beste uit 2016 Diapason (FR) en Gramophone (GB)

A. Diapason d’or

Diapason d’or wordt beschouwd als de belangrijkste onderscheiding in het Franse cultuurgebied voor (klassieke) muziekopnamen. Het betreft een maandelijkse prijs, uitgereikt door het gezaghebbende tijdschrift Diapason, opgericht in 1956. Kenners van Diapason laten maandelijks een 200-tal cd's en/of dvd's de revue passeren. De meest opmerkelijke of kwalitatief hoogstaande opnamen worden dan onderscheiden met een Diapason d'or. Het gaat daarbij niet noodzakelijk om commerciële successen. Integendeel, voorop staan de kwalitatieve eisen, onder meer inzake de vertolking, de keuze van authentieke instrumenten, de musicologische onderbouw en de klanktechnische zorg bij de registratie.

10/2016 – Diapason d’or – nouveautés (zie ook: Gramophone – Editor’s Choice)
 
Guillaume Dufay. Les quatre messes à teneur.
Messes Se la face ay pale, L’homme armé, Ecce Ancilla Domini et Ave Regina caelorum.
Cut Circle,
Jesse Rodin
Musique en Wallonie (2 CD) – 2014


05/2016 – Diapason d’or - nouveautés

The Lion’s Ear
La Morra
Ramée
2016

met werk van Antoine Bruhier, Jean Richafort, Nicolaus Craen, Heinrich Isaac, Jean Mouton en Josquin des Prez

02/2016 – Diapason d’or - nouveautés

Heinrich Isaac. Missa ‘misericordias Domini’. Motetten
Cantica Symphonia o.l.v. Giuseppe Maletto
Glossa Palatinum GCD P31908

01/2016 – Diapason d’or - nouveautés

Roland De Lassus. Biographie musicale.
vol. 5. Lassus l’Europeen
Vox Luminis o.l.v. Lionel Meunier
Musique en Wallonie – collections inédits

Bekroond met elk vijf Diapasons

* Pierre de la Rue, Missa ‘Nuncque’
Brabant Ensemble o.l.v. Stephen Rice
Hyperion CDA68150
2016

(ook genoemd bij ALLMUSIC – Editors’ Choice)

* Pierre de la Rue, Missa ‘cum jocunditate’
Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull
Challenge Classics CC72710
2016

B. Gramophone (Classical Music) Award

Gramophone, dat voor het eerst verscheen in 1923, is een Brits maandblad dat hoofdzakelijk aan opnames en de verkoop van kunstmuziek gewijd is. In 2007 lokte Gramophon enige controverse uit en joeg het o.a. BBC Music Magazine in hetharnas door zichzelf “the world's authority on classical music since 1923" te noemen. Een statement dat intussen afgezwakt is tot “The world's best classical music reviews”. De Gramophone Awards werden voor het eerst uitgereikt in 1977. Deze prijs wordt jaarlijks toegekend in 20 categorieën, horizontaal verdeeld over uitvoeringsformaties en verticaal verdeeld over de stijlperioden. De jury is samengesteld uit vertegenwoordigers van de muziekindustrie, -media en -verkoop, uitvoerende musici en uiteraard, de eigen critici van het magazine. Ook hier wordt enige grootspraak niet geschuwd, maar dan terecht. Zo wordt er soms naar verwezen als de ‘British Grammy’ of de ‘Oscars van de klassieke muziek’.


Gramophone Awards – Finalist Early Music 2016 – (4,5 op 5)

Scattered Ashes. Josquin’s Miserere
Magnificat o.l.v. Philip Cave
Classical 2016

met Jacob Clemens non Papa (Tristitia obsedit me – Infelix ego), Josquin des Prez (Miserere mei, Deus), Nicolas Gombert (In te Domine speravi),  Roland De Lassus ( Infelix ego) en Jean L’Héritier (Miserere mei, Domine),
Verder werk van William Byrd, Claude Lejeune en Giovanni Da Palestrina

Editors’ Choice - Disc of the Month – juli 2016

Guillaume Dufay. Les Messes à teneur
Cut Circle o.l.v. Jesse Rodin
Musique en Wallonie (2 CD) 2014

(Zie ook: Diapason d’or)

Editor’s Choice – Disc of the Month - mei 2016

In Memoriam
Choir of King’s College London o.l.v. Gareth Wilson
met Jacob Clemens non Papa (Ego flos campi) en Jean L’Héritier (Nigra sum a 5)
Delphian DCD34146

Verder ook werken van Busiakiewicz, Byrd, F. Grier, Kaner, Keeley, M. Martin, S. Milstein, Palestrina, A. Pitts, Pott en G. Wilson.

Editor’s Choice – Disc of the Month - april 2016

Arnold en Hugo de Lantins. Secular Works
Le Miroir de Musique o.l.v. Baptiste Romain
Ricercar RIC365

 

CITAAT

 

 

 

 

R.I. DeFord, Tactus, Mensuration, and Rhythm in Renaissance Music, Cambridge, 2015.

Review by Kimberley Hieb
in Music Library Association. Notes (Dec, 2016),
Philadelphia (PA), pp.
287-289, citaat: p. 289.


In Part II, DeFord explores the use of mensurations in the contemporary repertoire. Pieces by Guillaume Dufay and Heinrich Isaac as well as a selection of
L'homme armé Mass settings reveal how rhythm was used to display compositional prowess. Dufay uses a wide variety of mensural types in his songs to engender rhythmic vitality with ambiguous levels of tactus and rhythms that regularly counteract nor- mal mensural structures. As a genre, L'homme armé Mass Ordinary settings served as a vehicle for compositional virtuosity. Ockeghem, Busnois, and Josquin, each attempting to outdo the others in rhythmic complexity, employ thirteen unique mensurations in their Masses, all of which relate to one another differently within each composition. DeFord's tables outlining the various mensurations and tactus levels at work in the individual sections of each composer's Mass allows for an easy visualization of the shifting rhythmic relationships throughout each work.

A collection of Mass Proper settings, Heinrich Isaac’s Choralis Constantinus, contains the "most complex examples of proportional notation in the entire repertoire" (p. 340). The mensurations in this volume shift constantly, inspiring curious relationships between the rhythms and tempos of the various sections. Ultimately, all of these examples  – Dufay's songs, the L'homme arméMasses, and Isaac's Choralis Constantinus –  cannot allow for many general conclusions about the principles of mensural notation, but rather serve as "structures that were inspired by the extreme possibilities of the notational system itself”. (...)

In Cipriano de Rore's madrigals, both the alignment of musical and textual rhythm and the use of rhythm to embed extramusical meaning in the music accompanying a text were vital in creating the most artful text setting possible.

 

170131 - 13de JG nr 1

‘HENGELEN’ IN CYBERSPACE

Internet is een belangrijke visvijver voor musicologische artikels, cd’s, luisterfragmenten en partituren. Wie zoekt die vindt, maar misschien is het nuttig bij een aantal bronnen stil te staan. Hieronder drie categorieën: musicologische info (A.), downloads (B.) en discografie (recente producties, C.). Sites voor partituren werden al in een vorige nieuwsbrief toegelicht.

A.  MUSICOLOGISCHE INFORMATIE

Voor artikels en biografieën zijn de encyclopedieën het best geschikt. Ze zijn nu ook online te raadplegen, hetzij tegen betaling, hetzij via de proxyserver van een universiteit, hogeschool of conservatorium. Je kan hiervoor eventueel toegang krijgen via een student of als lid van een alumnusvereniging, vooral om de vaktijdschriften te raadplegen, maar ook heel wat gespecialiseerde boekwerken. Dit kan evenwel enkel op de locatie van het instituut. Met deze server kan je werken via de platforms als JSTOR, PROQUEST en Project Muse. Voor de Koninklijke Bibliotheek van België te Brussel volstaat een dagticket.

MGG online. (Musik in Geschichte und Gegenwart, 1994-2008)
https://mgg-online.com/

GROVE MUSIC online (New Grove Dictionary of Music and Musicians, 2001)
http://www.oxfordmusiconline.com/public/

Encyclopedia Britannica
https://www.britannica.com
Meer beknopt en minder betrouwbaar, maar zeer toegankelijk:

Wikipedia (in verschillende talen)
Is belangrijk als eerste informatie en omdat ook veelal verwezen wordt naar andere bronnen.
Vaak is er wat te vinden of helpt het bij het zoeken.
https://nl.wikipedia.org/wiki/Hoofdpagina

Musicalics
‘the classical composers database’
http://musicalics.com/en/node/78836

Medieval.org, discografie en meer algemene gegevens
http://www.medieval.org/emfaq/

Websites op naam
meer directe informatie op websites met de naam van een bepaalde componist

Adriaen Willaert
www.adriaenwillaert.be

Cipriaan De Rore
www.cypriaanderore.be

Roland De Lassus
database van zijn handschriften
https://lasso-handschriften.badw.de/metaopac/start.do?View=lasso

Josquin des Prez
‘The Josquin research project’
http://josquin.stanford.edu/


Johannes Ockeghem
biografie & discografie: http://www.medieval.org/emfaq/composers/ockeghem.html
geboorteplaats: http://www.saint-ghislain.be/documents/NaissanceOckeghem.pdf

Guillaume Dufay. opera omnia
http://www.diamm.ac.uk/resources/music-editions/du-fay-opera-omnia/

Jacob Clemens non Papa
website opgesteld bij zijn 500ste jubileum: http://clemens500.be/index.html
Souterliedekens II in hedendaagse versies: http://clemens500.be/souterliedekens.html

Jacob Obrecht
biografie en discografie: http://www.medieval.org/emfaq/composers/obrecht.html

Gilles Binchois
Biografie en discografie: http://www.medieval.org/emfaq/composers/binchois.html

Gaspar Van Weerbeke
http://www.gaspar-van-weerbeke.sbg.ac.at/


Facebook

Sommige componisten hebben een profiel op facebook. Een eigenaardigheid, want facebook is er enkel voor nog levende personen. Toch gebeurt het dat men deze ongeschreven regel ontwijkt en een vroegere componist een facebookpagina geeft. Dat is ook het geval met bijv. Maestro Adriano Willaert.
Onze vereniging gebruikt deze pagina om er dagelijks de lijst van radioprogramma’s en concerten van de Nederlandse renaissancepolyfonisten mee te delen. Normaal wordt facebook op een andere manier gebruikt. Nogal dikwijls met vreemde of grappige effecten. Zo duikt Gaspar Van Weerbeke, die we verderop in de schijnwerper plaatsen, er op als bestuursvoorzitter van AC Milan!

Een lijstje van postume profielen
- Orlando di Lasso
- Josquin des Prez
https://www.facebook.com/pages/Josquin-des-Prez/563947620305194?fref=ts

- Loyset Compère (verwijst naar YouTube)
- Jachet (de) Berchem
- Cypriano de Rore
- Johannes Ockeghem of ‘Coro Johannes Ockeghem’
- Guillaume de Machaut of ‘Association Guillaume de Machaut’
- Guillaume Dufay
- Heinrich Isaac (met Jordi Savall)
- Clemens non Papa, best:
https://www.facebook.com/pages/Jacobus-Clemens-non-Papa/165489540175807


B. MUZIEK DOWNLOADEN

Om opnamen te downloaden en te beluisteren is er een heel groot aanbod.
We vermelden slechts YouTube, Spotify, Deezer, Tunein, Saturday Chorale en Classicalm.

YouTube: meestal geüpload van een commerciële cd of van een live optreden.
Zeer ongelijk van kwaliteit. Enkele merkwaardige voorbeelden:

https://video.search.yahoo.com/yhs/search;_ylt=A0LEVvq3Q35YO3YA5AkPxQt.;_ylu=X3oDMTByMjB0aG5zBGNvbG8DYmYxBHBvcwMxBHZ0aWQDBHNlYwNzYw--?p=YouTube+Willaert&fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hspart=avg&hsimp=yhs-fh_lsonswrow#id=116&vid=0478a32d117c666c47772346e50aa9c6&action=view
Het Agnus Dei uit de vijfstemmige Missa ‘Benedicta es’ van Adriaen Willaert, ook toegeschreven aan Nicolle des Cellier de Hesdin. Hier weergegeven met de afbeelding van het oude kalligrafische handschrift van Philippus de Spina uit 1540-1542?, bewaard te ’s Hertogenbosch (MS 75). Gezongen door de Capilla Flamenca.

https://video.search.yahoo.com/yhs/search?fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hsimp=yhs-fh_lsonswrow&hspart=avg&p=youtube+vox+luminis#id=37&vid=a51f3956808205661d453df04807e5e3&action=view

  • Roland De Lassus, Madonna mia pieta, door Vox  Luminis o.l.v. Lionel Meunier. Hier geen rechtstreekse
  • beelden, maar een vrije keuze van passende (maar ook niet-passende) beelden.
  •  

https://video.search.yahoo.com/yhs/search?fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hsimp=yhs-fh_lsonswrow&hspart=avg&p=YouTube+Cappella+pratensis#id=2&vid=04c86b68ee4a1b0088d343dfdab6f351&action=click
Josquin des Prez, Nymphes des bois, gezongen door Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull. Interessant te zien hoe de acht zangers samen rond één lessenaar van dezelfde partituur zingen, zoals vroeger gebruikelijk was. Te zien is ook hoe ze zingen van een facsimile van een oude uitgave en niet van een moderne herdruk.

https://video.search.yahoo.com/yhs/search?fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hsimp=yhs-fh_lsonswrow&hspart=avg&p=YouTube+De+Rore#id=10&vid=a03248ba795d28f2018bebef46b67b99&action=click
Cipriano De Rore, Calami sonum ferentes door het Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel tijdens een concert in Antwerpen (opname uit 1993). Het vreemd klinkend en zeer moeilijk te intoneren motet wordt hier gebracht door vier bassen.

https://video.search.yahoo.com/yhs/search;_ylt=A0LEViaIbX5Y1pcAg98PxQt.;_ylu=X3oDMTByMjB0aG5zBGNvbG8DYmYxBHBvcwMxBHZ0aWQDBHNlYwNzYw--?p=YouTube+Stile+Antico&fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hspart=avg&hsimp=yhs-fh_lsonswrow#id=36&vid=330f1537f3470d241eb9f8b982b77877&action=view
Jean L’Héritier. Surrexit Pastor door Stile Antico.
In beeld: de moderne partituur van dit prachtig paasmotet voor 6 stemmen.

https://video.search.yahoo.com/yhs/search?fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hsimp=yhs-fh_lsonswrow&hspart=avg&p=youtube+vox+luminis#id=198&vid=a5c5992e739bf2ef5521aa74af77fb17&action=view
YouTube brengt soms ook voorbije reportages die niet mogen vergeten worden. Hier: Cipriano De Rore in het jubileumjaar 2015, n.a.v. de 35ste verjaardag van het platenmerk Ricercar.

https://video.search.yahoo.com/yhs/search;_ylt=A0LEVr2RMoJYPYsA8yAPxQt.;_ylu=X3oDMTByMjB0aG5zBGNvbG8DYmYxBHBvcwMxBHZ0aWQDBHNlYwNzYw--?p=Youtube+Lassus&fr=yhs-avg-fh_lsonswrow&hspart=avg&hsimp=yhs-fh_lsonswrow#id=122&vid=64a563621adb9ff7486e79d8b996c4dd&action=view
Wat in deze lijst hier zeker niet mag ontbreken, is de opname door France Musique van Roland De Lassus, Lagrime di San Pietro door Collegium Vocale Gent o.l.v. Philippe Herreweghe. Duur: 58’, inclusief het bisnummer: Claudio Monteverdi, Adoramus Te.

Zie verder: de twee programma’s van YouTube, vermeld in onze dagelijkse mail ‘I Fiamminghi’.

Spotify is een uitgebreide en verantwoorde keuze van de beste en nieuwste cd’s.
Technische uitleg, zie: https://en.wikipedia.org/wiki/Spotify

Van Adrian Willaert zijn ca. 500 nummers volledig te beluisteren.
Van Cipriano De Rore zijn ca. 250 nummers volledig te beluisteren
Aanbevolen:

* Adrian Willaert, Missa Christus resurgens…
Oxford Camerata o.l.v. Jeremy Summerly
NAXOS 1995

- Jean Richaford, Christus Resurgens
- Adriaen Willaert, Missa ‘Christus resurgens’
- Adriaen Willaert, Magnificat sexti toni (versie 1)
- Adriaen Willaert, Ave Maria (versie 3)


* Vespro della Beata Vergine

Capilla Flamenca o.l.v. Dirk Snellings
Joris Verdin, orgel
RICERCAR 2012
Diapason d’Or 12/2012 en Choc Classica

            - Deus in adjutorium meum intende (gregoriaans)
- Toccata del 8 modo. Annibale Padovano (1527-1575)

            - van AdriaenWillaert:

- Benedicta es – Per illud ave (versie 2 a 7 – Musica Nova 1559)
- Ricercar I (A1 a 4)
- Dixit Dominus (psalm 109 – versie 1 a 8 – I salmi 1550) + Jachet De Mantua
- Laudate Pueri (psalm 112 – versie 4 a 8 – I salmi 1550)
- Ricercar primo (C1 a 3)
- Laetatus sum (psalm 121 – versie 1 a 8 – I salmi 1550) + Jachet De Mantua
- Nisi Dominus (psalm 126 – versie 1 a 8 – I salmi 1550) + Jachet De Mantua
- Ricercar settimo (C7 a 3)
- Lauda Jerusalem (psalm 147 – versie 2 a 8 – I salmi 1550)
- Ave Maris stella
versie 2 - hymnus a 6 – Ad Vesperas ‘In Assumptione Beatae Mariae Virginis’
- Ricercar X (A2 a 4)
- Magnificat aliis temporis (versie 2 a 4)
- Benedicamus in laude Jesu a 4-Toccata del 3° e 4° tono. Annibale Padovano

*Triptycha (2015) Psallentes o.l.v. Hendrik Van Den Abeele

Met van Adriaen Willaert: Agnus Dei II uit de Missa ‘Christus Resurgens’ door de dames, gezongen als de engelen uit het Lam Gods van Jan Van Eyck.
Verder: Guillaume Dufay, Johannes Ockeghem, Josquin des Prez, Pierre de la Rue.

* Sacred Sounds: met muziek van De Rore door Currende o.l.v. Erik Van Nevel (2015)
Vooral het motet Domine Deus, sub Ditione tua a 5

* Passio Domini Nostri Jesu Christi secundum Johannem van De Rore, toegeschreven aan Willaert (1990), door het Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel.

* 6 Canzonen für viola van Cipriano de Rore (2016)
Kölner Violen Consort

Deezer

http://www.deezer.com/artist/1636900/top_track
Beluisteren is beperkt tot 30”. Onbeperkt te luisteren: inloggen of je gratis aanmelden.
Van Adriaen Willaert: 8 albums
Van Cipriano De Rore: 9 albums


Saturday Chorale biedt de mogelijkheid zonder betalen te luisteren naar een selectie van de mooiste nummers. Volgende voorbeelden zijn zeker de moeite.

