Adriaen Willaert - schilderij door Titiaan

Contact | Nieuwsbrief | Sitemap

Genealogie

OVERZICHT:

Denys WILLAERT (1549/1550 - 1552 - schepen in Roeselare) x N.N.
. . . .
1. Adriaen WILLAERT (ca. 1490 - 1562) x Susana Girardi (+na 1562)
. . . . 2. Jooris WILLAERT (+ na 1562) (woonde in Rome)
. . . . 3. Maria WILLAERT (+ na 1559) x Maerten vander Straete
. . . . : . . . . 1. Joris vander Straete x Belije Van Heede
. . . . : . . . . : . . . . 1. Gillekin vander Straete
. . . . : . . . . : . . . . 2. Boijghin vander Straete
. . . . : . . . . : . . . . 3. Mechelynthin vander Straete
. . . . : . . . . 2. Denys vander Straete x Mayghin De Brune
. . . . : . . . . 3. Gillis vander Straete
. . . . 4. Joanna WILLAERT (+na 1559) x Loonis Harout (voor 1490 - + ca. 1558) (verbleven van 1535 tot ca. 1541 in Venetië)
. . . . : . . . . 1. Maykin Harout x Jacob De Wulf
. . . . : . . . . 2. Alvise Harout (verbleef van 1535 tot ca. 1562 in Venetië - was cantor aan de San Marcobasiliek - in 1562 gaat hij zich vestigen in Rumbeke) x Susana
. . . .
5. Catharina WILLAERT (+na 1559) x Hay
. . . . : . . . . 1. Sebastiaen Hay (organist in Loreto)
. . . . 6. Antoon Willaert ( ca. 1510 - + voor 1549) (1519 kapelknaap Sint-Donaaskerk, Brugge. 1528-1529: student in Gent. Van 1530 tot 1541 terug in de Sint-Donaaskerk als clerus en later als priester. In 1537 reis naar Rome en Venetië) (dit volgens Ignace Bossuyt, zie onder)

Adriaen Willaert is niet geboren in Brugge en ook niet in Roeselare maar wel degelijk in Rumbeke! Dit dorp paalt aan Roeselare en is er sedert 1 januari 1977 mee gefusioneerd.

Guido Aerbeydt, een genealoog uit Roeselare, verdedigde deze stelling op de algemene vergadering van onze vzw. Hij haalde daarvoor volgende argumenten aan:

1. Jacob de Meyere (1491 - 1552) schrijft in Flandricarum rerum tomi X (1531): "Adrianus Vuillardus, Rosilaria oriundus": te vertalen als: "geboren in de omgeving van Roeselare".
2. De gehele familie Willaert (Denys, de vader van Adriaen, Joos, de oom, zijn zussen, neven en nichten) woonde te Rumbeke en had er eigendommen.
3. Alvise Willaert, die een tijdlang bij zijn oom Adriaen in Venetië gewoond heeft, komt kort na diens dood zich vestigen in Rumbeke waar hij als "een man van aanzien" werd gekend.
4. Noch Brugge, noch Roeselare komen in archiefstukken voor als verblijfplaats van iemand van de Willaerts.

FAMILIE

1. Adriaen Willaert liet tussen 1549 en 1562 in Venetië negen testamenten en codicillen noteren.
Uit deze documenten distilleren we de volgende gegevens:
vader dominus Dionisius de Flandria ( de heer Denys van Vlaanderen), overleden 1549/50;
moeder - naam onbekend - gestorven voor 1552;
broer Zorzi/Giorgi(o) (Jooris), waarschijnlijk ongehuwd, in 1550 en 1559 in Rome, overleden na 1562;
zussen Maria (oudste zus) en Catherina (jongste), beiden gestorven na 1559 en een derde zus Gianetta (Joanna), gehuwd met Loy (Loonis) Harout, zij overleden na 1559, hij na 1552. Hun zoon Alluviggi/Aluvise/Alvise/Aloyse/Loyse (Loys/Louys/Lowys) leeft nog in 1562;
echtgenote Susana. Geen opgave van familienaam. Zij overleeft haar man.

2. In een Roeselaars archiefstuk van 1 mei 1560 staat meester Hadriaen Willaert, woonachtig in Venetië, vermeld als oudoom van Gillekin, Boijghin en Mechelynthin, wezen van Jooris vander Strate (°Roeselare ca. 1560, noord buiten het schependom onder de heerlijkheid van de Prins, alias de Hazelt) en Belije van Heede (° na 1587) dochter van Jan en Maighin Molaen, poorters van Roeselare. Deze kinderen werd 48 pond parisis geschonken door Adriaen.
Jooris was de zoon van Maerten vander Strate (° na 1550) die gehuwd was met een zus van Adriaen (Maria of Catherina). Maerten en zijn nageslacht leefden en hadden eigendommen in Rumbeke (sedert 1 jan. 1977 een deelgemeente van Roeselare).