Adriaen Willaert. Dilexi, quoniam exaudiet – O Domine libera. Singer Pur.
http://saturdaychorale.com/2016/10/19/adrian-willaert-1490-1562-dilexi-quoniam-exaudiet-o-domine-libera/

Adriaen Willaert. Saluto te, Sancta Virgo. Cappella Pratensis.
http://saturdaychorale.com/2015/01/30/adrian-willaert-1490-1562-saluto-te-sancta-virgo/

Adriaen Willaert. Mittit da virginem. Singer Pur.
http://saturdaychorale.com/2016/08/19/adrian-willaert-1490-1562-mittit-ad-virginem/

Adriaen Willaert. Pater noster. Magdala.
http://saturdaychorale.com/2012/10/22/music-of-the-pater-noster-pater-noster-adrian-willaert-1490-1562/

Cipriano De Rore. O altitudo divitiarum. Brabant Ensemble
http://saturdaychorale.com/2016/09/13/cipriano-de-rore-c1515-1565-o-altitudo-divitiarum/

Cipriano De Rore. Fratres, scitote. Brabant Ensemble
http://saturdaychorale.com/2016/09/14/cipriano-de-rore-c1515-1565-fratres-scitote/

of zoek zelf in deze website: Josquin des Prez, Jean Mouton, Johannes Flamingus, Nicolaus Craen en zovele anderen

http://saturdaychorale.com/tag/renaissance-choral-music/

Tunein

Tik: http://tunein.com/search/?query=Willaert
Er verschijnt een lijst van vroegere radio- of cd-opnamen met muziek van Willaert, De Rore e.a. naargelang van je opgave.
Verdere uitleg: de aankondiging bij het luisteren zelf. Het is dus afwachten wat er komt.
Een voorbeeld: Grandes Ciclos: Willaert en Gabrieli“ (60’)

In het Spaans:
(1) een musicologische inleiding van ca. 5’
(2) uitleg bij ieder nummer

- Ave virgo sponsa Dei door The King’s Singers
- Ricercar X. A2 a 4 door Hespèrion XX o.l.v. Jordi Savall
- Vecchie letrose door?
- Qual dolcezza giamai door The King’s Singers

en verder nummers van Giovanni Gabrieli.


Classicalm

Hier ook de mogelijkheid om gratis een cd van een gekozen componist volledig te beluisteren.
Adriaen Willaert: 3 cd’s, Jacobus Vaet 4 cd’s, Alexander Agricola 3 cd’s, Cipriano De Rore 3 cd’s, enz.
Best vertegenwoordigd zijn: Guillaume Dufay 22 cd’s, Josquin des Prez 17 cd’s, Johannes Ockeghem 11 cd’s, Jan Pieterszoon Sweelinck 8 cd’s.

www.classicalm.com

 

C. DISCOGRAFIE

Algemene lijst van cd’s

Een zeer uitgebreide lijst cd’s per componist: http://www.medieval.org/

 Nieuwe cd met Willaert

Magnum misterium.
Advent and Christmas Music for lute and voice
Mignarda Ensemble
2016

 

van Adriaen Willaert:

-In tua patientia
-O magnum mysterium

http://www.classicalarchives.com/album/190394892944.html

 3 nieuwe cd’s met De Rore

Cipriano De Rore. 6 Canzonen für viola
Kölner Violen Consort o.l.v. Heiner Spicker
WARNER MUSIC GROUP 2016

 

 

- 6 canzonen
- madrigaal ‘Beato me direi’(instrumentaal)


 

L’arte del madrigale
Voces suaves
Harmonia Mundi 2016

 

-Cipriano De Rore. Ancor che col partire
verder: de Wert (7x), Gastoldi, Luzzaschi, Agostini, Gesualdo, Monteverdi, Marenzio, Piccinini, Gonzaga

Antonio de Cabézon.Pour un plaisir
Intabulaties van Cabezón en tijdgenoten
gespeeld op renaissance dubbelharp door Véronique Musson Gonneaud
BRILLIANT CLASSICS 2010

 

 

nr. 7: Cipriano De Rore, Ancor che col partire


500 jaar na zijn overlijden
Gaspar van Weerbeke
°Oudenaarde, ca. 1445 - + ? , nov. 1517

Biografische schets

Gaspar Van Weerbeke legde zijn muzikale fundamenten wellicht in de koorschool van Sint-Walburga in Oudenaarde. Rond 1470 is hij actief aan het hof van de Sforza in Milaan. In 1472 en een tweede keer in januari 1473 werd hij naar de Nederlanden gestuurd om zangers te rekruteren voor de hofkapel. Het lukte hem er 20 aan te werven en het koor, dat nu 40 leden telde, groeide uit tot een van de belangrijkste in Italië. Gaspar was de hulpdirigent; Loyset Compère en Johannes Martini waren leden. In de winter 1480-1481 verhuisde hij naar Rome en zong er acht jaar in het Pauselijk koor. Daar was hij collega van Josquin des Prez en Marbriano de Orto. Een korte periode, van 1495 tot 1497, maakte hij deel uit van de hofkapel van Filips de Schone, maar in 1500 vinden we hem terug in Rome. Hij zou er niet gestorven zijn, maar aan het einde van zijn leven teruggekeerd naar het Noorden (Kamerijk of Doornik).

Studiedagen aan de Universiteit van Salzburg

Reeds zeer lang leeft er onder de musicologen in Duitsland en Oostenrijk een grote  belangstelling voor  de Nederlandse renaissancepolyfonisten, en o.m. ook voor Gaspar Van Weerbeke. De Universiteit van Salzburg neemt het op zich het onderzoek naar zijn leven en werk verder te zetten en speciaal de Opera omnia in de reeks CMM te beëindigen. Ze organiseerden in 2016 een eerste conferentie ‘Gaspar van Weerbeke: Works and Contexts’. Een tweede volgt nu in de zomer 2017, van do. 29 juni tot zat. 1 juli 2017. Zie: ‘call for papers’.

‘Gaspar van Weerbeke: Works and Contexts’: Call for Papers

June 29 – July 1, 2017
University of Salzburg
Salzburg, Austria

Deadline for the submission of proposals: January 31, 2017

Following the recent completion of the editorial work for the publication of the final volumes of Gaspar van Weerbeke’s ‘Collected Works’, this conference aims to revitalize research on this long neglected Flemish composer.

We are interested in papers which contextualize Gaspar and his work with that of his contemporaries at the Sforza court in Milan and in the Papal Chapel in Rome, including Josquin, Compère, and Gaffurius. Topics concerning Gaspar’s life, analysis of his music, or source studies would also be welcome.

The conference will also hold a reconstruction workshop for the songs attributed to ‘Gaspar’ surviving uniquely in FlorC 2442.

Keynote addresses will be given by Klaus Pietschmann and Fabrice Fitch.

More information, including a catalog of works and sources, may be found on the website of the editorial project,
www.gaspar-van-weerbeke.sbg.ac.at.
Those interested are welcome to request personal access to some of the currently unpublished editorial materials.
We especially want to encourage young scholars to engage in research on Gaspar and his music.

Please send titles and abstracts for consideration to
paul.kolb@sbg.ac.at.

Alternatively, let us know if you are interested in taking part in the reconstruction workshop or would like to be receive email updates about the conference. The conference language is English, and basic accommodation will be provided for all speakers.


We look forward to seeing you in Salzburg!

Andrea Lindmayr-Brandl
Agnese Pavanell
Paul Kolb


Franco-Nederlandse componisten in
ROKYCANY

In het Národní Museum te Praag is een belangrijke muziekverzameling handschriften en oude drukken bewaard uit het einde van de 16de – begin 17de eeuw. Ze waren vroeger eigendom van een Letterkundige Broedergemeenschap in de stad Rokycany (Tsjechië). Het betreft 15 bundels: 10 bundels manuscripten, 2 bundels gedrukte stukken en 3 bundels met manuscripten én gedrukte bladzijden. In totaal telt ze 901 composities.

Veruit het grootste deel zijn vocale religieuze werken van de zg. Franco-Nederlandse school. Er wordt hierin een handgeschreven motet als anoniem gepresenteerd dat in een gedrukte uitgave van Girolamo Scotto (RISM 154914) toegeschreven is aan Adriaen Willaert: Sicut Sydus Radium. Volgens David M. Kidger is het wellicht van de Franse componist Jacques de Pont. (Kidger, David, Adrian Willaert. A Guide to Research , New York-Londen 2005. p. 235).

Verder geen ‘Willaert’, maar een grote hoeveelheid andere Nederlanders, met een totaal van boven de 200 motetten. O.m. Josquin des Prez (8), Heinrich Isaac (1 of 2), Jean Richafort of Philippe Verdelot (1), Jacob Arcadelt (1), Jachet de Berchem (1), Jacobus Clemens non Papa (23), Thomas Crecquillon (2), Nicolaus Gombert (2 of 3), Dominicus Phinot (3), én een heel belangrijke verzameling van Roland De Lassus.

De Tsjechische musicologe Kateřina Maýrová (Národní Museum) laat weten dat ze een wetenschappelijke catalogus van de verzameling Franco-Nederlandse werken heeft opgemaakt.

HERBELUISTEREN

Ma. 9 jan. 2017, te 12.00u – Nederlandse Concertzender

De Franco-Vlaamse schatkamer
met o.m. Josquin des Prez en Cipriano De Rore (in een bewerking van Ricardo Rognono)
www.concertzender.nl

Zo. 15 jan. 2017 – France Musique

Venise au XVIe siècle. Promenade sonore dans la lagune vénitienne au temps de la Renaissance
met twee nummers van Willaert: Amor fortuna en Domine probasti me.
https://www.francemusique.fr/emissions/un-air-d-histoire/voyage-en-italie-venise-au-xvie-siecle-par-claire-judde-de-lariviere-31075

Vr. 20 jan. 2017, te 15.00u – Nederlandse Concertzender

Twee radioconcerten
met werken van o.m. Jan Pieterszoon Sweelinck, Cornelis Schuyt, Constantijn Huygens, Jacob van Eyck, Adriaan Valerius en Pieter Cornelisz Hooft
door de Camerata Trajectina en het Collegium Musicum De Haag
tijdens het Huygens Festival en het Festival de Muze van Zuid, beide in 2016.
www.concertzender.nl

Zo. 22 jan. 2017, te 15.00u – Nederlandse Concertzender

Roland De Lassus. Missa Bell Amfitrit’ Altera door The Sixteen o.l.v. Harry Chistophers
Quam Pulchra est en Veni in Hortum meum door The Cardinall’s Musick o.l.v. Andrew Carwood
Missa dixit Joseph door Cinquecento
www.concertzender.nl



161231 - 12de JG NR 11

450 jaar na zijn overlijden

JACOBUS VAET
(Harelbeke, ca. 1529 – Wenen, 8 jan. 1567)


1. Biografische schets

Jacobus van der Vaet wordt op dertienjarige leeftijd koorknaap aan de O.-L.-Vrouwkerk te Kortrijk. Hij leert er niet alleen zingen, maar wordt ook ingewijd in de polyfone compositie. De grote modellen waren Nicolas Gombert, Jacob Clemens non Papa of Adriaen Willaert.
Achttien jaar oud, na de stembreuk, bekomt hij een beurs voor de Leuvense universiteit.
Hij staat er ingeschreven als ‘Jacobus Vat de Arelbecke’.

Zijn professionele carrière start hij in 1550, als tenor in de hofkapel van keizer Karel V.
Einde 1551 of begin 1552 zingt hij in de hofkapel van de aartshertog te Wenen, de latere keizer Maximiliaan II. Hij wordt er kapelmeester in januari 1554, een functie die hij bekleedt tot zijn dood in 1567.

De keizer was Jacobus Vaet zeer genegen en de componist werd na zijn dood door menige muziektheoreticus en collega-toondichters (onder wie Jacob Regnart) in traktaat of elegie betreurd en bejubeld.


Er was een hechte familieband tussen Maximiliaan en Albrecht, de Hertog van Beieren te München: Albrecht was gehuwd met de zus van de keizer. Ongetwijfeld heeft Vaet aldus contact gehad met Roland De Lassus en met Philippus De Monte. (Deze laatste volgde hem, na een concurrentiestrijd van 16 maanden, in Wenen op als Kapellmeister.) In zijn muzikale stijl is daar weliswaar iets van te merken, maar hij slaagde toch niet in het hoge niveau van deze twee meesters te evenaren.

Meer informatie over Vaets leven & werk , in het bijzonder over de motetten:

Milton Steinhardt, Jacobus Vaet and His Motets, Michigan State College Press, Michigan, 1951.
Online: https://archive.org/stream/jacobusvaetandhi007707mbp#page/n5/mode/2up

Voor meer informatie over de relatie Vaet / Lassus:
Robert Lindell, Music and the Religious Crisis of Maximilian II. From Vaet’s Qui operatus est Petro to Lasso’s Pacis amans. In: Yearbook of the Alamire Foundation, 1 (1995), pp. 129-138.


2. Discografie


Missa ‘Ego flos campi’ (bew. voor gitaar)

Noël Akchoté
Label: NOËL AKCHOTÉ DOWNLOADS
2016

- Kyrie I, Christe, Kyrie II, Gloria
- Credo
- Sanctus – Benedictus
- Agnus Dei

 2. Daybreak

Ruth McCall, Tommie Andersson
HBDIRECT IMPORT
2015

- Salve Regina a 5


. For Emperor and Pope. Music for a Renaissance Court

The Song Company o.l.v. Roland Peelman
ABC Classics
2015

- Salve Regina a 5 (bew. voor luit, gespeeld door Tommie Andersson)
- Christe Servorum
- Currite felices
a 6

4. Amorosi pensieri. Songs for the Habsburg Court

Cinquecento
HYPERION
2014

- Amour leal
- Sans vous ne puis
- En l’ombre d’ung buissonet




5. Terra tremuit

Studio de musique ancienne Montréal, o.l.v. Christopher Jackson
ATMA CLASSIQUE
2014

- Quoties diem

6. Musica Ferdinandea. Ein Fest für Kaiser Ferdinand I

Capella da la Torre o.l.v. Katharina Bauml
MUSIKMUSEUM
2013

- Missa ‘Tityre’

7. Jacobus Vaet. vol. 1.
(Requiem en motetten)

Dufay Ensemble o.l.v. Eckehard Kiem
ARS MUSICI
2010

- Filiae Jerusalem
- A solis ortus cardine
- Iste est Joannes
- Ave Maris stella
- O quam gloriosum
- Continuo lacrimas
- Missa pro defunctis

8. Jacobus Vaet. vol. 2

Dufay Ensemble o.l.v. Eckehard Kiem
ARS MUSICI
2010

- Te Deum laudamus
- Quoties diem


- Ut queant laxis
- In tenebris
- Magnificat secundi toni
- Missa quodlibetica


9. Jacobus Vaet. vol. 3

Dufay Ensemble o.l.v. Eckehard Kiem
ARS MUSICI
2010

- Angelus ad pastores ait
- Ascendetis post filium
- Qui gerit Augusti
- Currite felices
- Aurea Luce
- Beata es et venerabilis
- Mater digna Dei
- Salve Regina
- Vitam quae faciunt


10. Jacobus Vaet vol. 4

Dufay Ensemble o.l.v. Eckehard Kiem
ARS MUSICI
2010

- Magnificat sexti toni
- Dum steteritis
- Discubuit Jesus
- Quid Christum captive
- Dixerunt impii
- Spiritus Domini
- Deus tuorum militum
- Crimina laxa
- Ferdinande imperio

De 4 volumes zijn ook in één box te koop.
Download teksten: http://www.brilliantclassics.com/media/1469896/95365-Vaet-Sacred-Music-Sungtexts-Download.pdf

 

11. Masters from Flanders. Polyphony from the 15th and 16th century

Capella Sancti Michaelis, Currende Consort o.l.v. Eric Van Nevel
ET’CETERA
2008

- O quam gloriosum est regnum
- Salve Regina


12. Music for the Court of Maximilian II

Cinquecento
HYPERION
2007

- Videns Dominus
- Conditor alme siderum
- O quam gloriosum
- Ascendetis post filium
- Continuo lacrimas

13. Nun komm der Heiden Heiland

Amarcord
RAUMKLANG
2006

- Magnificat sexti toni

14. Clemens non Papa. Priest and bon vivant

La Caccia, Capilla Flamenca
ET’CETERA
2005

- Continuo lacrimas


15. Clemens non Papa. Requiem and Motets

The Tudor Choir o.l.v. Doug Fullington
LOFT RECORDING
2005

- Continuo lacrimas


16. Le Chant de Virgile

Huelgas Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel
HARMONIA MUNDI FR
2002

- Dulces exuviae

 17. Into the light... Divine choral music of the renaissance and beyond

Christ Church Cathedral Choir of Men and Boys, Indianapolis
Label: FOUR WINDS
2001

- O quam gloriosum

3. YouTube

Verschillende uitvoeringen van O quam gloriosum, o.a. door Harmonia Ensemble, Tokio
https://www.youtube.com/watch?v=jHDnly1_0MM
en van Miserere mei, o.a. door Ensemble Versus, Rajhrad
https://www.youtube.com/watch?v=PBgYjCdNSRo


4.
Moderne edities

* Sämtliche Werke = The complete works
Vaet Jacob; Steinhardt Milton
DTÖ – Denkmäler der Tonkunst in Österreich
Akademische Druck- u. Verlagsanstalt, 1968

te raadplegen in de Koninklijke Bibliotheek van België in Brussel, in de musicologische bibliotheek van de KU Leuven (Letteren) en in de Artesis Plantijn Hogeschool te Antwerpen


* CPDL (Choral Public Domain Library / ChoralWiki)
http://www3.cpdl.org/wiki/index.php/Jacobus_Vaet

- Angelus ad pastores aita 6 (kerstmotet) – RISM 1558/4

- Antevenis viridesa 6 (ter ere van hertog Albrecht van Beieren)

- Ave maris stellaa 6 (uit het Maria-officie)

- Continuo lacrimas a 6 (In mortem Clementis non Papa)– RISM 1558/4
- Laetatus suma 4 (tekst: Psalm 121)

- Missa Ego flos campia 6 (op het zevenstemmig motet van Clemens non Papa)

- Pascha nostrum immolatus est Christusa 5 (paasmotet)

- Quid Christum captivea 4

- Reges terraea 5 (motet voor Epifanie)

* Doveton Music (Christmas Music Catalogue)

- Regis terrae

 http://dovetonmusic.com/PDFfree/VaetRegesTerrae.pdf

Maximiliaan II (links) en Vaet waren op twee jaar na leeftijdsgenoten


5. Manuscripten in de Bayerische Staatsbibliothek te München



Jacobus Vaet, Missa Dissimulare a 6


 Jacobus Vaet, Motet O gloriosa


EEN citaat

Willaerts Zaligsprekingen

“The motets from this seminal publication (sc. Musica Nova) are among Willaert’s best. Among other things, they reveal the artistic tension that underlies much of the composer’s sacred music, the unresolved conflict between freely composed music conceived entirely from the composer’s imagination and based on interlocked phrases, and music built over strict cantus firmi, especially in motets combining that old-fashioned technique with Willaert’s favorite device of canon. Willaert’s setting of a part of the Beatitudes (Matt. 5:3-12), ‘Beati pauperes spiritu’, exemplifies the newer style; it is free of borrowed material, and the composer took the greatest care to observe the natural text accents. It also typifies Willaert’s style in general, with its relatively dark sonorities (the superius for example, never rising above c”); its thick, seamless flow of sound; its fairly regular harmonic rhythm and chordally oriented counterpoint; and its floating, nonmetrical melodies that stress ‘downbeats’ only at cadences or when the first beat of a ‘measure’ coincides with a word accent.

In its treatment of thematic material the passage resembles many in Willaert’s output; to call it an example of pervading imitation, though, would be an oversimplification. All voices take up the motive Willaert invented for ‘Beati pauperes’, a motive that in various transformations permeates the series of parallel statements constituting the text of the entire motet (‘Blessed are the poor in spirit...’, ‘Blessed are the meek...’, ‘Blessed are those who mourn…’, and so on).
On the other hand, the remainder of the first phrase, ‘quoniam ipsorum est regnum caelorum’(‘for theirs is the kingdom of heaven’), is scarcely imitated at all beyond a few entries on ‘quoniam’ that exhibit the same general shape, and a tendency to write repeated notes for ‘ipsorum’. In this motet and in many others, Willaert preferred a steady, unbroken flow of polyphony rather than clearly separated sections, each identified by differentiated themes. Willaert gave Beati pauperes a discernible shape by repeating the motive that sets ‘Beati’ and by shifting into a chordal texture in triple meter, at the end of the motet, for the final exclamation: ‘gaudete et exsultate, quoniam merces vestra copiosa est in caelis’ (‘rejoice and be glad, for your reward is great in heaven’).’

Edward M. Brown & Louise K. Stein, Music in the Renaissance,
Prentice Hall, New Jersey, 1999, p. 179.

 

Lees verder over dit onderwerp in:

- Iain Fenlon, Venice: Theatre of the World in The Renaissance from the 1470s to the End of the Sixteenth CenturyI, chap. 3,Palgrave MacMillan,1989, pp. 102-132.

- Giulio Ongaro, Sixteenth-Century Patronage at St Mark’s, Venice in Early Music History,8 (1988), pp. 81-115.


- Florence and Venice, Comparison and Relations: Cinquecento, vol. 2. Ed. Sergio Bertelli et al., Villa I Tatti, La Nuova Italia, Florence, 1980, met o.a.:

- Howard Mayer Brown, Words and Music: Willaert, the Chanson, and the Madrigal about 1540, pp. 217-266.

 

DIAMM
Digital Image Archive of Medieval Music

1. De website met deze naam is zeer interessant omwille van de schat aan informatie, ook wat betreft renaissance-muziek. Minpunt is evenwel de relatieve gebruiksonvriendelijkheid.
Voor wie moeite heeft met de nogal ingewikkelde procedure, doorlopen we hieronder het zoekpad aan de hand van een voorbeeld: om onderstaande prent, zijnde de eerste bladzijde van het manuscript met het Kyrie van de Missa ‘Laudate Deum’ van Adriaen Willaert dat bewaard wordt aan de Universiteit van Coimbra (Portugal), op te roepen:

1.1. Ga naar www.diamm.ac.uk en tik achtereenvolgens:

- ‘MS Database’
- ‘Search and browse a list of cities and sigla’

Er verschijnt het begin van een lange lijst. Je wordt aangeraden: ‘Open the list in a new window’ (zie onderaan). Dezelfde lijst staat nu in een meer overzichtelijk kader.

1.2. Schuif naar: P-Coimbra – Biblioteca Geral da Universidade – MS M.2

- Je bekomt de overzichtelijke bladzijde van DIAMM over het gezochte manuscript, met tamelijk volledige informatie
- Je leest: DIAMM does NOT yet have images of this manuscript
maar dit bericht wordt genegeerd, want drie regels verder staat ‘images’

1.3. Tik op ‘images’.

Hierdoor schakel je over naar de website van de Universitaire Bibliotheek van   Coimbra op de bladzijden van het gezochte manuscript.

1.4. Zoek in de linker rand: ‘Adrianus Willart 22v’

2. In DIAMM vind je enkel manuscripten, geen oude drukken. Om in DIAMM een manuscript te vinden moet je bovendien vooraf weten in welke bibliotheek het zich bevindt. Dit kun je eventueel achterhalen via CMME, Computerized Mensural Music Editing. Ook hier een voorbeeld: een oorspronkelijk manuscripts van Willaerts motet  ‘Pater noster a 4’.

2.1. Ga naar de website www.cmme.org en tik achtereenvolgens:

- ‘database’ ‘composers’ en, achteraan in de alfabetische lijst: Willaert, Adrian’

2.2. Zoek in de alfabetische werkenlijst: ‘Pater noster a 4’

            Er zijn 3 verwijzingen.

2.3. Klik op ‘VatP 1976-1979’

            Je komt terecht in: Vaticaanstad, de Biblioteca Apostolica Vaticana.
Het handschrift draagt als kenmerk: MSS Palatini Latini 1976-1979.
Op de bladzijden 2v tot 4v staat het motet in kwestie.
We hebben nu de gegevens die we nodig hebben om verder te zoeken in DIAMM.


2.4. Ga naar www.diamm.ac.uk en hervat het pad, hierboven uitgestippeld in 1.

Daar luidt het: I-Rome. Biblioteca Apostolica Vaticana. MS Pal. Lat. 1976
en volgende: 1977, 1978, 1979.

2.5. Tik op ‘link’

Je krijgt heel wat informatie over de inhoud en de geschiedenis van dit manuscript.

2.6. Tik op ‘images’

            Je komt terecht op de website van het museum,
met digitale beelden van het gehele mansucript.
Je hebt geluk: de digitale beelden zijn gemaakt door de Universiteit van Heidelberg
en dus van hoge kwaliteit.
Na de inhoudstafel vinden we het Pater noster a 4, waarnaar je op zoek bent.

Het was hierboven enkel de bedoeling de lezer wegwijs te maken in de websites van DIAMM en CMME. Wie computervaardig is, weet zonder twijfel snellere wegen te vinden om hetzelfde doel te bereiken. Je kan voor dit Pater Noster bijvoorbeeld meteen naar de website van de Universiteit van Heidelberg surfen:

http://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/bav_pal_lat_1976/0008?sid=2da5be8ecb7e88ee8b00a751c426c364 of:
http://digi.ub.uniheidelberg.de/diglit/bav_pal_lat_1976/0008/image?sid=6f2e50c05894dd15218cd91c081331f5

Betreft het muziek van Adriaen Willaert, dan kan men in veel gevallen onze website raadplegen: www.adriaenwillaert.be. Tik voorts op: ‘zijn oeuvre / online / handschriften’.


Adriaen Willaert, Missa Laudate Deum

Vlaams handschrift bewaard aan de universiteit van Coimbra (PT)


Concert & RADIOPROGRAMMA’s

Zo. 1 jan. 2017, van 18u05 tot  20u, KLARA, Vlaamse reuzen

Paul Van Nevel
met muziek van Jacobus Vaet, Josquin des Prez, Firminus Caron, Jacob Clemens non Papa, Nicolas Champion & anoniemen,
uitgevoerd door ‘zijn’ Huelgas Ensemble

 

Zo. 8 jan. 2017, van 18u05 tot  20u, KLARA, Vlaamse reuzen



Xavier Vandamme, directeur Organisatie Oude Muziek Utrecht
Hij is geboren te Rumbeke (Roeselare), vanwaar ook Adriaen Willaert afkomstig was. De componist nam afgelopen zomer een prominente plaats in tijdens La serenissima, de Venetië-editie van ‘zijn’ Festival oudemuziek. Hij zocht overigens onze stichting aan om de brochuretekst over Willaert te leveren:
https://www.academia.edu/30622242/Adriaen_Willaert._Een_Vlaams-Italiaans_genie

Meer info:
www.KLARA.be


Zo. 15 jan. 2017, 14 u, Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam (NL)

- themamiddag: muziek in de 16de eeuw met Het Retorisch Kwartet (°2011, Rotterdam)
- programma: ‘Music in the time of Fra Bartolomeo (1472 – 1517)’, met werk van o.a. Heinrich Isaac en Adriaen Willaert (delen uit de Missa ‘Christus resurgens’)

www.retorisch.com

http://www.boijmans.nl/nl/7/kalender/calendaritem/1856/themamiddag-muziek-in-de-16e-eeuw#Z1hZDGYu4OiOzxlX.97

 

 


161130 - 12de JG NR 10

CONCERTREIZEN

Stile Antico – concertreizen naar de VS

programma: ‘A Wondrous Mystery’– Flemish and German Christmas Music
met o.m. werk van Jacobus Clemens non Papa (Pastores quidnam vidistis en de Missa Pastores quidnam vidistis) en van Roland De Lassus (Resonet in laudibus).
Woe. 30 nov. 2016 te 20u: Cathedral Basilica of Saint Louis, Saint Louis
Vr. 2 dec. 2016 te 20u: Cathedral of the Immaculate Conception, Kansas City
Zat. 3 dec. 2016 te 20u: Calvary Episcopal Church, Pittsburgh
Zo. 4 dec. 2016 te 19u30: St John’s Episcopal Cathedral, Knoxville

Hetzelfde programma:
Do. 8 dec. 2016 te 20u: Gewandhaus, Leipzig (D)
Zat. 10 dec. 2016 te 19u: Dom, Riga (Letland)
Zo. 18 dec. 2016 te 15u: AMUZ, Antwerpen
24 febr. 2017 – 5 maart 2017: concertreis naar VS en Canada. Op het programma o.m. Clemens non Papa (Ego flos campi) en Philippus De Monte (Super flumina Babylonis)

http://www.stileantico.co.uk/concerts/2016/11/30/a-wondrous-mystery-6


The Tallis Scholars o.l.v. Peter Phillips – concertreizen naar de VS

programma: “O splendor gloriae”, met o.m. Josquin des Prez (Praeter rerum seriem) en Cipriano De Rore (Missa praeter rerum seriem en Hodie Christus natus est)
Di. 6 dec. 2016 te 20u: Coolidge Auditorium, Washington.
Do. 8 dec. 2016 te 20u: Concert Hall, Harrisonburg
Vr. 9 dec. 2016 te 20u: St Paul Church, Cambridge, n.a.v. het Boston Early Music Festival
Zat. 10 dec. 2016 te 20u: Church of St Mary the Virgin, New York.
Zo. 11 dec. 2016 te 14u: Asylum Hill Congregational Church, Hartford
maart – april 2017: tweede reis naar de VS, info:
www.thetallisscholars.co.uk

Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull – concertreis naar Nederland
met hun programma ‘Kerst met Josquin – polyfonie rond de kribbe’,waarin o.m. van Josquin des Prez (Missus est Gabriel en O admirabile commercium).
Woe. 14 dec. 2016 te 20u15: Muziekgebouw aan ’t IJ, Amsterdam
Do. 15 dec. 2016 te 20u15: Zuidervermaning, Westzaan
Vr. 16 dec. 2016 te 20u00: Goede Rede, Almere
Zat. 17 dec. 2016 te 14u30: De Toonzaal, ’s Hertogenbosch
Zo. 18 dec. 2016 te 20u00: Geertekerk, Utrecht
meer info over dit concert in YouTube:
https://www.youtube.com/watch?v=8auPx6hwOS4
februari en maart 2017: concertreis naar Canada en de VS met workshops en concerten
www.cappellapratensis.nl


NIEUWE CD’S MET WILLAERT

IL DOLCE CIGNO
Boston Camerata performs  ancient melodies
Boston Camerata
o.l.v. Joel Cohen
COUNTDOWN MEDIA 2009
SPOTIFY

van Adriaen Willaert:
O bene mio

op deze cd ook werk van Josquin des Prez, Jacob Arcadelt, Hubert Waelrant en anderen

TEXAS MUSIC EDUCATORS ASSOCIATION
Newman Smith High School A Cappella Choir
2010 TMEA
2010 Clinic Convention
SPOTIFY

van Adriaen Willaert:
Dessus le marché d’Arras


 

 

 

 

 

L’ARS DE’ SONADORI DA BALLO O DI MUSICA
Ensemble Les Sonadori
LIGIA 2016
SPOTIFY

van Adriaen Willaert:
- Petite camusette
- Jouyssance vous donneray

op deze cd ook werk van: anonymus, Roland De Lassus, Vicenzo Ruffo,  Giaches de Wert, Josquin des Prez, Fabritio Caroso, Nicolas Gombert, Claude Gervaise, Thomas Crecquillon,

 

 

 

 

 

TEXAS MUSIC EDUCATORS ASSOCIATION
Robert E. Lee High School Chorale
o.l.v. Paula Edwards
2011 Clinic Convention
SPOTIFY

van Adriaen Willaert:
Vecchie letrose

 


 

 

 

 

cd 255
DEL CANTO FIGURADO.
Vocal & Instrumental Music of the Spanish Renaissance
The Royal Wind Music o.l.v. Paul Leenhouts
LINDORO MPC0123
2014
SPOTIFY

Antonio de Cabezón
Tiento IV sobre qui la dira van Adriaen Willaert
op deze cd ook werk van: anonymus, Aranés, Arauxo, Antonio de Cabezón, H. Cabezón,
J. Cabezón, Cotes, Josquin des Prez, Encina, Flecha I, Francisco Guerrero,
Morales C, Perraza F, Santa Maria en Valderrabano

 

 

 

 

cd 254
IMAGO. VIRGILIO NELLA MUSICA DEL RINASCIMENTO
De Labyrintho o.l.v. Walter Testolin
STRADIVARIUS 37065
2016
SPOTIFY

van Adriaen Willaert:
- O socii durate a 6
- Dulces exuviae a 4
op deze cd ook werk van Roland De Lassus, Cipriano De Rore, Josquin des Prez, Jacob Arcadelt, Marbriano de Orto en Jacquet de Mantua


 

 

cd 256
DOMENICO BIANCHINI ‘IL ROSSETTO’
Luitmuziek uit 1546
Richard MacKenzie (renaissanceluit)
MAGNATUNE
2012
SPOTIFY

van Domenico Bianchini:
- Le dur travail naar Willaert
- Madonna io non lo so naar Willaert

op deze cd ook bewerkte composities van Nicolas Gombert, Jacob Van Berchem, Claude Sermisy en Pierre Certon; verder ook nog dansen en ricercars (fantasia’s) van Domenico Biancini zelf
ook te beluisteren via:
http://moodmixes.com/music?browse=Albums&genre=Classical&artist=Richard%20MacKenzie


cd 257
GIOVANNI BASSANO.
MOTTETTI, MADRIGALI ET CANZONI FRANCESE (1591)
Musica figurata
op renaissance-instrumenten
TACTUS TC 550201
1999
SPOTIFY

van Giovanni Bassano:
La rosa naar Willaert

op deze cd ook nog bewerkte composities van Giovanni Pierluigi da Palestrina, Cipriano De Rore, Andrea Gabrieli, Roland De Lassus en Luca Marenzio

Info: https://www.amazon.com/Bassano-Mottetti-Madrigali-GIOVANNI-BASSANO/dp/B00005ATDJ


 

cd 258
ALONSO MUDARRA
Colección de Música Antigua Española
Jurge Fresno (zang & gitaar)
PARLOPHONE SPAIN (3 cd’s)
2000
SPOTIFY

van Adriaen Willaert:
Pater noster
(versie 1, bew. Alonso Mudarra)

op deze cd ook nog bewerkte composities van anoniemen, Josquin des Prez, Antoine de Févin, Nicolas Gombert, J. Manrique, Boscan, J. Montemayor
dichters: Garcilaso, Petrarca, Sannazzaro, Vergilio, Horacio en Ovidio

 

 

 

 

cd 259
THE LEGEND OF JOSQUIN DES PREZ
Ensemble La Sestina o.l.v. Adriano Giardina
CD Deutsche Harmonia Mundi (Sony Music), nr. 88843062462
2014
SPOTIFY

van Adriaen Willaert:
Kyrie a 5 uit de Missa Benedicta es.

op deze cd ook nog werken van Josquin des Prez, Roland De Lassus, Palestrina, Morales en Victor Cordero


 

 

 

cd 260
THE BEAUTY OF NOTHINGNESS
Norwegian Cornett & Sackbuts
Grong Musikkproduksjon
2015
SPOTIFY

van Adriaen Willaert:
Vecchie letrose
op deze cd ook nog werken van Cipriano De Rore (Ancor che col partire), Claudio Monteverdi (Orfeo) e.a.

 

 

 

 

cd 261
TRIPTYCHA. Luisterend naar het Gentse retabel HET LAM GODS
Psallentes o.l.v. Hendrik Vanden Abeele
2016
SPOTIFY


van Adriaen Willaert:
delen voor twee hoge stemmen: Agnus Dei II uit de Missa ‘Christus resurgens’ en uit de Missa ‘Osculetur me’
op deze cd ook gregoriaans en polyfonie van Josquin des Prez, Pierre de la Rue, Guillaume Dufay en Johannes Ockeghem

meer info: https://avxhome.unblocked.uno/music/psallentes_triptycha_2016_flac.html
Zie verder infra: Hendrik Vanden Abeele en de zingende engelen uit HET LAM GODS


Uit de vergeethoek
Jacobus de Kerle
(spreek de 1ste lettergreep van ‘Kerle’ uit op zijn West-Vlaams: lang, zoals in ‘maître’)


Hij werd geboren in Ieper als zoon van Robert de Kerle en Marie van Ackere. Deze waren gehuwd in 1531-1532 en hadden vijf kinderen. Jacobus was de oudste. Katherine, de jongste, werd geboren in 1536. Als eerstgeborene moet Jacobus kort na het huwelijk geboren zijn, dus in 1531/1532. De voorouders vervaardigden linnen en kenden een zeker aanzien in Ieper, beroemd om zijn bloeiende lakenhandel. Grootvader Pierre de Kerle was membre du collège des vérificateurs de draps, een hoge functie in de gilde aldaar.Toen Jacobs vader stierf kwamen de kinderen onder de hoede van hun oom Ghiselain. Jacobus zelf had toen al Ieper verlaten.

Als jonge man, pas 17 jaar maar niettemin na muzikale vervolmaking te Ieper, werd de Kerle van 1548 tot begin 1550 als lekenbroeder en freelance zanger (vicarius parvus) aangenomen in de kathedraal van Kamerijk. In die periode (1548-1550) was ook Philippus De Monte daar actief.(Later zouden ze elkaar nog ontmoeten in dienst van de keizerlijke hofkapel van Rudolf II, beiden op het hoogtepunt van hun carrière.) Hij onderbrak in 1549 er voor een korte periode zijn activiteiten, nl. van 1 november tot 27 december. Na zijn terugkeer werd de Kerle tevens tenorzanger van het Domkapitel te Kamerijk. Daar bleef hij nog tot minstens begin mei van het volgende jaar. Daarna vertrok hij definitief naar Italië om daar zijn geluk te zoeken.