3. Een andere zoon van Maerten heet Denys. Hij stierf rond 1560 in Rumbeke onder de heerlijkheid van te Leckene en was gehuwd met Mayghin de Brune (weduwe van Jan Ooghe, + ca. 1541) dochter van Pieter en Margriete Vyncke. Maighin overleed in Rumbeke onder de heerlijkheid van Caestre ca. 1557. Poorters van Roeselare. De hele familie woonde in Rumbeke en had er bezittingen onder te Leckene.

4. Een derde zoon van Maerten, Gillis, komt voor in documenten van 1557, 1560 en 1572 o.a. als voogd van de kinderen van Denys en Jooris.

5. Denys Willaert, geboren voor 1470, vader van Adriaen, is in 1512 terug te vinden als schepen van mynsheeren sgraven van Vlaendre van synder vierscare te Roeselare ter Haselt . Deze heerlijkheid lag verspreid over een zestiental gemeenten o.a. over Roeselare en Rumbeke. De vierschaar (rechtbank) werd gehouden in de herberg de Hazelt, gelegen in het schependom van Roeselare. Denys Willaert komt eveneens in de Rumbeekse kerkrekening van 1537 voor. Tussen 1495 en 1540 staat hij genoteerd als getuige en als eigenaar van onroerende goederen in Rumbeke onder de heerlijkheid van Izegem. Hij sterft tussen 20 maart 1549 en 5 april 1550. Waarschijnlijk is zijn vrouw voor 31 maart 1542 overleden.

6. Adriaens vader had als broer Joos. Die was de vader van Denys (+ voor 1557), poorter van Kortrijk, en Jan die overleed na 1557. In 1543-35 is hij belast op zijn land in Rumbeke. Allen wonen te Rumbeke. Ook hun kroost en bezittingen zijn te situeren in dezelfde gemeente onder de heerlijkheid van Izegem.

7. Loonis Harout en Joanna Willaert hadden twee kinderen: Maykin (°Rumbeke ca. 1582), gehuwd met Jacob de Wulf, schepen van Roeselaar-Ambacht (°Rumbeke voor 1574) zoon van Heyndric, poorters van Roeselare, en Lo(u)ys die een natuurlijk kind had met Jaquemine Gheldolf. De familie de Wulf woonde in Rumbeke en bezat vastgoed in Rumbeke en Roeselare.

Loonis Harout, geboren voor 1490, was afkomstig van Ardooie (bij Roeselare).
In 1515 was hij schepen van de heerlijkheid van de Ghemene in zijn dorp. In 1523-24 bezat hij onbewerkt land in Beveren (nu een deelgemeente van Roeselare) onder Roeselaar-Ambacht. Deze heerlijkheid strekte zich uit over negen gemeenten o.a. over Roeselare, Beveren, Rumbeke en Ardooie. In 1530-31 staat Loonis Harout genoteerd als pointer (zetter van de belastingen) van Roeselaar-Ambacht.
Loonis Harout-Joanna Willaert moeten voor 1535 - vermelding van eius familiae - in Venetië bij meester Adriaen zijn ingetrokken, maar voor 24 april 1547 naar de heimat zijn weergekeerd. Die dag koopt Loonis Harout 600 lantsin Kachtem (nu een deelgemeente van Ardooie) onder de heerlijkheid van Izegem. Waarschijnlijk is het gezin (met uitzondering van Alvise) zelfs voor 10 september 1541 teruggekeerd. Loonis wordt dan genoteerd als eigenaar van 200 bos . Op 5 oktober 1552 wordt hij aangeduid als uitvoerder van het testament van Adriaen. Hij sterft voor 26 maart 1558. Bij testament schenkt hij 6 pond parisis aan de dis van Ardooie (rekening 1558-59).