In Rome ontmoette Jacobus de Kerle Giovanni Battista Marrabottini, de kamerheer van de kathedraal van Orvieto. Die had al snel een grote bewondering voor de talentvolle Vlaamse musicus en engageerde hem als opvolger van kapelmeester Giovanni Battisto Tasso. De naam van Jacobus staat al op 14 november van dat jaar vermeld in de kasboeken van de kerkfabriek aldaar. De Kerles aanstelling te Orvieto, waar hij ook de priesterwijding ontving, opende de poort naar een betekenisvolle toekomst. De Domkapel had traditioneel goede contacten met Rome en vaak werden er zangers gerekruteerd voor de Pauselijke Kapel.

Voorlopig bleef het bij de functie van Kapelmeester, een ambt met enkele lastige nevenactiviteiten, zoals het in eigen huis onderbrengen, verzorgen en opleiden van de koorknapen. Gelukkig werd de Kerle al in 1555 tot Domorganist en magister horologii gepromoveerd. De functie van kapelmeester werd hierbij toevertrouwd aan zijn collega Francesco Fabri. In zijn nieuwe functie als organist moest hij heel wat minder nevenkarweien uitvoeren en had daardoor meer tijd om te musiceren en te componeren. In de vijf volgende jaren te Orvieto publiceerde hij een groot aantal werken. In 1557: motetten. In 1558/1560: een hymnencyclus voor de verschillende uren van het getijdengebed. In 1561: een dubbele cyclus Magnificats in alle modi, alsook meerstemmige zettingen van de psalmen van vespers en completen. In 1562: enkele missen die later in zijn Zes Missen opgenomen werden.


 

In 1562 vertrok Jakobus de Kerle naar Rome op zoek naar een nieuwe post. Kardinaal Otto Truchseβ von Waldburg, prinsbisschop van Augsburg en diplomatieke vertegenwoordiger van het Rooms-Duitse Rijk aan de Curie, had er in de lente van 1562 een private kapel gesticht.
Hij benoemde er de 30-jarige de Kerle tot kapelmeester. Wellicht op verzoek van de kardinaal componeerde de Kerle in die periode een reeks voorbeden voor het welslagen van het Concilie van Trente. De Dominicaan Pedro de Soto schreef er de teksten van. Deze reeks Preces speciales en vooralde in hetzelfde jaar gepubliceerde Sex Misse maakte Jacobus de Kerle tot zoiets als de ‘Grootcomponist van de Katholieke Contrareformatie’, faam die ook na het einde van het concilie bleef nazinderen. Kort daarna vergezelde de Kerle zijn broodheer op een buitenlandse reis: eerst naar Barcelona, waar zij ontvangen werden door keizer Filips II; daarna naar Augsburg, meer bepaald Dillingen-an-der-Donau, de vaste verblijfplaats van de kardinaal.

In die tijd werd Vlaanderen door de paus heringedeeld in meer bisdommen. De stad Ieper, de Kerles geboortestad, werd daarbij door de Paus als bisschopsstad aangeduid en de Sint- Maartenskerk tot kathedraal verheven. Toen de componist, hij was 30 jaar, dat vernam, verkoos hij naar huis terug te keren. Wegens diverse conflicten met iemand van de plaatselijke geestelijkheid viel hij er echter tamelijk vlug in ongenade. Ten laatste in het voorjaar van 1569 moest hij jammer genoeg financieel aan de grond, naar zijn mecenas terugkeren. Kardinaal von Waldburg hielp hem aan een compositieopdracht voor het huwelijk van de vorsten Wilhelm V van Beieren met Renata van Lotharingen (het feestmotet Illuxit pergrata dies) en benoemde hem tot vicaris op een parochie ergens in Augsburg. Kort nadien klom hij zelfs terug op tot organist en kanunnik aan de Kathedraal van Maria Boodschap in Augsburg.

Nu de problemen achter de rug waren, kon de Kerle weerom volop componeren. Het werden vooral motetten, Moduli of Sacrae Cantiones genoemd. Ook schreef hij er het huldigingsmotet ter ere van de Augsburgse patriciër Melchior Linck: Egregia Cantio (Nürnberg 1574). Belangrijk in die periode was het contact met Philippus De Monte, net als de Kerle vroeger verbonden aan het Domkapittel te Kamerijk maar nu keizerlijke hofkapelmeester. Philippus schreef voor hem aanbevelingsbrieven aan keizer Maximiliaan II. In 1574 kwam de functie van Domkapelmeester vrij, maar het Domkapitel benoemde, in de plaats van de Kerle, een gewezen lid van het kerkkoor, een jonge, onervaren man. Ontgoocheld verliet hij Augsburg. Een prebende uit Kamerijk bracht hem gelukkig financieel soelaas, waaruit men mogelijk kan afleiden dat hij zich in Kamerijk is gaan vestigen. Niet voor lang, echter, want door de godsdienstoorlogen werden alle Spaansgezinde katholieken uit die streken verdreven. De clerus, onder wie priester én kanunnik Jacobus de Kerle, vluchtte naar Bergen. Even leek het dat hij aan de slag zou kunnen in Keulen, maar toen ook dat plots (alweer omwille van de godsdienststrijd) niet doorging, keerde hij terug naar Augsburg en naar de keizerlijke contacten uit zijn vroegere jaren. Dat bracht hem uiteindelijk naar Praag, waar hij het gezelschap vervoegde van Philippus De Monte, Jacob Regnart, Jean De Castro en andere beroemde polyfonisten uit de toenmalige Nederlanden.

Jacobus de Kerle is te Praag gestorven op 7 januari 1591, net geen 60 jaar oud.

Bron: Christian Thomas Leitmeir, Jacobus de Kerle (1531/32 – 1591). Komponieren im Spannungsfeld von Kirche und Kunst, Brepols, Turnhout, 2009.


N.B. Prof. Leitmeir bereidt de uitgave van zijn de Kerles Opera omnia voor binnen de reeks Denkmäler der Tonkunst in Baden-Württenberg.

Originele partituren van Jacobus de Kerle, in handschrift of in druk
In de Bayerische Staatbibliothek te München:

1. Jacobus de Kerle, Liber mottetorum
gedrukt door Adamus Berg te München in 1573

http://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/view?id=bsb00087720
(enkel discantus, tenor en bassus)

2
. Jacobus de Kerle, Magnificat octo tonum
gedrukt door Antonius Gardano te Venetië in 1561

http://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/view?id=bsb00094234
(enkel de alt)

3. Jacobus de Kerle, Liber Modulorum Sacrorum…
gedrukt door Adamus Berg te München in 1573

http://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/view?id=bsb00089742
(enkel discantus, tenor en bassus)

4
.
Jacobus de Kerle, Selectae quaedam cantiones sacrae…
gedrukt door Theodoricus Gerlazenus te Nürnberg in 1571

http://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/view?id=bsb00089742
(alle zes de stemboeken)

5.
Jacobus de Kerle, Quatuor Missae…
gedrukt door Christoffel Plantijn te Antwerpen in 1582

http://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/view?id=bsb00092947
(één groot koorboek met alle stemmen samen)

6. Jacobus de Kerle, Liber modulorum sacrorum…
gedrukt door Adamus Berg in München in 1572

http://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/view?id=bsb00094023
(de 5 stemboeken, het boek ‘quinta vox’ bevat waar nodig de 6de; 7de & 8ste stem;          ‘Recens cantio octo vocum de sacro foedere contra Turcas’ is 8-stemmig)

7.
Jacobus de Kerle, Sacrae Cantiones quas vulgo moteta vocant…
gedrukt door Adamus Berg in München in 1575.

http://stimmbuecher.digitale-sammlungen.de/view?id=bsb00094024
(de 5 stemboeken. Het 5de boek bevat de 5de en, waar nodig, 6de stem)


8. Jacobus de Kerle, Handschrift met Missa ferialis quinque vocum
(Kyrie, Sanctus, Benedictus en Agnus Dei,* het vijfstemmige motet Tu solus qui facis mirabilia, Missa brevis quatuor vocum super carmen belgicum ‘Waer maech sy syn’)

            *’ferialis’ betekent ‘voor de gewone dagen’, vandaar geen Gloria

http://daten.digitale- sammlungen.de/~db/0007/bsb00078977/images/index.html?id=
00078977&groesser=&fip=xdsydeayaewqeayaeayaqrswsdaseayaxdsyden&no=6&seite=6


In het Museo Internazionale e Biblioteca della Musica te Bologna

9.
Di Cipriano et Annibale madregali a quatro voci insieme altri eccellenti autori…
gedrukt te Venetië door Antonio Gardano in 1561

http://www.bibliotecamusica.it/cmbm/viewschedatwbca.asp?path=/cmbm/images/r            ipro/gaspari/_R/R209/
(enkel cantus en tenor digitaal weergegeven;
bevat 1 werk van Jacob de Kerle: Come nel mar)

 



Magnificat octo tonum cum quatuor vocibus… Liber primus - altus
gedrukt door Antonius Gardano in Venetië in 1561
(bewaard in de Bayerische Staatsbibliothek te München)


Een gebed voL DANKBAARHEID
ÉN ANGST?


Hierboven de sopraan en de bas van het motet ‘Agimus tibi gratias’ van Cipriano De Rore in het koorboek van Mielich, afb. 140. Barbara Eichner, professor aan de Oxford Brookes University bracht er in de University of Sheffield een lezing over op de Medieval and Renaissance Music Conference University of Sheffield (5–8 juli 2016). Zij toonde aan hoe dit motet en zijn afbeelding iets uitdrukken van de angst maar, in tweede instantie, ook van de dankbaarheid bij de politieke leiders van die periode. Haar abstract luidde als volgt:
This paper will take the short prayer ‘Agimus tibi gratias’ as its starting point to discuss the creation of the manuscript (including the question of what Rore composed specifically for Albrecht V) in the context of Bavarian, Imperial and European politics of the late 1550s. During these years the abdication of Emperor Charles V destabilised the power balance in Europe, regional players like Ercole d’Este and Albrecht of Bavaria carefully rearranged their political alliances and formulated new aspirations, and the longstanding conflict between France and Habsburg – mainly fought on Italian soil – came to a conclusion. There was certainly cause for both anxiety and for thanksgiving, and the motets in the Rore codex mirror both concerns in their texts, music and illuminations.
http://www.sheffield.ac.uk/polopoly_fs/1.568335!/file/MedRen_2016_29_06.pdf



De engelen op het Lam Gods van Johannes Van Eyck zingen gregoriaans en/of polyfonie.
Is het gregoriaans, dan zou het om responsoria uit de Paasliturgie kunnen gaan.
Zo’n responsorium refereert expliciet aan het boek Openbaring – logisch want het Lam Gods zit vol verwijzingen naar de Apocalyps. De combinatie van deze gezangen met tweestemmige Agnus Dei-fragmenten uit missen van Johannes Ockeghem, Guillaume Dufay, Josquin des Prez en Adriaen Willaert leveren ons mooie kleine tafereeltjes.

(Hendrik Vanden Abeele)


twee citaten

CITAAT I: de jonge Willaert

[Andrea] Antico gave nine of his fifteen composer attributions to ‘Adrien’ (or once ‘Adrian’); these include three motets and six chansons. The fact that four of Willaert’s canons rework anonymous pieces printed before in Antico’s book may indicate that they were student efforts by a young composer, illustrating his technical skills; this might corroborate the suggestion that Adrien was involved in the compilation of this anthology (RISM 15206).”

Frank Dobbins, Andrea Antico’s Chansons...
art. in ‘La la la… Maistre Henri’ Brepols, Turnhout, 2009. p. 136

CITAAT II: tweemaal Pierre de la Rue – vergelijk!

Pierre de La Rue, Missa Nuncqua fue pena mayor’, Missa Inviolata
The Brabant Ensemble o.l.v. Stephen Rice
Hyperion. 2015.
5 diapasons, technique: 4/5

Pierre de La Rue, Missa ‘Cum jocunditate’, Visions of Joy. The Chapel of Hieronymus Bosch
Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull
Challenge Classics 2015
5 diapasons, technique: 4/5

Difficile d’imaginer productions plus contrastées que ses deux programmes de messes du compositeur officiel de la cour de Bourgogne Habsbourg dans les années 1490-1510. Leur parution concomitante révèle les profondes divergences d’approche qui distingues désormais les meilleures spécialistes de l’âge d’or de la polyphonie a cappella. Petit chœur mixte anglais (à deux sopranos, trois altos féminins, deux ténors et deux basses) du côté du Brabant Ensemble, octuor flamand à voix d’hommes de l’autre: avec deux diapasons distants d’une quarte environ, la différence de sonorité est évidemment frappante.

Ce n’est là qu’une des conséquences de deux démarches contraires, que les textes de présentation soulignent: alors que Stephen Rice rédige un guide d’écoute très fouillé de la musique, soulignant les procédés et les effets du contrepoint, la Cappella Pratensis développe le contexte historique et liturgique de son programme, présenté par une musicologue avec laquelle le groupe a déjà produit un film marquant: la reconstitution complète, en costumes, d’une cérémonie de commémoration en musique dans une chapelle d’une église de Bruges en 1487 (www.obrechtmass.com).


Ici encore, l’idée est de donner à entendre “un paysage sonore dévotionnel”: l’intégralité d’une messe à la Vierge telle que la célébrait tous les mercredis une importante confrérie des Pays-Bas, dont fit partie toute sa vie le peintre Jérôme Bosch. Alors que le programme des Anglais enchaîne des œuvres de Pierre de la Rue (deux messes, un Salve Regina et un Magnificat), celui des Flamands alterne plain-chant (mesuré en valeurs lentes), polyphonies anonymes et plages d’orgue autour des cinq sections d’une messe du maître, poussant, comme à leur habitude, la reconstitution liturgique jusqu’à la disposition spatiale: chanteurs serrés autour  d’un unique lutrin sur lequel ils lisent la notation originale en parties séparées. Bref, d’un côté, un récital choral dans la plus pure tradition anglaise, de l’autre une reconstitution historiquement informée.

Chacun avec ses atouts, les deux disques sont du plus haut intérêt et de qualité: s’ils ont tout pour nous convaincre, ils ne nous transportent pas vraiment. L’engagement, les phrases énergiques et les intonations impeccables du Brabant Ensemble sous la direction enlevée de Rice font scintiller le contrepoint quand les lignes plus indécises et les timbres moins concentrés de la Cappella Pratensis souffrent de microdécalages rythmiques et de hauteurs qui brouillent parfois un peu l’harmonie. La différence de diapason n’est évidemment pas pour rien dans ce contraste, tant la précision individuelle et collective est plus délicate à atteindre dans les registres vocaux graves. Inversement, si le diapason aigu offre brillant et limpidité, les sopranos du Brabant Ensemble tendent à dominer la texture et à lasser l’oreille. Le programme des Flamands évite cet écueil, grâce à sa variété.

Choisir entre les deux options sera surtout affaire de goût ou d’envie du moment: pour une écoute analytique d’un dense et généreux programme de musique, tapez 1; pour rêver et penser à des sons disparus, tapez 2.

David Fiala in Diapason, 651 (Nov. 2016), pp. 98-99.

E NEW JOSQUIN EDITION VOLTOOID
NA 30 JAAR


Zaterdag 3 december 2016 verschijnt 29ste en laatste deel van de New Josquin Edition: de vijfstemmige wereldlijke muziek. Het is de bekroning van 30 jaar inzet door de KVNM (Koninklijke Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis). Wat meteen aanleiding geeft tot een feestelijk colloquium op die dag in het Orgelpark te Amsterdam, met o.m. toespraken door Willem Elders, Willem Mook en Manfred Novak.

Het colloquium vangt aan te 14u15 en eindigt met een Josquin Des Prez-concert te 20u15 door de Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull, met aan het orgel Manfred Novak. Dit vindt eveneens plaats in het Orgelpark. www.kvnm.nl
Meer info met notenvoorbeelden over de New Josquin Edition:
http://www.kvnm.nl/admin/plugins/kcfinder/upload/files/NJE%20informatie.pdf

De KVNM publiceert boeken en tijdschriften op allerlei gebieden en nieuwe tekstkritische edities van het werk van Jan Pieterszoon Sweelinck, Jacob Obrecht, Josquin des Prez en Johannes Ockeghem. De New Josquin Edition kwam tot stand door internationale samenwerking met onder meer de American Musicological Society en de International Musicological Society, het Répertoire International de la Presse Musicale en de universiteit van Maryland (VS).

Bijzonder interessant is de studie over en de muziekuitgave van het oeuvre van Johannes Tourout door Jaap van Benthem. Daarvan is zopas het tweede deel verschenen. Zo stelt de auteur dat Johannes Tourout in de oude West-Vlaamse stad Torhout zou geboren zijn.


 

 

161030 - 12de JG NR 9

CONCERTEN, FESTIVALS, LITURGIE

Concertreis Australië Tallis Scholars o.l.v. Peter Phillips

met o.m. Jacob Clemens non Papa (Ego flos campi) en Thomas Crecquillon (Andreas Christi famulus)

 

Zo. 30 okt. te 18.30u: Brisbane
, Australië
Di. 1 nov. te 19.30u: Newcastle,
Australië
Do. 3 nov.  te 19.30u: Adelaide,
Australië
Vr. 4 nov. te 19.30u: Canberra,

Australië

 

 

 

Zat. 5 nov. te 19.30u: Sydney, Australië
Zo. 6 nov. te 18.30u: Melbourne,

Australië
Di. 8 nov. te 19.30u: Perth, Australië
Zo. 13 nov. (uur?): Shangai, China

 

www.thetallisscholars.co.uk

Zondag 30 oktober 2016 te 11.00u, Onze-Lieve-Vrouwekerk, Brugge

- concertmis door Currende o.l.v. Erik Van Nevel
- programma: o.a. Jacobus Vaet, Missa Ego flos campi a 6; Jacobus Clemens non Papa, Ego flos campi a 7, en Orlandus Lassus,Sancta Maria a 5

www.currende.be

Woensdag 30 november te 20.00u, Kapel Iers College, Leuven

- Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull
- programma: ‘In search of Utopia

www.cappellapratenis.nl


Christoffel Plantijn
als muziekdrukker


Drie weken geleden werd te  Antwerpen het Museum Plantin-Moretus heropend, na een facelift. Een gelegenheid om de figuur van Christoffel Plantijn (ca. 1520 – 1589) terug onder de aandacht te brengen. Als drukker van hoog aanzien tekende hij voor honderden uitgaven, waaronder ook enkele muziekdrukken.

In ca. 1500, kort na de uitvinding van de boekdrukkunst (Johannes Gutenberg & Dirk Martens in de 15de eeuw), werd ook de muziekdrukkunst geïntroduceerd (te Venetië door Petrucci in 1501). Deze nieuwe verworvenheid verspreidde zich heel snel over West-Europa. De eerste resultaten waren nog primitief en moeilijk te lezen, maar in de kortste tijd slaagden de drukkers er in om, door het toepassen van steeds betere technieken, de leesbaarheid en esthetische kwaliteit van de partituren op te krikken.