8. Alvise Harout, alias Alvise Villar, de lievelingsneef van Adriaen, wordt op 21 augustus 1547 tot cantor benoemd aan de San Marcobasiliek van Venetië. In de testamenten van 1549, 1550 en 1552 is hij steeds aangegeven als wonende bij zijn oom. Ook in de overige testamenten wordt hij in de nabijheid van Adriaen en Susana vermeld. In 1564 verschijnt van Alvise Willaert in de dogenstad een elegie op zijn oom.
Alvise/Alluviggi komt, vrij kort na het heengaan van meester Adriaen op 7 december 1562, naar Rumbeke, het dorp van zijn familie en de enige gemeente in Vlaanderen waar hij echt bindingen heeft. Hij ontpopt zich als een man van aanzien.
(In Italiaanse archivalia is vanaf 1563 geen sprake meer van Alvise/Luigi Harout. In Vlaanderen geeft Loys/Louys/Lowys pas teken van leven vanaf 1564. Het staat m.a.w. buiten kijf dat het hier om dezelfde persoon gaat!).
Vader van Pirkin, geboren omstreeks 1564/65, verwekt bij Jaquemine Gheldolf dochter van Pieter van Rumbeke. Zij sterft voor 1583. Moeder en kind zijn poorters van Roeselare.
Ontvanger van de heer van Caestre, Rumbeke, etc. van zijn heerlijkheid van Rumbeke in 1566 en 1571. Hij kan ten vroegste in 1565 aangesteld zijn aangezien zijn voorganger nog dienst deed in 1564-65.
Tgouvernement hebbende van de eigendommen van de vier bastaardkinderen van wijlen Jacob van Thiennes, heer van Caestre, Rumbeke, etc. in 1576. Misschien vervulde hij deze taak al vanaf het overlijden van de edelman begin 1565.
Huurder in 1566 van het huis de Roode Leeuw met 800 lants, gelegen ter plaetse van Rumbeke, leen van de graaf van Rumbeke. Na 1566 door hem aangekocht.
Eigenaar van 500 lantsin Roeselare onder de heerlijkheid van Oostrem in 1583, in onverdeeldheid met de wezen van Maykin, zijn zus.
Overleden ca. 1584.

LEVEN

1488/90: Adrianus Willardus Rosilaria oriundus, cantor regis Ungariae , volgens Jacob de Meyere, Zuid-Nederlandse humanist, historicus en tijdgenoot (°1491). Rosilaria oriundus dient vertaald te worden als: "geboren in de omgeving van Roeselare".
Ca. 1507-09: Parijs. Studeert er rechten aan de Sorbonne, daarna muziek bij meester Jean Mouton.
Ca. 1509-11: Terwaan (Picardië). Studeert er muziek bij Jean Mouton, residerende kanunnik van de kathedraal van Terwaan.
28 augustus 1511: universiteit van Leuven. Hij wordt ingeschreven als Adrianus Willaert de Morino, Morin. dioc. (Lilienses divites). Morino is een verouderd woord voor Terwaan. Studeert er Artes (et?) tot 1514 (-15?). Behaalt de titel van magister (meester).

Juli 1515 (of vroeger) tot oktober 1517: Ferrara (Italië).
Oktober 1517 tot augustus 1519: reist in Hongarije (cantor regis Ungariae).
Eerste werken uit 1515 niet bewaard.
Missa Mente Tota, ms bewaard in Vaticaanstad, wellicht uit 1516 - 1521
1518: Medici Codex. Handschriftenbundel met zeven motetten van Willaert.
1519: eerste werken in druk (Petrucci)
(over deze eerste werken, lees ook in deze webstek onder "oeuvre" - "chronologisch")

Augustus 1519 tot december 1527: cantor in Ferrara.
12 december 1527: wordt cantor en kapelmeester aan de San Marcobasiliek van Venetië (tot aan zijn overlijden).
Tussen 1 januari 1536 en 24 oktober 1538: ejus uxore et familia, huwelijk met Susana (in 1537?).
Op 31 maart 1542: krijgt toelating om naar Vlaanderen te reizen.
21 april 1542: testament (niet bewaard gebleven).

Na 21 april 1542: eerste verblijf in Vlaanderen pro suis peragendis negotiis , d.i. om zijn zaken te beredderen (naar aanleiding van het overlijden van zijn moeder?).
20 maart 1549: eerste (bewaard gebleven) testament.
5 april 1550: tweede testament.
5 oktober 1552: derde testament met o.a. aanstelling van Loy Harout, vader van Alvise, en meester Pieter Goemare, priester, als testamentuitvoerders.
Laatstgenoemde was pastoor van Ardooie en landdeken van Roeselare. Hij overleed ca. 1556. Ook Rumbeke maakte deel uit van de dekenij. Zeer praktische keuze dus van meester Adriaen daar het overgrote deel van zijn familieleden, die zullen delen in zijn erfenis, in deze gemeente leefden.