Antwerpen was een groot centrum van drukkerijen geworden. Er waren er zo’n tachtig actief, elk met zijn specialiteit. Enkele hadden zich toegespitst op muziekdruk, bijv. Tielman Susato en Pierre Phalèse, die zich later in Leuven vestigde. De meest beroemde drukker van het toenmalige Antwerpen was Christoffel Plantijn. Ook hij vervaardigde diverse muziekboeken, vooral voor de koorleiders van de Antwerpse O.-L.-Vrouwkathedraal, zoals Andreas Pevernage, Georges de la Hèle en vooral Jacobus De Kerle. In verhouding tot de rest van zijn reusachtige productie is de hoeveelheid muziek evenwel zeer klein. Niet meer dan een twaalftal drukken. (Zie de lijst hier verderop.) De kwaliteit van zijn notenbeeld was evenwel uiterst verzorgd, al deed hij voor het zetten van de noten, notenbalken, wijzigingstekens enz. soms wel beroep op zijn collega’s zoals Tielman Susato.

Hieronder, in dat verband, een drietal getuigenissen uit de recente vakliteratuur, alsook enkele originele afdrukken, gedeeld van de website van de Bayerische Staatsbibliothek in München.

“Hij (Plantijn) drukte spectaculaire muziekboeken – vooral koorliederen voor de katholieke mis, maar ook wereldlijke liedboeken. De stempels voor grote muzieknoten liet hij vervaardigen door een in Franse stijl werkende Gentse lettersnijder, Hendrik van den Keere, want de aankoop van typografische ontwerpen uit Parijs was hem al een poos te duur geworden en Robert Granjon had Antwerpen verlaten. Eigenlijk had Plantijn de kostbare muzieknotenstempels besteld voor een ambitieus antifonenboek voor Filips II, maar dat project kwam vanwege de Spaanse furie niet meer van de grond. Hij had ook extreem groot papier laten maken voor dat nooit verschenen koninklijke antifonenboek. Plantijn gaf de stempels en papiervellen een nieuwe bestemming: in 1578 drukte hij de misliederen van de Antwerpenaar Georges de la Hèle, die componeerde voor koren van wel vijf, zes of zelfs zeven stemmen. Het liedboek was zo enorm dat een compleet kerkkoor de mis kon zingen uit één op een lessenaar geplaatst exemplaar. (…) Vaak ook hadden de auteurs de productiekosten gedeeltelijk of geheel voor hun rekening genomen. Georges de la Hèle bijvoorbeeld was contractueel verplicht om bij tegenvallende verkoop een fors aantal exemplaren van zijn eigen liedboek af te nemen.”

Sandra Langereis, De Woordenaar.
Christoffel Plantijn, ‘s werelds grootste drukker en uitgever 1520-1589,
Amsterdam, 2014, pp. 339 – 340.


“Plantin betrieb den Notendruck als Nebentätigkeit. Seine Notenausgaben, für die er Notenschriftsätze von Robert Granjon, Hendrik Van Den Keere und aus Tielman Susatos Druckerei verwandte, bestehen durch Eleganz und Deutlichkeit sowie durch sorgfältig gestaltete Titelblätter und gewählte Initialen.

-Georges de La Hèle. Octo missae (1578)
-Philippus De Monte. Missa Benedicta es (1579). Liber I missarum (1587)
-Jacobus de Brouck. Cantiones sacrae
(1579)
-Séverin Cornet . Cantiones musicae (1581). Madrigali (1581). Chansons francoyses (1581)
-Jacobus De Kerle. Quatuor Missae (1583).
-Andreas Pevernage. Chansons spirituelles a cincq parties, livre I (1589),  Chansons a cincq parties livre II (1590), Chansons a cincq parties livre III (1590), Livre quatriesme des chansons a six, sept et huit parties (1591 – chez la Vefue et Jean Moerentorf alias Jan Moretus)

August Corbet, Plantin Christoffel in  MGG, 13, p. 669.

“Durch Pfründe in Cambrai finanziell abgesichert, leistete sich de Kerle selbstbewuβt  den Luxus, seinen zweiten Messenband in einem aufwendigen Chorbuchdruck bei Christoph Plantin in Antwerpen herauszubringen. Die Wahl Plantins, einem der avanciertesten Drucker der Zeit, zeugt von den hohen Aspirationen, die de Kerle mit seiner Publikation hegte. Denn Plantin war nicht nur wegen seiner Belesenheit und philologischen Akkuratesse berühmt und stand mit den führenden Humanisten (wie zum Beispiel Justus Lipsius und Joseph Scaliger) und Künstlern (etwa Pieter Paul Rubens) der Zeit persönlich in Kontakt, sondern verfügte zudem über gute Handelskontakte zu den führenden Herrscherhäusern Europas. Als Hofdrucker des spanischen Königs waren seine Beziehungen zu den Habsburgern besonders eng. Mit George de la Hèle, dem späteren Kapellmeister Philipps II, den Musikern aus der Hofkapelle Kaiser Rudolfs II, wie Philipp de Monte und Alardus Nuceus oder dem am Wiener Kaiserhof sowie dem an den Höfen Erzherzog Karls und Erzherzog Ernsts wirkenden Jacobus de Brouck publizierten bei ihm fast ausschlieβlich angesehene Meister in Habsburger Diensten. Es bedeutete also in der Tat eine Auszeichnung für jeden Komponisten, einen Druck bei Plantin herauszubringen.”

C. Leitmeir, Jacobus de Kerle (1531/1532 – 1591).
Komponieren im Spannungsfeld von Kirche und Kunst, Brepols.

 Girolamo Savonarola, zijn erfenis in de muziek

 Florence, 23 mei 1498.

De Dominikaner monnik Girolamo Savonarola, die beschuldigd was van ketterij, werd deze morgen opgehangen en verbrand in aanwezigheid van een grote menigte in het Piazza della Signoria. Wanneer de sintels van het vuur waren afgekoeld, hebben de beulen zijn as in de Arno uitgestrooid om te voorkomen dat fanatieke volgelingen de resten zouden verzamelen en ze zouden gebruiken als relikwieën om zieken te genezen en mirakels te bekomen. (Uit het dagboek van Luca Landucci, een Florentijnse handelaar).

Deze korte tekst met Landucci's ooggetuigenverslag van Savonarola’s executie roept een gebeurtenis op, die grote sensatie veroorzaakt heeft in heel Europa. Deze monnik, geboren en getogen in Ferrara en lid van de Dominicaanse orde in Bologna, kende een paar jaar spectaculair succes in Florence. Zijn hartstochtelijke preken riepen immers op tot religieuze, politieke en sociale hervormingen. Drukkers gaven zijn preken, devotionele geschriften en profetieën uit en verspreidden ze over het gehele continent. Hertogen en koningen namen nota van zijn profetieën. De monnik veroordeelde de corruptie van paus Alexander VI (Borgia). Maar de paus nam wraak door hem te excommuniceren, waardoor veel Florentijnen Savonarola afvielen. Terwijl hij in de gevangenis zat, schreef hij, in afwachting van zijn executie een lange meditatie op Psalm 50 (Vulgaat), Miserere mei, Deus, en begon hij te werken aan een meditatie op Psalm 30: In te, Domine, speravi. Zijn volgelingen smokkelden deze geschriften uit zijn gevangeniscel en verspreidden die over heel Europa. Hervormers zoals Martin Luther lazen ze met voldoening.

Savonarola’s teksten werden ettelijke keren gebruikt door de polyfonisten uit die tijd. Als eerste was er Josquin des Prez, op vraag van Ercole I d’Este, Hertog van Ferrara en trouwe aanhanger van Savonarola. In zijn meditatie herhaalt de monnik verschillende keren de openingswoorden “Miserere mei, Deus.” Josquin laat de tekst van Psalm 50 ongewijzigd, maar maakte, net als Savonarola, van de beginwoorden van de psalm “Miserere mei, Deus”, een sober, ontroerend refrein, dat na ieder vers herhaald wordt.

Ook latere componisten, die bevriend waren met het Hof van d’Este, zoals Willaert, De Rore en Vincentino , verwerkten de tekst van Psalm 50, maar nu in de versie van Savonarola zelf. Daarvan zijn de beginwoorden: “Infelix ego omnium…” Het tweede deel begint dan met “Ad te igitur piissime…” Ze citeerden daarbij Josquin’s refrein “Miserere mei Deus.” Willaert bijv. laat in zijn zesstemmig motet een van de partijen Josquins ostinato uitvoeren als cantus firmus op dezelfde woorden “Miserere mei Deus.” Ook componisten van nog latere generaties bleven de meditatieve woorden van Savonarola gebruiken, al waren ze niet steeds trouw aan de oorspronkelijke eenvoudige, gevoelige inhoud van de dichter.

bron: Patrick Macey, booklet bij de dubbel-cd.
Deze bijsluiter is een uitgebreide tekst van 36 bladzijden
: https://drive.google.com/file/d/0B6IHpvmfr6gMZ0FXSGQycDRnWFU/view

Zie ook Patrick Macey’s de uitgave van de partituren in Savonarolan Laude, Motets and Anthems. RRMR, vol. 116, Madison, 1999.

Enkele maanden geleden verschenen twee cd’s met Savonarola als thema.
Eén kreeg een Gramophon-prijs. Voor ons een gelegenheid om dit thema ook hier aan te halen.


Scattered Ashes
Josquin’s Miserere and the Savonarolan Legacy
door het koor Magnificat o.l.v. Philip Cave.

CKD 517. Linn Records. 2 cd’s
http://magnificat-consort.uk/
bekroond met 2016 Gramophon Award Nominee ‘Early Music’

CD1        Josquin des Prez, Miserere mei, Deus
                Giovanni Perluigi da Palestrina, Tribularer, si nescirem
                Claude Le Jeune, Tristitia obsedit me
                Roland De Lassus, Infelix ego

CD2        Jean L’héritier, Miserere mei, Domine
                Nicolas Gombert, In te Domine, speravi
                Jacobus Clemens non Papa, Tristitia obsedit me
                William Byrd,Infelix ego

Luister hier via YouTube naar het eerste deel van Josquin’s Miserere.

Totaal nieuw in het motettengenre, hoe na ieder vers het klagend refrein wordt herhaald:
https://www.youtube.com/watch?v=DkL1cOdpTYo

1. Miserere mei, Deus, secundum magnum misericordiam tuam.
MISERERE MEI, DEUS.
2. Et secundum multitudinem miserationum tuarum, dele inipuitatem meam.
MISERERE MEI, DEUS.
3. Amplius lava me ab iniquitate mea: et a peccato meo munda me.
MISERERE MEI, DEUS.
4. Quoniam iniquitatem meam ego cognosco: et peccatum meum coram me est semper.
MISERERE MEI, DEUS.
5. Tibi soli peccavi, et malum coram te feci: ut justificeris in sermonibus tuis, et vincas cum      judicaris. MISERERE MEI, DEUS.
6. Ecce, enim in iniquitatibus conceptus sum: et in peccatis concepit me mater mea .
MISERERE MEI DEUS.
7. Ecce enim veritatem dilexisti: incerta et occulta sapientiae tuae manifestasti mihi.
MISERERE MEI, DEUS.
8. Asperges me hyssopo, et mundabor: lavabis me, et super nivem dealbabor.
MISERERE MEI, DEUS. (etc.)

Etc.


 

Refuge from the Flames
The Savonarola Legacy
Ora Singers o.l.v. Suzi Digby

Harmonia Mundi 906103 – 2016
http://www.prestoclassical.co.uk/r/Harmonia%2BMundi/HMW906103

1. Gregorio Allegri, Miserere
2. Giovanni Annimuccia, Jesu, sommo conforto
3. Giovanni Annimuccia, Alma, che si gentile
4.Giovanni Annimuccia, Che fai qui, core
5. Luca Bettini, Ecce quam bonum
6. Philippe Verdelot, Letamini in Domino
7. William Byrd, Infelix ego
8. Eriks Esenvalds, Infelix ego (after Byrd)
9. Jean Richaford, O quam dulcis
10. Claude Le Jeune, Tristitia obsedit me, mango.
11. Anonymus, Ecce quomodo moritur
12. Jacobus Clemens non Papa, Tristitia obsedit me, amici
13. James MacMillan, Miserere

“We begin and end this second ORA album with two contrasting settings of the Miserere mei (Psalm 50, Vulgate). Over the centuries this text has inspired reflections by many Christian writers, none more influential than those by Girolamo Savonarola, and we have devoted much of this album to his extraordinary legacy. Central to the recording is Savonarola’s meditation on the psalm, 'Infelix Ego', written shortly before his execution. We present it here in William Byrd’s justly famous setting, and in a newly commissioned masterpiece by the Latvian composer Eriks Ešenvalds.”

Suzi Digby OBE [artistiek leider en dirigent]

 

Bonfire Songs. Savonarola’s Musical Legacy

Op de volgende pagina vind je een oudere opname, m.n. uit 1998. Het betreft in feite een cd bij een studieboek met transcripties van delen uit de motetten, die in het boek besproken worden.

uitvoerders: Eastman Capella Antiqua o.l.v. Patrick Marcey
uitgever: Clarendon Press Oxford




De cd bevat onder andere:

1. Adriaen Willaert, Infelix ego
2. Jean Richafort, O quam dulcis – Ecce quam bonum
3. Philippe Verdelot, Laetamini Domino – Ecce quam bonum
4. Jacob Clemens non Papa, Tristitia obsedit me

Awarded the Phyllis Goodhart Gordan prize by the Renaissance Society of America.

 

Ook Cipriano De Rore heeft een motet gecomponeerd op Infelix ego – Ad te igitur.
Een cd-opname hiervan werd gemaakt door The Tallis Scholars (Gimell - CDGIM029) in 2001 en door Laudantes Consort  (Sonamusica1504) in 2015.

 


 

ANDERE AANBEVOLEN CD’S


Josquin des Prez. Missa Di dadi en Missa Une mousse de Biscaye
The Tallis Scholars o.l.v. Peter Phillips

Gimell 048
2016

“There are various theories as to why pictures of dice are included in the score of Josquin's Missa ‘Di dadi’. At first sight the dice are nothing more than indicators to the tenors as to how to distribute the notes of the chanson, on which the Mass is based, into their part. For example the Kyrie is preceded by a pair of dice showing two and one, which tells the singers that the note-lengths of the chanson need to be doubled in order to fit with the other three voice parts. In the Gloria the dice read four and one, requiring the notes of the chanson to be quadrupled in length.

Josquin is likely to have written the Mass in Milan in the late 15th Century which is known to have been a hot-house for gambling. Perhaps the dice are there simply to amuse a wealthy patron or confuse the singers. Other explanations have turned to the text of the chanson: "Shall I never have better than I have?" Is it a gambler's gripe? Or a lover's complaint? Or is it the languishing soul's plea for redemption?

Perhaps Josquin simply threw dice to establish his compositional scheme. Whatever the answer, the reason for the dice seems to be important.
When Petrucci published the Missa ‘Di dadi’ in 1514 he included the dice even though the tenor part is resolved and printed in full.

This is the sixth of nine albums in The Tallis Scholars' project to record all Josquin's masses

"Can Great Music be inspired by the throw of dice? The possibility clearly excited Josquin, who prefaced the tenor part in several of the movements of his Missa ‘Di dadi’ with a pair of dice. " –Peter Phillips


 

 

Dufay, Les quatre messes avec teneur.
Messes Se la face ay pale, L’homme armé, Ecce Ancilla Domini et Ave Regina caelorum

Cut Circle, Jesse Rodin
Musique en Wallonie (2 CD). 2014.
DIAPASON D’OR

 Un des plus brillants musicologues américains de la jeune génération retrousse ses manches, et fédère huit voix dans une lecture singulièrement active de ces chefs-d’œuvre."

 

Roland de Lassus. Canticum canticorum.
Osculetur me osculo, Veni in hortum meum, Tota pulchra es, Vulnerasti cor meum, Surge propera amica mea, Quam pulchra es, Audi dulcis amica mea, Veni dilecte me, Magnificat sur Ancor che col partire de Cipriano de Rore, Messe sur Susanne un jour

Chœur de chambre de Namur, Clematis, o.l.v. Leonardo García Alarcón
Ricercar 2015
DIAPASON 5/5

Bron  Diapason, 650 (Oct., 2016), p. 102.


MGG Online – COMING SOON

Recent bericht:

The publishers Bärenreiter and J.B. Metzler have partnered with Répertoire International de Littérature Musicale to create MGG Online, a new digital encyclopedia that features the complete second edition of Die Musik in Geschichte und Gegenwart along with updated entries and new articles.

Bärenreiter and J.B. Metzler are responsible for the content, ensuring that MGG Online builds on MGG’s long-standing reputation for comprehensive, authoritative writings on all subdisciplines of music. MGG Online will be updated continuously.

RILM has built a powerful platform for searching and browsing, translating, note-taking, cross-referencing, and more. Links to related content in both MGG Online and RILM Abstracts of Music Literature enhance the discovery experience. Google Translate is integrated into the platform, providing automatic translation from German to over 100 languages. The interface is fully compatible with mobile and tablet devices. Like the content, the platform will be enhanced continually with new features.

MGG Online will be available beginning 1 November 2016.

Visit http://rilm.org/mgg-online/
for more information, order a subscription, or request free 30-day trial.

Tina Frühauf
Répertoire International de Littérature Musicale
365 Fifth Avenue
New York, NY 10016

 

160930 - 12de jg nr 8

 

WILLAERT ‘composer in residence’ te UTRECHT

Enkele persnota’s over het Festival Oude Muziek Utrecht 2016

Merlijn Kerkhof in NRC Handelsblad – 25 augustus

Vlaming Tore Tom Denys is een van de musici die Willaerts muziek zal uitvoeren, met zijn in Wenen gevestigde ensemble Cinquecento. Denys interesseerde zich al vroeg voor de componist, vanwege een triviale reden: Adriaen kwam uit Rumbeke, bij Roeselare, dat intussen door die laatste plaats is opgeslokt. “Ik ben geboren en getogen in Roeselare. De muziekschool was naar hem vernoemd.”
“De Vlaamse componisten,” zegt hij, “waren in de 16de eeuw de Michael Jacksons van hun tijd, ze waren echt grootheden. Dat was Willaert ook, maar ik denk dat hij bescheidener was. Die componisten kenden hun marktwaarde, ze hopten van het ene hof naar het andere, maar hij bleef 35 jaar in Venetië hangen, waar hij maestro di cappella was.”

Utrecht heeft van Adriaen Willaert een ‘composer in residence’ gemaakt. Zijn muziek is vergeten, onterecht. Adriaen Willaert was in zijn tijd een grootheid. Maar nu is hij eigenlijk alleen onder kenners bekend. Ja, hij krijgt de credits in de muziekgeschiedenisboeken, maar zijn muziek wordt maar weinig gespeeld. En dat gaat veranderen. Ten minste, als het aan Katelijne Schiltz ligt, een Vlaamse musicologe die als professor is verbonden aan de universiteit van Regensburg. Ze heeft, zegt ze, “er een missie van gemaakt zijn muziek weer uitgevoerd te krijgen.”
Katelijne Schiltz voorzag het Utrechtse festival van advies. Want: dit jaar is het thema Venetië. En wie stond aan de wieg van de ‘Venetiaanse school’, die wordt gekenmerkt door dubbelkorigheid, de praktijk uit de San Marco om tegen elkaar in te zingen, een componeerstijl die je zelfs terug hoort in Bachs Matthäus-Passion? Precies, Adriaen Willaert.

Wie was Adriaen Willaert dan?

Katelijne Schiltz: “We weten weinig van zijn persoonlijk leven. Hij studeerde bij Jean Mouton en maakte, zoals veel Vlaamse componisten, de oversteek naar Italië. De bekendste anekdote over hem gaat over het moment dat hij als jonge componist in Rome aankwam. Hij hoorde toen dat in de pauselijke kapel zijn motet Verbum bonum et suave werd uitgevoerd. Alleen, de zangers dachten dat het een stuk was van de beroemde Josquin. Toen Willaert hen daarop aansprak, wilden ze het niet meer zingen, maar het gaf wel aan dat zijn muziek zich kon meten met die van de groten.”

Denys noemt Willaerts muziek ‘heel eigen’. “Ze is vaak technisch en berekenend, zijn composities hebben een ongelooflijk skelet. Het is een combinatie van theorie en praktijk. En hoewel hij zich strak aan de regels hield van hoe stemmen zich ten opzichte van elkaar dienen te bewegen, wist hij steeds iets creatiefs te maken. Daarmee raakt hij me.”
Katelijne Schiltz denkt anders over de eigenheid van Willaerts werk. “Het is lastig om van een Personalstil te spreken als je muziek bestudeert uit deze periode. Natuurlijk zijn er kenmerken die je bij bepaalde componisten vaak ziet terugkeren, maar kwaliteit ging boven eigenheid. Elk genre had zijn eigen wetten, en je ziet in Willaerts werk dus ook grote verschillen tussen de genres waarin hij schreef.”

Het Festival Oude Muziek wil zowel laten zien waar Adriaen Willaert vandaan kwam, als waartoe zijn muziek heeft geleid. Cappella Pratensis volgt de sporen van de vroege carrière van de componist aan de hand van zijn motetten en die van zijn voorgangers, Josquin en Mouton. Stratton Bull, artistiek leider van Cappella Pratensis: “Willaert had een bijna goddelijke status. Iedereen wist wie ‘il divino Adriano’ was.”

Blijft de vraag waarom de muziek van de eens zo bewierookte componist nu zo weinig te horen is. Katelijne Schiltz: “Aan Willaert kleeft het vooroordeel dat zijn muziek moeilijk is. Het klopt ook wel een beetje.” Tore Tom Denys: “Je kunt wel zeggen dat Willaert moeilijk is, maar je moet er gewoon induiken.” En Stratton Bull: „De generatie van Willaert valt eigenlijk een beetje tussen wal en schip, tussen de polyfone meesters als Josquin en de vroege barok.”

NRC Handelsblad – 25 augustus – Willaertconcert van Cappella Pratensis

” … met veel bijval van de meer dan 500(!) bezoekers.
Cappella Pratensis, vaak bijeen gegroept rond een enkele muziekstandaard, zong adembenemend goed".

 

Willaert

 

Luis Gago in El Pais – 31 augustus – Willaertconcert van Cinquecento

Es imposible dar cuenta del frenesí de conciertos que se suceden en Utrecht hora tras hora, marcadas cada cuarto por el gran carillón de la catedral con músicas de Veracini, Vivaldi, Galuppi y Monteverdi. Pero la mención final debe ser para Cinquecento, que por tercer año consecutivo ha ascendido a lo más alto que puede escalarse en un concierto de polifonía renacentista, que ellos convierten en un hilo terso que no se quiebra nunca y que podría prolongarse ad infinitum.

Het is nagenoeg onmogelijk om de ellenlange reeks concerten die in Utrecht plaatvindt uur na uur bij te houden. Elk kwartier speelt dan nog de grote beiaard van de kathedraal muziek van Veracini, Vivaldi, Galuppi en Monteverdi. Toch willen we hier in het bijzonder Cinquecento vermelden. Voor het derde achtereenvolgende jaar spannen zij de kroon met een concert van renaissancepolyfonie en trekken hiermee een strakke lijn die zich in de toekomst ad infinitum laat doortrekken.

Con la Missa Mente tota de Adrian Willaert (maestro de capilla en la Basílica de San Marcos durante 35 años) como eje, y en medio de un silencio sepulcral en la abarrotada Pieterskerk (este público tiene memoria histórica), volvieron a conseguir que la interpretación de esta música suene como un acto trascendente. La portentosa calidad de las seis voces, la meticulosa dicción del texto y, sobre todo, el delicado juego de equilibrios para que la música llegue a nuestros oídos como si fuera un tapiz que va tejiéndose y coloreándose delicada y visiblemente ante nuestros ojos, obran el prodigio. Será difícil que algo de la Venecia musical que queda aún por recalar esta semana en Utrecht pueda superar este milagro.

Met als centraal werk de Missa ‘Mente tota’ van Adriaen Willaert, die gedurende 35 jaar kapelmeester van de San Marcobasiliek was, brachten zij in de doodse stilte van de overvolle Pieterskerk en voor een publiek met voeling voor het verleden, deze muziek als in een transcendent gebeuren. De uitzonderlijke kwaliteit van de zes stemmen, de zorgvuldige dictie van de tekst en vooral de delicate evenwichtsoefening om deze muziek zowel voor de oren als voor de ogen te brengen als was het een kleurrijk klanktapijt: hoe wonderbaar was dit alles! Het zal moeilijk zijn om in het verdere verloop van dit Festival van de muziek uit Venetië te Utrecht dit wonder nog te overstijgen.

 


GASPAR VAN WEERBEKE

(Oudenaarde? ca. 1445 – nov. 1517?)

 

Call for Papers – University of Salzburg, 29 June - 1 July 2017.[pdf]
Deadline for the submission of proposals: 31 January 2017

Following the recent completion of the editorial work for the publication of the final volumes of Gaspar van Weerbeke’s ‘Collected Works’, this conference aims to revitalize research on this long neglected Flemish composer.
We are interested in papers which contextualize Gaspar and his work with that of his contemporaries at the Sforza court in Milan and in the Papal Chapel in Rome, including Josquin, Compère, and Gaffurius.
Topics concerning Gaspar’s life, analysis of his music, or source studies would also be welcome. The conference will also hold a reconstruction workshop for the songs attributed to “Gaspart” surviving uniquely in FlorC 2442. Keynote addresses will be given by Klaus Pietschmann and Fabrice Fitch.

www.gaspar-van-weerbeke.sbg.ac.at.

Beluister: Gaspar Van Weerbeke, Verbum caro factum est

https://www.youtube.com/watch?v=3vnpt_dJEUc

http://www.bibliotecamusica.it/cmbm/images/ripro/gaspari/_Q/Q064/Q064_006.jpg

Gaspar Van Weerbeke, Salve Sancta parens
Marbrianus De Orto, Kyrie in honorem beatissime virginis
gedrukt door Petrucci in 1505.

RADIOPROGRAMMA’S

HERBELUISTEREN

* Maandag 5 sept. 2016, van 12.00u tot 13.00u. (herbeluisteren)
Nederlandse Concertzender
programma: een uurtje Adriaen Willaert

http://www.concertzender.nl/programmagids/

* Zo. 11 sept. 2016 te 10.00u. (herbeluisteren)
Italiaans-Zwitserse radiozender RSI
programma ‘Quilisma’. La Gerusalemme liberata, met werk van Giaches De Wert.

http://www.rsi.ch/rete-due/programmi/cultura/quilisma/La-Gerusalemme-liberata-7991300.html

rechtstreeks

Zat. 29 okt. 2016 van 22.35u tot 23.00u.
Radio Bayern Klassik.
Huelgas  Ensemble o.l.v. Paul Van Nevel met Firminus Caron
‘Accueilly m'a la belle’, ‘Le despourveu infortuné’ en ‘Hélas que pourra devenir mon cueur’

https://www.br-klassik.de/programm/radio/index.html

TWEE CITATEN

CITAAT 1. Muzikale vooruitgang: één stoet van véle individuen

From a conservative, classicizing perspective, musical progress is seen as a natural, organic, homogeneous evolution toward technical and emotional perfection. Modern practices are invariantly dismissed as unruly and extravagant deformations that result in absurd music. Writers more attuned to the new key of mannerist progress instead emphasize the "singularity" of the "manners" of composing. For example, in 1592 Agostino Michele comments on the musical scene of the late sixteenth century as follows: "Take music, in which many years ago Josquin and Willaert flourished; in the past age, Rore and Lasso were famous; and in these days Marenzio and Vecchi become singular and illustrious; and nevertheless their manners of composing are so different that it seems they are not practitioners of the same art"
Agostino Michele, Discorso in cui contra l'opinione di tutti i più illustri
scrittori dell'arte poetica chiarmanente si monstra
,

quoted in Maria Rika Maniates, Mannerism in Italian Music and Culture,
University of North Carolina Press, 1979, p. 124.


CITAAT 2. Tekstschildering bij de Kerle, de Rore en Willaert

Schlieβlich sei noch auf eine Technik zur Steigerung der Textverständlichkeit hingewiesen, die de Kerle nicht verwendete, obwohl sie zu seiner Zeit durchaus praktiziert wurde. Gerade Komponisten, die wie Adriaen Willaert und Cipriano de Rore in Venedig tätig waren, behandelten auch die lautliche Gestalt der Textvorlage mit gröβter Sorgfalt. Sie bemühten sich, wie Katelijne Schiltz kürzlich nachwies, den Vortrag des Textes in den einzelnen Stimmen so zu strukturieren, daβ sich auch im polyphonen Gewebe eine sinnvolle Kombination von gleichzeitig erklingenden Konsonanten und Vokalen ergab. Auf diese Weise konnten Schlüsselstellen des Textes rhetorisch ausgedeutet werden, etwa wenn die Grausamkeit des Kreuzestodes durch besonders herbe, disparate Phonem-Zusammenklänge ausgedrückt wurde.
Christian Thomas Leitmeir: Jacobus de Kerle (1531/32 – 1591).
Komponieren im Spannungsfeld von Kirche und Kunst
, Brepols, Turnhout, 2009, p. 440.

TERTIO

CYPRIAAN DE RORE, "eerste onder alle musici"

In de zestiende eeuw noemden ze Cypriaen De Rore "de eerste onder alle musici" en voor Claudio Monteverdi was hij een van de voornaamste inspiratiebronnen. De belangrijke "Vlaamse polyfonist" werd in Ronse geboren en daar probeert een werkgroep de figuur De Rore na vijf eeuwen levendig te houden bij de liefhebbers van oude muziek.

Een actief lid van de werkgroep is Wim Daeleman (69). Hij wil de sluier over de nauwelijks bekende levensloop van Cypriaan De Rore en de invloed van zijn muziek op zijn tijdgenoten lichten. Daeleman is doctor in de geneeskunde en studeerde nadien ook bibliotheek- en informatiewetenschappen aan de Universiteit Antwerpen. Hij stelde een gedetailleerde De Rore-website samen, de enige in zijn soort, en publiceerde heel wat over De Rore. Dit jaar nam hij deel aan een congres in
Amerika over de componist en werkte mee aan het De Rore-festival in diens geboorte
stad. “Ik wou eens een website maken over een onderwerp dat mij na aan het hart ligt”, zegt Daeleman. “Muziek trok mij aan en ik ontdekte de Italiaanse madrigalen. De muziek van De Rore vond ik prachtig en bovendien stelde ik vast dat er geen website aan hem was gewijd. Ik wou absoluut de mooie afbeelding van De Rore in kleur hebben en daarom nam ik contact op met Ronse. 'U moet zelf naar Ronse komen', zeiden ze en dat was de stimulans om een werkgroep in het leven te roepen."
Aanvankelijk werd gedacht dat Cypriano of Cypriaan De Rore in Mechelen werd geboren in het jaar 1515 of 1516, maar een onderzoek in de jaren tachtig van de vorige eeuw, door stadsconservator Albert Cambier en Amerikaans musicologe Jessie Ann Owens, wees uit dat hij in het Oost-Vlaamse Ronse het levenslicht zag. “De naam De Rore of De Rodene komt heel veel voor in Ronse. Dat blijkt een oer-Vlaamse naam te zijn en betekent ‘iemand die met een zeis braak terrein schoonmaakt’. Men vond ook het wapenschild van de familie De Rore terug op zijn grafsteen in Parma. Dat zijn belangrijke aanwijzingen dat Ronse zijn geboorteplaats moet zijn.” Kapelmeester De Rore moet een band met Margaretha van Parma hebben gehad. Hij vertrok samen met haar naar Italië waar hij heel zijn leven verbleef, eerst in dienst bij de familie d’Este in Ferrara en later bij Margaretha van Parma zelf. We weten dat hij in 1558 terug naar Ronse kwam; er was een enorme brand in de stad uitgebroken en hij wou zijn
familie helpen. Toen Adriaan Willaert in 1563 stierf, volgde De Rore hem op als kapelmeester van de San Marcobasiliek.
Hij stierf in 1565 in Parma. “Tot zijn 27ste levensjaar weten we helemaal niets over De Rore en dat is onrechtstreeks de schuld van de Franse Revolutie. De Fransen wilden in Ronse soldaten opeisen; de mensen van Ronse weigerden en om inlijving te verhinderen, staken ze de stadsarchieven in brand. Zo verdween ook informatie over De Rore”, verduidelijkt Daeleman.

De Rore was bij uitstek een madrigaalcomponist; 120 zijn over een tiental madrigaalboeken verdeeld. Een speciale vermelding verdient zijn madrigale spirituale. Verder schreef hij tal van motetten, een Johannespassie en missen. De Rore was een vernieuwer en zijn invloed is herkenbaar bij meer bekende namen dan de zijne: Orlandus Lassus, Giovanni Pierluigi da Palestrina, Monteverdi en Philippus de Monte.
Kathedraalschool
Het valt op dat zijn profane muziek religieus klinkt.“De oorzaak is dat componisten in die tijd veelal hun opleiding in een kathedraalschool kregen, waar religieuze muziek op de wereldlijke primeerde”, merkt Arnold Loose, een ander lid van de De Rore-werkgroep, op. “Ook wanneer ze nadien in dienst traden van een vorst was hun hoofdopdracht vaak componeren voor de liturgie.”

Er werd twee jaar geleden een De Rore-congres gehouden in München en dit jaar vond een gelijkaardig initiatief plaats nabij San Francisco, in het Universitair Centrum Davis. “Professor Jessie Ann Owens vroeg me op haar congres mijn De Rore-website voor te stellen. Er waren ongeveer zeventig aanwezigen, meestal Amerikanen, ook buitenlanders, onze delegatie uit Ronse inbegrepen. Ongeveer vijftien sprekers behandelden diverse thema’s uit het leven en werk van De Rore”, vertelt Daeleman.


Nieuw festival
Naar aanleiding van De Rores vijfonderdste geboorteverjaardag werd in april een nieuw “Festival Ronse” gehouden. “Met steun van de gemeente werden tijdens twee weekends onder andere het Huelgas Ensemble, Currende, Graindelavoix, Vox Luminis en Encantar verwelkomd. De bedoeling is er een jaarlijks gebeuren van te maken op Erfgoeddag. We hebben al enkele ideeën maar het programma is nog niet klaar. Owens bereidt ook een cd van het Eerste Madrigaalboek van De Rore van 1542 voor. Voordien bevatten de boeken meestal losse madrigalen, maar dat boek is mooi gestructureerd volgens de modi (middeleeuwse toonladders, nvdr). De teksten zijn van Francesco Petrarca”, zet Daeleman uiteen.
Er was tevens een tentoonstelling rond De Rore en het omvangrijke programmaboek van het festival is alvast een document met historische waarde. Paul Van Nevel, leider van het vermaarde Huelgas Ensemble, verwoordt de fguur van De Rore in het boek als volgt: “Hij was een spilfguur, maar ook een groot melancholicus. Polyfonisten als De Rore maakten in hun leven twee belang rijke momenten mee. Als koorknaap in hun geboortestad werden ze weggetrokken bij hun ouders. Op hun achttiende gingen ze aan een of andere hofkapel in Europa zingen. Dat kun je voelen bij De Rore: er zit heimwee in zijn muziek.”
www.cypriaanderore.be

Mirek Cerny
 

160930a – 12/8
TEKST GESCHREVEN ALS INLEIDING  BIJ HET WILLAERTCONCERT VAN DE CAPPELLA PRATENSIS

Dames en Heren, waarde muziekvrienden.
Van harte welkom op deze uitzonderlijke muziekavond.
Uitzonderlijk: om twee redenen.
Vooreerst om de uitvoerders: het ensemble Cappella Pratensis uit ’s Hertogenbosch o.l.v. Stratton Bull
en uitzonderlijk uiteraard ook omwille van het muziekprogramma dat zij zullen zingen, waarin Adriaen Willaert centraal staat.
Eerste een woord over de uitvoerders.
De Cappella Pratensis is een groep, jaren geleden ontstaan in ’s Hertogenbosch. Ze zijn een internationale groep zangers, uiterst gespecialiseerd in het zingen van religieuze en profane muziek van 500 jaar terug.

Twee opvallende eigenaardigheden bij dit ensemble:

Ze zingen samen uit hetzelfde boek dat hoog op een staander voor hen staat. Op die manier  zong men in de oude tijden ook. Dit heeft te maken met het feit dat ze zoveel mogelijk zingen uit kopieën van de oorspronkelijke muziektekst, hetzij handschriften, hetzij oude drukken.

Tweede eigenaardigheid: ze zingen muziek die gecomponeerd is voor een koor vrouwen en mannen, of knapen en mannen. Maar de Cappella bestaat enkel uit mannen. Dat betekent dat een paar van de zangers van de Cappella Pratensis moeten zingen met een heel hoge stem: een stem als een knaap of als een vrouw. Deze hoge zangers moeten beschikken over een stem met een grote “lenigheid” om te kunnen heel hoog zingen zonder dat het geforceerd klinkt. Men noemt dat “falceteren”.