Begin november 1556 tot 20 oktober 1557: tweede verblijf in Vlaanderen. Per darli buon animo , d.w.z. om hem aan te moedigen of om hem tevreden te stellen. Opdat Adriaen (die zich waarschijnlijk definitief in Vlaanderen wou vestigen) zeker naar Venetië zou terugkeren, werd zijn jaarwedde verhoogd van 140 tot 200 dukaten en doorbetaald tijdens zijn verblijf in Vlaanderen! Deze wedde werd gedurende zijn afwezigheid aan zijn neef uitbetaald. Op 22 november 1556 is hij aanwezig in de hoogmis in de Sint-Donaaskerk in Brugge.

26 maart 1558: vierde testament; Susana is erfgenaam.
28 november 1558: codicil; Susana en Alvise erven.
1559: editie van Musica Nova in Venetië (opdracht 15 september 1558).
27 december 1559: vijfde testament; herroeping van alle vorige testamenten. Li danari che haver in Fiandra, li ho dispensati a mie sorelle et nepoti , of Het geld dat ik in Vlaanderen bezit, heb ik verdeeld onder mijn zussen en hun nakomelingen. Susana erft. Alvise krijgt niets meer. Hij zit blijkbaar in nesten!
20 januari 1561: eerste codicil; aanstelling van zijn leerling Gioseffo Zarlino als testamentuitvoerder.
22 mei 1562: tweede codicil; broer Jooris krijgt 100 daalders en later nog 10 gouden daalders. Neef Alvise Harout krijgt 284 gouden daalders, plus de intrest ervan, die hij schuldig is aan zijn oom (rehabilitatie?).
12 november 1562: derde codicil; Susanna en Alvise erven.
7 december 1562: overlijdt in Venetië.
8 december 1562: opening van testament en 3 codicillen.

RUMBEKE en ROESELARE (feodaal)

Grote heerlijkheden:

Rumbeke of Kaaster (ca. 792 ha): sedert 12 december 1496 door erfenis (Maria van Langhemeersch, vrouw van Rumbeke x Robert de Thiennes) eigendom van de adellijke familie de Thiennes.
Het Hof t'Izegem (ca. 749 ha): sedert 7 juni 1550 eigendom van de familie de Thiennes, na koop van Martin de Hornes, heer van Gaesbeek.
De Hazelt (ca. 230 ha): eigendom van de graaf van Vlaanderen.
Roeselaar-Ambacht (ca. 207 ha): eigendom van de burggraaf van Roeselare.

Kleine enklaven:
Het hof te Oekene; de heerlijkheid van Rode te Kachtem; Het hof te Passendale; de heerlijkheid van Izegem; de heerlijkheid van Schiervelde.
Oppervlakte : samen ca. een twintigste van Rumbeke.

Achterlenen van Caestre (Kaaster), o.a.
-  te Leckene (ca. 10 ha 58 a).
-  den Rooden Leeuw: herberg en grond (ca. 1 ha 17 a). Was zetel van de schepenbank van Rumbeke.

BIBLIOGRAFIE

© Guido Aerbeydt. Roeselare

Prof. em. Ignace Bossuyt noemt in zijn hierboven vermeld boek uit 1985 op p. 18 nog een tweede broer van Adriaen, nl. Antoon.

De kapittelakten van de Sint-Donaaskerk, toendertijd het religieus centrum van de stad (Brugge), vermelden de naam van een tweede broer van Adriaan Willaert, Antoon (geboren ca. 1510), die op 11 mei 1519 als kapelknaap werd aangeworven. In 1528 en 1529 wordt aan zijn vader Dionysius een jaargeld uitbetaald voor het bekostigen van de studies van zijn zoon te Gent, blijkbaar een speciale gunst vanwege het kapittel. Vanaf 1530 (en dit zeker tot 1541) is Antoon Willaert opnieuw verbonden aan Sint-Donaas, aanvankelijk als lid van de lagere clerus, nadien als priester. In 1537 krijgt hij vanwege het kapittel de toestemming om naar Rome te reizen, evenals naar Venetië om aldaar zijn broer (Adriaan) te gaan bezoeken.

Gevraagd hoe het dan zou komen dat Antoon in geen enkel testament van Adriaen Willaert wordt genoemd, antwoordt prof. Bossuyt: "Dat doet ons veronderstellen dat Antoon reeds overleden was, toen de testamenten werden geschreven."

Meer info:
Lees in het tijdschrift “Vlaanderen”, artikels van Guido Aerbeydt en anderen:
http://www.dbnl.org/tekst/_vla016198501_01/_vla016198501_01_0037.php



Top

Volg ons op Facebook Volg de Adriaen Willaert Foundation op Facebook

© AWF-foundation vzw - info@adriaenwillaert.be