O admirabile commercium
 eerst de gregoriaanse versie en daarna de polyfone versie van Josquin des Prez.
Het eenstemmig gregoriaans was dé religieuze muziek van de middeleeuwen.
Met het opkomen van de meerstemmigheid verdween het gregoriaans evenwel niet.
Men bleef het zingen tussen de polyfonie.
De eerste polyfone stukken waren trouwens opgevat als versieringen van de gekende gregoriaanse melodieën.
Ook wanneer de polyfonie in de tijd van de renaissance zijn hoogtepunt kende, bleef het gregoriaans aanwezig, soms als afwisseling, maar heel dikwijls als vertrekpunt voor de meer ingewikkelde meerstemmigheid.
Terecht dus begint het concert deze avond met een gregoriaanse antifoon. Ze komt  uit de kerstliturgie: O admirabile commercium. ” O wonderbare ruil, waarin de schepper van de mensheid zelf mens wordt en daarmee onze menselijkheid met zijn goddelijke natuur verrijkt.”
Na de gregoriaanse antifoon, volgt de versie van Josquin des Prez. Josquin was afkomstig uit Henegouwen. In ’t Latijn was zijn naam: Pratensis. Vandaar de naam van ons gastkoor: Cappella Pratensis.
Het contrast tussen de vierstemmige versie en het gregoriaans is zeer groot.
Bij Josquin beginnen de hoge stemmen heel speels en licht, en pas als de lage stemmen er zijn bijgekomen, zingt de middenstem -bijna stiekem- enkele noten van de gregoriaanse melodie. Wie aandachtig luistert wordt geboeid door het spel van de korte motieven die voortdurend van stem naar stem worden doorgegeven.
Nesciens mater
eerst de gregoriaanse versie en daarna de polyfone versie van Jean Mouton
Terug die dubbele combinatie: eerst de gregoriaanse melodie eenstemmig en daarna de polyfonie van Jean Mouton.
Straks iets meer over deze componist uit Frans Vlaanderen.
De polyfone versie is achtstemmig. Eén zanger per stem.
Daarbij zingen ze in twee groepen van vier.

Het werk is echt een duizelingwekkende polyfone kunstgreep:
De tweede groep zingt hetzelfde als de eerste groep, maar een kwint hoger en in canon. Dat wil zeggen: de tweede groep begint twee maten later. Ze moeten daarbij een kwint hoger zingen dan de eerste groep. Staat er een do, ze moeten een sol zingen, staat er een fa, ze moeten een hogere do zingen. Hierdoor, in tegenstelling tot het meer lichte karakter van de muziek van Josquin, klinkt Jean Mouton zeer “compact”. 
Maar beide polyfonisten, Josquin en Mouton, hebben Willaert in grote mate beïnvloed in het componeren van  religieuze muziek,  zoals we verder in het concert zullen horen.
Tekst: Nesciens mater virgo virum - Zonder een man te kennen baarde de maagd
pijnloos de redder van alle eeuwigheid.

We luisteren naar de gregoriaanse en daarna naar de polyfone van Jean Mouton, beide met diezelfde tekst.

Saluto te Sancte Virgo Maria

Met dit motet komen we eindelijk waar we moeten uitkomen, nl. bij Adriaen Willaert
Maar eerst wat geschiedenis.
Adriaen is afkomstig “uit het Roeselaarse”.
Zo staat het geschreven.
Misschien dus wel uit Rumbeke.
Maar het kan evengoed Oekene geweest zijn.
Of Roeselare?
Hij stamde uit een grote en rijke familie met veel eigendommen hier in de streek.
Er is bijv. een document bewaard, waarin iemand van zijn familie een stuk grond bezit:
“8 gemeten en half lants ofte daeromtrent, bachten de Kerk van Oekene”.
We zitten dus deze avond met ons concert op de juiste plaats.

Vandaag, wanneer jongens of meisjes willen muzikant worden, krijgen ze wel eens te horen van hun ouders: “Met muziek kun je moeilijk je brood verdienen.”
Heel waarschijnlijk zal dat bij Adriaen ook het geval geweest zijn. Hij gaat dus rechten studeren en wel in Parijs, hoewel hij op jonge leeftijd muzikaal reeds goed geschoold was. We nemen aan dat hij verschillende jaren als knaap en als tiener lid is geweest van de kathedraalschool Sint Donatianus te Brugge. Daar waren heel belangrijke kerkmusici aan het werk.
De ontmoeting met Jean Mouton in Parijs is heel belangrijk geweest voor de student Willaert. Jean Mouton was een schitterend componist, zoals we daarnet hebben kunnen horen. Hij stond in dienst van de Franse koning en was ook thuis in Italië: in Rome en Ferrara. Jean Mouton overtuigt Adriaen dat hij grote kans maakt carrière te maken in Italië, waar men smeekt naar musici uit de Nederlandse en Franse provinciën, zowel de Pausen als de koningen, graven en hertogen. Willaert laat zich overtuigen, gaat eerst nog een paar jaar in de leer bij Mouton, schrijft zijn eerste composities (missen, motetten en Franse chansons), trekt vervolgens naar Rome en vindt een vaste benoeming in Ferrara. We zijn in 1515.
Drie jaar later, in 1518, krijgt hij van zijn vroegere leraar Jean Mouton een belangrijke compositieopdracht.
De Franse koning vraagt namelijk aan Jean Mouton een handgeschreven koorboek samen te stellen, bestemd om als huwelijkscadeau te geven aan de Franse prinses Madeleine de la Tour die huwt met Lorenzo de Medici, hertog van Urbino. Jean Mouton roept de hulp in van zijn Franse en Italiaanse vrienden, van Josquin des Prez en ook van Willaert, die 7 motetten schrijft. Jean Mouton zelf heeft er het meest gemaakt, nl. 10. In totaal staan er 53 motetten in.

Het werk dat we nu zullen horen –Saluto te Sancta Virgo Maria - komt uit deze bundel. De tekst verwijst naar het bezoek van de engel Gabriel aan Maria: Wees gegroet, Heilige Maagd Maria. Het is vierstemmig en bestaat uit twee delen.
Pater noster

Ook dit motet prijkt in een handschrift voor een huwelijkscadeau. nl. voor Koningin Anne en Koning Ferdinand van Bohemen en Hongarije. Het werd een pronkstuk, uitgewerkt in het kunstatelier Alamire waarschijnlijk in de jaren 1531-1532. Het telde 38 nummers en Willaerts Pater Noster stond als eerste, als openingsgebed.

Ook dit motet is gebaseerd op het gregoriaans.
Let ook op de slotzin “Sed libera nos a malo”. Die wordt tweemaal gezongen, heel rustig en homofoon, met nadruk op de verstaanbaarheid van de woorden, als een laatste nederige smeekbede.

Verbum bonum et suave
Zesstemmig motet ter ere van Maria en gebaseerd op de gregoriaanse sequentia van de Maria-liturgie
Het heeft een lange tekst van zes strofen: Laten we het “ave” doen weerklinken, dat mooie zoete woord: verbum bonum et soave.
In de verschillende strofen keert dan het woordje “ave” vele malen terug.
Twee anekdoten over deze Willaertcompositie:
1. Zarlino, een leerling van Willaert, vertelt dat men dit motet regelmatig zong in Rome, in de mening dat het van de hand van Josquin des Prez was. Toen Willaert hen er attent op maakte dat het een compositie was van hem zelf en niet van Josquin, wilden ze het niet meer zingen.
2. Belangrijker is dat dit het allereerste werk van Willaert is dat ooit in druk verscheen.
De boekdrukkunst bestond reeds verschillende jaren (in 1439, de eerste bijbel van Gutenberg), maar pas in 1501 werden voor het eerst boeken met muzieknoten gedrukt. Dit gebeurde te Venetië door Ottaviano Petrucci. Hij drukte met een eigen gevonden druktechniek een volledige muziekbundel van 96 liederen. En dus met notenbalken, noten, sleutels en alles er op en er aan. Merkwaardig genoeg: Hij koos daarvoor uitsluitend werken van componisten uit de Nederlanden. Later, in 1519, toen Petrucci zijn Motetti de la Corona samenstelde, nam hij het Verbum bonum et soave op van Willaert. Het was dus de allereerste keer dat iets van Willaert werd gedrukt.
Sancta Maria Regina coelorum
Een vijfstemmig motet dat voor het eerst in Parijs werd gedrukt, in 1534. Heel snel zijn inderdaad ook buitenlandse drukkers muziekboeken gaan uitgeven: in Frankrijk, Duitsland, ook in Antwerpen en Leuven. Heel belangrijk is dit natuurlijk voor de snelle en ruime verspreiding van de muziek van onze Nederlandse componisten in die periode. We zien inderdaad hoe de werken van Willaert snel in gans Europa gezongen werden.

Dit Maria-motet is ook gebouwd op een gregoriaanse melodie. Die is hier tamelijk gemakkelijk te herkennen. In het 1ste deel namelijk zingt de quintus (een van de middenstemmen) de gregoriaanse melodie op de tekst “Pulchra es et decora” in heel lange notenwaarden.
--------------------------------------------------
Aan het einde van deze concertavond krijgen we een paar composities uit de Musica Nova.
Dit is een bundel, gedrukt in 1558-1559  in opdracht van de edelman Alfonso d’Este, die er veel geld in stak om er een modeldrukwerk van te maken. Inderdaad: typografisch toont het aan dat de techniek om muziek te drukken in weinig jaren enorm snel is kunnen evolueren tot een hoge graad van perfectie.
Toch is de titel van de bundel misleidend.
“Musica Nova” zou normaal betekenen dat de muziekwerken in deze bundel werken zijn van een vernieuwende stijl. En dat zijn ze niet.
De nieuwe muziekstijl is pas ná Willaert doorgebroken, in Venetië weliswaar, maar door zijn leerlingen Cipriano De Rore uit Ronse, Giaches De Wert uit Weert, Gesualdo en vooral Claudio Monteverdi. Nu zitten we trouwens reeds voorbij het jaar 1600.
Mittit ad virginem
Thema: Hij die de mensheid liefheeft zendt naar de Maagd niet zomaar een engel maar de sterke aartsengel Gabriel. Moge deze engel ook ons bezoeken en naar de sterren voeren.
We horen achtereenvolgens Mittit ad virginem in het gregoriaans, dan in een versie, sterk contrasterend en vermoedelijk van Josquin des Prez, en tenslotte de versie van Willaert uit de Musica Nova.
In dit werk gebruikt Willaert nog de oude zg. cantus firmusstijl: een bepaalde gregoriaanse melodie is herkenbaar aanwezig midden de polyfone stemmen.

Te Deum patrem

Een groots zevenstemmig stuk dat als apotheose zinvol het concert kan besluiten. Dus ook uit de Musica Nova.
Dit motet is bedoeld voor Drievuldigheidszondag en daarom gebruikt Willaert daarin op die ouderwetse” manier symbolen: als symbool van de “Trinitas in unitate” een driestemmige canon en de zevenstemmigheid als symbool om “op een volmaakte manier” Gods lof te bezingen.
“Ouderwets” is hier niet negatief bedoeld. De grote polyfone vaardigheid en artistieke inspiratie die eigen is aan Willaert maakt zijn muziek tot een boeiende en hoogstaande kunst.

12de JG nr 7 - 20 SEPTEMBER 2016

WILLAERT EN BACH

Dat Adriaen Willaert als een boegbeeld van de renaissancepolyfonie beschouwd wordt, is genoegzaam bekend. Maar, wat had zijn werk ook een noemenswaardige impact op de muziektaal van de stijlperiode die erop volgde? Omstreeks 1600 namen de Italianen immers met een nieuwe compositiestijl de fakkel over van de Fiamminghi: de stile antico van de polyfonie kwam te staan naast de stile moderno van de monodie en de concerterende schrijfwijze. De complexe verstrengeling van puur vocale partijen kreeg het gezelschap van de solistische zang (de monodie) met een ondersteunende instrumentale partij (de basso continuo), naderhand aangevuld met zelfstandige instrumenten die met de solozang in dialoog traden (de concerterende stijl). Een van de centrale figuren van de stile moderno was Claudio Monteverdi (1599-1607) die in 1613, een halve eeuw na de dood van Willaert in 1562, kapelmeester werd van San Marco.

Deze ontwikkeling, die de barok inluidde, betekende niet dat de stile antico uit de gratie gevallen was. Monteverdi zélf bracht er in 1610 een indrukwekkende hulde aan met de Missa in illo tempore, gebaseerd op een motet van Nicolaas Gombert (1495-1560), een van Willaerts generatiegenoten.
Ook Willaerts oeuvre bleef een modelfunctie uitoefenen. Bij leven en welzijn was hij een sleutelfiguur die zich zowel spiegelde aan zijn voorgangers als nieuwe wegen insloeg. Met zijn fenomenaal compositietechnisch meesterschap stelde hij de meeste van zijn tijdgenoten in de schaduw. Na zijn dood was zijn toenemende aandacht voor de tekst als richtingbepalende factor voor de compositie mede bepalend voor de toekomstige evolutie die zou uitmonden in de sterke emotionaliteit van de vroeg-barok.

Het is onwaarschijnlijk dat Johann Sebastian Bach (1685-1750) iets van het werk van Willaert kende, maar hij bezat meerdere partituren van missen van Palestrina, die vooral op technisch vlak de ‘geleerde stijl’ van Willaert voortzette. Een ideale illustratie van de inspirerende doorwerking van de renaissancepolyfonie is zonder twijfel Bachs muzikale testament, de h Moll-Messe. Hij stelde die in zijn laatste levensjaren samen tot een vijfdelige miscyclus. Hieronder volgen enkele voorbeelden de h Moll-Messe die overduidelijk aantonendat Bach de stile antico in het hart droeg

1. Het tweede Kyrieis vierstemmig, dé klassieke bezetting in de polyfonie in de 16de eeuw (sopraan, alt, tenor en bas). Typisch is de vocale bezetting. Bach voegt wel instrumenten toe, maar die hebben geen zelfstandige partijen, ze verdubbelen gewoon de zangstemmen (zoals ook gebruikelijk in de renaissance). De enige toegeving aan de barokpraktijk is de basso continuo als harmonisch fundament. De schrijfwijze is streng imitatief: de ene stem na de andere zet in met het thema, terwijl de andere partijen op een boeiende wijze contrapunteren. Het thema zelf is opgebouwd volgens de typisch Palestriniaanse, evenwichtige boogvorm: vanuit de begintoon stijgt de melodie stapsgewijs en daalt dan eveneens in secunden terug naar het uitgangspunt. De melodie begint en eindigt in bredere notenwaarden, met een versnelling in het midden en een vertragend accent op het melodisch hoogtepunt. Sterke contrasten zijn uit den boze: geen plotse ritmische overgangen, alles verloopt geleidelijk en vloeiend. In de vorming van het thema voegt Bach wel een ‘moderne’ expressieve toets, namelijk bij de inzet door de verlaging van sol kruis tot sol en de verhoging van mi tot mi kruis, een ingreep die de smeekbede Kyrie eleison nog intensifieert. Niet ten onrechte roept dit de ‘ongewone’ melodische wendingen op in het werk van Cipriano de Rore, die in de barok courant werden in functie van de expressie.

2. Een tweede voorbeeld is de inzet van het Credo op de woorden Credo in unum Deum. Hier gebruikt Bach de stile antico als uiting van de ‘universele’, de eigen tijd overstijgende waarde van deze compositiewijze, die dan ook vaak verbonden wordt met teksten die niet tijdsgebonden zijn, maar vaststaande, eeuwige waarheden verkondigen, zoals het Credo. Deze ‘geleerde stijl’ is niet uit op emotionaliteit en staat dan ook tijdloos verheven boven de op sterke affecten berekende barokesthetica. Het hier vijfstemmig vocale ensemble wordt zoals in het Kyrie ondersteund door de basso continuo. Maar Bach gaat echter een stap verder in de actualisering van de stile antico: hij voegt twee zelfstandige vioolpartijen toe die zoals de stemmen deelnemen aan de imitatieve uitwerking van het thema. Ook het thema zelf is bijzonder: Bach ontleent het aan een van de gregoriaanse melodieën op de woorden Credo in unum Deum. Op die manier grijpt Bach terug naar de Renaissancepraktijk waarbij het gregoriaans als thematisch materiaal diende. Voorbeelden zijn onder meer het vier- en zesstemmige Pater noster van Willaert. Bach realiseert hier een grandioze synthese tussen de middeleeuwen (het gregoriaans), de renaissance (imitatieve stile antico) en de barok (basso continuo en zelfstandige, concerterende vioolpartijen).

Bach past bovendien nog enkele compositorische technieken toe die kenmerkend zijn voor de renaissancepolyfonie in het algemeen en voor Willaert in het bijzonder. Willaert paste ze vooral toe in navolging van Josquin Desprez en zijn Franse leermeester Johannes Mouton (c. 1459-1522). Ik citeer er twee: augmentatio en canon, bij Willaert onder meer terug te vinden in de grandioze motetten van zijn ‘opus ultimum’, de Musica Nova van 1558/59. Augmentatio is de voorstelling van een thema met ’vergroting’ van de notenwaarden (x2, x 3, x 4), vaak toegepast als climaxeffect. Aan het slot van het Credo plaatst Bach de gregoriaanse formule Credo in unum Deum in de baspartij in augmentatio (x2). En terzelfdertijd zingen de tweede sopraan en het thema in normale notenwaarden. Een prachtige hulde aan de kunst van Willaert!

3. In een derde fragment, het Confiteor unum baptisma, aan het einde van het Credo, citeert Bach de gregoriaanse melodie, eerst in canon tussen de bas en de tenor, en nadien in augmentatio in de tenor. Dit deel is het strengste in stile antico van de ganse mis: behalve de basso continuo is er geen instrumentale deelname. Typisch is ook de snelle opeenvolging van de imitatieve stemmen bij de inzet, precies zoals in een motet van Willaert. Deze stond bekend om zijn aandacht voor de juiste tekstdeclamatie, zoals een langere noot op een accentlettergreep. Bach doet precies hetzelfde: langere noot op -fi- in Confiteor, op u- in unum, op -pti- in baptisma. En nog dit: bij de herhaling van het woord Confiteor wordt dit ‘ik belijd’ nog duidelijker geaccentueerd door een nadrukkelijke octaafsprong.

Deze voorbeelden uit Bachs h Moll-Messe tonen duidelijk aan dat, ten eerste, de renaissancepolyfonie gedurende geheel de barok verder voortleefde (en in feite nooit verdween!) en, ten tweede, dat de muziek van Bach erg schatplichtig is aan deze polyfone traditie en zonder de kunst van Willaert en de Fiamminghi ondenkbaar is.

Ignace Bossuyt

Voor de partituur van Bachs h Moll-Messe: zie imslp.org: Johann Sebastian Bach - Mass in B minor – Complete Score CCARH Team:
Kyrie II: p. 38
Credo in unum Deum: p. 165 – augmentatio: p. 168, maat 33 (bas)
Confiteor: p. 239 – canon: p. 243, m. 73 (tenor), m. 74 (alt) – augmentatio: p.245, m. 92 (tenor).

In het voorjaar van 2017 verschijnt van de hand van Ignace Bossuyt bij Universitaire Pers Leuven een monografie over de h Moll-Messe van Bach, naar aanleiding van de 70ste verjaardag van Philippe Herreweghe, die het werk onder meer in het Concertgebouw te Brugge uitvoert op 12 mei.

 

12DE JG NR 6 - 25 AUGUSTUS 2016

  ‘EEN VLAMING IN VENETIË’
programma concert 2/9

Gregoriaans                                                   O admirabile commercium
Josquin Desprez (1450/55-1521)                   O admirabile commercium
Gregoriaans                                                   Nesciens mater
Johannes Mouton (ca. 1459-1522)                Nesciens mater
Adriaen Willaert (ca.1490-1562)                  Saluto te
Gregoriaans                                                   Pater noster
Adriaen Willaert                                            Pater noster
Gregoriaans                                                   Verbum bonum
Adriaen Willaert                                            Verbum bonum
Gregoriaans                                                   Pulchra es
Adriaen Willaert                                            Sancta Maria
Gregoriaans                                                   Mittit ad virginem
Josquin Desprez(?)                                         Mittit ad virginem
Adriaen Willaert                                            Mittit ad virginem
Adriaen Willaert                                            Te Deum patrem

CONCERTEN, FESTIVALS, LITURGIE

Op vrijdag 26 augustus 2016 start het Festival Oude Muziek te Utrecht

In onze vorige nieuwsbrieven is hierover al heel wat gecommuniceerd.
Hieronder vind je nogmaals enkele hoogtepunten van deze ‘Venetiaanse’ festivalweek.
Hoewel de samenstelling van de ensembles doorgaans internationaal is, voegen wij er voor de aardigheid even de thuisbasis van de uitvoerders aan toe:

Za. 27 aug. te 17.00u                         La Colombina (Spanje)
Zo. 28 aug. te 13.00u                         David Van Bouwel (België)
Ma. 29 aug. te 13.00u           Rinaldo Alessandrini (Italië)
Ma. 29 aug. te 17.00u           Cinquecento (Oostenrijk)
Di. 30 aug. te 16.00u             Koen Cosaert (België)
Woe. 31 aug. te 15.00u         Les Flamboyants (Duitsland)
Woe. 31 aug. te 17.00u         Cantica Symphonia (Italië)
Do. 1 sept. te 20.00u              Vox Luminis (België)
Vrij. 2 sept. te 17.00u            Officium Ensemble (Portugal)
Za. 3 sept. te 17.00u              Cappella Pratensis (Nederland)
Zo. 4 sept. te 17.00u              Huelgas Ensemble (België)


TE HERBELUISTEREN

Zo. 7 aug. 2016, van 15.00u tot 15.45u (onze tijd), BBC: The Early Music Show

“Cipriano De Rore.
Hannah French presents a profile of the hugely influential Flemish composer Cipriano de Rore, marking the 500th anniversary of his birth this year. The programme includes recordings by
Bruce Dickey, The Huelgas Ensemble, The Tallis Scholars, the Brabant Ensemble and Cinquecento Renaissance Vokal.”

http://tunein.com/radio/BBC-Radio-3-913-s24941/
http://www.bbc.co.uk/radio/player/bbc_radio_three

Zo. 7 aug. 2016 van 16.00u tot 17.00u, de Nederlandse Concertzender.
programma in het vooruitzicht van het Festival Oude Muziek Utrecht
met werk van o.a. Adriaen Willaert, Cipriano De Rore en Jacques Buus
www.concertzender.nl/programmagids.php

 

EEN VRAAG VAN JESSIE ANN OWENS

Following up on Nicolas Audebert, a French visitor to Italy whose diary survives in London,
I found by looking at the modern edition:

“L’Evesché est en l’eglise de la Madonna d’Agosto, bastye par dehors toute d’un marbre grossier de couleur rougeastre. Toute l’eglise est de nouveau toute peinte, au hault et au tour, de peintures fort excellentes, et, là dedans, se void à costé droite tout au bout, vers le maistre aultel, une table de marbre enclavée dans le mur, qui est le lieu du sepulchre de cest’excellent musicien nommé Cypriano Rore, qui ha composé et mis quelques livres de musique en lumiere. L’epitaphe est tel:

Cypriano Rori Fland. / Artis musicae viro omnium peritiss. / Cuius / Nomen famaque nec vetustate / Obrui, nec oblivione deleri poterit / Herculis Ferrariae Ducis IIII. i Deinde / Venetorum, postremo Octavij / Farnesij Parm. et Plac Ducis II. / Chori praefector Ludovicus fratris filius / et haer. moetiss. posuit. Obijt anno / M.D.LXV. Aet. vero suae XLIX.”

He transcribed the inscription and expanded the abbreviations (note that I have not seen the original manuscript and so maybe it is the editor that is doing it). FRAT FIL, about which Albert and I had much discussion, has the correct reading! The visit to Parma took place on 20 September 1576 (not 1574 as reported in some of the literature).

Now my question to you is, do we really think that Cipriano’s remains are actually in the wall? Or is the inscription a memorial plaque?

            Jessie Ann Owens, Distinguished Professor of Music, University of California


HUMOR, RAADSELS EN DOORDENKERSin renaissancepartituren

1. Scholastieke humor

In het Koninklijk Muziekconservatorium te Brussel berust een oud manuscript, waarvan sommige rubrieken onze aandacht verdienen. Dit handschrift, met codenummer
BrusC 27087, is afkomstig uit Beaumont (Frankrijk) en werd gemaakt midden de 16de eeuw. Het telt twee volumes en heeft het formaat van een groot koorboek ( 540x382). Zo kan het geplaatst worden op een hoge boekstandaard, waardoor de noten voor alle zangers leesbaar zijn.

In het tweede deel is de Missa ‘Doulce Mémoire’ opgenomen, een vierstemmige mis van Cipriano De Rore. Zoals gebruikelijk zijn de vier partijen mooi verdeeld over de twee bladzijden die open liggen: sopraan (acuta vox), alt (contratenor), tenor en bas. Het is niet bekend wie verantwoordelijk was voor de prachtige kalligrafie. Wat meteen in het oog springt, is de extra zorg, besteed aan de rubrieken: letters, teksten en tekens in het rood; dezelfde gotische letter ook, alsof het liturgische zinnen zijn.
Bij nader toezien, valt echter ook een aantal zinsneden op, die zeker niet van Cipriano afkomstig zijn. Je vindt ze op de blanco delen van de bladzijde, waar een bepaalde partij niets te zingen heeft. Deze rubrieken intrigeren vooral door het scholastieke en vaak tegelijk humoristische toontje waarmee ze de uitvoeringswijze toelichten.

Betreft het bijvoorbeeld een passage voor het ganse koor, dan plukt de scribent een zin uit de bijbel. Een mooi voorbeeld is de opmerking aan het einde van het Benedictus (p. 230): ‘Recordare novissima tua et non peccabis’. Zij refereert aan volgende Bijbelspreuk in Jesus Sirach 7,40: In omnibus operibus tuis memorare novissima tua et in aeternum non peccabisDenk bij alles wat je doet aan het einde, dan zal je je leven lang niet zondigen.” Hier krijgen deze woorden een andere betekenis, omdat ze allusie maken op de polyfonie. Zij verwittigen de zangers dat na het Benedictus nog het Hosanna volgt, al staat het niet genoteerd. Het Hosanna werd immers al vóór het Benedictus genoteerd/gezongen. De occasionele ‘bijbelexegese’ luidt dan als volgt: ‘Let op, nu we aan het einde (novissima) van het Sanctus gekomen zijn! Vergis je niet (peccabis) en vergeet niet (memorare) dat nog een herhaling van het Hosanna volgt’.

Betreft het passages voor een enkele stem, de tenor of de bas, dan gaat het er joliger aan toe. Een selectie uit diverse missae:

- p. 37: in de plaats van ‘bassus’ staat veelbetekenend ‘bachus’.

- p. 89-90, Missa ‘fremuerunt gentes’ van Claudin: bij de tekst ‘Pleni sunt coeli – vol zijn Hemel…’ staat volgende klacht genoteerd: ‘Pleni non sunt cantoribus peccunia sacculi’. Versta: ‘Maar vol zijn de geldbeugels van de zangers niet’.

- p. 91. Omdat de tenor moet zwijgen, krijgt hij de aanmaning ‘Tenor, nolite fieri sicut equus et mulus quibus non est intellectus’. In Psalm 31 (32) staat: ‘Wees niet redeloos als paarden of ezels’. Hier wordt bedoeld: ‘Sta, terwijl je nu niet moet zingen, niet onnozel te doen!’


- p. 145: bij het Pleni sunt coeli moet de tenor weerom zwijgen. In de plaats van ‘tenor pleni tacet’ schrijft hij ‘tenor pleni dormit’. Tacet = zwijgt; dormit = slaapt.

Er zijn nog heel wat meer rubrieken te vinden op open plaatsen. Het is echter niet altijd duidelijk waarop ze zinspelen. Enkele voorbeelden:

- p. 37 – 38, Magnificat quinti toni van Clemens non Papa: ‘Sicut locutus tacet’ – ‘Zoals hij sprak, zwijgt hij’.

- p. 71: terwijl de bas ‘Et resurrexit’ zingt, staat bij de overige stemmen ‘Qui seminat discordia metet mortem‘Wie verdeeldheid zaait, zal de dood oogsten’. Een verwijzing naar Spreuken 22,8, met een allusie op de tegenstelling ‘verrijzenis « dood’?

- p. 110: ‘Dies mei sicut umbra declinaverunt, et ego sicut foenum arui’‘Mijn dagen gaan heen als een schaduw en ik sta te verdorren als gras’. (Psalm 101, p. 12).

Bron: Charles Van den Borren: Inventaire des manuscrits de musique polyphonique qui se trouvent en Belgique in Acta Musicologica, 6 bijdragen, van april 1933 tot september 1934.

2. Raadsels en doordenkers

Van een heel andere aard zijn de raadselachtige en cryptische teksten die componisten soms zelf noteerden bij hun muziek. Vooral vanaf 1450 werd dit een modeverschijnsel: alles moest duister en enigmatisch zijn. Men beriep zich daarvoor op Augustinus (AD 354-430), die in zijn Doctrina Christiana stelde dat ‘enkel datgene wat je na veel zoeken hebt gevonden, de grootste voldoening schenkt’. Het doet denken aan wat wij vandaag in dit googletijdperk meemaken: staan we voor een probleem, dan zuchten we: ‘waarom zouden ze het gemakkelijk maken, als het ook moeilijk gaat!’

Jean Lebrun, Saule, Saule, quid me persequeris? (16de eeuw)

Roma, Biblioteca Apostolica Vaticana, MS Cappella Sistina 46, fol. 85v.

Canon: ‘Luna te docet’ – ‘De maan wijst je de weg’.
De sleutel voor de uitvoering gaat schuil in de halvemaanvorm van de C-barré (C met streep)
en de daarop volgende opstapeling van drie C’s in de voortekening.
Deze laatste bepalen op welke noot/toon de respectieve stemmen moeten starten.

Bron: Katelijne Schiltz: ‘Ut luna’: The Moon and the Mensuration Signs in Renaissance Music.
In: Dutch Journal of Music Theory, 15, 1 (2010), p. 45.


Het Griekse woord ‘canon’ betekent onder meer ‘stelregel, richtsnoer, systeem’. Het genre is dus genoemd naar de ‘sleutel’ tot de correcte uitvoering, vermeld op de partituur. Vrijwel steeds betrof het een doordenker m.b.t. het manipuleren van notenwaarden, rusten, toonhoogten of metra, het spiegelen of in kreeft zingen van de melodie, het verhogen of verlagen van de toonaard…

Na tal van case studies (cf. supra: ‘Ut luna’), publiceerde Katelijne Schiltz vorig jaar een uitgebreide studie hierover: Music and Riddle Culture in the Renaissance, Cambridge University Press, Cambridge (UK), 2015. Onder de drie canons van Willaert die zij ter sprake brengt (p. 284), is slechts één voorzien van zo’n ‘sleutel’, m.n.: Sy je ne voy m’amie (Se ie anj mon amie)’. Hij biedt dan ook weinig interpretatieproblemen. De canonische prescriptie luidt: ‘Trois testes en ung chapperon’, wat zoveel betekent als ‘drie hoofden in één hoed’. Deze cryptische spreuk houdt in dat er 3 inzetten zijn in 1 melodie. De canon is dan ook driestemmig, waarbij elke stem een kwint hoger inzet. Voor meer uitleg en de vertaling in het Engels, zie: French Chansons for Three Voices (ca. 1550). Part II. Ed. by Courtney S. Adams, Recent Researches in the Music of the Renaissance (XXXVI, 1982), p. 77.

De twee overige canons van Willaert zijn ronduit problematisch. Beginnen we met de fameuze dubbelcanon Quid non ebrietas’(pp. 175-178 & pp. 221-223). Gecomponeerd vóór 1524, werd de canon voor het eerst afgedrukt in 1530, meer bepaald Libro primo de la Fortuna (Nicolo de Judici? Giovan Maria Giunta?) Het is een loflied op het drinken, gebaseerd op Horatius, Epistulae I, 5, 16-17:

“Quid non ebrietas designat? Operta recludit;
Spes jubet esse ratas; in proelia trudit inermem.”

“Wat weet dronkenschap niet te bereiken? Zij legt geheimen bloot,
Zij brengt hoop in vervulling; zij zet de ongewapende aan tot de strijd.”

Een nog jonge Willaert, die zich graag wilde bewijzen? Een stunt wilde uithalen?

In een brief (d.d. 23 mei 1524) van de Bolognese componist en muziektheoreticus Giovanni Spataro aan zijn Venetiaanse collega Pietro Aaron vernemen we een en ander over de boeiende geschiedenis van dit werk. Om kort te gaan: Willaert zond een kopie naar de zangers van Paus Leo X te Rome. Die raken er niet wijs uit: hoe moeten we dit zingen? Zij proberen het instrumentaal uit, maar weerom zonder resultaat. Waaraan Spataro, trots als een gieter, toevoegt: “Maar wij, wij in Bologna zijn er wel in geslaagd! Ja, het is heel amusant!” – “…dallo eccellentissimo musico Messer Hadriano in Santo Marco qua in Venetia, della musica maestro dignissimo, è stato demostrato in un suo concento con grande arte et industria fatto…”.

Blijft de cruciale vraag: heeft Willaert zelf nooit de sleutel gecommuniceerd? En, zo ja, deed hij dat wellicht mondeling en is die verloren gegaan? Tot op vandaag is er discussie over de uitvoeringswijze van de dubbelcanon. Misschien kwam de Amerikaanse musicoloog Edward E. Lowinsky in 1956 wel degelijk tot de juiste oplossing.

Stel je voor:

1. Er is maar één stem van bewaard. Dus moet er een tweede bij bedacht worden.
2. Bij iedere inzet moet de volgende stem een kwint lager zingen.

Zo doorlopen ze de ganse kwintencirkel: vertrekkend van d en eindigend op e – dubbel bémol. Zo is de slotnoot dezelfde als de beginnoot. Dit nodigt Katelijne Schiltz uit te verwijzen naar Das Wohltemperierte Klavier van J.S. Bach, waar eveneens alle mogelijke grote en kleine toonsoorten om beurt voorkomen, c.q. de discussie over de gelijkmatige ‘wohltemperierte’ stemming. Dat laatste is echter een zaak voor snaar- en toetsinstrumenten en irrelevant voor vocale muziek. Je begrijpt: heel wat vragen en, voor musicologen, iets om van te snoepen!

Nog zo’n Willaert-lekkernij is die andere canon, ‘Qui boyt et ne reboyt’: de melodie van 14 noten, geschilderd op Titiaans Baccanale degli Andrii (ca. 1526, Museo del Prado, Madrid),
https://www.museodelprado.es/en/the-collection/art-work/the-andrians/c5309744-5826-48ac-890e-038336907c52

Ook hier ontbreekt een richtsnoer om de uitvoering te bepalen. We hebben enkel de inzet van de vier canonpartijen. Hier stelt Edward E. Lowinsky dat iedere stem een kwint lager inzet dan de voorganger. Verder moeten de tweede en de vierde stem de melodie gespiegeld én in kreeft zingen:

FLETE, OCULI! -   Willaerts ‘Tranenlied’

Flete oculi, rorate genas pectusque rigetis,
Semper, semper enim sors fit acerbas magis.
Immo rigete, nec os nec pectora moesta rigetis,
Nam fletus curas mollificare solet.
Vita mihi est curis miseram traducere vitam,
Utque obeam curis unica cura mea est.

“Huil maar, ogen. Blijf maar druppelen op mijn wangen en borst.
Want steeds maar, steeds maar brengt mijn lot bittere pijnen.
Laat maar stromen.
Wil mijn mond en borst als nooit voordien bevochtigen
want enkel tranen kunnen deze pijnen verlichten.
Mijn leven is één brok ellende.
Zo zie ik maar één onheil: het is dat van mij.”

Tranen hebben in de loop der eeuwen tot heel wat ontroerende composities geïnspireerd. Enkele bekende voorbeelden: de tranen van Petrus bij Roland De Lassus en in Bachs Johannes- en Mattheuspassie, het Lacrimosa dies illa in het Requiem van Mozart en, zij het met een romantische overdrijving, Mijn Moederspraak van Peter Benoit op tekst van Klaus Groth. Julius Sabbe vertaalde de verzen als ‘O Moederspraak. Mij lief als geen… (…) En tranen vloeien langs mijn wang, / Gelijk de beek ten daal!’

‘Flete, oculi’, het ‘Tranenlied’ van Adriaen Willaert, waarvan de tekst hierboven weergegeven is, kan absoluut niet vergeleken worden met de genoemde voorbeelden. Bij Willaert geen lange klagende melodieën, geen chromatische wendingen of hortende ritmes om verdriet en tranen te suggereren! Zet een andere, minder droevige tekst op dezelfde noten, en de muziek blijft overeind, maar het verdriet is weg. Wat niet betekent dat Maestro Adriano geen rekening heeft gehouden met de zinstructuur en met het woordaccent.

De Amerikaanse musicoloog Jonathan Harvey wijdde het vierde hoofdstuk ‘Flete, oculi, the Enigmatic Outlier’ van zijn doctoraatsverhandeling aan dit motet. Een drietal sprokkels.

1. Het motet komt voor bij Antonio Gardano in zijn bundel Motettorum IV vocum Liber secundus waar het als nr. 12 volgt op Dulces exuviae, Dido’s dodenklacht en dus eveneens een profaan motet met een droevig karakter. Let wel: het motet komt nog niet voor in de eerste druk (1539), maar pas in de tweede (1545). (p. 62)

2. G. Zarlino gebruikt het motet in zijn Le Istitutione Harmoniche als een voorbeeld van de 10de ‘hypo-aeolische’ modus [mi-fa-sol-la-si-do-re-mi]. Willaert transponeerde hem 1 toon lager. Deze toonaard met finalis D is geëigend voor droevige muziek. (p. 64)

3. Willaert heeft het geschreven in zijn typische stijl, zo lezen we op pagina 65:

“While this piece is unique both in provenance and in text, its musical style is very typical of Willaert. It is marked by the continuously developing motivicity, infrequent cadences and resting points, and syllabic text setting, that are all hallmarks of Willaert's style.”

Bron: Jonathan Harvey: The Secular Latin-texted Works of Adrian Willaert (doctoral dissertation), University of Connecticut – Storrs (CT), 2015, pp. 62-66.
Tik: http://digitalcommons.uconn.edu/dissertations/798

 

 

Top

Volg ons op Facebook Volg de Adriaen Willaert Foundation op Facebook

© AWF-foundation vzw - info@adriaenwillaert.be